AARDSE PARADIJZENMarokko

Waarom was Marrakech het hippiemekka van de jaren zeventig?

De Jardin Majorelle in Marrakech van modeontwerper Yves Saint Laurent, die toegankelijk is voor het publiek. In de tuin groeien cactussen, palmen en bamboestokken, en er is fraaie architectuur in de kleuren paarsblauw en donkergeel. In de volksmond heet het ‘de tuin van Yves’.Beeld Getty

‘Die hippies waren vaak naïef of ze wisten van toeten noch blazen – maar omdát ze open van geest waren, gingen er vaak zomaar deuren voor hen open.’

De straatjes kronkelen, de mensen krioelen en het ruikt er naar munt. Wie doorloopt, eindigt vanzelf in een doolhof waarin ezels en scooters beter de weg kennen dan smartphones. Twee soorten wegen weigeren koppig hun geheimen aan Google Maps prijs te geven: die van de liefde en die van de middeleeuwse Marokkaanse koningssteden.

Als de oude stad van Marrakech geen gevoel van ondoorgrondelijkheid en mysterie had opgeroepen, had die het nooit geschopt tot hippie-Mekka. Vijftig jaar zijn verstreken sinds Europese langharigen wolken van ‘hasjiesj’ door de medina van Marrakech verspreidden – nog altijd merk je vijf keer per dag hoeveel minaretten daar staan.

Als de muezzin op een paar meter afstand oproept tot gebed, kan een mens zich een ongeluk schrikken óf een spirituele transformatie ondergaan. Hier ergens staat de minaret die het leven van zanger Cat Stevens veranderde. Hij hoorde in de gebedsoproep ‘muziek voor God’ en noemt zich sindsdien Yusuf Islam. Chris Karrer, gitarist en violist van de Duitse hippieformatie Amon Düül II, ontdekte in dit doolhof de soefistische mystiek. Wie zijn compositie Lost in Marrakech beluistert, weet dat er waarheid schuilt in de tegelwijsheid dat wie durft te verdwalen nieuwe wegen vindt.

De geschiedenis kent rare symmetrie. We leven in een tijd waarin mensen vanuit Noord-Afrika ‘paradijs Europa’ proberen te bereiken, maar er was een tijd dat juist Europeanen de zee overstaken om een paradijs in Noord-Afrika te vinden. Op de veerboot tussen Spanje en Marokko wemelde het in die jaren van de Volkswagenbusjes. Paradijsgangers van weleer zijn tegenwoordig mannen die dun geworden witte haren in staarten dragen, en vrouwen die de herfst van hun leven camoufleren met hennarode haarverf. In documentaires vertellen ze dat hun geliefde Marrakech ordinair is geworden. 

Het Volkswagenbusjestijdperk is voorgoed voorbij – na een dag dwalen in Marrakech ben ik de overtuiging toegedaan dat deze plek nog steeds aantrekkingskracht uitoefent op westerse mensen die op zoek zijn naar ‘iets’. Wat dat ‘iets’ is, laat zich niet eenvoudig omschrijven, maar als je het hoopt te vinden, kun je het beter hier zoeken dan in Dubai of Disneyland. Kijk maar naar die verdwaalde reizigers die uitwijken voor scooters en in middeleeuwse straatjes van hoogstens twee meter breed vast komen te zitten tussen ezelskarren. ‘Hasjiesj’ roken ze hier nog steeds, kun je ruiken. Het beroemde eerbetoon van Crosby, Stills & Nash aan het hippie-Mekka heet Marrakesh Express, maar draagt de bijnaam Cannabis Express.

Het album Marrakesh Express van Crosby Stills & Nash.

Als twee verdwaalde Europese vrouwen in ‘hippie-oriëntaalse’ jurken in trance de spiritueel-blauwe tegels van een middeleeuwse Koranschool beginnen te betasten, moet ik voor het eerst denken aan Esther Freuds autobiografische roman Hideous Kinky, ‘afgrijselijk ongewoon’, als je het vrij vertaalt.

De vader van Esther Freud was schilder Lucian Freud (kleinzoon van Sigmund), haar moeder één van diens talrijke maîtresses. Esther Freud was 9 toen mama in 1972 met haar en haar zusje in een Volkswagenbusje op weg ging naar Marrakech om zich daar met hulp van de mystieke islam te bevrijden van kleinburgerlijkheid. Esther Freud probeert mild te zijn voor die hippiemoeder, al was het maar omdat die nog leefde toen Hideous Kinky een bestseller werd. Helaas kan haar 9-jarige hoofdpersoon er niet omheen dat ze zich kapot geneert als mama spirituele buigingen gaat maken in het Marokkaanse straatstof. Aan het eind van het boek gaat die moeder ook nog blootsvoets bedelen, in de geest van beroemde derwisjen, voor wie het vragen om aalmoezen een spirituele oefening was. Bij de moeder van Esther Freud heeft het bedelen ook een praktische reden: haar geld is op. Op het laatst wordt ze onderhouden door Marokkaanse vrienden die ook geen cent te makken hebben.

Beeld uit de verfilming van het boek Esther Freuds boek Hideous Kinky, met Kate Winslet als de moeder van de 9-jarige hoofdpersoon.

Het typische van de hoogtijdagen van het hippieparadijs was dat ze in de jaren vielen die in Marokko bekend staan als ‘de jaren van lood’, de regeerperiode van koning Hassan II, toen flink wat armoede gepaard ging met flink wat repressie. Gasten in Marrakech’ beroemdste hotel La Mamounia merkten daar weinig van. De Rolling Stones zaten er al in 1967. Biografen melden dat ze bij het zwembad te druk waren met het stelen van elkaars vriendinnen om echt op het spirituele pad te raken. In het van oeuvre Paul McCartney liet Marrakech wel een spiritueel spoor na. Zijn nummer Mamunia is vernoemd naar dit prachthotel en gaat over herboren worden. Winston Churchill, geen hippie, hield ook van La Mamounia. Tientallen malen checkte hij er in om in de zon opnieuw geboren te worden en op zijn balkon het Atlasgebergte te schilderen. Ik mag van de vriendelijke staf zomaar even alleen op dat Churchill-balkon staan. Zo zie ik de bergtoppen en word ik herboren zonder 700 euro per nacht te declareren.

Het Marokkaanse paradijs van modeontwerper Yves Saint Laurent heb ik niet voor mezelf. Na ongeveer een half uur wachten in een rij die voor driekwart uit Europese vrouwen bestaat, is de Jardin Majorelle, in de volksmond de Tuin van Yves, extra mooi. Hier vind je een melange van cactussen, palmen en bamboestokken, en fraaie architectuur in de kleuren paarsblauw en donkergeel. Op oude foto’s zie je dat het een bouwval was toen de modeontwerper de boel voor een prikkie opkocht. Wat zag de man die ze de Koning van Parijs noemden in deze plek? ‘Een inspiratiebron met duizend gezichten’, zegt een gids tegen een gezelschap middelbare Franse vrouwen.

Modeontwerper Yves Saint Laurent op zijn binnenplaats in Marrakech.Beeld Getty

De aangrenzende straat werd na de dood van de modelegende omgedoopt tot Rue Yves Saint Laurent. Ik kijk naar een straatnaambordje waar de vroege middagzon op schijnt, en bedenk dat in geen enkel ander islamitisch land een straat ooit zou kunnen worden vernoemd naar een homoseksuele modeontwerper die op aarde ongeveer alles deed wat Allah verboden heeft.

De wollen tricotjurken van Yves Saint Laurent waren gemáákt voor vrouwen die jong waren in 1967 – een les uit deze langlopende serie over aardse paradijzen is dat een paradijs gemaakt moet zijn voor paradijszoekers. Anders gezegd: paradijszoekers komen nooit zomaar ergens terecht, ‘iets’ moet daar aan diepere verlangens appelleren.

Een halve eeuw geleden reisden hippies zowel ver oostwaarts als zuidwaarts. De overeenkomst tussen beide routes was dat ze naar de islamitische wereld voerden. Wie weleens reislustige leden van de geboortegolfgeneratie heeft gesproken, weet dat ze dierbare herinneringen kunnen bewaren aan het Afghanistan van hun jonge jaren. Een halve eeuw later is die oostwaartse ‘hippietrail’ vanwege bermbommen van de Taliban te gevaarlijk om na te reizen. Omdat de zuidwaartse hippietrail niet werd geannexeerd door islamitische strijders, maar door EasyJet en Transavia, leent die zich makkelijker voor een reconstructie.

Vrijwel zeker had de islam een halve eeuw geleden een ander imago dan tegenwoordig. Je kunt opperen dat de islam in die jaren op dezelfde manier ‘aantrekkelijk exotisch’ kon zijn als het hindoeïsme of het boeddhisme. Dat juist Marokko een geliefde bestemming werd voor spiritueel zoekende westerse jongeren, is, achteraf gezien, niet zo toevallig: hier vond je een islam ‘met duizend verschillende gezichten’, noem het flink wat verschillende gedaanten. Op weinig plekken was de cultuur zo heterogeen als helemaal aan de westrand van de islamitische wereld, op een kruispunt van invloedssferen. Hier kon je het spirituele pad opgaan met hulp van zang en dans en trommels en wierrook. In soefihuizen kon en mocht verrassend veel. Esther Freud weet niet of haar moeder alles begreep wat daar werd gezegd, maar ze leerde er Mohammed kennen als een mystieke man, niet als een jihadist. ‘Ware rijkdom is de rijkdom van de ziel’: dat is óók een uitspraak van de profeet.

In de adembenend mooie medina van Fez, de oudste van Marokko’s koningssteden, ruik je minstens zoveel mint en cannabis als in Marrakech, maar scooters en ezels worden daar geweerd uit straatjes van soms wel duizend jaar oud. Bij een toren met azuurblauw mozaïek staar ik naar Afrikaanse mannen en vrouwen die door elkaar in een grote kring zitten. Dit is de zaouïa, het soefihuis van de orde van Ahmad al-Tijani. Een paar jaar geleden hoorde ik over dit soefihuis van de jonge Rotterdamse historicus Abdel El Hamidi. Hij ging daar naar binnen in het voetspoor van zijn grootvader. ‘Mijn opa straalde altijd een rust en een mildheid die ik nooit kon koppelen aan hoe ik de islam in Nederland had leren kennen. Later leerde ik dat mijn opa was gevormd in een van de grootste soefi-broederschappen van westelijk Afrika.’

Van soefisme bestaan duizend vormen, maar bondig samengevat is het een mengsel van mystiek en folklore. Spanningen tussen soefi’s en schriftgeleerden zijn nauwelijks minder oud dan de islam zelf. Moellahs bestreden soefi’s omdat ze aan ketterij zouden doen, maar óók omdat soefi’s zich aan dogma’s onttrokken. Of soefi’s de mystieke extase proberen te bereiken via muziek, dans, roes of meditatie, hun zoektocht naar God is direct en persoonlijk. Tussen hen en Allah staan geen dogma’s en hiërarchieën. Vormen van soefisme bestaan in praktisch alle islamitische landen, behalve Saoedi-Arabië, al is het vaak ondergronds. In Marokko bestaat tot de dag van vandaag véél soefisme bovengronds.

Hippies en moellahs konden niet samen door één deur – hippies en soefi’s konden dat wel. Welk soefihuis de moeder van Esther Freud in Marrakech bezocht, heb ik niet kunnen achterhalen, maar het is in de buurt van zo’n zaouïa waar mannen en vrouwen in een kring musiceren dat ik iets van dat de oorsprong van het hippie-Mekka meen te snappen. In de verfilming van Hideous Kinky wordt de moeder van Esther Freud gespeeld door Kate Winslet, die op de filmset vertelde dat ze zélf graag in 1972 in Marokko had willen zitten.

Gnawa is een muziekgenre dat niet-ingevoerde Europeanen eerder als Afrikaans dan Arabisch in de oren klinkt. Gnawaspelers vertolken religieuze poëzie terwijl ze zichzelf begeleiden op instrumenten die eruitzien als stokken met twee snaren. Om een transcenderend effect te bewerkstelligen, wordt één en dezelfde tekstregel eindeloos herhaald. Op een dakterras in Fez wordt dat effect bevorderd door kruidige rookwaar. Vrouwen die bij binnenkomst nog een hoofddoek dragen, hebben die afgeworpen tegen de tijd dat ze gaan dansen. Op deze plek wordt óók flink wat alcohol gedronken. Dat had ik in Marokko nog helemaal niet gezien in een openbare gelegenheid, maar ik heb dit etablissement dan ook niet zelf gevonden. Ik ben hier naartoe gebracht door Noel, een Britse kunstschilder die ‘in het voetspoor van hippies’ naar Marokko trok en daar niet meer wegging. Inmiddels spreekt Noel aardig Arabisch en is hij bevriend met zo ongeveer de halve medina van Fez, ook met deze gnawaspelers. Vele soorten wijn laat de ober zien. Op de officiële menukaart wordt geen druppel alcohol aangeboden.

Beeld Getty Images

Ach, om iets van deze wereld te begrijpen moet je eerst snappen dat het pays légal er nooit gelijk was aan het pays réel. Officieel verkopen winkels louter alcohol voor toeristen, of voor Marokkanen die Europese gasten hebben. Maar als alléén toeristen in Marokko wijn zouden drinken, zou je uit de statistieken kunnen concluderen dat elke toerist twintig flessen wijn per dag drinkt.

In het zonovergoten atelier van Noel in Fez staan fraaie doeken te drogen van Arabische en Berberse schonen die poseren op binnenplaatsen met mozaïeken. Noel is een succesvolle schilder van neoromantisch oriëntaals werk, weet ik inmiddels. Maar omdat ik geen idee had dat de westerse man in Marokkaanse kledij die ik aansprak op een terras in Fez een bekende kunstenaar was, noem ik hem in dit stuk alleen bij zijn voornaam. Van deze schilder leer ik dat wat we op het dakterras zien terwijl de zon onder gaat, nu ja, slechts een tipje van de sluier is. Je kunt Marokko een land met duizend gezichten noemen, maar óók een ui met duizend schillen. Hoe verder je die ui afpelt, hoe meer hier allemaal naast elkaar blijkt te kunnen bestaan.

Hoe kan dat? Die vraag wil Noel graag beantwoorden: ‘Omdat dingen hier niet worden uitgesproken, omdat alles impliciet blijft, of hoort te blijven.’ Dingen benoemen, concreet en expliciet: dat is nou echt iets Noord-Europees, leerde deze Britse kunstenaar in de jaren dat hij toegang kreeg tot ‘die andere wereld’. Zeg gerust dat hij tegenwoordig ineenkrimpt als hij zijn Europese gasten van die hele directe vragen hoort stellen. Dan vertelt bijvoorbeeld een van Noels vrienden uit Fez aan een van Noels gasten uit Londen dat mannen en vrouwen in Marokko aan elkaar gelijk zijn, en dan krijgt die meteen een hele directe vraag: ‘En waarom draagt jouw vrouw dan een hoofddoek?’

Wie dit universum wil leren kennen, moet zich niet blindstaren op de buitenkant. Noel zegt het vaak tegen zijn gasten: ‘What you see is NOT what you get.’ Ik mag Noel onder geen beding een ‘neo-hippie’ noemen, maar wat hij prijzenswaardig vond bij de mensen die hier vijftig jaar geleden kwamen, was hun ontvankelijkheid. Een halve eeuw terug was Marokko veel armer en conservatiever dan tegenwoordig; die hippies waren vaak naïef of ze wisten van toeten noch blazen – maar omdát ze open van geest waren, gingen er vaak zomaar deuren voor hen open.

Beeld Conde Nast via Getty Images

Café Jimi Hendrix ligt aan een stoffige kustweg op een steenworp van de Atlantische Oceaan, en laat zich van een afstand al herkennen aan een schildering van Hendrix’ haardos. Flarden gitaargeluid komen mee met de Atlantische bries. Jimi Hendrix kwam naar paradijs Marokko in de loden jaren van Hasan II, maar in zijn café hangt de beroemde foto waarop hij zijn gitaar in brand steekt naast een staatsportret van de huidige Marokkaanse koning Mohammed VI. Bien étonnés de se trouver ensemble, is daarvoor de uitdrukking. Even meen ik cannabis te proeven in het walnotengebak dat de ober bij de muntthee serveert, maar Franse en Amerikaanse seniorenechtparen eten hier dezelfde taartjes en die ogen beslist niet stoned. Een Franse mevrouw die dicht bij een speaker zit en minder van Hendrix houdt dan haar mannelijk gezelschap, heeft zelfs watjes in haar oren gestopt. Als Jimi Hendrix nog had geleefd, had hij ongeveer de leeftijd gehad van de kromgegroeide vrouwen met hoofddoeken die buiten in het stof op de bus wachten.

Café Jimi Hendrix in Marrakech.Beeld Flickr Vision

Sceptici zeggen dat Hendrix in juli 1969 exact elf dagen doorbracht in Essaouira aan de Marokkaanse kust, met narcotica en groupies. Dat Hendrix in die tijd bezig was aan een spirituele reis en zelfs op weg was een soefi te worden, dát hoor ik in het hotel waar Hendrix zou hebben gelogeerd en dat tegenwoordig Hotel Jimi Hendrix heet.

Hendrix was al jaren bezig met het verleggen van muzikale grenzen, en een spirituele reis hoorde daarbij, legt de hotelmanager uit. Intuïtief voelde hij dat hij voor het verleggen van spirituele grenzen in Marokko moest zijn. Wie goed luistert, hoort de gnawa-invloeden in de muziek die hij in zijn laatste levensjaar maakte. Dat Essaouira nog steeds een plek is waar mensen komen om zichzelf te bevrijden en het jaarlijkse muziekfestival bezoekers uit de hele wereld trekt, dat komt allemaal door Hendrix – zéggen ze in Hotel Jimi Hendrix.

Waar zou die Marokkaanse spirituele reis van Hendrix zijn geëindigd? Dat weten ze in zijn hotel ook niet, maar Hendrix was een vrije geest. We kunnen veilig uitsluiten dat hij net zo’n orthodoxe moslim was geworden als voornoemde Yusuf Islam, die zijn steun ging uitspreken voor fatwa’s.

Tussen Hotel Jimi Hendrix en de oude stad van Essaouira ligt een kilometer strand waarop de Atlantisch Oceaan onstuimig breekt. Wie bewijs zoekt voor de hypothese dat in Marokko iets van hippieparadijs is blijven bestaan, kan met dit stuk strand zijn voordeel doen. Ze slaan daar op trommels, ze zitten daar in de lotushouding, ze geven daar yogalessen en ze roken daar het een en ander.

Achter het strand ligt een parkeerplaats waar een stuk of vijftien campers staan met West-Europese nummerborden. De eigenaren van de Zweedse camper heten Lars en Ursula. Zij zijn hier eerder geweest in 1971, en, jazeker, toen kwamen ze met een oud busje. Destijds deden ze twee weken over de reis, maar toen ze in Marrakech arriveerden, was dat fantastisch. Essaouira was het mooist van allemaal, vier maanden zijn ze daar toen gebleven.

Met de camper zijn ze nu in vier dagen van Zweden naar Essaouria gereden. Vinden ze er nog iets terug van de magie van hun eerste reis? Dat is nou een domme vraag: vind maar eens iets van de magie terug van de tijd dat je jong en verliefd was en al je bezittingen in een rugzak pasten. Dan zegt Lars, zo serieus als alleen een Scandinaviër kan zijn: ‘Het land is nog even prachtig en de mensen zijn nog even aardig, alleen zijn de wegen nu beter.’

Aardse paradijzen

Marrakech, vijftig jaar geleden de eindbestemming van de zuidwaarts hippietrail, is aflevering 17 in een onregelmatig verschijnende serie over aardse paradijzen. Die plekken zijn even verschillend als de mensen die ze voor paradijzen aanzien: van spectaculaire en extravagante steden tot afgelegen kloosters in de Himalaya. In eerdere afleveringen van de serie figureerden plekken zo verschillend als ZwitserlandBhutanTahitiSingaporeCuba en een golfresort van Donald Trump. Alle afleveringen zijn terug te lezen op volkskrant.nl/paradijs.

Het EasyJet-tijdperk

Gepland was het geenszins, maar deze reconstructie van het ‘Volkswagenbusjestijdperk’ vond plaats op de valreep van wat wellicht de geschiedenis in zal gaan als het ‘EasyJet-tijdperk’. Kort na terugkeer van de auteur werd het Marokkaanse luchtruim vanwege corona gesloten en kwam het toerisme stil te liggen. Een Frans echtpaar met wie Olaf Tempelman in Fez mailadressen had uitgewisseld, vloog eind maart terug met een evacuatievlucht van het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken. Flink wat Nederlanders zagen hun verblijf langer ‘onvrijwillig verlengd’. Aan boord van een repatriëringsvlucht op 26 april was onder andere zangeres Anouk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden