Boedapest in de ban van shopping malls

De Vaci Ut, de brede uitvalsweg van Boedapest naar Vac, glijdt door een laat-communistisch landschap van grijze flats de stad uit....

En zoals overal ter wereld dringen ook hier de kleuren van de jaren negentig op tussen het grijs en het midden-Europese vanillegeel. Na de goedkope knalkleuren van de Duitse doe-het-zelf-zaken en het namaakchique wit van de duurdere autosalons breekt nu het groen, blauw en roze door van postmoderne kantorenparken. Luxe verpakte vierkante meters zoals ze in Praag, Warschau en zelfs in het arme Vilnius met dezelfde snelheid verrijzen als in een doorsnee Nederlands Brainpark.

Vlak voordat de Vaci Ut met een slinger uit de bebouwing ontsnapt en langs de Donau verder de stad uitgaat, verrijst aan de linkerkant zo'n gloednieuwe golvende gevel. Een pui van glas en steen die zo uit de verpakking lijkt te komen: Duna Plaza. Uit de autootjes van de Vaci Ut en uit de metro-uitgangen aan weerszijden van de straat trekt een voortdurende stroom mensen het gebouw in.

Op een doordeweekse dag zijn het er naar schatting tussen de veertig- en vijftigduizend, in de weekeinden zeventigduizend die deze nieuwste aanwinst van het postcommunistische Hongarije aandoen. De 'shopping mall' heeft zijn intrede gedaan en projectontwikkelaars likken hun vingers af bij de eerste resultaten: waar de Hongaren het van doen is een raadsel, maar ze kopen zich suf.

Duna Plaza is een postmoderne stolp die drie verdiepingen omsluit: dertigduizend vierkante meter waarop zich 120 winkels verdringen, een bioscoop, een ijsbaan en een groepje restaurants. De inhoud van de auto's en de metro's sjokt langs een luilekkerland van Swatch, Sony, Levi's, Marks & Spencer en Virgin Megastore. McDonald's deelt op de derde verdieping een pleintje met koffiehuis Salvador (Dali), The Best Italian Pizza, St. Louis Sandwich and Grill Bar en de zelfbedieningschinees Zeng's Kinai Etterem.

Het Hollywood Multiplex-theater draait nadrukkelijk Daylight, de nieuwste van Sylvester Stallone. Aan de andere kant van de etage denderen de cyber cycles en de virtuele autorace-machines van Mega City, een automatenhal annex poolhall annex casino/roulette van 's ochtends vroeg tot ver na middernacht - als alle andere zaken hier allang slapen.

Nog niet zo lang geleden was zelfs het kopen van een tube tandpasta aan deze kant van de omgevallen Muur een Oost-Europese belevenis. In schemerige markthallen lagen ze onder glas in een toonbank waarachter een legertje grimmige vrouwen met dikke armen elke klant probeerde weg te kijken. Wie toch een tube uitkoos en zei: 'die wil ik', kreeg met tegenzin een briefje mee waarop een bedrag gekrabbeld werd en soms nog een woord dat 'tandpasta' kon betekenen, maar net zo goed: 'brenger dezes dient onmiddellijk te worden geliquideerd'.

Dat briefje moest naar de toonbankcaissière die met dezelfde tegenzin het bedrag op haar kassa intikte en na afrekening de - liefst gestempelde - kassabon teruggaf. Waarna de eerste toonbankdame tegen inlevering van de bon een tube in een bruin papieren zakje deed en de klant overhandigde, met een gezicht waaruit wel bleek dat hij blij mocht zijn dat deze gunst hem vandaag nog werd verleend.

Dat was het Oostblok zoals we het geleerd hadden.

In Duna Plaza ontbreekt het zo nadrukkelijk dat je er onbewust naar op zoek gaat. Aarzelend bespeur je het in de plastic mandjes die je in veel winkels nog altijd mee moet zeulen. Je ziet het in de iets te lange rij met kassa's of de iets te lange en te lege schappen van de elektronika-gigant Keravill (4400 vierkante meter maar mooi niet de laatste Sony-discman met ESP of de nieuwste 200 megaherz Pentium-computers). Het is verdwenen. Bedolven onder Virgin, Nike, McDonald's en Stallone.

Het snelle succes van Duna Plaza maakt dat elders in de stad in ijltempo wordt gewerkt aan het upgraden en restylen van supermarkten en warenhuizen. Daar is haast bij want de shopping malls zijn niet meer te stuiten. Duna Plaza was alleen maar de eerste. De tweede is er ook al: Polus. Een platte luxe-fabriekshal van geen dertigduizend maar 42.587 vierkante meter, met daarop 520 winkel(tje)s. Een zee van auto's en een speciale busdienst vanuit de binnenstad voeren hier dagelijks tussen de zestig- en honderdduizend mensen aan.

Die zijn er op dinsdagochtend nog niet. Het in westernstijl opgetrokken binnenplein is halfverlaten. De kinderen op de ijsbaan in het midden hebben alle ruimte, de stoelen eromheen zijn leeg.

'Wacht op de ober. Hij zal u een plaats aanwijzen', zegt een bord bij Pizza Hut, maar de ober is moeilijker te vinden dan een plaats: het terras is op twee Pepsi Cola-slurpende gezinnen na leeg. Ook bij de buren, McDonald's (Coca-Cola), zit nog geen volk, evenmin bij Big Big Chicken Grill, Café Hollywood, Big Ham, Miss Popcorn, Csinta Palacsinta, of de Desperado Musik Pub & Restaurant. Het is nog te vroeg om te eten, of Levi's, Sony, Nike, Benetton, Swatch, Chevignon en Ellesse in te slaan.

In de Cineplex Odeon draait Daylight, de nieuwste van Stallone. Even verderop, in Magic City - automatenhal annex casino - staan tien interactieve motoren op een rij tegenover een batterij al even interactieve Daytona USA-racemachines, die een hels wedstrijdkabaal naar elkaar toebrullen. Druk is het niet, maar de klanten komen nog wel, later op de middag als het werk gedaan is. En dan is er nog tijd genoeg om geld uit te geven, want Polus is zestien uur per dag open.

Maar waar ligt de grens? Niemand weet het. De beleggers gaan het uitproberen. Er moeten in elk geval meer kopers zijn dan die honderdzeventigduizend op een dag in het weekeind. Er moeten er veel meer zijn, willen ze in de toekomst alle malls kunnen vullen. Dit jaar komen er alleen in en rond Boedapest nog zeker drie, en in heel Hongarije zeker twaalf van dit soort winkelcentra bij.

Uit een bepekelde Wartburg wurmt zich om twee uur 's middags een warm ingepakt gezin van vijf personen. Ze rekken ze zich uit en monsteren de vormloze gevel van Polus. Dan pakken ze hun boterhammen uit de auto en gaan naar binnen. Buiten voor de gigantische Tesco-supermarkt rukken twee oudere dames wanhopig aan een kettinkje om een winkelwagentje los te krijgen. Ze kijken om zich heen, op zoek naar personeel. Een grimmige dame desnoods. Maar die zijn hier niet.

Michel Maas

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden