PostuumHenk Brouwer (1946-2021)

Als financiële topman gaf Henk Brouwer toe dat de gulden te goedkoop was opgegeven

Directielied Henk Brouwer Beeld Beeld Peter Boer/De Beeldunie
Directielied Henk BrouwerBeeld Beeld Peter Boer/De Beeldunie

Elke keer als topambtenaar Henk Brouwer een nieuwe baan aanvaardde, belandde hij in een storm. Dat had weinig te maken met zijn persoon. Brouwer was, zoals voormalig president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank het formuleert, juist een solide en bedachtzame man. ‘En iemand met een zeer sociale inborst. Vaak kwam hij op voor de arbeidsvoorwaarden.’

Weinig anderen zijn in de publieke sector zo belangrijk geweest als de vorige week donderdag op 74-jarige leeftijd overleden Henk Brouwer. Drie decennia lang was hij als (semi-)ambtenaar een van de meest invloedrijke Nederlanders, wat hem ook een plaats opleverde in de jaarlijkse Top 200 van de Nederlandse bestuurlijke elite van de Volkskrant. Henk Brouwer overleed 1 april in zijn huidige woonplaats Bergen (NH) na een lang ziekbed, 12 jaar na zijn echtgenote met wie hij drie dochters had.

Brouwer was een echte Amsterdammer van huis uit. Hij groeide op in de stad en studeerde er economie aan de Vrije Universiteit. In die tijd acteerde hij ook graag en maakte hij deel uit van een cabaretgroepje. Na een studie economie aan de Vrije Universiteit kwam hij in 1972 terecht in het befaamde klasje van latere topambtenaren en topbankiers die allemaal in dezelfde tijd in dienst traden bij het ministerie van Financiën. Behalve Brouwer en Wellink zaten daarin ook Pieter Korteweg (de latere thesaurier-generaal en Robeco-topman), Cees Maas (ING) en Lense Koopmans (Rabobank). Een jaar later begon de oliecrisis, die duidelijk maakte hoezeer Nederland afhankelijk was van de olie uit het Midden-Oosten.

Saneringswoede

In 1980 stapte Brouwer over naar Binnenlandse Zaken om er directeur-generaal Overheidspersoneelsbeleid te worden. In 1984 werd hij de rechterhand van minister van Sociale Zaken Jan de Koning, toen de twee kabinetten-Lubbers grootscheepse bezuinigingen doorvoerden. Een uitstapje naar Philips was geen succes. Brouwer werd bij Philips de allereerste directeur Sociale Zaken, maar de saneringswoede van Operatie Centurion – waarbij tienduizenden werknemers hun baan verloren – maakte in zijn ogen sociaal beleid onmogelijk.

In 1992 keerde hij met hangende pootjes terug in Den Haag, waar hij thesaurier-generaal werd, de hoogste ambtenaar op het ministerie van Financiën. Hierbij raakte hij betrokken bij de uitwerking van het stabiliteits- en groeipact dat de introductie van de euro regelde. Later zou hij toegeven dat Nederland de gulden te goedkoop had opgegeven.

Nout Wellink haalde hem in 1997 naar De Nederlandsche Bank, eerst als directeur Monetaire Zaken en vanaf 2009 als directeur Bankentoezicht. Toen hij die functie kreeg, werd hem gezegd gebruik te maken van de dienstauto vanwege de veiligheid. Brouwer weigerde. Hij bleef vanaf zijn woning aan de Keizersgracht in Amsterdam wandelen naar het kantoor aan het Frederiksplein.

Aerdt Houben, nu divisie directeur Financiële Markten Stabiliteit bij DNB, werkte jarenlang nauw met hem samen. ‘Aimabel en redelijk. Niet boos te krijgen. Hij domineerde nooit de gesprekken. Hij was ook erg beleidsgericht. Een analyticus zoals Nout Wellink wilde weten of het klopte wat er in een nota stond, Brouwer was eerder iemand die zich afvroeg wat hij ermee kon.’

Bankencrisis

Vlak na Brouwers aantreden brak de bankencrisis uit. ABN Amro moest worden gered. ‘Het zou een horrorscenario zijn geweest als ook ING had moeten worden genationaliseerd’, zei hij. Houben noemt hem een harde werker. ‘Maar hij haalde liever zijn kennis uit zijn netwerk dan uit het doorspitten van nota’s. Hij was altijd bezig te bellen. Bij nota’s bladerde hij meteen door naar de conclusies.’

Brouwer reisde enorm veel: het Bazels comité, de G10 en andere internationale gremia. In Brussel was hij de architect van twee rapporten – één over crisismanagement, een ander over toezicht – die Brouwer I en Brouwer II werden genoemd. ‘In internationaal overleg was Brouwer een smooth operator, soft spoken, die niet zijn gelijk wilde halen, maar krijgen’, aldus Houben.

Van 2012 tot 2014 was Brouwer nog voorzitter van het ABP, nadat daar eerder drie ex-politici aan het roer hadden gestaan: Eelco Brinkman, Harry Borghouts en Ed Nijpels. Hij ontdekte al snel dat het onmogelijk was geworden pensioenen nog aan de jaarlijkse loonontwikkeling aan te passen. ‘Die ambitie kan het ABP de komende vijf jaar niet waarmaken.’

Henk Brouwer was een clubjesman. Hij ging nog nauw om met zijn voorgangers en opvolgers als thesaurier-generaal op Financiën. En sinds begin 1982 maakte hij net als Gerrit Zalm deel uit van het Abraham Kuyper Genootschap, studenten algemene economie van de VU die een hart hadden voor de publieke zaak. ‘En vaak een achtergrond bij de kleine luyden’, voegt Kick van der Pol, een van de leden, daaraan toe.

Zijn dochter Liza noemt hem een heel toegankelijke man. ‘Scherp, humoristisch en iemand die zijn mening niet onder stoelen of banken stak.’ Soms was hij maar een of twee nachten per maand thuis. Ze erkent dat reizen een van zijn favoriete bezigheden was, naast luisteren naar jazz: ‘Maar thuis was hij een geweldige vader.’

Op Koninginnedag 30 april 2005 liet Brouwer een bom ontploffen. Zes jaar na de invoering van de euro erkende hij dat Nederland de gulden te goedkoop had opgegeven. De omwisselverhouding van 2,20371 gulden per euro had 5 tot 10 procent lager moeten liggen: tussen de 2 en 2,10 gulden per euro. Door de te lage omwisselverhouding was Nederland na de invoering van de euro een ‘goedkoopte-eiland’ geworden, waardoor de economie eerst oververhit raakte, de inflatie de kop opstak en later de economie met een harde klap verzwakte.

Tijdens het verhoor van de parlementaire enquêtecommissie over de kredietcrisis op 30 januari 2010 zei Brouwer dat De Nederlandsche Bank gezien het overnamedebacle met ABN Amro in de toekomst nooit meer zou instemmen met de splitsing van een grote bank. Niettemin verdedigde hij de beslissing voor goedkeuring van de overname van ABN Amro door het bankentrio in 2007, onder wie bank-verzekeraar Fortis. Brouwer bleef erbij dat de balans van Fortis op dat moment orde was en noemde de analyses van DNB redelijk.

Op 19 juni 2009 scheef Henk Brouwer namens De Nederlandsche Bank een brief, waarin werd gezegd dat Ed Nijpels als commissaris bij de DSB Bank van Dirk Scheringa flinke steken had laten vallen. Nadat de brief later via RTLZ uitlekte, besloot Nijpels op te stappen als voorzitter van het pensioenfonds ABP. Hij vond dat de brief zijn verder functioneren als ABP-voorzitter zou beletten. Het werd Nijpels door Brouwer vooral kwalijk genomen dat hij had ingestemd met het ontslag van financieel directeur Frank de Grave door Dirk Scheringa. De Grave had daar eerder Gerrit Zalm opgevolgd, maar werd al na enige maanden opzij geschoven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden