de gids wintersport

Wintersport in Noorwegen: geen liften of pistes, nauwelijks toeristen en al helemaal geen dampende après-skihutten

Wintersporten in Scandinavië is niet alleen rustiger en minder massaal. Het is ook avontuurlijker en je zweet je kapot.

Beeld Sverre Hjørnevik/Fjord Norwa

Ik ben nog nauwelijks wakker als Arne Fagerhaug zijn hoofd om de hoek van mijn slaaphut steekt. ‘Wil je dolfijnen zien?’ Nooit eerder heeft een berggids mij die vraag gesteld tijdens een wintersportvakantie. Een wintersportvakantie in de Noorse Sunnmøre Alpen is dan ook niet te vergelijken met een sneeuwreis naar de bekende Alpendorpen. Er zijn hier bijvoorbeeld geen liften of pistes, nauwelijks toeristen en al helemaal geen dampende après-skihutten.

Na de opmerking van de berggids ben ik klaarwakker. Gisteren ben ik in het havenstadje Ålesund ingescheept op het zeilschip en het schemerde al toen we het Hjørundfjord bereikten. Snel schiet ik mijn kleren aan en klauter door de smalle uitgang van de kajuit naar het dek. In het ochtendlicht zie ik pas hoe mooi het fjord is. Niet voor niets bracht de Duitse keizer Wilhelm II hier de zomers door op zijn jacht. In de verte bollen de beloofde dolfijnenruggen sierlijk op uit het water. Ik tel er vijf, maar het kunnen er meer zijn. Het fjord is honderden meters diep en de dolfijnen brengen het grootste deel van de tijd onder water door.

Praktische informatie

KLM vliegt dagelijks vanaf Schiphol naar Ålesund. Een Ski & Sailvakantie kan worden geboekt via de web-sites van toeristenbureau Fjord Norway en aanbieder Actin-your Adventure. De Ski & Sailtours zijn ook als dagtocht te boeken in combinatie met een wintersportvakantie in een van de reguliere skigebieden in de omgeving van Ålesund.

De bergen rond het Hjørundfjord zijn ook per auto bereikbaar vanuit Ålesund; het Standal Alpesenter verhuurt vakantiehuisjes in het fjord die als uitvalsbasis kunnen dienen voor skitochten. Het plaatselijke toerismebureau adviseert uitsluitend in het gezelschap van een berggids de bergen in te trekken.

Zie ook: visitnorway.nl

De bergruggen rijzen steil op uit het water. In het hart van de strenge Noorse winter reikt de sneeuw tot aan de zee. Skiën in de vrije natuur is dan onmogelijk. De dagen zijn te kort en er valt simpelweg te veel sneeuw. Hoe anders is dat in het vroege voorjaar. Van maart tot mei zijn de Sunnmøre Alpen in midden-Noorwegen het walhalla voor tourskiërs en snowboarders. Tenminste, voor wie bereid is te klimmen. De Noren koesteren het natuurschoon in de fjorden rond Ålesund. Skiën is overal toegestaan, maar iedere afdaling moeten wel met zweet worden verdiend.

Beeld Sverre Hjornevik

Vertrek

Terwijl de dolfijnen de baai uit zwemmen, breng ik mijn uitrusting op orde. Schep, lawinepieper, airbag, sneeuwschoenen, proviand, loopstokken, peilstokken, snowboard, handdoek, droog shirt, check.

Zodra mijn vier Franse metgezellen en ik onze rugzakken vastgespen, komt Fagerhaug, een beresterke 58-jarige Noor met een vriendelijk gezicht, in beweging. De boot uit en de berg op. Door bossen, modderplassen en klauterend over manshoge rotsblokken gaat het in razend tempo tot aan de sneeuwgrens, een paar honderd meter boven zeeniveau. Een pad is er niet, ik probeer de voetstappen van de gids in het ruige terrein zo goed mogelijk te volgen.

De temperatuur schommelt rond het vriespunt, toch gutst het zweet vrijwel direct na vertrek over mijn rug. Als we de sneeuwgrens bereiken, wil ik een paar minuten pauzeren op een rotsblok, maar Fagerhaug gunt me geen rust. Gejaagd gesp ik een set sneeuwschoenen - een soort tennisrackets met stalen weerhaken aan de onderzijde - onder mijn snowboardschoenen. Onderwijl schuiven de skiërs antislipvellen om hun ski’s. Mijn jas stop ik in mijn rugzak. Gekleed in niet meer dan een skibroek, een pullover en een dun vest loop ik de sneeuw in.

Mist

We zijn een half uur onderweg wanneer we schijnbaar uit het niets worden ingesloten door een dikke laag mist. Fagerhaug loopt hooguit vijftien meter voor me, maar ik moet me inspannen om zijn silhouet te kunnen onderscheiden. Het Noorse toerismebureau had al gewaarschuwd voor het veranderlijke weer in de fjorden, maar je moet het zien om het te geloven. Dichte mist en heldere luchten wisselen elkaar pijlsnel af.

Onderweg wordt nauwelijks gesproken. Niemand lijkt er de adem voor te hebben en ook mijn hart bonkt in mijn keel van inspanning. Om mij heen zie ik niets dan wit. Het enige geluid komt van het doffe gekraak van de sneeuw onder mijn voeten. Ik begin mij af te vragen hoe lang ik het tempo van de gids nog zal kunnen bijbenen. Nog een geluk dat we op zeeniveau zijn begonnen. De lucht is minder ijl dan in het hooggebergte.

Beeld Sverre Hjornevik

Drie uur onderweg

Mijn voeten zakken steeds dieper weg in de sneeuw. Het is een goed teken, houd ik mijzelf voor. Hoe hoger we klimmen, des te dieper de sneeuw. In de Alpen valt de meeste sneeuw ook rond de top. Of zou het hier anders zijn? Een ander weetje, opgescharreld bij het plaatselijke toerismebureau: vertrouw niet op je sneeuwkennis uit de Alpen. Door de nabijheid van de zee is hier alles anders.

Iedere vezel in mijn lichaam schreeuwt om rust, maar zodra ik even stop met lopen, slaat de vorst als een ijskoude douche op mijn lijf. Mijn van zweet doordrenkte shirt biedt slechts nog warmte bij de gratie van inspanning. Zodra ik stop, bevriest mijn shirt op mijn lijf.

Ik zou ook kunnen opgeven. Gewoon, Fagerhaug roepen en zeggen dat ik omkeer. Sneeuwschoenen uit, snowboard onderbinden en gaan. Ik hoef alleen maar mijn voetstappen in de omgekeerde richting te volgen en te wachten aan boord van het schip. Het middagprogramma - vissen in het fjord, zeilen naar de volgende bestemming en zelf gevangen kreeft en kabeljauw roosteren boven een zacht vuurtje - voelt op dit moment duizendmaal aanlokkelijker dan doorgaan.

Maar zou ik mijzelf nog in de spiegel kunnen aankijken? Een dag eerder was ik te gast bij het jaarlijkse diner van de lokale skivereniging. Eregast was een hoogbejaarde Noorse verzetsheld. Tijdens de Tweede Wereldoorlog had de man in de winter in zijn eentje zware wapens naar de top van deze berg gebracht, op de dag voordat de Britse marine hem in het diepste geheim in het fjord zou oppikken om hem naar Engeland te brengen voor een opleiding tot saboteur.

Beeld Sverre Hjornevik

In een roes

De verzetsman wilde zijn dorpelingen niet in de problemen brengen en had besloten zijn wapens daarom ver buiten de gemeentegrenzen, en buiten het zicht van de nazi’s, te verbergen. Op de top van deze berg. Mijn moderne uitrusting weegt een fractie van het automatische geweer, de munitie en de granaten die de verzetsman naar boven heeft getorst. Ik dwing mijzelf door te gaan. Denkend aan de oude man.

Ik moet opnieuw in een roes zijn geraakt, want vrij onverwacht doemt een grauwe rotsformatie pal voor mijn neus op. Fagerhaug knielt en laat zijn rugzak van zijn brede schouders glijden. ‘We zijn boven’, zegt hij. Ik zegt niets. Werktuiglijk trek ik mijn vest en natte shirt uit. Met een handdoek droog ik het zweet van mijn rug en borst. Even waan ik mij een echte Viking. Tot de kou toeslaat. Snel trek ik droge kleren aan en wacht op wat er komen gaat.

De ervaring is onvergelijkbaar

Het Noorse toerismebureau heeft mij een fabelachtig uitzicht beloofd en de gids toont zich ondanks de dichte mist optimistisch. ‘Mist duurt bijna nooit de hele dag’, zegt hij grijnzend. Een kwartier verstrijkt. Een half uur. Niets. Net als de gids zijn woorden lijkt te willen terugnemen, gaat het licht aan. De mist verdwijnt even snel als-ie is gekomen.

Vanaf de top van de 1.700 meter hoge berg overzie ik het fjord. Het traditionele houten zeilschip waarop ik de nacht doorbracht, dobbert als een speelgoedscheepje aan de steiger. Het zonlicht wordt weerkaatst door het water. Door het aangrenzende dal kronkelt een smal weggetje langs enkele houten huisjes en bossages.

Nu begrijp ik de aversie van de bevolking tegen helikopters, skiliften en al die andere menselijke ingrepen in het wonderlijke winterlandschap. De pijn in mijn benen maakt plaats voor een gevoel van euforie. De ontberingen van de afgelopen uren zijn op slag vergeten. Het uitzicht over het fjord alleen al is de klim meer dan waard.

Terwijl Fagerhaug en de Fransen hun ski’s vastklikken, bind ik mijn snowboard onder. Ik zet mijn helm op en draai de neus van mijn board richting het dal. Leunend op mijn achterste been voel ik mijn snowboard versnellen. De verse sneeuwkristallen vóór mij glinsteren in de zon. Met steeds hogere snelheden draai ik mijn bochten als een surfer door de diepe sneeuw. De adrenaline spuit door mijn lichaam. De sneeuw voelt dan misschien niet anders dan ik gewend ben uit de Alpen, de ervaring is onvergelijkbaar. Een afdaling door de diepe sneeuw voelde nog nooit zo verdiend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden