Reportage Autobeurs Frankfurt

Autobeurs Frankfurt: Volkswagen heeft noodgedwongen de arrogante houding laten varen

Herbert Diess, de ceo van Volkswagen, presenteert de nieuwe elektrische Volkswagen. Beeld EPA

Alles wordt anders, belooft Volkswagen. De autofabrikant wil rigoureus afrekenen met de kwalijke geur rond het merk en wil een leidende rol nemen in klimaatneutraal maken van onze mobiliteit, zo leert een presentatie aan de vooravond van de autobeurs in Frankfurt.

Er zijn vegahamburgers tussen groene broodjes, op de muren staan teksten als ‘hoe kunnen we de wereld redden voor onze kinderen?’. De pers, deze maandagavond met duizenden bijeen in de enorme beurshal van de Messe Frankfurt, is niet aanwezig voor een klimaatconferentie van de VN. De duizenden journalisten zijn er op uitnodiging van Volkswagen, ’s werelds grootste autoproducent, die zich de laatste jaren door Dieselgate vooral een imago van smeerpoets en sjoemelaar had gekregen.

Aan de vooravond van ’s werelds belangrijkste autobeurs wil VW de internationale pers tonen dat vanaf nu alles anders wordt. Het concern zegt zijn leven te hebben gebeterd. Geen gerommel meer, geen nieuwe milieuschandalen. VW wil transparanter worden, eerlijker en wil in 2050 volledig klimaatneutrale mobiliteit realiseren – van productie tot sloop.

De eerste auto die het ‘nieuwe’ Volkswagen (ook het logo is aangepast) moet representeren, wordt deze avond voor het eerst officieel onthuld: de ID3. Een volledig elektrische gezinsauto die in Nederland iets meer dan dertigduizend euro gaat kosten.

De Volkswagen ID3 Beeld DPA

Een mijlpaal, zeggen ze bij Volkswagen, en de belangrijkste auto voor het concern in decennia. Om dit te onderstrepen maken ze telkens de vergelijking met de Kever, die mobiliteit voor de massa binnen bereik bracht. En met de Golf, die moderne technologie democratiseerde. En nu dan de ID3, die klimaatvriendelijke elektromobiliteit mainstream moet maken. Daar horen vegaburgers bij, teksten over moeder aarde, en kinderen op het podium, die als toekomstige generatie kritische vragen mogen stellen aan de opperchefs van VW.

Een moment dat gemarkeerd mag worden. Maar ceo Herbert Diess houdt deze maandagavond een opmerkelijk timide speech. Uit zijn mond klinken geen ronkende marketingtermen, maar een sobere opsomming van de plannen rond elektrische mobiliteit en de wil om – over twintig jaar weliswaar – te voldoen aan de doelstellingen van Parijs. Het lijkt of VW koste wat kost niet langer wil overkomen als een arrogante grootmacht.

Daar is misschien wel reden toe. De Duitse auto-industrie verkeert in mineurstemming, door het dieselschandaal, door handelsoorlogen, door de late omarming van de e-auto. ‘Duitsland is erin geslaagd het aanzien van zijn autosector tegen de muur te kwakken’, schrijft de Frankfurter Allgemeine een dag later.  ‘Amerika, China, Japan en zelfs Frankrijk zien de neergang met verbazing aan en lachen in hun vuistje’, aldus de krant.

Herbert Diess, de ceo van Volkswagen Beeld DPA

Dus toont Volkswagen zich nederig op wat normaal gesproken het mooiste feestje voor de Duitse auto-industrie is. Op de beursvloer valt er overigens weinig van te merken; daar glimmen de auto’s als vanouds en hebben VW en Mercedes-Benz elk twee enorme hallen bezet om hun nieuwste waren aan de wereld te tonen. Maar de beurs is niettemin veel kleiner dan voorheen. BMW – ook in de problemen – heeft veel minder vloeroppervlak gehuurd, en veel andere automerken laten zich al niet of nauwelijks meer zien. 

