Reportage

Vakantie met een missie

Vrijwilligerswerk doen op reis is populair. Wel slim om vooraf te kijken hoe verantwoord die bijzondere trip is. De Volkskrant bezocht Zuid-Afrikaanse townships, liep in Zambia met leeuwen, deed onderzoek én heeft enkele tips.

Sarah (18, links) uit Luik en de 19-jarige Synne uit Noorwegen (rechts) geven gymnastiekles aan basisschoolkinderen in Livingstone, Zambia. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Een beetje beduusd stappen we uit het busje van de vrijwilligersorganisatie. Na een rit door het Zuid-Afrikaanse township Khayelitsha - hutjes tussen zwerfvuil, autowrakken en grijnzende verkopers van gekookte schapenkoppen - belanden we op de binnenplaats van een naschoolse opvang. Een jongetje van een jaar of 5 klemt geroutineerd zijn armpjes om onze buik, een meisje met vlechten pakt onze hand en kijkt glunderend omhoog: mzunga's, witte mensen, zijn om te knuffelen. Hier, bij het populaire opvangproject Grandma's Against Poverty & Aids, stoppen dagelijks twee bussen met westerse vrijwilligers.

Engelse vrijwilligers (in het midden Zoë Phillips uit Cambridge) laten langs de Zambezi-rivier dagelijks de leeuwinnen Safiya en Tula uit, opdat het jachtinstinct van de gefokte dieren wordt ontwikkeld. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Webproductie

Voor de beste aanbieders en de zeven vragen die je moet stellen voordat je boekt, kijk je op: volkskrant.nl/vrijwilligersreizen

Vingerverven

'We willen voorkomen dat de kinderen na school op straat gaan hangen', zegt 'oma Zodwa' tegen een groepje nieuwkomers. 'Dan gaan ze maar ongezonde dingen doen, zoals roken en seks voor hun tijd.' Ze schudt haar hoofd. 'Wat doe je met een baby, als je geen werk hebt? Niks!' Een tweede oma klapt in haar handen en zegt: 'laten we zingen!' Met galmende stem zet ze Shosholoza in, het 'tweede' volkslied van Zuid-Afrika. Jody, een vrijwilligster uit Australië, kent de woorden al, Mia uit Noorwegen klapt maar wat mee. En dan is het tijd voor origami, vingerverven en het uitdelen van warm eten aan een paar honderd kinderen uit de township.

Interessanter

Vrijwilligersreizen zijn een groeiende markt in de reisindustrie. Afgelopen jaar boekten ruim zevenduizend Nederlanders een paar weken vrijwilligerswerk, om zo Engelse les te geven in Costa Rica, koraal te tellen in Mexico of met leeuwen te wandelen in Zambia. Zulke reizen zijn duurder dan een strandvakantie. En interessanter, zeggen veel ex-vrijwilligers.

De kwaliteit van het Nederlandse reisaanbod verschilt sterk, blijkt uit een inventarisatie door de Volkskrant en Wageningen University. Wie een verantwoorde keuze wil maken, moet zelf veel uitzoeken en controleren. Bovendien is het werk soms zwaarder dan verwacht, blijkt uit onze rondgang langs twaalf projecten in Zuid-Afrika, Zimbabwe en Zambia.

Zingen en dansen bij de Grandma's Against Poverty & Aids in township Khayelitsha bij Kaapstad, Zuid-Afrika. De oma's vangen met behulp van westerse vrijwilligers dagelijks ruim tweehonderd jonge kinderen op, zodat die niet op straat gaan rondhangen. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Wie betaalt er nou om te mogen werken?

Vraag het de 22-jarige Eline Mulder uit Kampen, die met een busje naar de oma's in Kaapstad is gebracht. Zij betaalde 2.600 euro voor acht weken vrijwilligerswerk in Zuid-Afrika, inclusief een rondreis van een week. Mulder: 'Ik wacht in Nederland op een stageplek voor mijn bachelor pedagogische wetenschappen. Hier kan ik alvast ervaring opdoen.' Ze helpt 's ochtends in een weeshuis en 's middags is ze bij de opvangoma's. De Overijsselse blondine vindt haar werk nuttig. 'In het weeshuis leer ik een meisje van 2 jaar lopen. Hoog tijd!'

Of vraag het de 24-jarige Zoë Phillips uit het Engelse Cambridge, die voor 2.000 euro drie weken lang jonge leeuwen uitlaat in Livingstone, Zambia. Staand tussen drie flinke leeuwen, met een stok in haar hand: 'Kijk dan, hoe gelukkig die dieren zijn.'

Of vraag het de 21-jarige ergotherapiestudent Yana van Camp uit Antwerpen. Ze spaarde 5.000 euro bij elkaar met schoonmaken en loopt nu twaalf weken stage op een basisschool in Zimbabwe. Opgewekt zingt Yana een kinderliedje in de Ndebele-taal, vol tongbrekende klikgeluiden. 'Mijn opleiding is nogal theoretisch. Hier kan ik echt voor de klas staan.'

(Te) veel verantwoordelijkheid

Als het goed is, spelen vrijwilligers en stagiairs slechts een ondersteunende rol in weeshuizen, op scholen, bij de thuiszorg of in natuurparken. Ze zijn immers zelden gekwalificeerd om les te geven of een muur te metselen. Voor de jonge kinderen in de kinderopvang is het ook niet goed afhankelijk te zijn van wisselende gezichten. Daarom zijn er richtlijnen ontwikkeld. Maar in de praktijk, zo blijkt, krijgen vrijwilligers toch soms meer verantwoordelijkheid. Omdat de leraar al een week dronken is of niemand anders die pleister plakt.

Neem de 18-jarige Sarah uit Luik. Ze heeft deze ochtend met haar klas gevoetbald in Livingstone en pakt nu, glimmend van het zweet, een stapeltje houten letters. 'Waar de juf is? Geen idee, ik improviseer maar wat.' Tegen haar overvolle klas: 'Quiet please. Class time! This is the O of octopus. An animal that lives in the sea!' Een paar kilometer verderop loopt de 25-jarige verpleegkundige Annet de Haan door een armoedige wijk van Livingstone. De Amersfoortse nam tien weken onbetaald verlof om huisbezoeken af te leggen in Zambia. Hier verwijst ze een hartpatiënt naar het ziekenhuis, daar controleert ze of een patiënt haar medicijnen wel inneemt. Tegen een moeder van een verlamd jongetje zegt ze: 'Ik kan wel zijn wonden schoonmaken. Is dat goed?' Het 9-jarige jongetje schuurt zijn knieën dagelijks kapot over de grond. De Haan trekt latexhandschoenen uit haar rugzak, plus gaasjes en een fles desinfecterend spul. Dat is eigenlijk in strijd met de richtlijnen voor vrijwilligerswerk, maar zij is een gediplomeerd verpleegkundige.

En dit is nog maar het vriendelijke Livingstone in Zambia. In de Zuid-Afrikaanse township Kwanaxolo betekent huisbezoek bij straatarme patiënten: langs dronken mannen lopen die rondhangen bij getraliede bars en bij de varkens die scharrelen in bergen vuilnis. Gelukkig is er begeleiding van een paar stevige dames van de thuiszorg. 'Ik draag je tas, anders ben je die meteen kwijt', zegt Thembeka Klaasen van het Emmanuel Care & Advice Centre. Ze omhelst patiënt Graham, die in zijn gammele rolstoel maandelijks naar het ziekenhuis moet: dertig kilometer duwen wegens geldgebrek. Een paar straatjes verderop ligt een geestelijk en lichamelijk gehandicapte vrouw op de grond in een hutje. 'We wassen haar af en toe, en verschonen haar luier.'

Emmanuel Care & Advice Centre-medewerker verleent hulp. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Goed voor je ontwikkeling

Is dat nou een geslaagde vakantie? Zeker!, zeggen de meeste vrijwilligers. Ze zien meer van het land, stellen zij, en ze doen wat nuttigs. Plus, heel belangrijk: het is goed voor de eigen ontwikkeling. 'Ik krijg veel jongeren die voor het eerst lang van huis zijn en voor het eerst Afrika zien', zegt Rachel Greenwood, businessmanager bij de grote reisaanbieder African Impact. De 46-jarige Schotse werkt in Livingstone en voelt zich vaak een moeder voor de vrijwilligers. 'Ze huilen op hun eerste dag, door vermoeidheid en alle nieuwe indrukken. En ze huilen op de laatste dag, als ze hun nieuwe vrienden vaarwel moeten zeggen.' Veel vrijwilligers keren volgens Greenwood terug met meer zelfvertrouwen, meer besef van hun bevoorrechte leven en met nieuwe Facebookvrienden. 'Maar we krijgen soms ook probleemjongeren die door hun ouders vier weken worden gedumpt. Daar hebben we dan extra werk aan.'

In het toeristische Livingstone, naast de Victoria Falls, kun je raften, bungeejumpen, op safari gaan en er zijn voldoende bars met wifi en iced cappuccino. Op veel plekken zie je jonge westerse vrouwen aan het werk. Met kinderen op een sportveld, met wapperende haren achterin in een pick-uptruck. Vrijwilligerswerk lijkt hier op een zomerkamp. De vrijwilligers slapen - 70 procent is vrouw - bij elkaar in een hostel, met filmavonden en volleybalwedstrijden in het zwembad. Ze leren niet alleen de Afrikaanse, maar ook elkaars cultuur kennen. Het zijn backpackers, maar wel met een missie. Doordeweeks helpen ze elkaar met het voorbereiden van lessen, in het weekend maken ze uitstapjes.

Shulukazi Mayaphi ('Emmanuel') duwt aidspatiënt Graham. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Oudere vrijwilligers kiezen vaak voor een hotel, een enkeling kiest voor een homestay - bij de inwoners thuis logeren - en verzekert zich zo van een culturele onderdompeling. Dat kan bijvoorbeeld bij Mickey Melato in de Zuid-Afrikaanse township New Brighton. Ze vertelt, liggend op de witleren bank in haar bungalow, graag over haar tienerzwangerschap, de buurt en haar baan als lerares. 'Wil je de straat op? Euh, ik vraag even of deburen mee willen.' En weer draagt een 'big mamma' je tas. We drinken bier in een illegale kroeg en stuiten op een ritueel van de Sotho-stam: zwaaiend met een houten knots en ingesmeerd met rode klei roepen de jonge mannen één voor één hun familieverhaal. Trotse moeders joelen langs de kant, vaders drinken zelfgebrouwen bier.

Ziekenbezoek maakt ook veel duidelijk over een andere cultuur. 'Zo zie je de achterbuurten van Afrika en hoor je heftige verhalen', aldus Greenwood van African Impact. Wie geen verpleegkundige is, kan ook voorlichting geven, om ellende te voorkomen. In Livingstone kloppen Annet uit Amersfoort en de 19-jarige Synne uit Noorwegen aan bij een grote gevangenispoort. Samen met twee begeleiders lopen ze langs een binnenplaats waar honderden gevangenen rondhangen of een balletje trappen. In de ziekenboeg wachten gedetineerden op hun verplichte hiv-preventieles.

'Wie weet waar de letters hiv voor staan', vraagt Annet. De mannen kijken met open mond naar de jonge vrouwen uit Noord-Europa. Synne houdt een zelfgemaakte poster omhoog over de verspreiding van het virus. 'Bloed, sperma, vaginaal vocht en moedermelk', staat er in vrolijke letters. 'Je kunt besmet raken door alle vormen van seks: oraal, anaal en normaal.' De mannen beginnen te schuifelen op hun stoelen. Synne verzekert: 'Maar niet door praten, niezen of zoenen'. Eén man vraagt: 'En wat als ik een wondje heb in mijn mond?'

Bij lerares Mickey Melato in township New Brighton kunnen vrijwilligers betaald logeren; zo'n homestay biedt een 'culturele onderdompeling'. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Heeft vrijwilligerswerk nut?

Alle aanbieders van vrijwilligersvakanties, de ontvangers en de deskundigen zijn het erover eens: je kunt je geld beter direct overmaken aan een plaatselijke hulporganisatie. Dan blijft er minder hangen bij een westerse bemiddelaar en kan ter plaatse iemand worden opgeleid en ingehuurd voor langere tijd. Maar goed, vrijwilligers willen graag zelf aan de slag en een buitenlandse ervaring opdoen. Daarom zeggen schoolhoofden, verpleegkundigen en natuurbeschermers diplomatiek: het is beter dan niks. Oma Zodwa van de kinderopvang in Khayelitsha: 'Het maakt niet uit of de vrijwilligers vaardigheden hebben. Als ze maar energie hebben en een groot hart.' Zonder de bussen vol vrijwilligers, stelt zij, zouden de oma's nooit dagelijks tweehonderd kinderen kunnen bezighouden. Bovendien brengen veel vrijwilligers extra geld mee. Thembeka van de thuiszorg in Kwanaxolo: 'We zaten laatst weer in het donker en toen betaalde een vrijwilligster spontaan de energierekening!' Een hoge ambtenaar, verantwoordelijk voor bijna vijftig scholen rond Livingstone: 'Ik beschouw African Impact inmiddels als een extra afdeling van het ministerie van Onderwijs.

Een vrijwilligershuis in Livingstone, Zambia. Backpackers ontspannen samen. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Een kritischer geluid komt van Paul Miedema van hulporganisatie Calabash in het Zuid-Afrikaanse Port Elizabeth. 'Ik geloof dat ieder weeskind in Zuid-Afrika inmiddels Old MacDonald kan meezingen, maar waar is al dat zingen en knuffelen goed voor?'

Miedema vindt veel vrijwilligerswerk een verspilling van tijd en geld. Zelf zoekt hij ervaren vrijwilligers met verstand van zaken. 'Daar hebben patiënten en scholieren toch meer aan!'

Calabash is populair bij gepensioneerde leraren en verpleegkundigen. Zoals zestiger Maggie uit Engeland, die op de lagere school haar hand op schouders legt en met een rode pen schriftjes corrigeert. Of de 70-jarige Bob Powell, die ooit het talencentrum leidde van de University of Warwick. 'Ik heb de lesstof aangepast, met meer nadruk op het spreken van Engels.'

Tijdens een lerarenvergadering op de kamer van het schoolhoofd blijkt de meerwaarde van ervaren vrijwilligers. Ze leggen hun Afrikaanse collega's uit hoe ze dyslexie kunnen herkennen en organiseren een workshop voor ouders die hun kinderen willen helpen met huiswerk. Powell: 'We gaan die ouders een beetje Welsh leren, dan voelen ze hoe het is om een nieuwe taal te leren.' Het schoolhoofd na afloop: 'De vrijwilligers leren mijn scholieren veel en mijn leraren ook. Alle schoolhoofden zijn jaloers op mij.'

Ervaren vrijwilligers zijn echter schaars. En hebben vaak geen zin hun deskundigheid te gebruiken. Neem Katarine Utterström (49) uit Stockholm. Ze leert peuters het alfabet in een container in de armoedige wijk Red Hill bij Kaapstad. 'Ik ben management consultant in de financiële sector. Het zou slim zijn een project te zoeken op dat gebied. Maar tijdens mijn verlof doe ik liever iets anders.'

Vrijwilligerswerk is een compromis tussen egoïstische en altruïstische motieven, stelt directeur Steve Gwenin van de Britse vrijwilligersorganisatie GVI. 'Daar is niks op tegen.' Vanuit zijn kantoortje in Kaapstad werft hij vrijwilligers voor projecten over heel de wereld. Vaardigheden vindt hij niet altijd noodzakelijk. 'Als je een schooltje wilt bouwen, hebben we altijd wel een plekje bij de cementmixer.'

Maar niet voor alle projecten kan hij genoeg mensen vinden. 'Projecten met kinderen zitten altijd snel vol, net als natuurprojecten met grote zoogdieren. Een onderzoek naar wormen in Bolivia leverde nul reacties op.'

Zijn populairste activiteit ligt om de hoek: surfles geven aan kinderen uit een township. 'Zo'n les is een beloning voor scholieren die hun best doen. Ook vrijwilligers vinden het geweldig.'

Na het vrijwilligerswerk is het goed gin-tonics drinken bij zonsondergang, aan de oever van de Zambezi-rivier. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Is vrijwilligerswerk schadelijk?

De aanbieders van werkvakanties zijn geschrokken van recente schandalen in de sector. Zoals in Cambodja, waar kinderen bij hun ouders werden weggehaald om in nepweeshuizen te gaan voetballen met betalende toeristen. Op congressen is de anekdote populair van mopperende vrijwilligers die muurtjes moesten metselen, terwijl plaatselijke bouwvakkers lui rondhingen. Wat bleek: de metselaars waren zo vermoeid omdat ze telkens na zonsondergang het amateuristische metselwerk weer afbraken, zodat ze de muren fatsoenlijk konden neerzetten. Op internet mopperen ex-vrijwilligers regelmatig over een gebrek aan begeleiding en voorbereiding.

Om die reden volgen Nederlandse aanbieders internationale richtlijnen, vooral over de omgang met jonge kinderen. Er bestaat in Nederland inmiddels ook een initiatief om te komen tot een keurmerk: IFO Fairtravelers.

Uit onze rondgang door zuidelijk Afrika blijkt dat de betere reisaanbieders garant staan voor een intensieve begeleiding. African Impact, GVI en Calabash sturen dagelijks een staflid mee op pad. Die treedt dan op als chauffeur, tolk, raadgever en bewaker. Hij brengt zijn groepje van deur tot deur en blijft wachten bij een project. Als een vrijwilliger toch alleen voor een klas belandt, helpt de begeleider met vertalen en haalt bij rumoer in de klas desnoods het schoolhoofd erbij om de orde te herstellen. Bij projecten met kinderen zijn de regels streng. Eline in Kaapstad: 'In het weeshuis mag ik zelf geen luiers vervangen. Ik breng een kind naar een van de vaste verzorgers.' De directrice van een naschoolse opvang: 'Er is altijd wel een kind dat erg hangt aan één vrijwilliger. We letten erop dat niemand een speciale band opbouwt met één kind, buitenlanders zijn te snel weer weg.'

Die noodzakelijke begeleiding heeft als onbedoeld gevolg dat het organiseren van vrijwilligerswerk op afgelegen locaties moeilijker wordt. Hulporganisaties droppen soms een solitaire hulpverlener in een uithoek, maar alleen na een langdurige training. Normaal reizen vrijwilligers in groepen per busje en hebben ze een tolk nodig. Daarom moppert de onderwijsambtenaar in Livingstone: 'Hier zijn veel vrijwilligers. Daar ben ik dankbaar voor. Maar ik ben ook verantwoordelijk voor het district Kazangula verderop. Daar staat een school met tweeduizend leerlingen en maar twee leraren. De resultaten zijn dus slecht. Maar daar zijn geen vrijwilligers voor te vinden, ze vinden het te ver.'

Winkel in New Brighton, een township bij Port Elizabeth, Zuid-Afrika. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Dieren zijn populair

Naast kinderen, zieken en gebrekkigen, zijn dieren populair. Zoals wandelen met leeuwen (zie boven), koraal tellen of cameravallen ophangen om tijgers te inventariseren. 'We tellen vanochtend sporen van grote roofdieren', zegt de 28-jarige Brilliant Chibura terwijl hij uit zijn jeep stapt in Zambezi National Park. Hij inventariseert op vaste dagen pootafdrukken op een zandweggetje in het natuurpark. 'Een leeuw heeft een andere pootafdruk dan een luipaard, kijk: met een uitstulping aan de zijkant. En dit is duidelijk de voorpoot van een hyena, de middelste tenen zitten naast elkaar.' En zo gaat het 5 kilometer lang, turend naar de grond, terwijl links en rechts zebra's en giraffen schichtig omkijken. De resultaten, met gps-coördinaten, levert Chibura maandelijks in bij de parkbeheerder. De overheid heeft voor dit veldwerk geen geld. Vrijwilligersorganisatie Lion Encounter telt ook vogels langs de Zambezi-oever, en grote zoogdieren. Dat gebeurt hobbelend in een terreinwagen met een verrekijker om de nek en een dierengidsje op schoot. Als de auto wegens aanhoudende stortbuien niet over de modderwegen kan worden gestuurd, heeft de Zimbabwaan nog een ander klusje. Op zijn werktafel keert hij potjes met insecten om. 'Wij doen als eersten entomologisch onderzoek in dit gebied. Spannend, hè!' En zo zitten we, terwijl de tropische regen op het dak klettert, met pincet en insectenboek namen op te noemen als Mymenoptera Apidae (Mopane-bij, 2 stuks) of Orthoptera gryllidae (bruine mier, 46 stuks).

Kinderliedjes zingen in een probleemwijk of bijenvleugels opmeten in een natuurpark, de meeste vrijwilligers gaan tevreden naar huis. Althans, bij de aanbieders die wij bezochten. In Kaapstad neemt Jody uit Australië afscheid. Een van de oma's uit het township Khayelitsha, die net nog heupwiegend Pata Pata zong, zegt op ernstige toon: 'Je hebt de kinderen veel geleerd afgelopen weken. Zonder jou konden we dit werk niet doen.'

Het onderzoek voor de artikelen over vrijwilligerswerk werd verricht door Sèrah van den Brink van Wageningen University. Voor de beste aanbieders en de zeven vragen die je moet stellen voordat je boekt, kijk je vanaf zaterdag 4 april op: volkskrant.nl/vrijwilligersreizen

Uitrusten in de pick-up bij de leeuwen in Livingstone. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Vakantie met een missie

Het is een populair én discutabel soort vrijwilligerswerk: wandelen met jonge leeuwen. De dieren zijn gefokt, zodat hun nakomelingen kunnen worden uitgezet in het wild. Het aantal leeuwen in Afrika is afgelopen decennia flink gedaald. Dagelijks lopen de dieren met oppassers door de bush, samen met vrijwilligers, stagiairs en dagjesmensen. Om hun jachtinstinct te stimuleren en, eh, de benen te strekken.

'Als een leeuw je aankijkt, kijk terug. Richt je stok op hem en zeg NEE!', is het advies voor vertrek. Leeuwen testen voortdurend je dominantie. 'Blijf staan, ga nooit rennen.' Daar gaan we, met Sekulu, Safiya en Tulu, wandelen langs de Zambezi. De beesten poedelen in de rivier, rennen achter een giraf aan en klimmen in een boom. Met paniek in de ogen klauteren ze naar beneden. Soms richten ze hun ogen op ons. 'Sta op, let op achter je', brommen de verzorgers.

Maar wat gebeurt er met de leeuwen als ze te groot zijn om te wandelen? Tegenstanders, zoals Stichting SPOTS, zeggen dat de leeuwen vaak eindigen als jachttrofee. Zij schatten het aantal knuffelleeuwen op zes- tot achtduizend en roepen toeristen op geen 'knuffelfarms' te bezoeken. Manager Daryl Black van Lion Encounter in Living-stone is het ermee eens. 'Die leeuwen worden verkocht aan jagers.' Bij hem niet: 'We laten deze zomer na tien jaar een eerste groep vrij. Een primeur voor Afrika.'

Lion Encounter heeft genoeg Afrikaanse verzorgers om leeuwen uit te laten. Ten minste vijftien vrijwilligers en stagiairs zijn nodig om de rekeningen te betalen. Net als dagjesmensen, die voor 150 euro een wandeling met fotomomenten maken. 'We moeten dat terrein gevuld houden met prooidieren, kilometers hekwerk aanleggen en oudere leeuwen blijven verzorgen en anticonceptiemiddelen geven.' Geen vetpot. 'We doen het om de tweede generatie leeuwen te kunnen vrijlaten.'

Dit jaar zal blijken of Lion Encounter, te boeken via touroperator Activity International, echt een uitzondering is.

Oudere leeuwen voeren blijkt nog geen klusje voor watjes: in een ongekoelde hut moet een dode ezel in stukken worden gehakt, en het stinkende vlees in kruiwagens opgediend. Zo'n ezelspoot van 15 kilo wordt bij de hoef over het hek geslingerd. Een kluwen darmen erbij en de leeuwen beginnen tevreden te knagen. Een vrijwilligster uit Florida: 'Moet ik dát tien weken doen? Dat wil ik niet. Ik ben vegetariër!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.