Minitopia.

ReportageMinitopia

Wonen op de vuilsnisbelt: ‘Als ik straks ga verhuizen, hoef ik alleen mijn huis op een dieplader te takelen’

Minitopia.Beeld Henny van Belkom

Woningkrapte? In minder dan drie maanden werden de innovatieve, duurzame huizen in de Bossche wijk Minitopia neergezet. Van leem, stro en paardenpoep, bijvoorbeeld. 

‘De zware stormen van februari waren spannend’, zegt Nadja van de Griendt (33). ‘Keiharde regen sloeg horizontaal tegen het huis.’ Maar de gevel van stro en leem hield het goed. Slechts één kleine lekkage was er. ‘Maar dat was bij een van de tweedehandsramen van Markplaats. Wat voor mij het bewijs was dat het kan, zelf een huis bouwen van puur natuurlijke materialen.’ Het Stropaleis van Van de Griendt en haar 4-jarige zoontje Ilja bestaat uit een houten frame waartussen strobalen van boeren uit de omgeving zijn geperst. Dat stro is aan de buitenkant besmeerd met een dikke laag klei uit de Maas vermengd met paardenpoep. ‘Want dat bevat gefermenteerde grassuikers die de hechting van het leem bevorderen.’

Het Stropaleis is een van de 25 duurzame woningen aan de Poeldonkweg aan de rand van Den Bosch. Een plek waar Bosschenaren niet zo heel lang geleden nog hun grofvuil en klein chemisch afval dumpten. Het terrein lag de laatste jaren braak. Vanwege de enorme kosten voor bodemsanering en bouwklaar maken zou dat nog vele jaren zo blijven. ‘Wat in deze tijden van woningkrapte een enorme verspilling van bouwpotentieel zou zijn’, zegt Tessa Peters, die met Rolf van Boxmeer het initiatief nam voor deze woonwijk. Met hun ontwerpbureau Rezone ontwikkelt het duo innovatieve stedenbouwprojecten – een gemeente overhalen om voor vijf jaar bewoning toe te staan op een afgedankte milieustraat bijvoorbeeld.

Minitopia – de naam zegt het al – is geen gewone woonwijk, maar een idealistisch laboratorium voor duurzame woningbouw, aldus Van Boxmeer. ‘Alle huizen moeten van gerecyclede of ecologische materialen zijn gemaakt. Of ze moeten demontabel of mobiel zijn, zodat ze naar een andere locatie kunnen worden verplaatst. Het terrein moet straks immers weer leeg worden opgeleverd.’ Met deze tijdelijke bewoning wordt starters en anderen die geen toegang hebben tot de vastgelopen bouwmarkt met torenhoge hypotheken een kans geboden op een eigen huis. Dat huis kan bovendien helemaal naar eigen wens worden vormgegeven. ‘Bewoners mochten bouwen wat ze willen, zolang het voldoet aan veiligheidsvoorschriften. Ook mocht de bouw maximaal drie maanden duren om overlast voor de andere bewoners te beperken.’

Beeld Henny van Belkom

Het klinkt romantisch, je eigen droompaleis bouwen van stro, leem en paardenpoep. Maar de praktijk is weerbarstig. Elke individuele bouwkavel had slechts één aansluiting op water, riool en stroom. ‘Ik woon hier nu een half jaar en mijn huis is nog steeds niet af’, zegt Stijn van Pelt (33), machinebouwer bij chipfabrikant ASML. Wat hij wel regelde, is supersnel internet via glasvezel. ‘Dat was even een puzzel om de juiste provider en hardware te vinden. Maar uiteindelijk hebben we met z’n allen de kabel ingegraven.’ Zijn huis, twee geschakelde noodlokalen, is met 75 vierkante meter een van de grootste op Minitopia en zit vol digitale snufjes. Bij schemer sluiten zijn gordijnen automatisch en zijn thermostaat bedient hij met zijn smartphone. ‘Ik hoef geen ecologische tiny house.’

Collectieve voorzieningen die voor bewoners zijn geregeld zijn de woonvergunning, straatverlichting, straatnaam en huisnummering en de terpen om woningen op te bouwen, zodat de bewoners niet in aanraking komen met de vervuilde grond. De sociale cohesie volgde vanzelf. ‘Iedereen hier is door de hemel én de hel gegaan bij het bouwen van hun droomhuis. Dat schept een enorme band. Iedereen voelt zich verantwoordelijk voor deze plek en voor elkaar.’ Minitopia houdt het midden tussen een duurzaam kunstenaarsdorp en een creatief woonwagenkamp. De doe-het-zelfmentaliteit trekt vooral architecten, ontwerpers en kunstenaars. Het Stropaleis is niet eens het meest opvallende bouwwerk. Zo is er een koepelwoning van riet, een langgerekte tiny loft en een ‘wikihouse’ met kurkgevel waarvan de bouwtekeningen gratis zijn te downloaden. Toch wonen er ook mensen die in de zorg of onderwijs werken. Er zijn jonge stelletjes, ondernemende vijftigers en een alleenstaande moeder. Een aantal woningen is gebouwd en bekostigd door woningcorporatie Zayaz; deze bewoners betalen gewoon huur.

Je kunt je afvragen in hoeverre tijdelijke bebouwing als Minitopia daadwerkelijk een oplossing is voor woningnood. Niet iedereen is in staat om zo te wonen. Daarbij is het nog maar de vraag of de leefomgeving verbetert door rafelige wijkjes die versnipperd langs stadsranden en industrieterreinen liggen. ‘Dit is ook niet dé oplossing, maar een alternatief’, nuanceert Van Boxmeer. ‘Minitopia is vooral een experiment om ongebruikte bouwgrond te activeren en bewoners meer invloed te geven op hun woonomgeving. Het is een alternatief voor de uniforme betonbouw.’

Minitopia is inmiddels niet meer de enige locatie waar wordt geëxperimenteerd met tijdelijke bebouwing. Volgens koepelorganisatie Aedes heeft de helft van aangesloten corporaties plannen voor zogeheten ‘flexwoningen’. Zo heeft Zayaz aan de Aartshertogenlaan in Den Bosch twintig tiny houses geplaatst die voor tien jaar in de sociale sector worden verhuurd aan startende gezinnen. De volwaardige huisjes met huiskamer met keuken, badkamer en twee slaapkamers hebben een oppervlakte van bijna vijftig vierkante meter. Aan de achterzijde ligt zelfs een tuintje.

Voor Van de Griendt gaat dat allemaal niet ver genoeg. ‘Het Stropaleis is de opstart naar Ecobos, een duurzame woongemeenschap van zelfbouwers die helemaal autarkisch wordt, zonder riool en stroom dus.’ Een probleem alleen: ‘We hebben nog geen locatie.’

Wouter Corvers & Ilse Zuidinga

A house in a month

Wouter Corvers en Ilse Zuidinga.Beeld Henny van Belkom

Wouter Corvers (28) is 2 meter 5. Zijn vriendin Ilse Zuidinga (27) meet amper 1 meter 70. Daarom hangt de kapstok naast de voordeur scheef. ‘Zo kunnen we allebei onze jas prettig ophangen’, zegt Corvers. Ook hangen er een hoog én een laag kastje in de badkamer en is het kookeiland gedeeld in een hoge en lage helft. ‘De gootsteen zit aan de hoge kant dus je ziet wie hier de afwas doet.’ Maar het is de ontwerper ernst. ‘De meubelmarkt voor kinderen is enorm, van schattige eettafeltjes tot veilige traphekjes. Terwijl volwassenen die langer zijn dan twee meter zich maar moeten aanpassen.’ Wat resulteert in tal van ongemakken: een krappe wc-pot, te kort bad en te lage douchekop, slecht uitzicht door te lage ramen. ‘Voortdurend bukken en vouwen dus.’

Beeld Henny van Belkom

Voor een handige maker als Corvers zat er daarom maar één ding op: een inclusief huis ontwerpen voor hem en zijn partner. Hij had daar al ervaring mee met zijn afstudeerproject aan de Design Academy Eindhoven in 2016; een serie buitenmeubels voor personen van uiteenlopende lichaamslengten voor parken, pleinen en andere openbare ruimten. Een zitbank heeft bijvoorbeeld uitschuifbare poten en kan op een schuine ondergrond worden geplaatst, zoals een trap of een talud, waardoor iedereen een zithoogte kan kiezen die bij hem of haar past. ‘Mijn woonhuis is een pilotproject om te kijken of ik dat principe ook op grote schaal kan toepassen.’

Het huis van Wouter en Ilse.Beeld Henny van Belkom

Om te voorkomen dat de realisatie van de woning een eindeloos traject van vallen en opstaan zou worden, stelden Ilse en Wouter zichzelf een beperking. ‘Het huis moest binnen één maand worden gebouwd’, zegt Zuidinga, die een HBO-studie Cultureel Erfgoed afrondt. Alsof deze uitdaging nog niet groot genoeg was, mochten ze van zichzelf uitsluitend gerecyclede materialen gebruiken en was het bouwbudget slechts vijfduizend euro. Bouwmateriaal vond Corvers op Marktplaats en bij executieveilingen. ‘De eerste aankoop was dertien dubbele raamkozijnen voor 15 euro per stuk. Daar hebben we feitelijk het huis omheen ontworpen.’ Dat valt aan A house in a month met twee verdiepingen, een balkon en een zonneterras overigens niet af te zien. Op het erf staat een anderhalve meter hoge bak van betonblokken. ‘Dat wordt ons zwembad. Zoiets kan toch alleen hier.’

Niet alleen op individuele schaal bieden tijdelijke en informele woonexperimenten als Minitopia een alternatief voor de overgereguleerde en vastlopende bouwmarkt, meent Corvers . ‘Stel je voor dat bij elk grootschalig nieuwbouwproject een tijdelijke bouwmarkt zou zijn met resthout of overtollige bakstenen. Zelfbouwers als wij kunnen daar dan goedkope bouwmaterialen kopen. Tegelijkertijd worden de afvalstromen, die een groot probleem zijn bij bouwprojecten, enorm gereduceerd.’ Of beter nog: ‘Eigenlijk zouden er bij elk groot nieuwbouwproject een aantal kavels voor dit soort tijdelijke huizen vrijgemaakt moeten worden.’

Thomas Trum & Mieke Billekens

Schottenkeet

Thomas Trum & Mieke BillekensBeeld Henny van Belkom

Af en toe trilt de hele Schottenkeet van Marieke Billekens (32) en Thomas Trum (31). Dan kraakt en knarst het, beginnend bij het dak en vandaar tot onder de houten vloerplaten. ‘Het klinkt heftiger dan het is, hoor. Een houten huis beweegt nu eenmaal mee met de wind’, stelt Trum gerust. Wat weer als voordeel heeft dat het ademt. ‘Het ruikt hier nooit muf.’ Stoken doen ze met een grote kachel die brandt op pellets van geperst hout. ‘Het duurt ’s ochtends wel even voordat het huis warm is. Je leeft hier nu eenmaal een beetje met de elementen. Als je daar niet van houdt, kun je beter voor een rijtjeshuis kiezen.’ Billlekens: ‘Ik denk niet dat ik er ooit nog afscheid van kan nemen.’

Beeld Henny van Belkom

Trum en Billekens zijn allebei opgeleid als ontwerper; inmiddels heeft hij zo veel succes met zijn grafische schilderkunst dat ze als duo werken. ‘Je moet wel handig zijn en kunnen improviseren om zo te kunnen wonen.’ Toch zijn de meest gestelde vragen niet: hoe heb je deze plek gevonden? Of: hoe duurzaam is jullie huis? ‘Het gaat meteen over geld. Wat betaal je per maand? Hoe lang mag je hier wonen? En dan zie je ze de rekensom maken. Wat daarbij over het hoofd wordt gezien, is dat het heel veel tijd en moeite kost om een plek als deze te realiseren. Al die eindeloze vergaderingen en dan toch die onzekerheid of het doorgaat.’

Het huis van Thomas en Marieke.Beeld Henny van Belkom

Het stel woont in het afgedankte houten VVV-kantoor van de gemeente Den Bosch. Trum: ‘Wij woonden er al in op een andere tijdelijke locatie. Het komt uit een fabriek die ook strandpaviljoens bouwt. Het is ontworpen om op en af te bouwen.’ Al hebben ze wel wat verbouwd tijdens de verhuizing. ‘We hebben er grotere ramen en klapdeuren naar het terras in gezet.’ De vorige tijdelijke woonplek was veel primitiever. ‘Dat was in een soort bos, waar wij min of meer werden gedoogd. Hier is een officiële bewonersvereniging. Dat geeft zekerheid, maar ook verplichtingen. Er is zelfs een buurtapp.’ Billlekens: ‘Ik kreeg laatste een berichtje over een verdacht figuur. Bleek het visite te zijn die nog even een sigaretje in de auto rookte.’

Pieter Bardoel

Kameleon

Pieter BardoelBeeld Henny van Belkom

‘Waar komt de zon op? Wat is mijn uitzicht? Waar staan de buren?’ De eerste keer dat Pieter Bardoel (46) zijn kavel bezocht leek het wel alsof hij in Frankrijk op een camping aankwam. ‘Dan let je ook op dat soort basale dingen. Maar nu was het niet: hoe ga ik mijn tent zetten, maar mijn huis.’ Dat kampeergevoel heeft hij overigens nog steeds. ‘Kijk’, zegt hij, wijzend op een grove kuil in de aarde, ‘daar ga ik met mijn buurman een vuurplaats maken.’

De Kameleon van bouwkundig ingenieur Bardoel is volledig op de computer ontworpen. De ontwerptekening van de honderden houten bouwonderdelen mailde hij vervolgens naar een bedrijf in Duitsland. Daar zijn deze met computergestuurde freesmachines vervaardigd en als genummerd bouwpakket hier afgeleverd. De opbouw deed Bardoel met twee vrienden in één dag. ‘Alles paste tot op de millimeter.’

Het huis van Pieter.Beeld Heike Gulker

Het prefabhuis bestaat uit drie geschakelde units, waarvan er twee op elkaar staan. Tegen een houten binnenschil van vurenhout zijn isolerende blokken van 22 centimeter geperst houtvezel geplaatst. Daartegenaan is weer gerecycled vrachtwagenzeil bevestigd in vrolijk geel, groen en rood (‘de Kameleon, snap je?’) – als een soort gore-texjas die slechts bescherming hoeft te bieden tegen regen en wind. ‘Hiermee stook ik het hele huis warm’, zegt hij, wijzend op een minuscuul elektrisch kacheltje. ‘Als we hier met zes man zitten te eten kan hij zelfs uit, zo goed is het geïsoleerd.’

Beeld Heike Gulker

Bij een eerste bezoek vond ‘vakidioot-die-ik-ben’ Bardoel de tijdelijke bebouwing op Minitopia maar ‘houtje-touwtje’, al sprak de focus op duurzaamheid hem wel aan. ‘Het duurt vijf seconden om mijn houten huis te laten groeien, afgezet naar de jaarlijkse bosproductie in Duitsland. Daarbij heeft mijn huis een positieve CO2-waarde.’ Ook investeerde hij flink in eco-apparatuur, onder meer met een ‘recirculatiedouche’ die gebruikt water filtert en hergebruikt. Als de zuidgevel straks is bekleed met zonnepanelen, is het zelfvoorzienend. De totale bouwkosten komen op 60 duizend euro. ‘Maar als ik straks ga verhuizen, hoef ik alleen mijn huis op een dieplader te takelen en op de nieuwe locatie de kraan aan te sluiten en de stekker in te steken. En als ik geld over heb, schakel ik er gewoon een unit aan.’

Inmiddels heeft Bardoel zijn architectonische concept zover uitgewerkt dat hij het tegen scherpe prijzen kan aanbieden voor andere tijdelijke woonplekken. ‘Mijn woonhuis fungeert daarbij als een soort showmodel.’ Al heeft hij ook ontdekt hoe leuk wonen op Minitopia is. ‘De saamhorigheid is echt fantastisch.’ Inderdaad klopt even later de overbuurvrouw aan, een kunstenares, om een schilderij op te halen dat Bardoel van haar kocht. ‘Ze gaat er om een mooie lijst om doen. Het wordt een blijvend souvenir aan deze bijzondere plek.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden