Peter van Hugten Micro-financiering

Elf vragen Microkrediet

Beleggen en tegelijkertijd de wereld verbeteren

Peter van Hugten Micro-financiering Beeld Peter van Hugten

Geld verdienen met het verstrekken van leningen aan arme inwoners van ontwikkelingslanden klinkt wat tegenstrijdig. Toch is het volgens de aanbieders van microfinancieringsfondsen een bewezen manier om met name vrouwen in de derde wereld een steuntje in de rug te geven.

Op welke manieren kan je geld steken in microfinanciering?

Nederland telt al tientallen jaren drie grote microfinancieringsfondsen die openstaan voor particulieren. De oudste, Oikocredit, bestaat al ruim veertig jaar. Daarnaast hebben Triodos en ASN beide zo’n fonds. Deze fondsen lenen het grootste deel van hun geld uit aan microfinancieringsinstellingen (mfi’s) in Latijns-Amerika, Azië en Afrika. Die mfi’s lenen bescheiden bedragen uit aan boeren, winkeliers en andere kleine ondernemers die niet terecht kunnen bij de bank, bijvoorbeeld omdat ze in afgelegen gebieden wonen.

Hoe is het mogelijk dat wij geld kunnen verdienen aan leningen aan de allerarmsten?

De mfi’s lenen het geld van de beleggingsfondsen tegen bijvoorbeeld 4 of 6 procent rente. Na de kosten van het beleggingsfonds van zo’n 2,5 procent blijft er een paar procent over voor de beleggers. De fondsen maken relatief veel kosten omdat de selectie van mfi’s nogal arbeidsintensief is.

Hoe weet ik als belegger zeker dat mijn geld niet tegen woekertarieven wordt uitgeleend?

Je moet vertrouwen op de selectieprocedures van de fondsen. Ze doen het alle drie op een andere manier. Het Oikocredit Nederland Fonds belegt het geld in Oikocredit International (ruim een miljard groot waarvan 130 miljoen euro van Nederlandse beleggers). Dat is een organisatie met 250 werknemers verspreid over 15 landen. Deze medewerkers selecteren de mfi’s en richten zich vooral op de wat kleinschaliger instellingen. ‘We stellen impact voorop. Daarom willen dicht op de lokale markt zitten’, zegt Oikocredit Nederland-directeur Eric Holterhues.

Triodos doet de selectie vanuit het kantoor in Zeist. ‘Ons team dat de investeringen in opkomende landen doet, bestaat uit zo’n veertig mensen met negentien nationaliteiten. Ze kennen die landen en bezoeken de mfi’s om te controleren of ze voldoen aan onze criteria. We praten niet alleen met de leiding van de mfi, maar ook met hun klanten’, zegt Tim Crijns, fondsmanager van de Triodos-microfinancieringsfondsen.

ASN Beleggingsfondsen, dat het ASN-Novib Microkredietfonds beheert, schakelt specialist Triple Jump in voor de selectie. ‘Of de rente lokaal een aanvaardbaar niveau heeft, is een belangrijk criterium. We letten ook op maatregelen tegen overkreditering’, zegt Bas-Jan Blom, directeur beleggingen bij ASN Beleggingsfondsen.

Wat zijn de grootste verschillen tussen deze fondsen?

Een belangrijk verschil is de omvang van de leningen die de fondsen verstrekken. Bij ASN en Triodos gaat het al snel om enkele miljoenen euro’s per investering. Dat heeft gevolgen voor de mfi’s die ze uitkiezen. Die moeten minimaal een bepaalde omvang hebben.

Oikocredit leent veel kleinere bedragen - denk aan honderdduizenden euro’s - uit en komt uit bij veel kleinere organisaties. ‘We werken met bijna 700 partners’, zegt Holterhues. “Zo hebben we de grootste impact en wordt het risico het meest gespreid’. De fondsen van ASN en Triodos lenen geld uit aan zo’n honderd instellingen.

Hoe zit het met het rendement?

Daarin is er eveneens een flink verschil tussen Oikocredit en de fondsen van ASN en Triodos. Oikocredit keert jaarlijks een dividend uit. De waarde van een participatie blijft in principe gelijk. Dit jaar was het dividend van het Oikocredit Nederland Fonds na aftrek van 0,45% kosten 0,55%. ‘We streven naar een stabiel rendement’, aldus Holterhues.

Bij de fondsen van Triodos en ASN moet de belegger het hebben van de combinatie van dividend en koerswinst. ‘Ons rendement lag de afgelopen jaren doorgaans tussen de 3 en 5 procent’, zegt Crijns. Bij ASN was het rendement sinds de oprichting gemiddeld 3%. ‘Naar verwachting zal het de komende tijd wat lager uitvallen vanwege de lagere rente’, zegt Blom. Hoewel de rente in Peru, Tanzania en India veel hoger staat dan in Europa is die de afgelopen jaren in veel opkomende landen gedaald. Hoe lager de rente hoe lager de marge voor de mfi’s.

Hoe kijkt de Autoriteit Financiële Markten (AFM) naar deze fondsen?

De fondsen van Triodos en ASN staan bij AFM te boek als niet al te risicovol. Op een schaal van één (vrijwel geen risico) tot en met zeven (veel risico) krijgen ze een drie. Ter vergelijking: een aandelenfonds scoort doorgaans een vijf. Het Oikocredit Nederland Fonds krijgt geen beoordeling van AFM omdat dit fonds slechts eenmaal per maand verhandelbaar is.

Is dit beleggen of eigenlijk sparen?

Het is beleggen, maar de koers van de fondsen van ASN, Triodos en Oikocredit schommelt niet zo hard als die van de bekende aandelenfondsen. ‘Het mooie is dat de koers niet meebeweegt met de aandelenbeurzen’, zegt Blom. ‘Als de aandelen dalen omdat Trump iets heeft geroepen, gaat de koers van ons fonds niet naar beneden. Wij beleggen in de echte economie, niet in financiële marken. De afbetaling van een visser in Senegal heeft geen relatie met de rente in Europa of het sentiment op de beurs.’

Welke risico’s loop je als belegger?

Als de koffieboeren, winkeliers en naaisters hun leningen niet kunnen afbetalen, gaat de belegger dat merken. Dit risico wordt beperkt door een goede selectie van mfi’s. Spreiding over sectoren en landen vermindert het risico eveneens.

Een ander risico is het valutarisico. De gelden worden uitgeleend in Cambodjaanse riels of Mexicaanse pesos. Die kunnen in waarde dalen ten opzicht van de euro. De drie genoemde fondsen hebben zich grotendeels ingedekt tegen dat risico.

Doen die fondsen nog iets anders dan geld uitlenen?

Ja, in meer of mindere mate kopen ze ook aandelen in bedrijven. Het Triodos-fonds heeft bijvoorbeeld 7,5 procent van het vermogen van 381 miljoen euro in een grote bank in Cambodja zitten. ‘We zitten al jaren in de raad van toezicht van die bank. Hierdoor is de relatie hecht en kunnen we aandacht blijven vragen voor de sociale doelen die wij nastreven’, zegt Crijns.

Ook Oikocredit kiest soms voor aandelen. ‘Sommige mfi’s moeten groeien. Dan is een aandelenbelang een manier om dat te financieren en vanuit het bestuur te begeleiden’, aldus Holterhues.

Microfinanciering bestaat al tientallen jaren. Zijn er nog nieuwe ontwikkelingen?

Het traditionele beeld van een boerin die zaaigoed kan kopen met een kleine lening is nog steeds een belangrijk onderdeel van microfinanciering. ‘Nieuw is dat sommige mfi’s specifieke zaken financieren. Voorbeelden zijn leningen voor zonnepanelen of sanitaire voorzieningen’, zegt Crijns. ‘Zo weet je als belegger nog beter wat er met je geld gebeurt.’

Een andere ontwikkeling is dat mfi’s nieuwe doelgroepen aanboren. ‘Denk aan mensen die in Libanon in vluchtelingenkampen zitten. Die hebben ook geld nodig om daar bijvoorbeeld een winkeltje te beginnen.’

Beleggen en tegelijkertijd de wereld verbeteren heeft een vlucht genomen de afgelopen jaren. Staan er niet heel veel partijen te trappelen om geld in mfi’s te steken?

Het aanbod van kapitaal is toegenomen, maar de drie fondsen zeggen weinig last van concurrentie te hebben. ‘Vóór de financiële crisis stroomde er ook veel geld naar ontwikkelingslanden,’ zegt Blom. ‘Zodra de crisis uitbrak, werd dat geld weer teruggehaald. Gespecialiseerde fondsen zoals wij bleven juist. Dat hebben mfi’s onthouden. Daarom gaan ze graag met ons in zee. Ook als we voor hen niet de allergoedkoopste zijn.’

‘Bovendien is het goed als beleggen in microfinanciering wint aan populariteit’, zegt Crijns. ‘Wereldwijd hebben nog 1,7 miljard mensen geen toegang tot financiële diensten.’

Microkrediet in mixfondsen

In drie van de vijf ASN-mixfondsen, die het geld spreiden over obligaties en aandelen, gaat een deel van de inleg naar het Novib-ASN Microkredietfonds. Zo is bijna een kwart van het zeer defensieve mixfonds belegd in dat fonds. Van het Triodos Multi Impact Fund gaat bijna 40 procent naar microfinanciering. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden