De skyline van Shenzhen.

reisverhaal shenzhen

Voor het China van de 21ste eeuw moet je naar Shenzhen: innovatief, creatief en kosmopolitisch

De skyline van Shenzhen. Beeld Getty Images

De Chinese metropool Shenzhen wil buurstad Hongkong overvleugelen als vrijplaats voor creatieve types. Met strakke gebouwen, elektrische bussen en groene parken. 

Een robotstofzuiger met ingebouwde luidspreker danst over een kleedje; een smartphone speelt de muziek via bluetooth. Ernaast zoemt een 3D-printer die vrolijke usb-hoesjes produceert en de verkoper slaat ook nog op een tafelkleed met ingebouwde drumpads. De elektronicamarkt Huaqianbei in de Chinese miljoenenstad Shenzhen is een aanslag op ogen en oren. Verdeeld over acht reusachtige pakhuizen – elk van acht verdiepingen – staan tientallen kilometers kraampjes met plugjes, ledjes en schakelboards maar ook innovatieve consumentenproducten. Gehurkt tussen dozen en uitpuilende zakken slurpt iemand bamisoep uit een kom. Tieners in plastic windjacks slalommen met steekkarretjes door de mensenzee. Drie Indiase inkopers met haarknotjes onderhandelen over een partij elektrische kleerborstels. Een stalletje verderop speelt een verveelde verkoopsters met haar smartphone, tot ze de westerse bezoeker ontwaart en ongevraagd een vreemdsoortig massagemasker op mijn gezicht duwt. ‘You like?’ Nee, dank u. ‘Ah, how many?’

Aankomst

Een goede verbinding is met Finn Air via Helsinki, dat aangename nachtvluchten aanbiedt. Door de korte noordelijke route levert de tussenstop op Helsinki Airport bovendien nauwelijks tijdverlies op. Vanaf Hongkong International Airport vertrekt een boot direct naar Shenzhen. De ruimbagage loopt in de ferryterminal van de band, wat gezeul met koffers scheelt.

Vervoer ter plaatse

Het metrostelsel is schoon en veilig en strekt tot de verste uithoeken van de stad. De plattegrond is overzichtelijk: de langgerekte stad loopt van west naar oost langs Shenzhen-baai, met het stadshart precies in het midden. Al kan het vinden van het juiste adres lastig zijn, want Google Maps werkt niet in China. Gelukkig kosten taxi’s zelden meer dan 10 euro.

Ik verdwaal op een Albert Cuypmarkt in een B-sciencefictionfilm. De plafonds zijn laag en door het ontbreken van ramen verlies ik elk gevoel van tijd en plaats. Overal in dit doolhof flikkeren lichtjes en ratelen onzinproducten, die soms toch onweerstaanbaar zijn. Een iPhone die draait op Android-software van concurrent Google bijvoorbeeld – voor amper 150 euro! Veel van deze producten zijn door de standhouders zelf bedacht en in elkaar geknutseld. Slaat het prototype aan, dan kan het meteen in productie in een van de honderden fabriekjes in het achterland van Shenzhen. Zoals de goudkleurige karaoke-microfoon met ingebouwde luidspreker, inmiddels een besteller (al vanaf 8 euro). ‘Come try’, gilt de verkoper demonstratief van verre.

Het interieur van HQ Mart, een winkel in elektronische apparatuur in Shenzhen. Beeld Hollandse Hoogte / Mauritius Images GmbH
Waslijnen op balkonnetjes sieren het kleurrijke huizencomplex aan de Guihua Road in Shenzhen. Beeld Getty Images

Huaqianbei is niet alleen een zinnenprikkelend souvenirparadijs maar verbeeldt ook het innovatieve elan van Shenzhen als het Silicon Valley van China. Tech-reuzen als Huawei (telefoons), DJI (drones) en Tencent (Wechat, zeg maar Whatsapp, Facebook en Youtube ineen) zijn hier gevestigd, met in hun kielzog duizenden start-ups, designstudio’s en reclamebureaus. Het is de Chinese stad met de jongste bevolking, gemiddeld 27 jaar, en de meeste miljonairs, beide aangetrokken door een gunstig investeringsklimaat. En een aangenaam subtropisch klimaat; op amper een uurtje treinen liggen schone palmenstranden. Bovendien zijn er uitstekende bootverbindingen met de voormalige Portugese gokkolonie Macao (45 minuten) en Guangzhou (60 minuten). Naar downtown Hongkong is het zelfs maar 15 minuten met de gloednieuwe hogesnelheidstrein. Maar waarom zou je naar Hongkong gaan? Voor het China van de 21ste eeuw moet je naar Shenzhen: innovatief, creatief en kosmopolitisch.

Expositieruimte in Design Society. Beeld Zhang Chao - Design Society
Sea World Culture and Arts Center, Shenzen. Beeld Design Society

‘De focus ligt hier niet meer op ‘made in China’ maar op ‘designed in China’’, zegt Ole Bouman, de Nederlandse directeur van Design Society, een gloednieuw complex in de stad met een designmuseum, twee restaurants, winkels, een galerie en een theater. Geschat wordt dat meer dan 90 procent van alle digitale producten wereldwijd een of meerdere onderdelen uit Shenzhen bevat. Ook Apple laat zijn iPhones hier produceren. ‘Design Society moet de poort zijn naar Shenzhen voor de rest van de wereld, en andersom natuurlijk.’

Het witte gebouw – zoiets als het Eye Filmmuseum in Amsterdam – ligt als een fonkelende diamant aan de kade in Shekou, de expatwijk vol dure appartemetencomplexen, winkelcentra en het populaire amusementspark Sea World. Als publiekstrekker in het designcomplex is er een vaste tentoonstelling van het vermaarde Victoria & Albert Museum in Londen, maar het het handjevol Chinese bezoekers toont zich vooral geïmponeerd door het gebouw. Chauvinistische oohs en aahs klinken wél bij de tijdelijke expositie waarvoor Chinese ambachtslieden zijn gekoppeld aan lokaal ontwerptalent. Dit is het ‘designed in China’ van directeur Bouman: kekke pumps van ragfijne zijde, een ufo-achtige lamp van rijstpapier en luie loungestoelen van duurzaam bamboehout, bekleed met kleurrijke prints van het Bai-volk uit de grensstreek met Myanmar.

Overnachten

Shenzhen heeft een overdaad aan hotels, sterk wisselend in kwaliteit. Een betrouwbare keuze zijn internationale ketens als Marriott en Hilton. Een betaalbaar alternatief is het nieuwe Muji Hotel, onderdeel van de gelijknamige Japanse warenhuisketen met comfortabele kamers in minimalistisch design (vanaf 130 euro). Voor budgetreizigers is OCT Lofts Hostel een goede optie. Dit schone, veilige en sfeervolle jeugdhotel heeft naast slaapzalen (max. 6 personen) ook kamers met wc en douche (35 euro) en ligt in het hippe designkwartier OCT Lofts.

Naar het strand

De stranden liggen aan de oostelijke stadskant met prachtige uitzichten op de heuvels van de New Territories van Hongkong. Vermijd weekenden en feestdagen, want dan is het er druk.

De kiem voor deze creatieve dynamiek wordt in 1980 gelegd door de toenmalige grote leider Deng Xiaoping, die Shenzhen uitroept tot de eerste van vijf Speciale Economische Zones. De succesvolle megapolis van nu 15 miljoen inwoners (wat een voorzichtige schatting is, overigens) is dan een vissersstadje met amper 30 duizend inwoners. Buitenlandse investeerders zijn welkom en in 1990 opent de eerste McDonald’s, al snel gevolgd door de eerste aandelenbeurs in China, die inmiddels is verhuisd naar een iconisch gebouw van Rem Koolhaas aan Shennan Road, de centrale as met meer wolkenkrabbers dan in Nederland en België bij elkaar. Zo moet het kapitalistische Hongkong aan de overkant van de baai de economische wind uit de zeilen worden genomen. Bouman: ‘In Shenzhen is ruimte voor experiment en zelfs mislukking. Of je goede contacten hebt bij de overheid is hier minder belangrijk. Dat stimuleert innovatie.’ Shenzhen werd groot met de productie van goedkope kopieën van westerse producten. Maar deze vervuilende industrie verplaatste zich tien jaar geleden naar het noorden, waar grond en arbeidskrachten goedkoper zijn. Daarvoor in de plaats kwam hoogwaardige technologie. ‘Inmiddels is Hongkong ingehaald’, zegt Bouman op het dakterras van zijn designmuseum. Met zijn arm zwaait hij naar de heuvels aan de overkant van de baai, waarachter Hongkong ligt.

Het exterieur van het gloednieuwe Design Society. Beeld Design Society
Mensen wandelen over de promenade bij de Huaqiangbei electronic market - de grootste electronicamarkt van de wereld. Beeld Getty Images

In het straatbeeld van Shenzen gaan communisme en kapitalisme hand in hand. De glanzende torens van de techreuzen zijn van kilometers afstand zichtbaar. Maar beneden op elke straathoek waakt de overheid met agenten. De start-ups zitten in lommerrijke laagbouw als OCT Lofts, een serie oude pakhuizen met op de bovenste verdiepingen kleine modeateliers, designstudio’s of architectenbureaus. Op de begane grond vind je een hippe fotogalerie en noedelbars die je ook in Amsterdam ziet – maar verder nergens in China. De flanerende millennials in de autovrije straatjes van deze hipster-idylle dragen skatekleding, rijden op racefietsen en spreken vloeiend Engels. Er zijn weinig plekken in China waar de regeringszetel Beijing zo ver weg is, en de rest van de wereld zo dichtbij. ‘Ik zou nergens anders in China kunnen wonen’, zegt een jonge softwareprogrammeur achter een spritzer in cocktailbar Life on Mars. De kussens zijn er van pluche en de bar is van glimmend messing; uit de luidsprekers klinkt Britse new wave uit de jaren tachtig. De werkweek van tachtig uur – de dagelijkse reistijd van twee uur niet meegerekend – heeft hij daar graag voor over. Deze post-industriële enclave doet denken aan Berlijn of Brooklyn, toch lonkt dat westen niet. Zelfverzekerd: ‘Als we China hebben veranderd, volgt ook de rest van de wereld.’

Het schilderskwartier Dafen, waar driekwart van alle replica’s ter wereld worden gemaakt. Beeld Hollandse Hoogte / Laif
Een kok bereidt eten bij een marktkraam in Splendid China Park, Shenzhen. Beeld Hollandse Hoogte / Mauritius Images GmbH

De leefbaarheid in Shenzhen wordt vergroot door elektrische en dus stille stadsbussen, taxi’s en scooters. Overal zie je stadsparken en groene heuvels, waarop niet gebouwd mag worden. ‘Dit is de schoonste en veiligste stad van China’, zegt Trey Hobbs, een 31-jarige Amerikaan die werkt als stemacteur (‘die stem in de metro, dat ben ik!’). Al had hij aanvankelijk zijn twijfels toen hij vier jaar geleden met zijn gezin uit Chicago vertrok. ‘Een Chinese stad, wil je daar je kind laten opgroeien? Maar er is hier eigenlijk niets wat ik mis’, zegt hij, nippend van een five spices ale in de Half Ton Brewery, een hip café-annex-minibrouwerij in een populaire uitgaanstraat in downtown Nanshan, een populaire wijk met universiteiten en musea. De klandizie aan de lange houten tafels naast drie meter hoge brouwketels bestaat hoofdzakelijk uit expats. ‘Het is vaak zoeken naar waar het nu weer gebeurt’, is zijn grootste klacht. ‘Alles verandert voortdurend.’

De laatste aanwinst is het langgerekte park met wuivende palmen langs de twintig kilometer lange oever van de Parelrivierbaai. Als daar ’s avonds opgedofte gezinnen flaneren en de glimmende cabriolets en Porsches over de boulevard rijden, waan je je eerder in Abu Dhabi of Miami.

Het beursgebouw van Shenzhen. Beeld OMA / Philippe Ruault

De keerzijde is gentrificatie, inmiddels ook tot Shenzhen doorgedrongen. ‘De stad is gesegregeerd op welvaart. De inkomensverschillen zijn hier net zo groot als in de VS’, zegt stemacteur Trey Hobbs. Om gewone Chinezen te ontmoeten zou hij naar Happy Valley of World Of Wonders moeten, surrealistische amusementsparken met nep-Eiffeltorens en golfslagbaden zo groot als voetbalvelden. Liever legt hij met zijn podcast Shenzhen Stories de verhalen vast van interessante mensen die hij ontmoet, zowel Chinezen als expats. ‘De stad is zo snel gegroeid dat een ziel ontbreekt. Mensen leven langs elkaar heen. Voor mijn podcast maak ik intieme interviews, persoonlijke ontmoetingen om stadgenoten te leren kennen.’

Shenzhen is de dichtstbevolkte stad van China en staat als zodanig zelfs in de wereldwijde top-5. Dat zie je in de buitenwijken vol grauwe woontorens en vierbaanssnelwegen. Tussen het beton liggen de laatste ‘oude’ stadwijken met laagbouw, nog altijd een meter of twintig hoog. De smalle straatjes van deze chengzhongcun zijn gevuld met sjofele kledingwinkels of rokerige ijzerwerkplaatsjes; de drankwinkel is nooit ver weg. In dit rauwe straatbeeld is een vette rochel of kreupele bedelaar nog heel gewoon. ‘Deze volkswijken zijn een doorn in het oog van de autoriteiten, die ze het liefst slopen’, zegt Ole Bouman van Design Society. ‘Al wordt inmiddels onderkend dat ze noodzakelijk zijn voor opvang voor de constante migrantenstroom. Bovendien is de sociale cohesie er groot. Misschien is dit het laatste authentieke Shenzhen.’

Werknemers van een telefoon accessoire winkel in Shenzhen. Beeld Bloomberg / Getty Images

Inderdaad voelt de oude wijk Dafén bijna dorps aan met zijn honderden steegjes vol kleine schilderateliers, lijstenmakers en authentieke theehuisjes. Driekwart van alle replica’s ter wereld van bekende schilderijen als de Mona Lisa of Van Goghs zonnebloemen wordt hier vervaardigd. Inmiddels is de markt verbreed tot het schilderen op bestelling. Met een foto in de hand kun je in Dafèn je geliefde, kinderen of huisdier – eventueel zittend op een draak – laten vereeuwigen in soms verbluffend kunstig vervaardigde schilderijen, bijvoorbeeld in romantisch-impressionistische stijl of juist expressionistisch en in spetterende kleuren. Gegarandeerd binnen drie dagen geleverd en voor nog geen honderd euro.

Door het ambachtelijke handwerk is Dafèn een echo uit Shenzhens verleden. De vraag is hoe de toekomst eruitziet, zegt Ting Xu, coördinator van het Creative City programma van Unesco, waarvan Shenzhen deel uitmaakt. ‘De stad barst nu al uit zijn voegen. Elke dag komen er nieuwe migranten aan die moeten knokken voor een bestaan.’ Uiteindelijk zal Shenzhen met buursteden als Hongkong, Guangzhou en Macao opgaan in de Greater Bay Area, met 65 miljoen inwoners ’s werelds grootste stedelijke conglomeraat. Toch is Ting Xu, zoals iedereen hier, optimistisch. ‘Shenzhen heeft zich de afgelopen veertig jaar telkens opnieuw uitgevonden’, zegt hij vanachter een designbureau in zijn kantoor op een spiksplinternieuwe bedrijfscampus met hoekige architectuur van glas en wit beton. ‘Deze stad is nooit af.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.