Dit komt niet alleen door de crisis; het fenomeen autobeurs neemt al jaren aan belang af. De klant komt zich niet langer meer vergapen aan het nieuwste van het nieuwste, maar oriënteert zich online. Uiteindelijk, zo wordt her en der al gezegd, zullen beurzen als deze goeddeels verdwijnen, of hooguit een uitstalkast worden voor lokale autofabrikanten.

De stand van Hyundai in Frankfurt. Beeld Getty

Door de tobberige stemming zou je haast vergeten dat de wereld wel degelijk aan de vooravond staat van een grote verandering, waarin auto’s geen – of in elk geval veel minder – CO2 uitstoten om klimaatverandering te temmen. Maar ook de rol van de auto verandert: autodelen wordt in steden de toekomst en elke fabrikant werkt aan concepten om mobiliteit in dichtbevolkte gebieden te garanderen. Dat gaat van autodelen, waarbij bezit verschuift naar gebruik, tot het produceren van elektrische steps (Audi brengt er volgend jaar een op de markt) en e-fietsen.

De wereld verandert en het lijkt erop dat vooral de Duitse autosector op zoek is naar zijn nieuwe rol. VW heeft er daarbij voor gekozen om massaal te investeren in elektrische mobiliteit en schonere productie. Er zijn aanwijzingen dat de nieuwe ID3 een succes gaat worden: 33 duizend klanten hebben alvast duizend euro betaald om zich ervan te verzekeren dat zij volgend jaar als eersten met de nieuwe auto kunnen rijden, waarmee de complete vooroplage is uitverkocht. Een groot deel van deze klanten komt overigens uit Nederland, al wil VW niet meer zeggen dan dat het om ‘duizenden’ reserveringen gaat.

Nederland lijkt de e-auto in elk geval te omarmen, dankzij een relatief dicht netwerk van laadpalen en snellaadstations – en nog altijd gunstige fiscale regels voor zakelijke rijders. Volkswagen Nederland denkt dat volgend jaar al een op de vijf nieuwe auto’s elektrisch zal zijn. 

Als ook de Duitse en Franse automobilist overstag gaat, komt het goed met de e-auto. Dan is het over twee jaar in Frankfurt weer echt feest.

Belangrijkste auto’s van de beurs:

De nieuwe Defender van Land Rover. Beeld Getty Images

- de Land Rover Defender. Een auto van een halve eeuw oud is eindelijk vernieuwd en de fans lijken de nieuweling te accepteren, nadat een eerdere poging massaal werd weggehoond.

De Honda E Beeld Getty Images

- Honda, onderaan de rij waar het gaat om het terugdringen van de CO2-uitstoot, presenteert in Frankfurt een schattig elektrisch e-autootje, de Honda E. Met een relatief kleine accu die hem 220 kilometer ver brengt (genoeg voor in de stad) en een – alles is relatief - klein prijsje van rond de dertigduizend euro.

Vanaf links: de Lamborghini Urus, de Lamborghini Sian FKP 37 en de Lamborghini Huracan EVO Spyder. Beeld AP

- Gekte op wielen, het bestaat nog altijd: Lamborghini presenteert de Sian, een zogenoemde hypercar met een klimaatverknollende V12-motor. Het voertuig – topsnelheid 350 kilometer per uur – heeft wel een piepklein elektromotortje, waardoor het officieel een hybride is.

Waar blijven de Chinezen?

Hoe zorg je als Chinese fabrikant dat je auto op de beurs van Frankfurt komt? Simpel, je rijdt hem er naartoe, zoals Aiways deed met een prototype van de U5. Deze volledig elektrische SUV is de afgelopen weken vanuit de Gobiwoestijn naar Duitsland gereden, en die tocht is volgens de fabrikant probleemloos verlopen. Onderliggende boodschap: er komt heus niet alleen rommel uit China.

Hoewel het bedrijf Aiways nog maar twee jaar bestaat, beweert het met de U5 een auto te hebben die de concurrentie aankan met Europese merken. In theorie zit alles snor: de grote accu moet hem ongeveer 350 kilometer ver brengen, er kan snel worden bijgeladen en de ruimte binnenin is alleszins billijk: net als de prijs die in Nederland rond de 35 duizend euro zal liggen. De auto moet volgend voorjaar op de markt komen. Ook het Chinese Byton gaat het in Europa proberen met een e-auto: de M-Byte.

De overgang naar elektrisch rijden kan Chinese autofabrikanten helpen hier een voet tussen de deur te krijgen, iets wat tot nu toe nauwelijks is gelukt. Op zich zijn er mogelijkheden, zegt Sonny Duijn, die als sectoreconoom bij ABN Amro de auto-industrie volgt. ‘Elektrisch biedt dit land nieuwe kansen. China heeft een voordeel op accugebied als het gaat om productieaantallen en e-auto’s zijn eenvoudiger te ontwikkelen dan brandstofauto’s en hebben ook minder onderhoud nodig, dus een minder dicht netwerk van servicepunten.’

Wellicht, zegt Duijn, kan het voor een nieuwkomer gunstig zijn dat ze nog geen verleden met zich meetorsen: je hoeft ook niet modellen met verbrandingsmotoren te ontwikkelen, zoals grote Europese en Amerikaanse automerken, die meer ballen in de lucht moeten houden. Bovendien kampt de Chinese auto-industrie met overcapaciteit, nu de vraag naar auto’s in het land is teruggelopen door de haperende economie en handelsoorlogen. Dus is de vraag: gaan de Chinezen de Europese markt eindelijk veroveren?

Duijn is zeer voorzichtig. Het is vaker geprobeerd, zegt hij, maar certificering en veiligheid blijken soms een uitdaging. Klanten zullen zich ook afvragen waar ze terecht kunnen als er onderhoud nodig is. En hoe het zit met garantie? Een ander mogelijk probleem is privacy, zegt Duijn. Elektrische auto’s zijn vaak continu verbonden met internet en klanten zullen zich afvragen wat er met die data gebeurt – vergelijkbaar met wat er nu bij de Chinese telefoonfabrikant Huawei speelt.

RAI Vereniging ziet vooralsnog weinig beweging vanuit China. ‘Bij de vorige autobeurs in Frankfurt, twee jaar geleden, werden veel Chinese modellen gepresenteerd, maar vervolgens hoor je daar weinig van’, zegt woordvoerder Floris Liebrand.

En alleen de aankondiging, zoals nu gebeurt, is geen garantie voor succes, zegt Duijn van ABN Amro. ‘Een lage prijs helpt misschien, maar die van e-auto’s daalt sowieso al en Europese fabrikanten zetten er nu ook volop op in om schaalvoordeel te kunnen boeken.’ Een prijsvoordeel is daarom mogelijk tijdelijk en beperkt. Bovendien zal Europa mogelijk hogere importtarieven instellen als er een stormvloed van goedkope Chinese auto’s deze kant op komt.

Het land kent een enorme innovatie, daar ligt het niet aan, stelt Duijn. ‘Maar is gewoon heel lastig een bestaande volwassen markt binnen te dringen, zeker als daar ook wordt geïnnoveerd. En de klant moet twee drempels overwinnen: de stap naar elektrisch en naar een Chinese auto. Ik zie daar niet snel verandering in komen.’

Hoe Kia de Europese markt veroverde

Merken met een lange adem kunnen zich wel een positie in de Europese markt veroveren. Neem het Zuid-Koreaanse Kia. Twintig jaar geleden concurreerde het merk vooral op prijs. Vervolgens werd het design verbeterd door Europese ontwerpers aan te trekken en daarna kreeg de kwaliteit een impuls. Om klanten over de streep te trekken verleidde Kia ze met een ongekend lange garantie van zeven jaar. Met succes: in de eerste helft van 2019 stond Kia op de vijfde plaats van best verkopende merken in NL, aldus RAI Vereniging.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden