Te moe om te lezen? Waarom zelfs de conservatieveling aan het luisterboek moet

Kan het succes van het podcasts een springplank zijn voor het luisterboek? Hugo Blom is fervent boekenliefhebber en lezer. Hij wil weten of hij ook een fanatiek luisteraar kan worden. Wat houdt hem eigenlijk tegen?

Beeld Floor Rieder

Toen ik 7 werd, kreeg ik een radio cadeau. Niet op mijn verjaardag zelf, die midden in de zomer valt, maar al wat eerder. We waren net aangekomen op een camping ergens in de Vogezen. Het was bewolkt, het zou vast weer twee weken gaan regenen en mijn ouders hadden behoefte aan weersvoorspellingen. Daarom kreeg ik mijn verjaardagscadeau een weekje te vroeg, dan konden we gezellig naar de Franse météo luisteren. In mijn herinnering duurde dat weerbericht een uur of drie. Of de omstandigheden waaronder ik mijn eerste radiootje kreeg bepalend zijn geweest voor mijn luistergedrag in de 42 jaar daarna durf ik niet te zeggen, maar heel erg audiominded ben ik nooit geworden. Zelfs niet toen ik jaren later de oude buizenradio uit de erfenis van mijn oma kreeg. Leuke lampjes, daar niet van, en het venster met daarop namen van ver weg gelegen plaatsen werkte op mijn voor romantiek gevoelige cellen, maar luisteren ho maar.

Ongeveer een jaar geleden gaf ik toe aan de druk van de podcast. Zo veel enthousiasme om me heen, zo veel intrigerende verhalen, en bovendien was ik het eindeloze geouwehoer op de autoradio – ja die dus wel – ook zat. 

Ik luisteren. Echt luisteren, en zo liet ik me meeslepen in de verhalen die iedereen om mij heen al lang had gehoord. Net zoals je met goed fatsoen niet kunt zeggen dat je de series The Sopranos of Breaking Bad nooit hebt gezien, zo kun je nu eigenlijk al niet meer met Serial aankomen, het minutieus uitgeplozen verhaal over de moord op een scholier in Baltimore in 1999, waarvoor haar ex-vriendje misschien wel onterecht werd veroordeeld. Maar waarom niet? Als ik in 1986 Het fregatschip Johanna Maria moest lezen, waarvan de hype toen toch ook al een eeuw voorbij was, waarom dan niet twee jaar na dato deze podcast? 

Hoe dan ook, als luisteraar hoef je je nergens iets van aan te trekken, afgezien van de dataminers van deze wereld weet niemand wat je luistert. Na Serial volgde nog veel meer, en in een verbazingwekkend tempo joeg ik er tientallen uren audio doorheen, allengs hongeriger wordend naar meer, spannender, nieuwer, opwindender. Ik hechtte me aan vertellers, aan de soms al te zoetgevooisde Amerikanen, aan hun Nederlandse evenknieën, die gelukkig net wat meer rasp hebben, en ging kriskras door het immense aanbod heen, zonder enige richting, zonder enig doel. Ik reed in een zee vol verhalen over de A27, waarvan het oponthoud door de uitbreiding naar drie rijstroken me niet lang genoeg kon duren. Ik selecteerde documentaires en losse afleveringen op lengte, en als het niet paste, zat ik soms nog een half uur stil in een geparkeerde auto.

Nu ik dan met twee oren in de luisterwereld stond, was ik misschien wel toe aan de volgende stap: een boek. Een luisterboek. Daar werd het ingewikkeld. Ik sta nogal conservatief tegenover vernieuwingen in de wereld van het boek, misschien nog wel conservatiever dan de uitgevers, die ook maar onafzienbare rijen titels op papier blijven publiceren, tegen de klippen van de zogenaamde ontlezing op. Gelukkig maar, want niets fijner en bevredigender dan met een tasje boeken de winkel uitlopen, mezelf wijsmakend dat ik er nog veel meer had kunnen kopen en dat het een hele prestatie is dat ik dat niet gedaan heb. 

Een aantal jaren geleden deed mijn vriendin, wier huis begon te lijden onder mijn boekenspreidbeleid mij een e-reader cadeau. Een gegeven paard, u begrijpt, ik moest aan de slag. Ook hier bleek ik achteraan in de rij aan te schuiven, iedereen had al een e-reader, gevuld met honderden, zo niet duizenden al dan niet illegale boeken. 

Terzijde: drie dagen later deed ik haar een prachtige designboekenkast cadeau, omdat ik zelf ook wel gezien had dat het een beetje uit de hand aan het lopen was. Ik heb in totaal drie boeken op de e-reader gelezen, waarbij het me vooral in de weg zat dat ik niet kon voelen hoe ver ik in een boek was. Verder leek iedere pagina op de andere, miste ik de vlekjes van doodgedrukte muggen, of een druppel koffie – het was gewoon een eindeloze brij woorden op een grauw scherm en daar zit ik al vaak genoeg naar te kijken. De reader ruikt niet, knispert niet, en wanneer hij op tafel ligt weet je niet meer wat je aan het lezen bent, laat staan dat anderen daar iets over kunnen zeggen. Ik wring me altijd graag in allerlei onmogelijke bochten om te achterhalen wat andere mensen aan het lezen zijn, om zo te weten te komen wie zij zelf zijn. De e-reader maakt egalitaire lezers van ons, en misschien was dat precies de bedoeling, maar ook daar heb ik zo mijn bezwaren tegen.

Die gelden niet bij het luisteren. Bijna iedereen die zelf als kind is voorgelezen, kan de combinatie van spanning en geborgenheid die daarmee samenhangt nog oproepen. Stoppen met voorlezen wanneer ze ‘groot genoeg’ zijn is misschien ook wel de fout die we als (voor)lezende ouders allemaal gemaakt hebben, in de stellige overtuiging dat al die boekjes op de bedrand onze kinderen zo geconditioneerd hadden dat ze later niet zonder literatuur zouden kunnen. Helaas bleek dat geen enkel probleem te zijn. Ook al heb je, zoals ik, van 1996 tot 2007 drie kereltjes tussen half 7 en half 9 eindeloos voorgelezen, om over alle liedjes die ook gezongen moesten worden nog maar te zwijgen, de overgang naar een boekenloos bestaan was voor deze inmiddels voor de wet volwassen mannen geen enkel probleem. Maar ze luisteren wel de godganse dag. Naar ‘alles wat voorbijkomt’. Kan daar niet af en toe een boek tussen zitten?

Die vraag leeft gelukkig niet alleen bij mij, er wordt ook serieus werk van gemaakt.

Voor een groot deel van de audiobibliotheek geldt nog steeds dat er alleen maar netjes is voorgelezen, maar er zijn tekenen dat de wind aan het draaien is. In een recent artikel in het Britse dagblad The Guardian vertelde Rachel Mallander, directeur audio (!) van de grote internationale uitgeverij HarperCollins dat in principe voor ieder verhalend boek dat uitgegeven wordt ook een audiovariant wordt bedacht. Mallander, die twintig jaar lang voor BBC Radio werkte, heeft het over een ‘total audio policy’. HarperCollins is niet de enige. Zo bracht Audible (Amazon) al de serie Bard, Jali, Skald uit, genoemd naar drie archetypische vertellers uit drie oude culturen, waarvoor per verteller zes auteurs werd gevraagd een kort verhaal te schrijven, met in het achterhoofd dat de verhalen voor luisteraars bedoeld waren, niet voor lezers.

Mijn leraar klassieke talen, meneer Steenstra, Zeus hebbe zijn ziel, las ons de Ilias en de Odyssee voor, en hoewel hij daar al in klas 4 mee begon, zouden we het eind van het verhaal nooit halen. Steenstra keek na vrijwel iedere zin het lokaal in en ontwaarde daar keer op keer een gigantische lacune. Een gat in onze kennis van de oudheid die hij, geboren docent, eerst diende te vullen voordat wij überhaupt in staat zouden zijn de net voorgelezen zin te begrijpen. Terwijl wij, wanneer Steenstra het boek ter hand nam, een gemeenschappelijke zucht van verlichting hadden geslaakt. Even geen grammatica, maar gewoon een verhaal. Terwijl wat hij deed natuurlijk precies was zoals het oorspronkelijk bedoeld was: dit verhaal moest verteld worden, niet voorgelezen.

Eind 1993 was ik aanwezig bij de opnamen voor VPRO radio van het voorlezen van de roman De God Denkbaar Denkbaar de God door Willem Frederik Hermans. Hij moest veel hoesten, de opnamen zouden uiteindelijk dagen in beslag nemen. Omdat ik het boek al gelezen had, en de opnamen natuurlijk had gehoord, heb ik het uiteindelijke resultaat nooit beluisterd. Ook geen stem waarmee je in bed gaat liggen, even een stukje Denkbaar luisteren. Sindsdien is er natuurlijk van alles veranderd. Professionele (stem)acteurs spreken in, afgewisseld door sprekers met een erkend bijzonder geluid, zoals Job Cohen. 

Er is al sinds 2005 een Week van het Luisterboek, oorspronkelijk in beheer van het CPNB, maar vanaf 2017 overgenomen door Hebban, een online literatuurplatform. Kijk voor de aardigheid nog even naar de reacties onder de aankondiging van de week dit jaar. Een voorbeeld: ‘Ik heb kortgeleden ontdekt dat dit tijdens het strijken heerlijk is. Straks ga ik het nog fijn vinden om te strijken.’ Literatuur als smeermiddel voor de dagelijkse corvee. Dat is precies de reden dat luisteren als activiteit zo enorm wint aan populariteit. ‘Je kunt er van alles naast doen.’ De moderne mens wil wel graag multitasken, waaronder we verstaan dat we onze veters dichtknopen, terwijl we de billen van onze 3-jarige peuters afvegen, een broodtrommel in een tasje doen én de laatste hand leggen aan een proefschrift, maar in de praktijk zijn we unitaskers: we doen alles zo snel mogelijk achter elkaar, nooit tegelijkertijd. Daarom kost alles nog steeds net zo veel tijd, maar raken we van alle logistieke rekensommen in ons hoofd wel burn-out, of gewoon moe. Te moe om te lezen. Wat is er dan mooier dan een prettige stem in je oor, met dezelfde geruststellende werking die die van moeder of vader vroeger had. Ja, zo willen we het liefst inslapen, gerustgesteld, alles komt goed, morgen is er een nieuwe dag.

Luisteren kan tijdens strijken, fietsen, hardlopen, werken, met de nieuwe oortjes van Apple zou het ook tijdens seks moeten kunnen. Tenzij gesproken woord daar ook weer onderdeel van uitmaakt, en je die dingen uit je oren moet halen om hem/haar te kunnen horen. Ik weet ook niet of de stem van Job Cohen in je oren tijdens.. ach laat ook maar.

Het is trouwens niet alleen de stemkleur, maar vooral ook het tempo van de verteller dat telt, zo ontdek ik. Luisteren gaat langzamer dan zelf lezen, vooral ook doordat de voorlezer niet zoals ik de gewoonte heeft minder interessante of gewoonweg langdradige passages over te slaan of desnoods diagonaal door te steken, onderweg speurend naar een eventueel belangrijk woord. Geen schrijver is zo goed dat ieder woord evenveel gewicht of waarde heeft, in elk boek zitten pagina’s die moeiteloos geschrapt kunnen worden. Kill your darlings, roept de redacteur, maar de auteur wil van geen wijken weten. ‘Deze zin eruit, dan dondert dat hele boek om’, roept zij en beent de uitgeverij uit, rechtdoor naar het café. Het is dus aan de lezer om onderweg mottige passages uit het boek te slopen door ze niet te lezen. Een klein, maar effectief verzet tegen breedsprakigheid of geleuter. In een luisterboek is het gewoon doorbijten geblazen. Ieder woord, iedere alinea, iedere vergelijking moet en zal gehoord worden.

Het succes van podcasts is nu net dat het zo mooi past als gelijktijdige activiteit, tijdens het reizen, strijken en hardlopen. Daar horen audioverhalen op maat bij, niet een boek dat nog 7,5 uur van je vraagt terwijl je net staat uit te hijgen van je 10 kilometer.

Aan het aanbod zal het niet liggen, er is meer dan genoeg, ook in Nederland, waar je via diensten als StorytelLuisterrijk en Luisterbieb uit in totaal duizenden titels kunt kiezen, hoewel niet altijd even actueel. Maar maatwerk is er nog niet bij, en algoritmen hebben hier hun intrede nog niet gedaan, dus is het credo: zoek het maar lekker zelf uit. Net zoals je soms anderhalf uur door Netflix zit te bladeren om dan uit arren moede maar eens een avond vroeg naar bed te gaan, volkomen verdwaald in de plaatjes en praatjes, zo is de weg in luisterboekenland vinden er een van vallen en opstaan. Even een fragment luisteren kan bij de meeste apps of sites wel, maar levert tegelijk dilemma’s op. O, wat een geweldig verhaal kan ik soms al na een pagina op papier lezen denken, maar nu kan die sensatie ruw verstoord worden door een dun voorleesstemmetje met onbeholpen dictie.

Er zijn ook nog steeds veel luisterboeken die zijn ingesproken door de schrijver zelf, die ongetwijfeld het best kan beoordelen wat er staat, hoe het bedoeld is, in zijn of haar hoofd precies hoort hoe de dialoog moet klinken, maar dat is allemaal niet voldoende. We moeten het tien uur met die stem uithouden en stel je dan eens voor dat het een prachtig verhaal is, of bijzonder spannend, maar verteld door een stem als een sanibroyeur. David Sedaris verwoordde dit dilemma voor de boekenluisteraar acht jaar geleden al eens in The New Yorker: ‘Liefhebbers van audioboeken leren leven met compromissen.’ Wil je liever een geweldig boek door een mindere verteller of een matig boek door een fantastische verteller? Ja, er zijn voorbeelden van geweldig boek plus geweldige verteller, zoals er ook voetbalwedstrijden zijn waarin zeventien keer gescoord wordt.

Aan de andere kant: er komt steeds meer asfalt bij, waarop ik nog langer stil zal staan, wil ik dan mijn eigen gemopper op de file horen? Of een Odyssee, verteld en niet voorgelezen? Ja, dat wil ik. Ik zal voortaan luisteren.

Luisterboeken voor het hele gezin

Een lange rit met de kinderen op de achterbank? Wij pleiten voor het luisterboek. Wanneer je het juiste boek hebt, is dat fijn voor ouders en kind én vliegen de uren voorbij in de auto. Echt. We zetten de leukste voor je op een rij (Gouden Boekjes, Piet Polies, Kameleon).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden