Oog voor detail Zeilbootje

Wieteke ziet een bootje, gemaakt van een houten schoenzool, en wil daar wel mee weg zeilen

Je ziet het pas goed van dichtbij. Wieteke van Zeil over opmerkelijke en veelbetekenende bijzaken in de beeldende kunst. Deze week: het bootje.

Beeld Royal Collection Trust

Vroeger was mijn dochter bang voor schilderijen. Na een bezoek aan Palazzo Barberini, staand voor een onthoofding van Holofernes (Caravaggio) met de 4-jarige op de arm die haar gezicht in mijn hals duwde en riep ‘ik wil weg, ik wil weg’, dacht ik bedremmeld dat misschien toch níét alle kinderen vanaf dreumestijd moeten leren kunst kijken. En beloofde ik plechtig – zoals ik hier al eens heb opgebiecht – haar pas weer mee te nemen als zij dat zelf wilde. Met alle martelingen, kruisigingen en stervensnood is oude kunst voor kinderen zo’n beetje wat voor mij A Nightmare on Elm Street en The Shining waren toen ik die veel te jong zag: echt. En dus ijzig eng. Sinds die middag in Rome doen we geen oude kunst meer – ook al zal ze inmiddels bij een schilderij waarop iemand levend gevild wordt waarschijnlijk zuchtend ‘nép!’ roepen. Op ­vakantie gaat ze een ijsje eten met haar vader als ik snel de pinacoteca in glip en af en toe proberen we eens iets vrolijk moderns samen, zoals Kusama of Yoshitomo Nara. Prima, iedereen blij.

Maar er is een andere kant aan dit fenomeen dat ik wél mis: dat lichtende koppie als ik een knuffeldier voor haar neus houdt. Waar ze spontaan hele verhalen aan vertelde, grapjes, vragen, haar ogen even glimmend als die van de beestjes. Zo echt als het spuitende bloed van Holofernes is, zo echt is ook de knuffel, maar dan leuk. Het maakte niet eens uit of ik er een gek stemmetje bij opzette; de knuffel was genoeg voor een complete transformatie, een sprong naar een andere werkelijkheid. Zoals deze houten schoenzool hier een boot is waarmee het kind op het schilderij naar verre zeeën en onbewoonde eilanden kan varen. Twee spijkers, een gedragen (want uitgeholde) houten slipper, een stokje, touwtje en een lapje blauwe stof. Er zitten zelfs nog een piepklein stokje en twee ringetjes aan de mast.

Jan Steen, ‘Vrolijk gezelschap in een herberg’, circa 1670, olieverf op doek, 62 x 75 cm, Royal Collection Trust, Londen. Beeld Royal Collection Trust

Speelgoed is levend. Een knuffel is een vriend, een doos is een ruimteschip, een schoen is een boot. Ik denk dat die magische fase, vanzelfsprekend tot een jaar of 8, samenhangt met hoe we later kunst beleven. Kunst is de left over van ons speelgoed, ons slaapdekentje, ons imaginaire vriendje. Kunstenaars moeten misschien harder werken om ons terug te brengen in die magische wereld, een sprong naar een andere werkelijkheid is niet zomaar gemaakt. Maar kunst kan dat. Alle soorten kunst; kijk bijvoorbeeld ook naar de verbluffende kosmotroniks (een soort ruimteschepen) die Harry Arling maakt van wasmiddelflessen. Je vliegt er zo de intergalactische ruimte mee in.

Dit bootje zit al zo lang in mijn verzameling kunstdetails dat ik de context was vergeten; de voorstelling zelf. Een vreemde kroegscène; vrolijke drinkers en dansers, kinderen spelen rond de tafel, oud danst met jong, een gezellig zootje op zijn Steens. Voor mij is dit detail, dat ik al jaren koester, wat een wekenlang openstaand venster op ­booking.com is voor wie aan vakantie toe is: een ontsnapping aan alles wat moet, nu. Een schoenzool om even mee weg te zeilen.

Volg Wieteke van Zeil op ­Instagram: @artpophistory

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden