Interview De gids

Onze gids deze week: Tony Chambers van Wallpaper*

Tien jaar was Tony Chambers hoofdredacteur van de Britse smaakbijbel Wallpaper*, dus hij weet genoeg moois: Nina Simone, Pablo Picasso, Irving Penn, David Bowie en Gill Sans.

Amsterdam, Tony Chambers Beeld Els Zweerink

Het is niet dat de naam Tony Chambers bij iedere hippe vogel een bel zal doen rinkelen. De naam van het tijdschrift dat hij jarenlang maakte, Wallpaper* (met steevast een asterisk in het logo), doet dat zeker wel. Dit Britse blad is sinds jaar en dag een bijbel voor mensen met smaak. Goede smaak, verantwoorde smaak, niet-aan-te-tornen intelligente smaak, op het gebied van alle mogelijke schone toegepaste kunsten, met een sterke focus op architectuur en interieur. Chambers, van origine vormgever en typograaf, klom er via een tussenstop als creative director op tot hoofdredacteur. In die functie wist hij kanonnen als Jean Nouvel, Louise Bourgeois, Zaha Hadid, Kraftwerk en Karl Lagerfeld aan te lijnen als gastredacteuren. Hij bouwde het blad uit tot een merk door onder meer stadsgidsen uit te geven, de online WallpaperSTORE* te openen en een jaarlijkse expo op de Milanese designbeurs Salone del Mobile op poten te zetten.

Vorig jaar besloot hij na tien jaar te stoppen als hoofdredacteur en een eigen bedrijf te beginnen: TC&Friends, van waaruit hij met bevriende creatieven uit de wereld van interieur, architectuur en hospitality klussen kan aannemen. ‘Wallpaper* maken was de meest fantastische baan denkbaar,’ zegt Chambers met een glas Gavi di Gavi ‘Bric Sassi’ voor zijn neus, gezeten in de schemerige huiskamer van Soho House in Amsterdam. ‘Ik blijf op afstand wel adviezen geven en het merk in de gaten houden. Maar het werd hoog tijd voor een nieuwe stap. Ik kan nu teruggaan naar mijn basis, vormgeving en typografie. Zonder restricties, zonder concessies.’

Dichter: Maria Isakova Bennett

Mijn oudere zus! Dat Isakova is ontleend aan onze Russische grootvader. We kenden hem niet zo goed, hij stierf toen we heel klein waren, hij was een intrigerend mysterie. Hij was Joods maar deed alsof hij dat niet was. Hij kwam in 1917 uit Sint Petersburg en strandde op weg naar New York in Liverpool, wat toen een bruisende haven was die een beetje aan New York deed denken. Mijn zus was jarenlang docent kunstgeschiedenis maar nu is ze eind vijftig en fulltime dichter. Wat ze voor werk maakt is lastig te omschrijven. Het is modern, het zijn feitelijk schetsen van onze jeugd, ons verleden. Ze heeft een poëziefestival georganiseerd in het kustplaatsje Aldeburgh in Suffolk, waarvoor ze 48 dichters heeft gevraagd een gedicht te maken over de kust. Ik heb speciaal daarvoor typografie ontwikkeld. Het is mijn vak, maar ik had het elf jaar niet meer gedaan. Een significant moment, en ik heb er heel veel tijd aan besteed. Bijna meditatief.

Een Santoni-schoen, ontworpen door Maurizio Cattelan.

Schoenen: Santoni

Dit Italiaanse familiebedrijf maakt fantastische schoenen. Ik draag hun sneakers, ontworpen door de Italiaanse artiest Maurizio Cattelan, een van de twee mannen achter het blad Toiletpaper. Santoni-schoenen zijn prachtig en ambachtelijk.

Art director Alexey Brodovitch. Beeld George Karger / Getty

Art director: Alexey Brodovitch

De legendarische art director van de Amerikaanse Harper’s Bazaar in de jaren dertig tot vijftig en docent aan de Pennsylvania Museum School of Industrial Art. Wat hij maakte lijkt moeiteloos en vrij, maar er zit gegarandeerd een gevecht achter met bazen die hij heeft weten te overtuigen dat zijn idee het juiste was. De creatieve vrijheid die hij kreeg heeft hij echt moeten verdienen. Daarbij was Brodovitch niet alleen een ontwerper, maar ook een leraar, een opvoeder. Art director Fabien Baron is overduidelijk schatplichtig aan hem, fotografen Irving Penn, Richard Avedon en Diane Arbus zijn leerlingen. Ik heb toen ik Wallpaper* maakte altijd gedroomd van een Wallpaper*-school, waar we onze kennis door konden geven. We hebben daar zo veel experts in alle mogelijke disciplines in huis: architectuur, design, interieur, textiel, beauty, mode, noem maar op. Een soort mini-Bauhaus. Het gros van de staf heeft een creatieve achtergrond en is bijzonder gepassioneerd. Een school om nieuwe talenten op te voeden en te voeden zou geweldig zijn. Stel je voor: een combinatie van de Royal College of Art en Wallpaper*. Het plan is er, nu moeten we het nog gaan uitvoeren.

Amsterdam, Tony Chambers Beeld Els Zweerink

Kunstvorm: Typografie

Dat is feitelijk geen kunstvorm, eerder een ontwerpdiscipline, maar het beweegt wel een beetje naar kunst toe. Het manipuleren van lettervormen vind ik het opwindendst. Het mooiste lettertype, als ik er écht een moet kiezen, vind ik de Gill Sans, in 1927 ontworpen door Eric Gill op basis van de letters die Edward Johnston, bij wie Gill studeerde, ooit maakte voor de Londense metro. Dat lettertype, London Underground, was commercieel, maar Johnston was dat niet. De Gill Sans is in een heleboel opzichten gebrekkig. Er zijn andere lettertypes die beter presteren op meer vlakken, maar er kleeft iets modernistisch én humanistisch aan de Gill Sans. En die humanistische toets is zo relevant, zeker in deze snelle tijd vol digitale communicatie.

Schilderkunst: Pablo Picasso

Mijn allergrootste held blijft Pablo Picasso. Hij deed álles, non-stop. Hij had een aan vraatzucht grenzende creatieve honger, produceerde aan de lopende band, stelde overal vragen over. Hij lijkt op niemand anders. Verder hou ik van de Vorticists en de Bloomsburygroep, in het bijzonder Vanessa Bell en Duncan Grant, die grensoverschrijdend werkten maar onderschat zijn. Ik ben ook dol op het Britse interbellum, groot Brittanië had echt een moment toen – zij het niet heel nadrukkelijk, want in Parijs gebeurde er meer – de periode waarin figuratief transformeerde naar abstract, en er vragen werden gesteld over vormen. Mijn favoriete hedendaagse kunstenaar is de Zwitsers-Amerikaanse Christian Marclay. De sleutelelementen van zijn werk, sublieme visuele en auditieve collages, zijn muziek, geluid en performance.

Architecten: Herzog & Demeuron

De Zwitserse architecten die de uitbreiding van het Tate Modern ontwierpen  inspireren me momenteel enorm. Ik heb onlangs jun geweldige Thai Kwun kunstcentrum in Hong Kong gezien – een herontwikkeling van het voormalige politiebureau en de Victoriagevangenis. Ze hebben geen kenmerkende stijl, ze doen elke nieuwe opdracht weer met een compleet frisse blik. Het vergt moed om ze in te schakelen als opdrachtgever, je komt voor een complete verrassing te staan. OMA van Rem Koolhaas vind ik ook goed, ook zij benaderen elke klus als een nieuwe. Kijk, ik neem architecten die wel uit hetzelfde vaatje blijven tappen niks kwalijk hoor, het is een vreselijk veeleisend vak. Als je een Frank Gehry bestelt krijg je een Frank Gehry. Dat is niet erg, want iedereen is dol op Gehry. Maar ik hou meer van verrassende oplossingen. Alle belangrijke gebouwen die we nu kennen waren ooit vernieuwend voor hun tijd. We moeten experimenteren en risico’s nemen, ook al gaat het soms mis –anders stoppen we met het schrijven van geschiedenis. Die uitspraak heb ik helaas niet zelf verzonnen, hij is van architect Graham Stirk, van bureau Rogers Stirk Harbour. Hun senior partner Richard Rogers – met Renzo Piano de man achter het Centre Pompidou in Parijs – heeft een grote invloed in Groot Brittanië gehad. Samen met Norman Foster ging hij in de jaren tachtig alle grenzen te buiten, zozeer dat Prins Charles ze ooit door middel van zijn bouwstichting heeft geprobeerd te stoppen omdat hij liever iets neoclassiscistisch had gewild.

