Witte Piet was in 1968 ook al een stap te ver

Dit weekeinde komt Sinterklaas aan in Nederland, samen met zijn Zwarte Pieten. In 1968 stelde een huisvrouw, Riet Grünbauer, als eerste Zwarte Piet ter discussie.

Voor de deur van de galerijflat in De Bilt stonden drie mannen. Twee waren Zwarte Pieten, echte, met roodgestifte lippen. De derde man ging grotendeels schuil achter zijn filmcamera. Marco Grünbauer (50) herinnert hoe de zwarte armen zijn moeder om haar middel grepen en optilden. Spartelend zweefde ze boven de galerij. Haar geschrokken gezicht is vastgelegd op filmbeelden die Grünbauer nooit heeft teruggezien.

Hij, een kleuter, stond op de drempel te bibberen. 'Ik was er niet gerust op. Dat zwarte, dat vond ik echt angstaanjagend.'

Grünbauer weet niet wat de mannen precies kwamen doen. Misschien waren het journalisten en vonden ze het een geestig fait divers, een huisvrouw die in haar eentje een kruistocht tegen de zwarte knecht van Sinterklaas voerde. Maar hij acht het waarschijnlijker dat ze zijn moeder de stuipen op het lijf kwamen jagen. Er waren genoeg mensen die vonden dat ze haar mond moest houden, omdat ze met haar praatjes over racisme het belangrijkste Nederlandse volksfeest besmeurden.

Dat was in november 1968.

Wie op zoek gaat naar het eerste verzet tegen Zwarte Piet komt in de geschiedenisboeken uit bij een achternaam met twee voorletters: M.C. Grünbauer. Zij schreef op 7 december 1968 in tijdschrift Panorama een aanklacht van twee pagina's tegen de huidskleur en het imago van dommige griezeligheid van Zwarte Piet. Ze pleit voor Pieten zonder zwarte schmink, zodat 'onze kinderen niet langer pret beleven ten koste van een ander ras'. De titel van het artikel, Het Witte Pieten-plan, knipoogde naar het witte-fietsenplan van de provo's.

Bij het artikel stond een foto van de oermoeder van het zwartepietenprotest, in zwart-wit. Haar zuinige gezichtsuitdrukking contrasteert met de grijns van het pietenmasker dat ze demonstratief in haar hand houdt. 'Terwijl over de hele wereld de neger bezig is zijn image te verbeteren, terwijl de slavernij al meer dan honderd jaar geleden is afgeschaft, blijven wij maar doorsukkelen met de oude traditie de neger als slaaf voor te stellen', schreef Grünbauer,

De term multiculturele samenleving moest nog worden bedacht. Gastarbeiders heetten nog geen allochtonen, de protestcultuur begon zichzelf voorzichtig uit te vinden - het was een jaar voor de bezetting van het Maagdenhuis.

Hoe kwam M. C. Grünbauer - moeder, huisvrouw, overleden in 2009 - aan haar ideeën?

Niet van haar ouders, arme arbeiders uit Leiden. Niet uit de Nederlandse Hervormde Kerk die ze elke zondag bezocht. Niet van haar man, kerkorganist en muziekleraar, een diepgelovig man. Hij weigerde met het kerkkoor het Wilhelmus in te studeren omdat het te werelds was. De enige buitenlanders die de ze kenden, waren de Molukkers van de galerij.

Riet Grünbauer, want zo heette ze echt, had geen hekel aan het sinterklaasfeest. Het was zelfs haar lievelingsfeest - ze hield van gezelligheid, van familiedingen. Zoon Marco herinnert zich hoe een kamer in de flat in sinterklaastijd verboden terrein was voor de drie kinderen. Daar knutselde zijn moeder aan manshoge poppen van Sinterklaas en Witte Piet, compleet met tekstballonnetjes. Op 5 december zette ze die in de kamer, met aan hun voeten een mand cadeaus.

Tussendoor stond ze in de winkelstraat te flyeren voor het 'Witte Pietenplan', een zelfgemaakte button op de boord van haar jas. Ze schreef een brief aan de Tweede Kamer en met de bakelieten telefoon die in de gang hing, belde ze talloze landelijke dagbladen. Ze was begeesterd. En toen stopte ze radicaal met haar actie. Haar zorgvuldig aangelegde zwartepieten-archief verbrandde ze. Na dat moment - het moet ergens halverwege de jaren zeventig geweest zijn - wilde Riet Grünbauer tot haar dood niet meer over Zwarte Piet praten.

Wat dreef Riet Grünbauer? Zoon Marco heeft nog met zijn vijf jaar oudere broer Henri gebeld, maar die weet het ook niet. 'Mijn moeder was voor mij een black box waar af en toe een enorme felheid uitkwam.'

In het dagelijks leven was ze niet zo uitgesproken, zijn vader evenmin. Ze waren niet links. Ze stemden christelijk. Toch vonden zijn ouder elkaar in 'een zeker radicalisme', zegt Marco. Ze sympathiseerden met de underdog. Aan tafel viel vaak het woord mededogen. Ze hadden medelijden met de pinda-Chinees op de hoek, een normale verschijning in het straatbeeld van de jaren zestig.

Na de huishoudschool had Riet een opleiding tot reclametekenares gevolgd, maar al snel waren er kinderen gekomen. In de kringen waarin de familie verkeerde, waren werkende moeders een obscuriteit. 'Ze had het er weleens over dat het huisvrouw-zijn haar zwaar viel', zegt Marco. 'Ik denk dat het zwartepietenproject maakte dat ze zich nuttig voelde.'

De afgelopen weken werd tot aan de rechter aan toe een verhit debat gevoerd over de rol van Zwarte Piet bij het sinterklaasfeest. De argumenten die Riet Grünbauer 45 jaar geleden gebruikte, werden ook nu te berde gebracht. Ook nu waren de reacties stevig. 'Als je als 'zwart' figuur problemen hebt met een feest wat hier al jaren gehouden wordt, dan moet je lekker optieven!', schreef ene Henny op de Facebookpagina voor behoud van Zwarte Piet. Deze 'Pietitie' heeft inmiddels ruim 2,1 miljoen 'likes'.

Riet Grünbauer had het slechts nog één keer over Zwarte Piet. Was ze van standpunt veranderd? Marco weet zeker van niet. 'Maar ze was bang, voor de media en voor dreigementen. Een ding heeft ze er nog over gezegd: dat ze werd opgebeld door een enge man. Hij zei: zal ik bij je komen om samen een paar Witte Pietjes te maken? Dat vond ze afschuwelijk.'