Even Binnenkijken

Wonen in een graansilo: ‘We hebben bewust geen meubels, behalve ons bed’

Als je elke centimeter slim gebruikt, is 13 m² genoeg voor een knus thuis. Vraag maar aan Jan, Ishka en Liuka, die wonen in een oude graansilo.

‘Onze slaapverdieping is maar 1,50 meter hoog. Bovenop zit een kleine lichtkoepel, zo kun je naar de sterren kijken. Door het raampje bij het hoofdeind kun je ook makkelijk je hoofd naar buiten steken. Het is net een observatorium en niemand ziet je, op 6 meter hoogte.’ Beeld Marleen Sleeuwits

Wie? 
Jan Körbes (48), Ishka Michocka (40) en Liuka Körbes (12) 

Wat doen ze? 
Jan is architect, Ishka fotograaf en kunstenaar

Waar? 
Een graansilo die Jan zelf heeft omgebouwd, in Berlijn

Hoe kwam je op het idee een graansilo om te bouwen tot huis? 

Jan Körbes: ‘Toen de moeder van Liuka en ik uit elkaar gingen, wilde ik geen gewoon appartement huren. Toen hoorde ik via via dat een boer in de buurt van Rotterdam oude graansilo’s verkocht. Met collega-architect Denis Oudendijk kwam ik toen op het idee daar een woning van te maken. De boer vond het zo’n goed plan, dat we de silo voor niks mochten hebben. Per vrachtwagen hebben we hem naar Berlijn gebracht, waar mijn ex woont. Voor Liuka wilden we bij elkaar in de buurt blijven en als freelance architect kan ik hier ook werken.’

‘De vloer vormt een belangrijk onderdeel van de multifunctionaliteit van onze woning. Zo kun je het tafeltje naar beneden duwen, waardoor je meer ruimte hebt. Onder de tafel hebben we een oud ligbad gemonteerd, waar je voeten in kunnen terwijl je zit. Liuka wil hier nog weleens in slaap vallen, omdat het er lekker warm is door de infraroodverwarming.' Beeld Marleen Sleeuwits

Hoe verander je zo’n piepklein oppervlak vervolgens in een bruikbare woning? 

‘Om het huis zo functioneel mogelijk te maken, hebben we elk klein hoekje, al is het maar 10 centimeter, gebruikt als bergruimte. We hebben goed gekeken naar wat de graansilo zelf bood: op de plekken waar al bouten vastzaten, hebben we dingen opgehangen en waar een gat zat, zit nu een bovenlicht. Je moet ruimtebesparend denken: zo hebben we bewust geen meubels, behalve ons bed. Je zit in de woon-kamer niet op een stoel, maar op de vloer. Die tafel wordt naar beneden geklapt als we er niet aan zitten. Voor een trap is ook geen ruimte; om de slaapvide te bereiken, hebben we daarom een klimmuur.’

‘Ondanks het kleine oppervlak van het huis, is deze houtkachel niet genoeg om de gehele woning te verwarmen, de ruimte is namelijk wel 6 meter hoog. In de winter zouden we dagenlang moeten stoken om alles op temperatuur te brengen. We hebben daarom ook infraroodverwarming in de vloer.’ Beeld Marleen Sleeuwits

Jullie hebben ook geen badkamer. 

‘We hebben ooit wel een douche gehad, maar we hebben er uiteindelijk voor gekozen die plek ook als opslagruimte te gebruiken. Ons huis staat kosteloos op het terrein van een kunstenaarscentrum en we wonen op slechts 10 meter afstand van het hoofdgebouw. Daar is een douche die we mogen gebruiken. We vinden die wandeling naar buiten aangenaam én het scheelt ons gas en ruimte. We hebben overigens wel een eigen wc.’

‘We verzamelen regenwater, dat gefilterd wordt. Dat gebruiken we om te koken, onze handen te wassen en de planten water te geven. Drinkwater halen we verderop op het terrein.’ Beeld Marleen Sleeuwits

Voelt het huis niet te klein als jullie ruzie hebben? 

‘Nee, als we woorden hebben, lopen we even samen naar buiten, omdat we niet willen dat Liuka wakker wordt. Maar in dit huis maak je automatisch weinig ruzie. Als je zo dichtbij elkaar bent, hou je vanzelf rekening met elkaar.’

‘Het luik in de vloer is de ingang naar de kelder. Je vindt daar een extra slaapplek en onze bibliotheek. We vinden een fijne boekencollectie belangrijk, dus we hebben daarvoor een ronde stelling aan de muur bevestigd. Je kan er niet staan, het is een hurkruimte. Dat maakt het, samen met het dikke tapijt op de vloer, tot een knusse plek.'

‘Er was geen ruimte voor een trap, dus we gebruiken een klimmuur om naar de slaapkamer te gaan. Dat ervaren wij eerder als plezierig dan als vervelend: je klimt al gauw zo’n dertig keer per dag die muur op, waardoor het met je lichaamsbeweging wel snor zit.’ Beeld Marleen Sleeuwits

‘De vier potjes aan de muur zijn honingglazen die we tegen een oude koelkastbak hebben aangeschroefd. Je kunt ze makkelijk opendraaien aan de onderkant, waardoor je de thee in één handgreep kan pakken. Dit bespaart ons veel onnodige handelingen.’

‘Het emmertje is onze goederenlift. Mensen denken vaak dat we via dat touwtje omhoog klimmen, maar we gebruiken het alleen om een boek of glaasje water mee naar boven te hijsen. Met één hand omhoog klimmen lukt zelfs ons namelijk nog steeds niet.’

‘Om de keuken zo functioneel mogelijk te maken, hebben we allerlei houten plankjes die bijvoorbeeld over het fornuis en de spoelbak gelegd kunnen worden. Op die manier heb je meer werkoppervlak. Zo hebben we zelfs voor acht mensen driegangenmenu’s in elkaar geflanst, al deelt elk koppel dan wel een bord.’ Beeld Marleen Sleeuwits
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden