Recensie Boeken

Sverdrup-Thygeson overlaadt de lezer met buitenissige feiten over insecten (drie sterren)

Hoever moet je gaan in het opdissen van weetjes over een bepaalde dier- of plantengroep? Het zijn vragen die auteurs die in boekvorm hun favoriete schepselen een beter imago willen bezorgen – om daarmee de bescherming daarvan een opkontje te geven – zich vaak zullen stellen, of zouden móéten stellen. Populairwetenschappelijke boeken over de minder voor de hand liggende levende have van de aarde lijken intussen haast een genre op zich – de in de afgelopen jaren verschenen titels over inktvissen, de levens van vissen en het verborgen leven van bomen.

Ook Terra insecta van de Noorse hoogleraar natuurbescherming en insectkundige Anne Sverdrup-Thygeson is zo’n boek, nu over insecten.

Sverdrup-Thygeson overlaadt de lezer met feiten over insecten. Vaak zijn die buitenissig: het bedwants-mannetje die in een soort SM-seks zijn paringsorgaan dwars door de lichaamswand van het vrouwtje boort, parasitoïde wespen waarvan de larven rupsen van binnenuit levend opeten. Veel van de voorbeelden zijn voor wie thuis is in de zoölogie usual suspects, en dat gaat iets vermoeien. Sverdrup-Thygesons taalgebruik is toegankelijk bedoeld, maar hier en daar geforceerd leuk: een mottenvrouwtje lokt met geur een man voor ‘wederzijdse gezelligheid’, ‘Vijftig tinten vreemd’ wanneer het gaat over vrouwtjesinsecten met meerdere sekspartners. De vertaling is secuur, en het valt te prijzen dat aan vele voorbeelden en vergelijkingen een Nederlandstalig alternatief is meegegeven – zo wordt de hoogte van een rotseiland ‘drie Rotterdamse Maastorens’, en zijn soms als voorbeeld Nederlandse (en Belgische) insectensoorten gekozen.

Niet vies of eng

Evengoed schrijft Sverdrup-Thygeson beeldend over haar eigen onderzoeksspecialisme, de kevers die dood hout opruimen. Je stelt je de krioelende keverlarven, gangen gravend onder de bast van een dode boom in het bos gemakkelijk voor, ruikt haast de muffe schimmellucht. Daarmee slaagt zij goed in het overbrengen van hoe belangrijk insecten zijn in het opruimen van allerlei dood leven, waardoor de kringloop van voedingsstoffen in het ecosysteem in stand blijft. Intrigerend is het om te lezen hoeveel alledaagse producten nog uit insecten komen: het schellak waardoor fruit in de supermarkt mooi glanst, en de rode kleurstof karmijn in Campari en aardbeienjam bijvoorbeeld.

Insecten zijn niet vies of eng, maar vervullen voor de mens talloze onmisbare ‘ecosysteemdiensten’, benadrukt Sverdrup-Thygeson. De insectenpopulaties op veel plekken hollen achteruit. Door slordig bestrijdingsmiddelengebruik, vernieling van natuur, klimaatopwarming. Omdat deze dieren essentiële draden zijn in de ‘hangmat’ voor de mens, mogen er niet meer draden losraken of wij donderen eruit, wil zij maar zeggen.

Anne Sverdrup-Thygeson: Terra insecta. Uit het Noors vertaald door Lammie Post-Oostenbrink. De Bezige Bij; 239 pagina’s; € 19,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden