Reportage

'Er zijn te veel varkens in Nederland'

Fokzeughouder ziet het niet meer zitten

Het wordt tijd dat varkenshouders in de spiegel kijken, zegt zeugenhouder Jan Overeem. De grenzen van de schaalvergroting zijn bereikt.

Jan Overeem met een biggetje in zijn stal. Met 750 zeugen, goed voor pakweg 24 duizend biggen per jaar, is de rek er definitief uit. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Nog aan het begin van deze maand voert Jan Overeem een 'pittig gesprek' met de bank over de mogelijkheden zijn bedrijf tóch voort te zetten. Hij krijgt opdrachten mee. Wekelijks rapporteren over de liquiditeit? Daar heeft hij 'geen zin meer in'.

Nu, aan het eind van het jaar, blikt Overeem thuis in de boerderij in Nijkerk terug op die laatste 'reddingspoging'. De conclusie is dat hij zijn besluit eigenlijk al had genomen. Het is mooi geweest. Op 5 december hakken hij en zijn vrouw de knoop door.

'Ook stoppen is ondernemen', vindt Overeem.

Hij is 52 en in 1981 begonnen. Met één zeug en toen nog 'een kippenhokje', gekocht van opa. De kippen werden er na verloop van tijd 'uitgewerkt'. Nu, met 750 zeugen, goed voor pakweg 24 duizend biggen per jaar, is de rek er definitief uit.

'Het is nog een hele onderneming om te stoppen', klinkt het aan de keukentafel. De zorg voor zeugen en biggen houdt hem nog wel even bezig, vanzelfsprekend, maar nu is er ook de zorg over de overname. Hij hoopt en verwacht er binnen een maand of drie wel uit te zijn.

Sjabloonbeeld

Jan Overeem is een boer die weigert te beantwoorden aan het sjabloonbeeld van de beroepsgroep. Terwijl 2015 toch alle reden bood tot klagen. Nog aan het begin van dit jaar stond de biggenprijs op 45 euro, nu is die pakweg 30, 31 euro. Ook voor het komende half jaar ziet de prijsontwikkeling er niet al te best uit.

Hoezo klagen? Zijn optimistische aard vloekt daarmee en bovendien is hij niet blind voor de wereld om hem heen. Het kon en kan zo niet doorgaan met die overproductie aan varkensvlees, de tijd is rijp voor krimp, mijmert Overeem. Ja, sommige zeugenhouders willen die boodschap nog niet horen en hebben, zoals een collega het eens uitdrukte, hun leven lang 'alleen maar in de mestput gekeken.'

Lagere vleesconsumptie, hogere productiekosten vanwege milieuwetgeving en regels voor dierenwelzijn, vergelijkbare overproductie in landen om ons heen, de tendens is al een tijd dezelfde. De varkenshouder denkt altijd maar aan groei, maar moet in de spiegel kijken, zegt Overeem.

De grenzen van de schaalvergroting zijn nu wel bereikt, denkt hij. 'Nederland zit vol met biggen.' Ook met kippen en koeien, voegt hij er aan toe. 'Voor de binnenlandse markt kunnen we met 25 procent van onze varkensstapel toe.'

Opgedroogd

Jan Overeem neemt het zoals het is. Hij is niet de enige boer bij wie 'de liquiditeit helemaal is opgedroogd'. Alleen al in zijn naaste omgeving kent hij zat varkensboeren die zijn omgevallen of op omvallen staan. Vooral zeugenhouders.

'Vleesvarkenshouders hebben het ook wel zwaar maar ja, wij zijn de eerste in de keten. De vleesvarkenshouder koopt een heel goedkoop big. Wij kunnen niet even wachten als er te veel op de markt is. De biggen zijn op een gegeven moment klaar, die moeten weg, anders groeien ze de hokken uit.'

De zeugen van Overeem werpen gemiddeld 2,4 keer per jaar. Een gemiddelde worp is 14,5 big. 'Elke maand gaan hier tweeduizend biggen de deur uit. Moet je eens uitrekenen wat zo'n lage biggenprijs voor gevolgen heeft.'

In het vorige decennium heeft hij fors geïnvesteerd. Betrok een nieuwe locatie, deed mee aan de schaalvergroting. Op de oude plek werden de schuren gesloopt en kregen de kavels een woonbestemming. En toen sloeg de crisis toe. 'Ik had nu kunnen wachten tot de bank zegt dat het einde oefening is, maar ik trek liever de stekker er zelf uit.'

Nee, klagen doet Overeem niet. 'Altijd met plezier gewerkt.' Hij is een van de grondleggers van de organisatie Vallei Boert Bewust. Om het imago op te krikken nodigde hij 'burgers' uit in de stallen.

Het blijft een kloof, mijmert Overeem. Soms werpt een zeug meer biggen dan er spenen zijn. Moet het biggetje bij de moeder worden weggehaald. 'O, dat vinden sommigen dan zo zielig. En wij maar met een kom met nippel het biggetje voeden.'


Minder fokzeugen, maar nog te veel vlees

Nergens in de agrarische sector heeft een bedrijfstak het zo zwaar als de varkenshouderij. Zeugenhouders, de boeren die biggen leveren aan de varkensmesters, houden het massaal voor gezien. De biggenprijs is in 2015 zo ver ingezakt dat velen het niet meer kunnen bolwerken.

Uit een enquête van landbouwuitgeverij Agrio van deze maand blijkt dat ruim 12 procent van de Nederlandse zeugenhouders er het afgelopen half jaar mee is opgehouden. Dat zijn 259 bedrijven. Alleen al in november en december zijn twee keer zoveel zeugenhouders gestopt als in heel 2014.

Volgens Agrio is het aantal fokzeugen het afgelopen jaar met 120 duizend afgenomen. Niettemin heeft Nederland nog steeds te maken met overaanbod aan varkensvlees. De afzetmogelijkheden zijn verslechterd, onder meer omdat overal in Europa de aantallen varkens zijn gestegen terwijl de vleesconsumptie terugloopt. Ook de Russische boycot speelt veel zeugenhouders parten.

Volgens onderzoeksinstituut LEI Wageningen UR is het gemiddelde inkomen van zeugenhouders in 2015 op 'een historisch dieptepunt' beland. Herstel van de markt is op zijn vroegst in het najaar van 2016 te verwachten, voorspelt het LEI. Tegen die tijd zijn vermoedelijk nog veel meer bedrijven op de fles gegaan, zo blijkt uit de enquête van Agria. Slechts eenderde van de zeugenhouders denkt de huidige crisis in de sector te kunnen overleven.


Nieuw! Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.