Beeld Getty

Dans: The Michael Clark Company

Ik zal niet zeggen dat het de beste danser en choreograaf ter wereld is, maar hij is er sinds ik op de kunstacademie zat. Ik heb hem zo vaak gezien. Hij is belangrijk voor mijn generatie. Wat hij maakt, en met wie hij werkt is absoluut cross culture, zó relevant.

Dansers van het Michael Clark Dance Company. Beeld Robbie Jack / Getty

Fotografie: Irving Penn

Zijn beelden zijn van een sublieme schoonheid en gemaakt met een ogenschijnlijk gemak. Ze zijn adembenemend en betoverend. Maakt niet uit wat erop staat, of het nu een stilleven is of een portret, het is poëzie. Favoriet zijn de morsige stillevens met as en puin, restjes en lipstickvlekken op vorken, glazen en peuken. Revolutionair voor zijn tijd. Het definieerde een nieuwe vorm van schoonheid.

Werk van Irving Penn in Londen. Beeld Cate Gillon / Getty

Muziek: Nina Simone

Ze is er altijd geweest, in het achterste van mijn geest. Ze is van een andere generatie, voor mijn vormende jaren, maar ze blijft terugkeren. Wat mij fascineert is de combinatie van haar stem, haar houding en haar persoonlijkheid. En vooral: hoe een stem het hartzeer en de levensreis van een persoon kan uitdrukken. Simones stem snijdt door zoveel emoties als ze zingt. Ze is een echte rebel. Ik heb haar helaas nooit live gezien. Ik heb ooit een kaartje gekocht voor een optreden bij Ronnie Scotts in Londen, maar toen kwam ze niet opdagen. Dat flikte ze wel vaker, schijnt. Een kaartje kopen voor Nina Simone was als meedoen aan de loterij.

Nina Simone. Beeld Hollandse Hoogte

Leermeester: David Bowie

Door zijn muziek en zijn stijl, uiteraard. Maar alleen dat noemen zou denigrerend zijn. Ik keek huizenhoog op naar deze ster, was geobsedeerd door hem. Hij onderwees zichzelf én mij. Als hij liet vallen dat hij Jean Genet las, van Lindsay Kemp hield, naar Strawinsky luisterde of schilderijen van Schiele bestudeerde, dan deed ik dat meteen ook. Ik was een fanboy! Bowie was zo’n belezen en ontwikkelde persoon, ik hing aan zijn lippen. Ik weet nog dat ik op school zat en gefascineerd was door zijn hoofdrol in de BBC-productie van Bertold Brechts Baal, in 1982. Ik heb de Bowie/Baal-cover van de Radio Times nog uit die tijd. Ook belangrijk: door hem ben ik naar de kunstacademie gegaan.

Cover Radio Times met David Bowie als de dichter Baal uit het gelijknamige toneelstuk van Bertold Brecht Beeld Tony Chambers

Bos: Yakushima

Ik ben er kort geleden geweest, in Zuid-Japan. Een eiland met tweeduizend jaar oude bomen, die steeds dichter op elkaar staan naarmate de bergen hoger worden. Het is een fantastische plek om te aarden en weer in contact te komen met je zintuigen, te mediteren. Ik kwam er met een klein en intiem gezelschap, op uitnodiging van Jony Ive, de chief design officer van Apple, en Pierre-Alexis Dumas, de artistiek directeur van Hermès. Twee merken die totaal verschillend zijn, maar nauw samenwerken. Op de nieuwe iWatch die ze samen ontwikkelden is er ook aandacht voor gezondheid, hartslag en ademhaling – vandaar dat Japanse bos. Beide merken zijn succesvol omdat ze ieder op hun eigen manier het beste product maken dat mensen kunnen maken. Historicus Simon Schama zei in het BBC-programma Civilisations: ‘Wij zijn de kunst makende dieren’. Kunst is het enige wat ons onderscheid van andere dieren. Maar laten we zorgen dat wát we maken, en hoe, ook deugt. Minder maar beter, zoals Dieter Rams, een andere held van mij en Jony Ive, sinds de jaren zeventig bepleit.

Yakushima. Beeld John S Lander / Getty

Vervoermiddel: fiets

De fiets is een van de beste ontwerpen ooit, zowel qua uitvinding als qua ontwerp. Fietsen is gezond, efficiënt, functioneel, goed voor het milieu én elegant. 

Hotel: Villa La Coste

Het zijn 28 villa’s bij Chateau La Coste in de Provence, een kasteel met een wijngaard dat is gekocht is door een Ier, Paddy McKillen, die het verjongd heeft tot een biodynamisch wijngoed én een kunst- en architectuurparadijs. Er hangen en staan een stuk of 25 kunstwerken die hij voor die plek heeft laten maken, er zijn drie toprestaurants en het landschap is spectaculair. Daar een paar dagen doorbrengen is fantastisch.

Amsterdam, Tony Chambers Beeld Els Zweerink

Bestemming: Portugal

De familie van mijn vrouw heeft een klein huisje in het zuiden, heel bescheiden, vlakbij Loule. Ik ben ook dol op Lissabon, Comporta en Porto. Portugal lijkt gek genoeg te profiteren van de financiële crisis, er is veel bij het oude gebleven en niet vervangen door moderne massabouw. Nu ze uit de recessie komen gebeurt er van alles, vechten ze terug met nieuwe energie: Amanda Levetes nieuwe MAAT-museum in Lissabon bijvoorbeeld.

Boek: De haas met ogen van barnsteen

Het ontroerde me. Omwille van de gelijkenissen met mijn eigen familiegeschiedenis. En ook omdat het geschreven is door een keramist, een artiest. Het gaat over netsukes, kleine kunstwerkjes – we zijn de kunst makende dieren, weet je nog? We hebben ze niet nodig, het is geen voedsel, warmte of onderdak, maar we kunnen toch niet zonder. Het bok herinnerde me ook aan een andere favoriet: Bruce Chatwins roman Utz, over een verzamelaar van Meissen porselein.

Keuken: Midden-Oosten

Israëlisch en Libanees, en alles daaromheen. Ik hou ervan dat het eten, de complexe smaken en de variëteit, grensoverschrijdend zijn, zonder conflicten. Uiteindelijk zijn de mensen die elkaar in die regio naar het leven staan uit dezelfde klei getrokken. Maar van een simpele pasta cacio e pepe of van een bord rijst en bonen kan ik ook heel blij worden.

Film: The Third Man

Het boek is geweldig, het script is briljant, de regisseur is fantastisch, Orson Welles is episch: zo veel kracht in zo korte tijd. Dan die quote van hem, over goed en kwaad: ‘In Italië, in de dertig jaar onder de Borgia’s, was er oorlog, terreur, moord en bloedvergieten, maar ze hebben Michelangelo, Leonardo da Vinci en de Renaissance voortgebracht. In Zwitserland hadden ze broederliefde, vijfhonderd jaar democratie en vrede, en wat heeft dat opgeleverd? De koekkoeksklok!’ Haha! En dan te bedenken dat de koekkoeksklok eigenlijk Oostenrijks is. Daarbij: Zwitsers hebben behalve uurwerken ook fantastische typografie gemaakt. Maar die quote van Welles blijft briljant!

CV

4 september 1963 geboren in Liverpool (in het Walton Hospital waar in 1942 ook Paul McCartney het levenslicht zag)

1984 Central Saint Martins School of Art and Design, Londen, eregraad in grafisch ontwerp en typografie

1986 Ontwerper en kunstredacteur bij The Sunday Times Magazine

1997 Art director bij GQ Magazine

2003 Creative Director Wallpaper*

2007 Hoofdredacteur Wallpaper*

2017 Brand & content director Wallpaper*

2017 Oprichter TC&Friends

Tony Chambers woont samen met zijn vrouw, schrijfster Georgia Dehn en hun dochter Olive (5) in Londen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.