de perfecte duisternis

Voor astronoom Frans Snik is de perfecte duisternis die tijdens een zonsverduistering

Astronoom Frans Snik weet waar het nachtelijk duister ideaal is voor sterrenkundig onderzoek.

Frans Snik Beeld Jérôme Schlomoff

‘In Nederland zie je amper nog sterrenhemels. Er groeien hier kinderen op die nog nooit een hemel vol sterren hebben gezien. Dat is toch schandalig?! Ik weet nog goed dat ik als kind in Friesland tijdens een zeilkamp voor het eerst echt de Melkweg zag. Geweldig!

‘In Nederland is het op Terschelling en rondom het Lauwersmeer het donkerste; daar is een dark sky-park. Daar kun je als liefhebber naartoe om de sterrenhemel te zien. Als je mazzel hebt, zie je er de restanten van het Noorderlicht: een rode gloed. Het zuidelijk halfrond is voor het waarnemen van sterren het spectaculairst. Daar vandaan kun je recht het centrum van onze Melkweg inkijken.

Frans Snik Beeld Jërôme Schlomoff

‘De Leidse sterrenkundige projecten zitten onder andere op La Palma en Hawaï; op het noordelijk halfrond, weliswaar. Daar is het én donker, én er zijn hoge vulkanen die dwars door eventuele wolken heen steken. De lichtvervuiling is daar sowieso al minimaal en de lokale bevolking houdt rekening met ons: alle straatlantaarns zijn er naar beneden gericht. Belangrijk is ook dat daar minder turbulentie is, de lucht boven je hoofd is er stabiel. Daardoor kun je de scherpste foto’s maken. Wanneer een ster flonkert, komt dat doordat de lucht trilt; dan kun je er geen scherpe foto van maken. En we zitten in Chili, midden in de woestijn; daar is geen lichtvervuiling.

‘Met een telescoop kun je de sterren alleen zien als het donker is. Overdag zou je ze in principe ook kunnen zien, alleen: dan zit er heel veel blauwe lucht in de weg. Als je je ogen goed traint en wat trucs toepast, kun je de helderste sterren en zeker planeten zoals Venus ook overdag zien. Voor sterrenkundigen zijn die waarnemingen overigens nutteloos, licht verstoort de metingen. Bij nacht verstoren vooral straatverlichting en maanlicht de perfecte duisternis. Als je echt heel diep het heelal in wilt kijken, kan dat alleen tijdens maanloze nachten. Dus rond nieuwe maan.

Frans Snik Beeld Jérôme Schlomoff

‘Sterrenkundigen kijken nooit meer met hun ogen door een telescoop met lenzen. Alle optisch onderzoek gebeurt met spiegeltelescopen met een doorsnee van tien tot bijna veertig meter. Digitale camera’s leggen het beeld vast. Het meeste onderzoek gebeurt op afstand. Dat is allemaal weinig romantisch, inderdaad.

‘We bouwen hier in ons lab optische instrumenten. Eens per jaar vliegen we met onze schroevendraaier en koffers vol met die instrumenten naar de telescoop op La Palma. Dan installeren we de nieuwe technologie erop en mogen we ermee klooien: kijken of het werkt.

‘Voor mij persoonlijk is de perfecte duisternis die tijdens een zonsverduistering. Mijn hobby is zonsverduisteringen najagen. Tijdens die in 1999 stond ik in Metz in Frankrijk in de regen. Dus het werd wel donker, maar verder was er niks te zien. Sindsdien heb ik me voorgenomen om ze altijd echt te kunnen zien. In 2006 in Libië is dat gelukt: midden in de woestijn, geen wolkje aan de lucht. Anderhalf jaar geleden heb ik er in Amerika een gezien, in een knollenveld in Idaho. En op 2 juli 2019 zal ik in Chili zijn, waar de zonsverduistering dan precies over een van de sterrenwachten heenraast. De hele situatie verandert tijdens zo’n moment. Het schemert en opeens – pats! – gaat het licht uit.’

Frans Snik Beeld Jérôme Schlomoff

Frans Snik (1979) is sterrenkundige aan de Universiteit Leiden en ontwikkelt astronomische instrumenten. In 2012 won zijn team de Academische Jaarprijs van 100.000 euro voor een onderzoek waarbij burgers de concentratie fijnstof in de lucht kunnen meten met behulp van een app op hun smartphone. Snik is lid van de Jonge Akademie van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.