Agaath is zegen voor zeugen

DE bloeiende economie is in één opzicht een tragedie: minder Nederlanders willen een eigen bedrijf opzetten. Liever wacht men op de maandelijkse cheque van de werkgever dan op het schip met geld dat misschien voorbij vaart, zegt directeur J....

Niks nieuws voor de negentiende eeuwse schrijver Potgieter. Hij wist allang dat dit volkje van Jan Salies er een van renteniers was. In de jaren tachtig van deze eeuw vond de toenmalige minister van Financiën Ruding de situatie nauwelijks verbeterd. Hij verweet honderdduizenden uitkeringstrekkers achter de geraniums bij Tante Truus te blijven zitten.

Er moest een flinke crisis aan te pas komen, matige lonen en uitkeringen, en vervolgens een periode van economische groei om de wedergeboorte van het ondernemerschap te bewerkstelligen. Ruim tien jaar later vindt Keijzer de ondernemersgeest in Nederland dan ook 'enorm verbeterd', hoewel de gezapigheid dreigt.

Maar wie is hier eigenlijk aan het rentenieren?

Jonge ondernemers klagen steen en been dat zij bij de Nederlandse banken geen geld kunnen krijgen om hun ideeën uit te voeren, vooral als zij in de technologie zitten. 'Mijn bankrekening loopt bij het hoofdkantoor van ABN Amro. Daar hebben ze drie keer niks voor mij kunnen regelen', zegt software-ontwikkelaar Christine Karman in zakenblad Bizz.

Banken geven dit soort jonge ondernemers geen kans, omdat zij geen ervaring hebben, geen onderpand, en omdat hun technologie te nieuw is en dus te riskant, zegt Willem van Oort, directeur van Licentech, een Utrechts bedrijf dat technologie van starters beoordeelt.

Het zijn dan ook niet de banken die profiteren van het werk van Licentech. Het bedrijf heeft een fonds van 7,5 miljoen gulden dat is bijeengebracht door vier participatiemaatschappijen. Daarmee helpt het uitvinders en ontwikkelaars door de eerste moeilijke levensfase. In acht jaar tijd steunde Licentech twintig jonge ondernemingen. 'Ik had er veertig kunnen doen als ik geld had gehad', aldus Van Oort.

De vier participatiemaatschappijen, NPM, ABN Amro, Parcom (van ING) en Nesbic (van Fortis) weigerden meer risicokapitaal op te hoesten - het merendeel van hun geld gaat op aan financieringen van bestaande ondernemingen. Ook zij zijn kennelijk terughoudend met het uitdelen van zaaikapitaal aan jonge bedrijven.

De reden is dat een jong bedrijf niet alleen moet steunen op een goed idee, maar ook op een persoon met verstand van zaken. 'Bijna nooit heeft de uitvinder ook grootse zakelijke ervaring', weet Van Oort. En de starters zijn te klein om een zakelijk directeur te kunnen betalen.

Deze vicieuze cirkel wordt alleen doorbroken door informele beleggers. Dat zijn tantes, ooms of rijke kennissen die wel wat geld kunnen missen om een veelbelovend neefje of nichtje op gang te helpen. Enkele honderdduizenden guldens zijn daarvoor meestal ruim voldoende.

Deze groep welwillende familieleden, bijeen geveegd onder de aanduiding 'tante Agaath', wordt aangevuld door een wassend legertje oud-ondernemers die niet alleen geld verstrekken, maar ook het zakelijk advies geven waar zoveel behoefte aan is.

Toch is de cyclus verre van volmaakt. De starters en oud-ondernemers kunnen elkaar lastig vinden - geen familie immers -, zelfs niet na bemiddeling van een relatiebureau. 70 Procent van de financiers zegt problemen te hebben met het vinden van goede projecten, blijkt uit het afstudeeronderzoek van Eric Kuipers dat deze zomer verscheen.

Zolang financiering voor veel bedrijven een probleem is, zijn nieuwe initiatieven van de overheid welkom. Het belastingvoordeel voor de 'tante Agaaths' leek dan ook een zegen. De regeling is zelfs omarmd door Rabo en ABN Amro en deze week kondigde ING aan dat starters een Agaath-krediet kunnen krijgen tegen een rente onder het markttarief.

Einde van het startersprobleem? Toch niet. Een Agaath-krediet mag door een bank alleen als hypotheek worden verstrekt. En daarvoor is een onderpand nodig. ING kent één startersdoelgroep die dat heeft en verwacht daar veel van. Jonge boeren die een schuur kunnen verpanden.

Lucas van Grinsven

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden