Boekrecensie Paolo Cognetti

Veel meer pretenties dan een aantekenboekje heeft De buitenjongen niet (drie sterren)

Met de roman De acht bergen raakte de Italiaanse schrijver Paolo Cognetti (1978) een gevoelige snaar, getuige het internationale succes. Of het nu het onderwerp was – jonge man ontdekt de verlokking van het hooggebergte  de nuchtere, wat bedeesde stijl, de liefdevolle aandacht voor de natuur, of de combinatie van dat alles  Cognetti pakte menig lezer stevig bij de strot.

De buitenjongen verscheen oorspronkelijk in 2013, drie jaar vóór De acht bergen, en draagt als ondertitel ‘Quaderno di montagna’, schrift voor in de bergen. Veel meer pretenties dan een aantekenboekje heeft het dan ook niet, maar de auteur lijkt zich er wel mee warm te lopen voor zijn latere prijswinnende roman. Ook hier een dertiger die de bergen in trekt op zoek naar – of op de vlucht voor – zichzelf, maar nu in de vorm van een egodocument.

De buitenjongen

Paolo Cognetti

Uit het Italiaans vertaald door Yond Boeke en Patty Krone.

De Bezige Bij; 160 pagina’s; € 18,99.

Dat is zowel het aangename als het teleurstellende van De buitenjongen, waarvan dankzij heel luchtig zetwerk nog juist een volwaardig boek van 160 pagina’s kon worden gemaakt. De lezer die werd gevloerd door De acht bergen, vindt hier behoorlijk wat van de bekende ingrediënten: de bergen als ‘de meest volmaakte belichaming van het begrip vrijheid’, de hang naar eenzaamheid – ‘Ik heb nooit een kameraad gevonden die zo kameraadschappelijk was als de eenzaamheid’ – die onlosmakelijk is verbonden met de behoefte aan gezelschap, en een liefde voor de natuur die verder gaat dan die van een gewone toerist – Cognetti kan niet alleen een beuk van een lariks onderscheiden, maar ook de geur die ze als brandhout verspreiden.

Uiteraard heeft Cognetti’s Nederlandse uitgeverij gretig aangehaakt bij het kassucces van De acht bergen, zie ook de wel érg verwante omslagen. Als dat niet tot al te hoge verwachtingen bij de lezer leidt, kan iedereen tevreden zijn.

Meer over