‘Geef specialist loon naar prestatie’

De behoefte van de patiënt moet bepalen hoe de de gezondheidszorg er uit ziet. Niet de organisatie van het ziekenhuis.

Creatieve destructie; zo noemen zorgondernemer Jaap Maljers en journalist Willem Wansink het medicijn waarmee zij de Nederlandse gezondheidszorg beter willen maken. Innovatie, in kwaliteit en organisatie, moet ruim baan krijgen, ten koste van bestaande instellingen en structuren. Anders lukt het niet.

In het ongevraagd advies Alles is anders in de zorg, dat ze vanmiddag aanbieden aan minister Ab Klink van Volksgezondheid, doen ze voorzetten voor verandering. Is het bij voorbeeld echt nodig dat in bijna alle honderd ziekenhuizen staaroperaties worden uitgevoerd? Moeten er in Amsterdam echt zes eerstehulpafdelingen zijn, of is drie ook genoeg? Te veel spreiding maakt de zorg duur en kan tot ondermaatse kwaliteit leiden doordat de artsen te weinig routine opdoen.

Nog belangrijker is het dat Nederland zijn angst om te excelleren overwint. ‘Wij hebben een cultuur van zesjes en zevens. Uitblinken is on-Nederlands’, zegt Wansink. Innovatieprikkels zijn juist hard nodig om de zorg beter te maken, vindt Maljers. ‘Een specialist die heel bijzondere dingen doet en keihard werkt, mag daar ook goed voor worden betaald. Het probleem in Nederland is niet dat specialisten drie ton verdienen, maar dat die beloning niets te maken heeft met kwaliteit en efficiëntie.’

Niet toevallig verschijnt het boek midden in de economische crisis. Bezuinigingen op de gezondheidszorg dreigen; tegelijkertijd klinken de twijfels over de zegeningen van de marktwerking – volgens linkse critici de oorzaak – van de crisis almaar luider. ‘Wij willen het debat weghalen uit de gemakkelijke demagogie van vóór of tegen marktwerking’, zegt Maljers. ‘We willen de zorg niet helemaal opengooien voor de markt; er is altijd een sociaal kader nodig, dat door de overheid wordt vastgesteld. Maar in een markt is het wel normaal dat de slechte aanbieders worden weggedrukt. We moeten accepteren als er vier of vijf ziekenhuizen failliet gaan.’

De schrijvers vinden het dan ook onbegrijpelijk dat Klink 40 miljoen euro uitgeeft om de failliete IJsselmeerziekenhuizen te redden. ‘Niet uit te leggen. Waarom dan niet meer geld voor dure geneesmiddelen?’

De overheid was zelf niet erg succesvol met haar vele maatregelen om de kosten van de zorg te drukken, constateren Maljers en Wansink. Die werden alleen maar hoger. De teller staat volgens Maljers en Wansink inmiddels op 74 miljard euro voor de hele gezondheidszorg, inclusief wat de burger zelf betaalt aan eigen bijdragen, cosmetische behandelingen en zelfzorgmedicijnen.

Het afknijpen van budgetten en een veelheid aan regels hebben, schrijven ze, vooral geleid tot ontwijkgedrag, zorg van soms ondermaatse kwaliteit, wachtlijsten en prima-donnagedrag van medisch specialisten, die in Nederland meer verdienen dan waar ook ter wereld.

‘Zie je de gezondheidszorg als een kostenpost, een loden last? Of als een maatschappelijke lust, een waardevolle sector, die zieken beter maakt en werk biedt aan meer dan een miljoen mensen? Onze boodschap is: durf te kiezen’, zegt Maljers.

Klink krijgt, nu het kostenbeheersingsbeleid van de overheid jaar op jaar blijkt te falen, het advies om niet méér, maar minder te doen. Hij moet de diverse partijen in de zorg meer ruimte bieden om de zorg te verbeteren. De burger moet ervan doordrongen worden dat de gezondheidszorg ook zíjn verantwoordelijkheid is. Wansink: ‘De zorg is van ons allemaal. Burgers die claimen dat ze recht hebben op meer zorg dan ze krijgen, doen dat uit wanhoop; ze zijn onvoldoende geïnformeerd.’ Maljers vult aan: ‘Het systeem slaat de burger elke verantwoordelijkheid uit handen. Claimgedrag moet worden veranderd in verantwoordelijk gedrag. De zorgverzekeraar of de huisarts moeten als TomTom fungeren voor burgers die de weg niet weten.’

Niet de organisatie van het ziekenhuis, maar de behoefte van de patiënt moet bepalend zijn voor de organisatie van de gezondheidszorg, vinden de schrijvers. Daarmee zetten ze de traditionele structuur van ziekenhuizen die alle behandelingen in huis hebben op de helling. ‘Kankeronderzoek vereist een andere infrastructuur dan de nazorg aan de individuele kankerpatiënt’, zegt Maljers. ‘De kennis moet je op een paar plekken concentreren, de nazorg moet juist dicht bij de patiënt beschikbaar zijn.’

Creatieve destructie is geen cultuuromslag die heel snel te regelen is, die illusie hebben Maljers en Wansink niet. ‘Ik zou al blij zijn, als het op een paar plekken begon, want dat maakt wel degelijk verschil’, zegt Maljers. De kosten voor de gezondheidszorg zullen in

ieder geval omhoog gaan de komende jaren. ‘Maar wel minder als je innovatie toelaat.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.