Baan en salaris van laagbetaalde steeds onzekerder

Terwijl hoogopgeleiden per uur steeds meer gingen verdienen, bleef het uurloon van laagopgeleiden van 1990 tot 2005 vrijwel gelijk. Deze tendens zal zich alleen maar versterken. Een hoog- en een laagopgeleide vertellen over hun baan en de consequenties voor hun privéleven.

Van de 170 duizend werknemers in de bouw zijn er nog 100duizend over. 70 duizend zzp'ers zijn in de plaats gekomen van de verdwenen vaste banen. De armoede onder zzp'ers is opgelopen tot bijna 14 procent. Beeld ANP

De kloof tussen hoog-en laagopgeleide werkenden is groter geworden en zal voorlopig alleen maar toenemen. Door de veranderingen op de arbeidsmarkt zijn hoogopgeleiden tussen 1990 en 2005 niet alleen meer gaan verdienen, laagopgeleiden komen ook vaker terecht in onzekere banen. Het percentage werkende armen is bijna verdubbeld, vooral door de groeiende groep zzp'ers.

Het uurloon voor laagbetaalden bleef tussen 1990 en 2005 vrijwel gelijk met 17 euro bruto per uur (gecorrigeerd voor inflatie), dat van hoogopgeleiden ging van 24 naar 31 euro. Dat blijkt uit een onderzoek naar de onderkant van de arbeidsmarkt dat het Centraal Planbureau (CPB) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) vandaag presenteren. Het aandeel werkende armen steeg in de eerste helft van de jaren negentig van 2,5 naar bijna 4 procent. Daarna bleef dat constant tot de economische crisis van de afgelopen jaren, waardoor de armoede bijvoorbeeld onder zzp'ers is in 2012 opgelopen tot bijna 14 procent.

(Tekst loopt door onder afbeelding.)

Beeld de Volkskrant

Grotere loonkloof

Hoewel de loonverschillen sinds 2005 niet verder zijn toegenomen, valt te verwachten dat de loonkloof de komende jaren opnieuw groter wordt. Want hoewel het aantal hoogopgeleiden toeneemt, stijgt de vraag naar hoogopgeleiden nog sneller. Dat leidt voor hen tot hogere lonen en een verdere ongelijkheid, zegt Edith Josten van het SCP.

Het aantal mensen met laagbetaald, onzeker werk is vooral onder laagopgeleiden sterk gestegen, van 12,5 procent in 2003 naar 18,5 in 2012. Onder hoogopgeleiden steeg dat percentage van 6 naar 10. Deze 'precaire' werkenden verdienen niet meer dan 130 procent van het minimumloon.

Onvoldoende economisch herstel

Dat de onderkant van de arbeidsmarkt verarmt, komt mede doordat werkgevers bij flexibiliteit vooral denken aan lagere lonen, zegt Maarten Goos, hoogleraar economie en instituties aan de Universiteit Utrecht. 'Werknemers hebben liever een vaste baan, en van daaruit kan je ook flexibel werken, bijvoorbeeld met je werktijden.'

Volgens het CPB en SCP kunnen werkgevers op lange termijn worden gestimuleerd om meer laaggeschoolden aan te nemen als de loonkosten voor werkgevers rond het minimumloon worden beperkt of als een loonkostensubsidie wordt ingevoerd. Maar de loonkosten zijn niet het probleem, stelt Goos. 'Het economisch herstel is nog onvoldoende. Wie een goedlopend café heeft, neemt heus wel weer personeel aan. Maar vandaag geldt nog steeds dat het café leeg blijft, de vraag trekt nog niet aan.'

'Kruimelbaantjes'

Door de flexibilisering is vooral het aantal laagbetaalde 'kruimelbaantjes' toegenomen, zegt Wiemer Salverda, hoogleraar arbeidsmarkt en ongelijkheid aan de Universiteit van Amsterdam. Dat vraagt volgens hem om andere maatregelen. Hij verwijst bijvoorbeeld naar Frankrijk waar sinds kort banen van minder dan 24 uur wettelijk verboden zijn, of naar de VS waar werkende armen in kleine banen via de belasting een aanvulling tot de armoedegrens krijgen.

De groeiende groep precairen baart de grootste zorgen, zegt ook Nadja Jungmann, lector schulden en incasso aan de Hogeschool van Utrecht. 'Iemand met een laag inkomen maar wel meteen vaste baan, heeft in elk geval nog zekerheid. Wie steeds een wisselend laag inkomen heeft, komt al snel in financiële problemen als het even tegenzit.'

Accountant zonder zorgen

De Volkskrant kan niet instaan voor het juiste gebruik van bronnen in dit artikel. Voor nadere uitleg, lees deze toelichting.

Interview
Antal Veldman (37)
Werkzaam in de accountancy sinds 2000, ingeschreven als registeraccountant in 2008.
Inkomen: ruim twee maal modaal.

'Mijn partner en ik verdienen allebei goed, waardoor we niet op de kleintjes hoeven te letten. We gaan elke zomer met de kinderen op vakantie en kopen veel boeken en cd's. Ik ben bovendien een fervent bezoeker van concerten, waarbij de bedragen nog weleens kunnen oplopen.

'De vooruitzichten in de accountancy zijn gunstig voor hoogopgeleiden zoals ik. De markt trekt aan en de vraag naar gekwalificeerde accountants neemt toe. Bovendien heb ik relatief weinig concurrentie omdat veel accountants voor het bedrijfsleven kiezen, uit onvrede over de strenge wet- en regelgeving in deze sector. Ik verwacht dan ook dat mijn salaris de komende jaren zal stijgen.

'Ik heb veel zekerheid en ben tevreden over mijn inkomen, maar moet me wel blijven ontwikkelen. In dit vakgebied is het heel belangrijk om je te onderscheiden van anderen door in jezelf en in het accountantskantoor te investeren. Daarom volg ik naast mijn werk allerlei opleidingen, zoals bijvoorbeeld adviestrainingen.

'Voor lager opgeleiden is er minder perspectief in de accountancy. Door de automatisering worden ze minder goed inzetbaar. Facturen die vroeger nog werden ingeboekt worden nu automatisch ingescand. Daarmee valt veel werk weg voor boekhouders. Het arbeidsintensieve werk verdwijnt en alleen gekwalificeerde accountants kunnen hun baan houden omdat zij wel kunnen schakelen naar adviserende of controlerende activiteiten. Door hun kennis en vaardigheden blijven ze aantrekkelijk voor opdrachtgevers.

'Omdat ik jaren heb geïnvesteerd in mezelf, heb ik nu de mogelijkheden om dit werk te doen. Dat brengt ook een bepaalde verantwoordelijkheid met zich mee. Ik wil mijn kennis en vaardigheden ook kunnen inzetten voor de maatschappij. Daarom ben ik bijvoorbeeld penningmeester van verschillende maatschappelijke organisaties. Hoogopgeleiden met een goed inkomen moeten zich bewust zijn van hun bevoorrechte positie en mensen met een lager inkomen ondersteunen, op welk gebied dan ook. Dat gebeurt nog te weinig.'

Antal Veldman. Beeld Raymond Rutting/de Volkskrant

Inpakster houdt niets over

De Volkskrant kan niet instaan voor het juiste gebruik van bronnen in dit artikel. Voor nadere uitleg, lees deze toelichting.

Interview
Anna
Inpakster bij grote handelaar in groente en fruit, sinds 2007
Inkomen: 9,18 per uur; gemiddeld 1.500 euro bruto per maand

'Zowel mijn eigen salaris als dat van mijn (Poolse, red.) man gaat op aan vaste lasten', zegt de Poolse Anna. Ze wil niet op de foto omdat ze bang is dat ze dan haar baan kwijtraakt. 'We hebben vijf jaar voor een uitzendbureau gewerkt waarbij we zoveel voor de huisvesting betaalden dat we besloten een huis te gaan huren. Maar de huur is nu zo hoog dat het ons nauwelijks meer lukt rond te komen. Ik mag sinds kort geen overuren meer draaien, waardoor ik niets kan bijverdienen. Daardoor houd ik niets over om uit te geven aan andere, leuke dingen.

'Alles gaat op aan de huur en aan eten en drinken. Ik kan me niet eens meer herinneren wanneer ik voor het laatst kleding heb gekocht.

'Mijn toekomst is onzeker. Ik weet niet waar ik over een maand werk, of ik dan nog wel werk heb. Op dit moment heb ik een weekcontract met automatische verlenging, maar die kan op ieder moment worden ontbonden. Ik doe al acht jaar hetzelfde werk voor dezelfde werkgever, maar via verschillende uitzendbureaus, zodat ze mij een flexcontract kunnen geven. Dat heb ik te accepteren, want anders lig ik eruit. Dan halen ze een ander.

'Ik word nu betaald voor het aantal uren dat ik werk, in plaats van het aantal uren waarvoor ik ben aangenomen. Ook al heb ik 40 uur in mijn contract staan, als ik maar 16 uur werk, krijg ik 16 uur betaald. Omdat mijn werk seizoensgebonden is en afhankelijk van het weer, is mijn inkomen onzeker en onregelmatig, terwijl mijn kosten wel regelmatig zijn. Ik heb er niet zelf voor gekozen om flexwerker te worden, ik heb geen andere keuze. Ik zou willen dat ik in staat was om voor mijn rechten op te komen. Maar als ik dat doe, sta ik op straat. Als ik niet beschikbaar ben buiten werktijden om, word ik ontslagen. Dat heeft mijn werkgever me ook verteld.

'De regering moet voor ons opkomen. Het grootste probleem is niet het minimumloon, maar het feit dat wij geen rechten hebben. De werkgever kan doen wat hij wil. Als ik één keer nee zeg, dan sta ik op straat. De regering moet meer controle uitoefenen op uitzendbureaus, vooral op uitzendbureaus voor arbeidsmigranten.'

Beeld de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden