Beurs Amsterdam huisvest meer bedrijven van ver weg

Een uitslaande brand werd het niet en evenmin eindigde het in een tranendal. Maandag kreeg Mota Engil Africa, de Afrikaanse dochter van een Portugees bouwbedrijf, een notering op beurs Euronext in Amsterdam.

Werk van Mota Engil Africa in MozambiqueBeeld Mota Engil

Het bedrijf geldt in financiële kringen als de exoot der exoten. Mota Engil Africa opereert in tien Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara en heeft een eigen hoofdkantoor in Johannesburg. Moederconcern Monta Engil zegt met een notering in Amsterdam in plaats van Lissabon of Johannesburg te willen benadrukken dat de snelgroeiende Afrikaanse markt heel andere perspectieven biedt dan de stagnerende Portugese.

Euronext Amsterdam begint door deze noteringen steeds meer te lijken op Artis of de Hortus Botanicus. Een groeiend aantal soorten is van buitenlandse origine. Ze worden echter niet door iedereen verwelkomd, want de beurs dreigt meer en meer een vrijplaats te worden voor bedrijven die hier niet kunnen worden gevolgd en gecontroleerd. Een maand geleden ging het Amerikaanse hedgefonds Pershing Square naar het Damrak. Het had daarvoor geen band met Nederland. Begin dit jaar gold hetzelfde voor Altice, een Luxemburgse vennootschap met kabelbelangen in Frankrijk.

Elk van de drie bedrijven heeft zijn eigen redenen juist naar de beurs van Amsterdam te gaan. Terwijl de Afrikaanse dochter van het Portugese bedrijf zich op die manier van de moeder wil onderscheiden, wil het Amerikaanse hedgefonds zich hiermee manifesteren als 'een gewoon bedrijf'. In de VS zou Pershing Square op een aparte lijst terechtkomen.

Mota Engil Africa

De Afrikaanse dochter van een Portugees bouwbedrijf. Het bedrijf is actief in elf landen ten zuiden van de Sahara, waar bruggen, vliegvelden en havens worden gebouwd. Daarnaast heeft het belangen in de olie- en gassector. In deze landen groeit de economie veel sneller dan in Europa, wat de achtergrond is van de nieuwe aparte notering in Amsterdam. Overigens is 95 procent van de aandelen van Mota Engil in handen van het moederbedrijf, waardoor de overige aandeelhouders weinig invloed hebben.

Nieuw bloed

De trend van de 'exotische' noteringen in Amsterdam is al enige tijd gaande. Omdat het aantal Nederlandse beursfondsen door fusies en overnamen snel afneemt, probeert de beurs in het buitenland nieuw bloed aan te trekken. Behalve in de VS gebeurt dit nu ook in Azië, het Midden-Oosten en Afrika. Ook in 2012 en 2013 kreeg de beurs er al een handvol exoten bij, zoals het Egyptische bouw- en kunstmestconglomeraat OCI en de Franse ICT-beveiliger Gemalto. Deze twee maken nu zelfs deel uit van het exclusieve gezelschap van 25 AEX-fondsen. Van de twee is alleen OCI deels actief in Nederland. Ook het internationale vastgoedbedrijf Unibail-Rodamco en staalconcern Arcelor-Mittal behoren tot de AEX.

Sommige beleggers vinden dat de AEX-index helemaal niet meer representatief is voor het economisch wel en wee van Nederland. Daarom zijn al enkele nieuwe indices samengesteld, zoals de NL20 en de Oranje-index, waarin alleen ondernemingen staan die echt iets met Nederland van doen hebben.

Het aandeel van Mota Engil Africa werd maandag voor 11,50 euro per aandeel genoteerd. Hiermee werd de beurswaarde van het bedrijf, waarvan overigens 95 procent van de aandelen in vaste handen is, bepaald op ruim 1 miljard euro. Bij het slot was de koers gedaald tot 11,38 euro. Topman Gilberto Rodrigues zei dat 'de notering de liquiditeit en zichtbaarheid voor beleggers moet verhogen'. 'We kunnen de notering gebruiken om groeifinanciering op te halen en ik verwacht dat wij dat in 2015 gaan doen', aldus Rodrigues.

Patrick Drahi bij de beursgang in januari 2014.Beeld Peter Strelitski/ Hollandse Hoogte./Hollandse Hoogte

Altice

Luxemburgse vennootschap die belegt in kabelbedrijven. Het concentreert zich daarbij op de Franse markt. De aandelen van Altice gingen begin dit jaar voor 28,25 euro naar de beurs. Altice heeft geen band met Nederland en heeft er ook geen kabelbelangen. Baas is de Franse Marokkaan Patrick Drahi, die snel wil expanderen in negen landen in Europa en daarvoor via de emissie van aandelen kapitaal probeert bijeen te garen.

Pershing Square

Hedgefonds van de Amerikaanse activistische investeerder Bill Ackman, bijgenaamd Cowboy Bill. Het fonds kreeg op 13 oktober een notering aan de beurs in Amsterdam. Pershing heeft geïnvesteerd in elf bedrijven. De grootste investering is die in botoxfabrikant Allergan, waarop nu twee bedrijven een overnamestrijd voeren. Daarnaast is er een shortpositie (speculeren op een koersdaling) van 1 miljard dollar in het bedrijf Herbalife, dat door Ackman als een piramidefonds wordt gezien. De introductiekoers van Pershing was 25 dollar. Aanvankelijk zakte de koers ver weg, maar nu noteert het door het bod op Allergan 25,30 dollar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden