Opinie

'Biologisch eten is niets meer dan een tegeltje aan de wand dat het geweten sust'

Biologisch voedsel is niet per definitie beter dan conventioneel geproduceerd voedsel. De ideologisch ingegeven keus voor biologisch ontneemt ons de verplichting om kritisch na te denken over hoe het wereldvoedselprobleem nou precies valt te verduurzamen, schrijven Ronald Veldhuizen en Hidde Boersma

Vakantiekrachten aan het werk met bospeen bij Biologisch Dynamisch Tuindersbedrijf De Lepelaar in Sint Maarten. Beeld anp

Culinair journalist Mac van Dinther en wij willen hetzelfde. We willen allebei een zo schoon mogelijke wereld met lekker en veilig voedsel voor iedereen. Maar zijn analyse van 31 maart in de Volkskrant verliest dat doel uit het oog. Van Dinther beschouwt welke landbouwsoort beter is voor de toekomst, biologische dan wel conventioneel. Het stuk heeft de schijn van nuance, maar eindigt in een harde tweedeling: of de wereld gaat naar de knoppen met industriële landbouw, of we redden hem met biologische landbouw.

Het is natuurlijk zo dat industriële landbouw verre van ideaal is. Van Dinther schrijft ware dingen: massalandbouw is meer afhankelijk van fossiele brandstoffen die eens zullen opraken, er wordt met meer gemak gif gesproeid en er staan soms verdachte multinationals aan het roer.

Wat we met dat probleem aan moeten, is waar Van Dinther en wij van mening verschillen. Het moet duurzamer, dat is zeker. De culinair journalist ziet vooral heil in de overstap naar de alternatieve teelt van groenten en fruit: biologische landbouw.

Tegeltje
Maar biologische landbouw is niets meer dan een tegeltje aan de wand dat het geweten sust. De ideologisch ingegeven keus voor biologisch ontneemt ons de verplichting om kritisch na te denken over hoe het wereldvoedselprobleem nou precies valt te verduurzamen.

Het probleem is dat biologische landbouw om principes draait: geen industriële bestrijdingsmiddelen, geen kunstmest, geen genetische modificatie, alleen puur natuur. Maar principes zijn op zichzelf niet duurzaam. Duurzaamheid is een meetbare uitkomst: denk aan CO2-uitstoot, energiegebruik en voedselveiligheid. Heel wat anders dan de eerder- genoemde principes.

Van Dinther doet in zijn stuk wel een poging om duurzaamheidsuitkomsten te bespreken, maar vervalt toch snel in principedenken. Pesticiden komen bijvoorbeeld direct in het verdomhoekje terecht: Van Dinther zet een schadeberekening van industriële pesticiden neer en laat het woord kanker vallen. Biologische boeren gebruiken zulke 'chemische' middelen niet, schrijft hij, dus daar is geen risico-analyse voor nodig. Want ja, principes gaan voor.

Net zo kankerverwekkend
Dat is kort door de bocht. Want het is niet zo dat biologische boeren geen gif spuiten. Ze sproeien natuurlijke giffen. Onderzoek toont echter aan dat biologisch gif net zo kankerverwekkend is als zogenaamd 'chemisch' gif. In sommige gevallen is het zelfs slechter voor het milieu. Daarnaast bevatten biologische groenten soms méér natuurlijke giffen van de plant zelf of van schimmels, ook als er niet is gesproeid. Anders gezegd: ook biologisch geteelde groente kan kanker veroorzaken.

Door dit feit onbesproken te laten, geven de idealistische principes van biologische landbouw hier dus een vals gevoel van veiligheid. Als het principe maar natuurlijk is, dan zal het wel veilig zijn. Precies dat maakt het zo'n onbehulpzame manier om de toekomst in te gaan: we gaan er gewoon van uit dat het wel snor zit als we biologisch eten, zonder serieus de impact ervan na te rekenen.

Beter zijn de kille cijfers. Het antwoord bij de gifkwestie is genuanceerd en gelukkig niet zo zorgwekkend: zowel conventionele als biologische groenten bevatten risicovolle stofjes, maar niet in gevaarlijke hoeveelheden.

Ook bij de vraag welke landbouwsoort meer energie kost, komt Van Dinther met principedenken in plaats van harde uitkomstencontroles. Want wanneer het op cijfers aankomt, blijft het verhaal vaag. Het grote punt hier is dat er momenteel geen conclusies te trekken zijn.

Biologische landbouw scoort bij energiegebruik soms beter en soms slechter dan gewone landbouw. Hetzelfde geldt voor CO2-uitstoot: er is geen winnaar. We weten alleen zeker dat biologische landbouw ten koste gaat van extra land. Wetenschappers concluderen dan ook netjes dat er geen ultieme landbouwideologie is. Wel zijn er zijn goede en minder goede methoden die in beide landbouwsoorten voorkomen.

Waar je bij wilt horen
Het is daarom jammer dat Van Dinther de toekomst van de landbouw in zijn artikel uiteindelijk in principiële hokjes van ideaal (biologisch) en slecht (industrieel) plaatst: 'Misschien wordt de keuze voor de consument om wel of niet biologisch te eten uiteindelijk vooral bepaald door de vraag waar je bij wilt horen. Bij een technocratisch systeem dat steunt op megastallen en multinationals, dat zijn hoop heeft gevestigd op technologieën als genetische manipulatie, dat massaal geproduceerd goedkoop voedsel voor iedereen belooft en dat gedreven wordt door efficiëntie en winstmaximalisatie. Of bij een systeem dat gelooft in een schonere wereld, dat kwaliteit boven kwantiteit stelt, dat de verbinding tussen consumenten en boeren wil herstellen en dat wellicht ooit offers (minder vlees eten) van ons zal vragen?'

Daarmee versterkt Van Dinther alleen maar het beeld dat de resultaten van landbouw er niet toe doen, maar de principes achter een bepaalde visie des te meer.

Onze toekomst hangt echter af van uitkomsten, zonder bepaalde landbouwmethoden in hokjes van biologisch of conventionele landbouw te stoppen. Zo houd je alle deuren voor verbetering open (want ja, gentechnologie kan helpen, en ja, ook gewone boeren zouden meer kunnen recyclen). Dus: vergeet ideologie en laat de resultaten voor zich spreken. En ga ervan uit dat het geweten niet te sussen valt, zolang de problemen niet opgelost zijn.

Ronald Veldhuizen en Hidde Boersma zijn wetenschapsjournalisten.

 
De idealistische principes van biologische landbouw geven een vals gevoel van veiligheid
Biologische landbouw Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.