Spijkers, psychiaters en het Maagdenhuis

 

Tijdens mijn studie economie kregen wij bij economische politiek te horen waarom de Russen er steeds weer niet in slaagden hun industrie zodanige plannen en doelen mee te geven dat er precies gebeurde wat er gepland en geambieerd werd. Dan kwam altijd weer de spijkerfabriek voorbij. Als die in het plan de spijkerproductie moest maximeren, leidde dat er altijd toe dat de fabriek vooral heel veel kleine spijkertjes maakte. Als vervolgens de doelstelling veranderd werd en er gemikt moest worden op maximaliseren van het totale gewicht aan spijkers, werden er vooral grote zware spijkers gemaakt.

De les was duidelijk: wie tracht gedrag van mensen of instituties te sturen op basis van te simpele targets, lokt strategisch gedrag uit. Daarbij staat niet meer de vraag centraal of het bedoelde resultaat gehaald wordt maar of op een zo makkelijk mogelijke manier aan de regeltjes wordt voldaan.

'Rendementsdenken' en 'prestatiedenken'

Veel protesten tegen 'rendementsdenken' en 'prestatiedenken' in zorg en onderwijs lijken eigenlijk bij deze wijze les aan te sluiten. De mannen en vrouwen van Science in Transition, en hun echo in het Bungehuis en het Maagdenhuis, hebben natuurlijk gelijk als ze betogen dat financiering op basis van promoties en publicaties vooral leidt tot meer promoties en publicaties en niet noodzakelijk tot beter onderzoek. En ja, wie het hoger onderwijs financiert op basis van aantallen studenten en aantal diploma's, krijgt vast meer studenten en meer geslaagden; maar niet noodzakelijk beter onderwijs, waarschijnlijk zelfs slechter onderwijs.

Elders in de (semi-)publieke sector is het niet veel anders. Wie de zorg financiert op basis van de verrichtingen ('prestaties'), krijgt vooral veel verrichtingen; en daar wordt de zorg niet altijd beter van. Wie de prestaties van de politie wil verbeteren door ze een bonnenquotum op te leggen, ziet geheid het aantal uitgeschreven bonnen stijgen; maar of de samenleving er veiliger van wordt, is de vraag.

Eenvoudige prestatie-indicatoren zijn dus al snel te eenvoudig en lokken gedrag uit dat vooral 'scoort' op de indicator maar niet per se op de achterliggende doelstelling. Een logische reactie van beleidsmakers is dan vaak meer aspecten aan de prestatie-afspraak toe te voegen. In de praktijk nemen de mogelijkheden tot strategisch gedrag dan alleen maar toe, wordt een grote rapportage-bureaucratie geschapen en is het dus weer de vraag hoeveel je daar mee opschiet.

Verlangen naar meer beslisruimte

Op dit moment is ook een ander alternatief weer in zwang. De overeenkomst tussen protesterende studenten en docenten bij de Universiteit van Amsterdam en psychiaters die zich niet willen laten controleren door zorgverzekeraars lijkt te zijn dat ze allemaal protesteren tegen 'targets' en 'prikkels' die hun professionele vrijheid beperken om te doen wat zij goed, nodig en maatschappelijk wenselijk achten. En, laten we eerlijk zijn, het ruimte geven aan professionals om zelf hun afweging te maken is een reëel alternatief voor het afrekenen op basis van prestatie-indicatoren. Sterker nog, het is een besturingsmodel waar menig politicus voor pleit of gepleit heeft; misschien ik zelf ook wel.

Ik wil er toch de volgende kanttekeningen bij maken. Allereerst, zoals Martin Sommer afgelopen zaterdag ook al suggereerde, het verlangen naar meer beslisruimte voor de professional in de (semi-)publieke ruimte mag nooit betekenen dat er geen verantwoording meer hoeft worden afgelegd voor de besteding van belasting- en premiegeld. Op dit punt lijken studenten, docenten en psychiaters de plank flink mis te slaan.

Misschien moeten we ons ook realiseren dat hét ideale besturingsmodel in de (semi-) publieke sector nog niet gevonden is en misschien ook niet bestaat. De markt faalt net zo hard als de overheid. Te eenzijdige prestatie-indicatoren zijn net zo kwetsbaar als te autonome professionals. We zullen moeten zoeken naar intelligente mengvormen waarbij tijd en situatie bepalen welk accent gelegd moet worden; een accent dat over tien jaar ook weer anders kan zijn.

Minder sexy dan vurig

Zo heeft de toename van concurrentie en innovatie de zorg in een aantal opzichten bepaald goed gedaan, maar is er het komend decennium wellicht vooral aandacht voor regie en samenwerking nodig. En zo was de wereld van onderwijs en onderzoek wellicht te losgezongen van haar maatschappelijk draagvlak en was het in dat licht belangrijk strakke doelstellingen te verbinden aan het ter beschikking stellen van belastinggeld; maar is het nu belangrijk om professionals weer wat meer ruimte te bieden.

Dat is natuurlijk een stuk minder sexy dan vurig voor dé markt, dé overheid, dé professional of hét contract te pleiten als dé ideale manier om de (semi-)publieke sector áltijd mee aan te sturen. Maar wel zo realistisch.

Volg en lees meer over:

Reacties (0)

U hebt javascript nodig om een reactie achter te laten.
Plaats een reactie Nog 600 tekens