Reportage Cartagena

Op zoek naar een randje alternatief in Cartagena

De Colombiaanse havenstad Cartagena is opgeknapt voor toeristen en goed bereikbaar dankzij nieuwe directe vluchten. In de buitenwijken is de stad op z’n leukst.

Een muzikant speelt vanaf de oude stadsmuur die je een prachtig uitzicht geven op de Caribische zee. Beeld Stijn Hoekstra

De Duiven op het plein van San Pedro Claver hebben vele schouders om op te landen. De schoenpoetser wacht op een nieuwe klant, de naaister trapt op het pedaal om haar machine in gang te zetten. En de verkoper van schraapijs zal achter zijn kar blijven, want hij kan goede zaken doen vandaag. Ook vandaag is het heet in Cartagena de Indias.

De ambachtslieden gaan nergens heen. Ze staan of zitten al bijna twintig jaar op het plein voor het Museo de Arte Moderno. Het stadse bestaan is hier versteend. Of preciezer nog: verijzerd. Een beetje verroest ook, geholpen door de de zilte lucht van de Caribische Zee, aan de andere kant van de oude vestingmuur. Kunstenaar Edgardo Carmona gaf de beeldengroep de naam Cotidianidad, wat zoiets betekent als ‘het leven van alledag’.

Dat leven is binnen de muren van het centro histórico niet zo alledaags meer. Het overgrote deel van de Cartageños uit de oude stad is vertrokken naar wijken die betaalbaarder zijn. En Colombiaanser. Hun huizen, met in alle kleur en luister herstelde gevels en balkons, zijn nu veelal fusionrestaurants, boetiekhotels en Airbnb-adressen.

De heren kapper in de Calle del Arzobispado waar het interieur naadloos aansluit bij de oude sferen van de stad. Beeld Stijn Hoekstra

Het aloude dilemma dient zich hier, in deze herontdekte noord-Colombiaanse stad, nadrukkelijk aan: wat jammer al die toeristen, maar ja, zelf ben je er ook een. Dat betekent extra je best doen. Dat betekent extra zoeken. Naar een koude Club Colombia gewoon uit het flesje. Naar een verse viscocktail uit een bekertje. Want de vraag in Cartagena is vooral: waar is Cartagena?

‘De toeristen zoeken hier de locals, maar die zijn er niet meer’, zegt ondernemer Analucia Lecompte. ‘De universiteit zit gelukkig nog in de oude stad. En de notaris. Maar we hebben steeds minder redenen om ernaartoe te gaan.’

Overal in de stad is de koloniale geschiedenis terug te zien, naast winkels en woningen worden de panden steeds vaker opgeknapt om er een hotel van te maken. Beeld Stijn Hoekstra

Miguel Quero

Om nog iets van ‘haar’ Cartagena te laten zien, bedacht ze SoundWalkrs, een app waarin acteurs ‘de echte verhalen’ van de stad vertellen. Daar zit uiteraard ook een echte geest bij, want die waart nog steeds rond in de oude wijk San Diego. Wie door Calle del Quero loopt heeft de stem van Miguel Quero in de oren, de Colombiaanse Scrooge die tijdens het tellen van zijn munten dodelijk werd getroffen door de deksel van de geldkist.

En dan heb je de piraten. Echte. Soundwalkend over de drie kilometer lange stadswal hoor je beruchte 16de-eeuwse piraten als Drake en Hawkins die uit waren op het geroofde zilver en goud van de Spanjaarden. Vandaar die muur dus. Je hoort ook de slaven uit Afrika, die de muur hebben moeten bouwen. Cartagena werd toen al weliswaar ‘het juweel’ van de Cariben genoemd, maar dat was vooral glimmend voor de koloniale bezetter en wat andere happy few; de stad was bij decreet van de Spaanse Kroon ook de grootste slavenhaven en -markt in de regio, een hub avant la lettre.

Waar een verhaal is, een geschiedenis, hoe gruwelijk dan ook, is het ’t drukst. Op Plaza de Bolívar, rond het grote standbeeld van El Libertador, dansen en zingen straatbands de champeta, de Afro-Colombiaanse muziek van de kuststreken. Het was de muziek van de allerarmsten, de meest onderdrukten, vaak als protest tegen de heersende klasse; nu is het een act voor voornamelijk toeristen die tegelijk de schaduw van de vele bomen meepikken. Op deze zelfde plek zijn ketters op de brandstapel beland, schuldig bevonden door de rechters van de inquisitie. Honderden andere niet-katholieken, ‘heksen’ of niet-in-de-pas-lopenden werden gemarteld in het Paleis van de Inquisitie, nu een museum aan het plein.

Dat kan de bezoeker overdenken met een koffie van Juan Valdez aan de overkant. Dan wel met een mojito bij Montesacro of een hamburger bij La Tumbamuertos. Gebruikers van de SoundWalkrs-app kunnen op korting rekenen.

Uitzicht vanaf boetiek hotel La Passion op de toeristen attractie die je tegenwoordig in de meesten steden wel terug ziet; paard en wagen. Beeld Stijn Hoekstra

Restaurants en bars doen mee, musea en toeristendubbeldekkers bieden een variant van de app aan. Volgens Lecompte vult haar product (inmiddels ook beschikbaar voor bijvoorbeeld Miami, Buenos Aires en Mexico-Stad) een leemte. ‘In Cartagena zie je veel grote groepen toeristen: met z’n allen naar een monument of een bepaalde straat. Maar de moderne reiziger wil onafhankelijk op pad. Lekker dwalen in de stad.’

Ook door andere stadsdelen dus. Dat schept ruimte. De oude stad is overvol en overvoller. Colombia, het land van wijlen Pablo Escobar, wordt weer als veilig gezien. Er meren steeds meer cruiseschepen aan en een groeiend aantal luchtvaartmaatschappijen (inclusief KLM) heeft de aanlokkelijke stad toegevoegd als bestemming.

Cartagena mag en kan nu stralen voor honderdduizenden. Nieuwe hotspot is het 18de-eeuwse Getsemaní, grenzend aan het historische centrum. Tien jaar geleden nog een wijk met straatprostitie, drugs en misdaad, en nu te duur voor de modale Cartageen. De backpackers kwamen eerst, daarna hotels met een zwembad en/of lounge op het dak. Binnenkort opent er een Four Seasons-hotel.

Toch is deze wijk minder strakgetrokken en toeristenkeurig dan de oude stad. In de Calle del Espíritu Santo kaart een groep ouderen aan een tafel op een parkeerplek, anderen zitten op hun voordeurdrempel, ze hebben zo te zien niet meer nodig dan het lichte avondbriesje. Net ver genoeg van de drukte op het Trinidadplein, dat elke dag na zonsondergang volstroomt voor dan wel een massagroepsles zumba, een salsabandje of een dance-act van een groep jongens die alle pleinen en pleintjes afgaan. Er staan karretjes met fruitshakes en arepa’s, een biertje haal je bij El Guerrero, het supermarktje op de hoek van het plein. Flesjes mogen niet op het plein; de mannen in de zaak schenken ze leeg in een plastic beker. Dat is dan 2.500 pesos, 0,75 euro. Backpackers-prijzen.

Recente vrede
Colombia, sinds eind jaren veertig het decor van bloedige burgeroorlogen en strijd tussen de drugskartels van onder meer Medellín en Cali, geldt nu grotendeels weer als veilig. Cruciaal was het vredesakkoord dat de regering en de guerrillas van de Farc (Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia) sloten in november 2016. Al staat dat akkoord weer op de tocht: neoliberaal Iván Duque, afgelopen juni gekozen tot president, vindt dat de oud-guerrillastrijders er te goed vanaf komen. Bovendien gelooft hij niet in de afgesproken landhervormingen die boeren moeten helpen van de verbouw van coca en marihuana over te stappen op gewassen die je op een gewone markt kunt kopen.

Toch, het vredesakkoord leverde de toenmalige president Juan Manuel Santos de Nobelprijs voor de Vrede op. Dat alleen al heeft het land goed gedaan. Het aantal buitenlandse bezoekers aan Colombia is omhoog geschoten: het ministerie van Handel kwam vorig jaar uit op minimaal 3,2 miljoen per jaar, ten opzichte van een decennium eerder een verdrievoudiging. Het grootste deel gaat naar de hoofdstad Bogotá, daarna volgt Cartagena. Een stad overigens die in de decennia van geweld letterlijk en figuurlijk redelijk buiten schot bleef.

Randje alternatief

Getsemaní heeft nog een randje alternatief. Dat ligt vooral aan de graffiti, met name in de inmiddels beroemde Calle de la Sierpe. Sinds een graffitifestival in 2013 vertellen de muren de verhalen over de trotse stadsbewoners, over de palmen aan het strand, over de onafhankelijkheid begin 19de eeuw. Vanzelfsprekend met de larger than life-lieveling van allemaal: ‘Gabo’, Gabriel García Márquez. Noch geboren, noch getogen, noch overleden hier, maar hij heeft een paar jaar in de stad gewoond. Dat is genoeg om de Nobelprijswinnaar te omarmen. Bovendien is Cartagena het decor voor zijn roman Liefde in tijden van cholera.

Andere toeristentrekker is Café Havana. Ze hadden ‘world famous’ alvast op de gevel gezet en hebben nog gelijk gekregen ook. Vooral omdat Hillary Clinton zich er een keer liet meeslepen door de liveband (en vermoedelijk de sterke mojitos). Zo op het oog, met al die foto’s van salsa-legendes als Compay Segundo, Ibrahim Ferrer en Celia Cruz, zou je zeggen dat deze club hier al eeuwen zit, maar nee: geopend in 2006, daarvoor zat er een oud pakhuis. Havana werd de grote aanjager van Getsemaní, ook andere clubs doken op.

De billen van Gertrudis worden gepoetst, een beeld van Fernando Botero. Beeld Stijn Hoekstra

Buitenlands eigendom

‘Je denkt: dit is allemaal goed voor een stad waarvan de helft van de mensen onder de armoedegrens leeft’, zegt Gilma España, directeur van Granitos de Paz, een stichting die families in ‘kwestbare’ stadsdelen helpt armoede, verpaupering en criminaliteit te ontstijgen. ‘Maar de meeste hotels, restaurants en clubs zijn buitenlands eigendom. Slechts een klein deel van de inkomsten druppelt door naar de Cartagenen zelf.’ En van de overheid verwacht ze al helemaal weinig. ‘In de toeristengebieden is het mooi en heb je overal beveiliging, maar elders gebeurt er weinig. Geld dat is bedoeld voor de infrastructuur verdwijnt.’

Indirect haakt Granitos de Paz een beetje aan bij de toeristenindustrie. Het idee is dat families de lading vuilnis uit hun tuin halen en de ruimte gaan gebruiken voor de verbouw van bijvoorbeeld basilicum, munt, komkommer en aubergine. Een deeltje van de oogst komt terecht in de vinaigrettes en pesto’s van een aantal luxehotels en -restaurants. Maar meer nog is het groen bedoeld voor eigen gebruik en directe verkoop. In een volgende fase laat Granitos het huis opknappen, of eventueel een nieuw huis bouwen. In de sector Rafael Nuñez, op een half uur per taxi vanaf de oude stad, zijn de afgelopen jaren bijna negenhonderd patio’s omgebouwd. De straten ogen kalm en schoon. Slechts vier blokken verder is het een stuk slechter gesteld, daar gaan veel taxichauffeurs liever niet heen.

Beeld Stijn Hoekstra

‘In veel stadsdelen hebben toeristen natuurlijk niets te zoeken, maar het zou mooi zijn als ze net iets verder komen, het toerisme mag wel wat diverser’, zegt Analucia Lecompte, bedenker van de SoundWalkrs-app. Het ligt ook aan de Cartagenen zelf. ‘Als je aan een gids vraagt hoe je bij de Bazurto-markt kan komen, zegt-ie dat die markt lelijk is en dat je maar beter wat monumenten kunt bezoeken.’

Hoe je bij de enorme markt komt: een ritje achter op een mototaxi voor pakweg 2.000 pesos. Complete chaos daar, maar gewoon doen  liever op schoenen dan op slippers. Een Uber kan ook. Een ‘lokaal’ gevoel is anders te vinden op het schiereiland Bocagrande. Niet in de Hyatt Regency of InterContinental, maar verrassend genoeg op het strand er vlak voor. Gezinnen vanuit de stad bivakkeren er. Verkopers gaan het kilometers-lange strand op en af met water, ceviche, suikerspinnen, panama-hoeden en gekookte eieren.

Dan lijkt de zoektocht alsnog te slagen. Op een scheve stoel van een strandbar. Met iets vervormde muziek over de speakers. Met zo’n panamahoed op. Of in de schaduw van een van de grote vijgenbomen, die aan de Avenida Venezuela. Want dat doe je als het zo heet is: je spreekt af onder een boom. Bij een stalletje bestel je een viscocktail in een beker. De buitenbar van La Orquidéa biedt voetbal op tv en bier. Je schreeuwt mee voor het geel, blauw en rood. Aan het eind tellen ze de lege flesjes op tafel. Hier vind je Cartagena. En hier vindt Cartagena jou.

Tips
Auteur Eric van den Berg reisde naar Cartagena met Avila Reizen. Deze Nederlandse reisoperator biedt reizen op maat aan naar Latijns-Amerika, Afrika en Azië. Zie ook avilareizen.nl. KLM vliegt rechtstreeks naar Cartagena, met tussenstop in Bogotá, tickets vanaf 833 euro.

Overnachten
Groot aanbod in alle prijs- en luxeklassen. Kijk eerst in Getsemaní, vaak kleinschaliger dan in de oude stad en Bocagrande.

App
SoundWalkrs: verhalen over de stad op je smartphone (Android en iPhone). Zie sound-walkrs.com en appstore. Een tour kost 3,99 euro.

Eten&drinken
-Malagana, Calle San Andres 45 (Carrera 10).
In dezelfde straat op nummer 40: café Stepping Stone, jongeren met een achterstand krijgen een opleiding en nieuwe kansen. Calle San Andres #30-40.
-Haute cuisine: Maria, Calle del Collegio 64, centro histórico.
-La Cevicheria, oude stad, Calle 39 #7-14.
-La Orquidéa, Avenida Venezuela, onder de grote boom aan de rand van oude stad. 

Muziek (salsa en/of champeta, in Getsemaní of centro histórico):
Café Havana (salsa), Bazurto Social Club (champeta, reggae en salsa), Quiebra Canto (salsa, met balkon), Donde Fidel (van salsa-ambassadeur Fidel Leottau).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.