Ontwerper Jaime Haydon over Scandinavië, road trips door de VS en zijn favoriete vliegtuig

Sterontwerper Jaime Hayon gumt de lijntjes weg tussen kunst, design en styling. Zijn speelse en kleurrijke creaties zijn zo divers als zijn smaak: van Afrikaanse jazz tot edgy Zweedse mode.

Amsterdam, 21 februari. Jaime Hayon (1974) is een Spaanse ontwerper. Beeld Els Zweerink

‘Ontspannen?’ Jaime Hayon (1974, Madrid) zet grote ogen op. ‘Hoe bedoel je, dat ik dan niets doe?’ De Spaanse succesontwerper begrijpt het echt niet. Want werken ís ontspannen voor hem. Een culturele veelvraat is hij, ontwerper van meubels, horloges en alledaagse gebruiksvoorwerpen ( schoenen, kurkentrekkers) maar ook van interieurs van luxe hotels en hippe modewinkels.

Voor deze opdrachtgevers verzint hij ook meteen de styling voor fotoshoots en beursstands. Bovendien gumt hij de lijntjes weg tussen kunst, design en, bij gebrek aan een beter woord, styling. De pronkstukken van glas of keramiek die hij maakt voor het galeriecircuit zijn gewilde verzamelaarsobjecten. Creëren is voor hem net zo vanzelfsprekend als eten, slapen en ademhalen zelfs.

‘Wacht’, antwoordt hij met veel gevoel voor suspense op de vraag hoe hij al deze disciplines combineert. Uit zijn tas vist hij een vuistdik schetsboek. ‘Kijk, deze heb ik vandaag gemaakt’, zegt hij bij een opengeslagen bladzijde met twee geometrische gezichten, een rood en een zwart. Ze doen denken aan Azteekse beelden en Venetiaanse maskers.

‘Ik heb nog geen idee wat ik met dit idee ga doen. Het kan een decoratie worden op een vaas of een textielprint. Of een autonoom glasobject, dan moet er wat kleur bij. Misschien wordt het wel een kast. Mijn fantasie is het startpunt voor alles wat ik doe. Dit boek is alleen voor tekeningen. Dan heb ik nog een boek voor losse schetsen en nog een waarin ik tekeningen helemaal uitwerk, ook met teksten.’ Tientallen, misschien wel honderden van deze boeken heeft hij volgetekend de afgelopen vijftien jaar dat zijn Studio Hayon bestaat. ‘Ik maak de hele dag tekeningen. Ze zijn mijn geheugen.’

Zes levens tegelijk

Jaime Hayon is een van de meest gevraagde ontwerpers van dit moment. Hij leidt zes levens tegelijk, zegt hij zelf. Een daarvan is in Valencia, waar hij woont met zijn vrouw, de Nederlandse fotograaf Nienke Klunder, en hun twee kinderen. De andere levens zijn versnipperd over de wereld, in zijn studio’s in Londen en Trevisio, Italië of over de tentoonstellingen in zes Amerikaanse musea, in galeries in Taipei en Hongkong en een grote solo-expositie in Madrid. ‘My life is crazy, man’, zegt hij in zijn spanglish, dat aanstekelijke Engels met Spaans staccato en een Amerikaanse knauw. Dat laatste accent is een restant van zijn tijd aan een highschool in San Diego, Californië. Daar ligt ook de kiem van zijn creatieve succes. ‘Ik skate veel en werd meegezogen in deze subcultuur met zijn eigen beeldtaal en mode.’

Amsterdam, 21 februari. Jaime Hayon (1974) is een Spaanse ontwerper. Beeld Els Zweerink

Na een studie industrieel ontwerp in Madrid en later Parijs gaat Hayon in 1997 aan de slag bij Fabrica, de creatieve denktank van het Italiaanse modemerk Benetton dat onder meer het spraakmakende magazine Colors publiceert. Een jaar later is hij directeur; hij is dan 23 jaar. Bij Benetton werkt hij nauw samen met fotograaf en reclamegoeroe Oliviero Toscani, bekend van spraakmakende reclames met aidspatiënten, copulerende paarden of de bebloede kleding van een Bosnisch oorlogsslachtoffer. ‘We maakten films, fotodocumentaires, illustraties, productontwerpen. Het was fantastisch. Maar gaandeweg werd ik steeds meer manager en steeds minder ontwerper. Daarom ben ik na vier jaar vertrokken om mijn eigen ontwerpstudio te beginnen.’

Hayon is de ontwerper die fun terugbracht in functionaliteit. Zijn eerste museale solo-expositie, in het Groninger Museum in 2013, heette niet voor niets Funtastico. Voor de poster liet hij zich fotograferen als een schaakstuk in een zelfgemaakt paardenkostuum op een hobbelpaard.

Zijn grootste successen viert hij momenteel als meubelontwerper. Ingetogen Deense interieurlabels als &Tradition en Fritz Hansen voorziet hij van leven in de brouwerij met zwierige tafels en voluptueuze lampen. Bij de avontuurlijke stoelenfabrikant Magis slaat hij met neo-Barok juist een brug naar het verleden. Zijn laatste wapenfeit: de lancering van modemerk Jijibaba met collega-productontwerper Jasper Morrison.

Amsterdam, 21 februari. Jaime Hayon (1974) is een Spaanse ontwerper. Beeld Els Zweerink

‘Jasper en ik hebben allebei een uitgesproken stijl. Waarom zou je dat niet kunnen vertalen naar mode?’ Inderdaad gaan de kleurrijke en expressieve prints van Hayon uitstekend samen met de ingetogen snit en subtiele materiaalkeuze van Morrison. ‘We bestaan nog geen jaar en nu al wordt de kleding verkocht in Doverstreet Market, hét trendy warenhuis van London.’

Wat hij ook doet, het is altijd een uitvergroting van zijn persoonlijkheid. Hoe hij praat en beweegt is even flamboyant en vol vuur als zijn kleurrijke en speelse creaties. Wat je er verder ook van vindt – niet iedereen zal zich aangetrokken voelen tot Hayons visuele overdaad – zijn design is volstrekt origineel. ‘Ik wil wat fantasie en surrealisme aan de wereld geven. Het zijn grimmige tijden, man. Mensen hebben verhalen nodig, nu meer dan ooit.’

Amsterdam, 21 februari. Jaime Hayon (1974) is een Spaanse ontwerper. Beeld Els Zweerink

1. Muziek: The Touré-Raichel Collective – The Tel Aviv Session

‘Ik luister de hele dag muziek, van alles door elkaar ook. Punkrock in de ochtend. Jazz voor de chill-out. Flamenco natuurlijk. Ik houd het meest van instrumentale muziek, dat leidt minder af.’

Ter illustratie scrollt hij door een eindeloze verzameling van albums en afspeellijsten op Spotify. ‘Dit is mijn huidige favoriet. Het is een interessante mix van Afrikaanse jazz en pop. Heel melodisch en sfeervol. Ik vind het prettig als artiesten de grenzen van een genre of discipline opzoeken.’

Verder scrollend: ‘Deze is ook te gek. Dat is Mumford & Sons, een soort country- en folkband, met de Afrikaanse muzikant Baaba Maal. Het is een live-opname in Johannesburg. Ik houd van livemuziek, omdat je weet dat het precies zo klinkt als de muzikanten het hebben gespeeld.’

2. Kunstenaar: Ugo Rondinone

‘Er zijn veel kunstenaars die mij inspireren. Olafur Eliasson natuurlijk, omdat hij magie creëert. Ai Wei Wei omdat hij echt tegen je spreekt.

‘ Momenteel ben ik gegrepen door Ugo Rondinone uit Zwitserland. Hij maakt heel verschillende werken: schilderijen, beeldhouwwerken, installaties en ook grote werken in de publieke ruimte. Maar het is altijd grafisch en sprekend. Hii heeft bijvoorbeeld ­levensechte clownspoppen gemaakt, die droevig tegen de museummuur leunen in een paarse en roze zaal. Of grote billboards in de stad met teksten over liefde. Rondinone neemt je mee naar een andere, zelfgeschapen wereld. Waar ik níét van houd, is conceptuele kunst, waarbij ik eerst drie boeken moet lezen voordat ik begrijp wat ik zie.’

Beeld Hollandse Hoogte

3. Mode: Acne

‘Ik droeg altijd het liefste Comme des Garçons, heel verfijnd en toch draagbaar. Maar het meest interessante modemerk is nu Acne. Ik vind hun kleding geweldig, ik draag het graag’, zegt Hayon, zachtjes trekkend aan zijn ragfijne zwarte sweater. ‘Maar ik vind de identiteit die ze hebben opgebouwd ook spannend. Hoe de winkels eruit zien, welke reclamefoto’s ze gebruiken, de grafische vormgeving van logo’s en huisstijl.

‘Acne is niet voor niets ooit begonnen als een creatief platform voor grafisch ontwerp en film. Daarna pas kwam de mode. Nog steeds ontwerpen ze naast kleding, ook meubels en beelden.

‘Alles is edgy en toch consistent, wat extreem belangrijk is voor een modemerk, want het is zo’n vluchtige industrie. Interessant is ook dat ze uit Scandinavië komen. Op het gebied van consumentenmode gebeurt het nu daar, niet in Parijs.’

Beeld Getty

4. Land: Zweden en Denemarken

‘Zweden en Denemarken zijn dominant in de populaire cultuur, zoals mode, fotografie, design, film, architectuur, media. Maar niet op een opdringerige manier. Ze hebben er een fantastische mix van local en global. Die slaat wereldwijd aan, maar is heel eigen.

‘Als je in Kopenhagen of Stockholm bent, zie je ook alleen maar jonge mensen die ondernemend, open en geïnteresseerd zijn. Iedereen reist en is verzorgd gekleed, met een gezonde levensstijl. De kwaliteit van leven is krankzinnig hoog daar. Mensen zorgen goed voor elkaar. Als ik bij een van mijn Deense opdrachtgevers ben, dan zit tijdens de lunch iedereen bij elkaar. Er staan tafels vol salades met couscous en verse sappen.

‘Ik vind dat inspirerend, het is heel anders dan in Spanje in elk geval. Daar is het gezellig met drank in een café maar als er gewerkt moet worden is alles opeens moeilijk. Werknemers worden als stront behandeld, er wordt niet betaald.’

Aerial view of Stockholm Beeld Getty

5. Fotografie: Pieter Hugo

‘De kracht van fotografie vind ik als het wordt gebruikt om een andere wereld te scheppen, niet om de realiteit af te beelden. Het klinkt misschien gek maar daarom vind ik de Zuid-Afrikaanse fotograaf Pieter Hugo interessant. Hij fotografeert de fucked up mensen en situaties op zijn continent. Aan de ene kant is het verontrustend en confronterend maar het is ook stijlvol. Alsof hij het ook maar heeft verzonnen. Zijn serie over albino’s is fascinerend. Maar als ik eerlijk moet zijn, fotografie is niet zo interessant meer. De meest creatieve foto’s zie ik tegenwoordig op Instagram.’

Beeld Hollandse Hoogte

6. Reclame: Oliviero Toscani

‘In mijn tijd bij Fabrica heb veel samengewerkt met Oliviero Toscani. Hij was moeilijk om mee te werken maar ook een vat vol ideeën. Heel direct, net als zijn foto’s. Hij heeft zo veel spraakmakende reclamecampagnes gemaakt.

‘Mijn favoriet is die voor het Italiaanse jeansmerk Jesus. Toscani had een foto gemaakt van een vrouwenkont in een strak spijkerbroekje. Heel sexy. Daar stond bij: ‘Als je mij leuk vindt, volg mij.’ En daar stond dus Jesus onder. Billen en de benen vormden ook nog eens een kruis. Het was hilarisch maar ook schokkend.’

7. Reizen: Verenigde Staten

‘Een roadtrip is voor mij de ultieme vakantie. Geen vooropgezet plan, geen route­kaart, geen verwachtingen, ultieme vrijheid. Alleen een motor, een schetsboek en een mp3- speler. Eten als je honger hebt, slapen als je moe bent. Ik heb er twee gedaan door de VS. Een door de zuidelijke staten als Mississippi en Louisiana. Dan kom je echt in rare afgelegen plekken terecht, met zonderlinge mensen. New Orleans was geweldig. Maar ik vond mijn reis door Los Angeles en Arizona toch indrukwekkender, vanwege het lege woeste landschap waarin de mens afwezig is. Geen gebouwen, geen lawaai, zelfs geen vliegtuigsporen in de lucht.’

8. Tijdschrift: Business Traveller

‘Ik houd van tijdschriften die één onderwerp helemaal uitpluizen. In Spanje lees ik altijd Tapas, een magazine dat over eten gaat. Maar op een interessante manier. Wat at Picasso? Of welke gerechten worden in bepaalde Hollywoodfilms geserveerd? Ik lees ook vaak Business Traveller, een tijdschrift voor frequent flyers. Waar kun je het beste eten op het vliegveld van Tokio? Welke nieuwe toestellen vliegen er tussen New York en Londen? En zit de A350 van Cathay Pacific beter dan die van Emirates?’

9. Transportmiddel: Singapore Airlines (Businessclass)

‘Ik vlieg krankzinnig veel. Bij Singapore Airlines voel ik mij door de fantastische service echt welkom. De toestellen zijn ook van buiten altijd mooi glimmend gepoetst. Dat klinkt stom maar ik kan dat echt waarderen, die aandacht. Ze hebben heerlijke thee en voortreffelijke snacks. Ik kan mijn mails bijwerken en aan boord al geld wisselen als ik naar Tokio of Jakarta ga. Maar het fijnste aan vliegen is dat ik urenlang ongestoord kan tekenen.’

10. Stad: Valencia

‘Valencia is de beste stad van Spanje. Ik zou er eigenlijk niet over moeten beginnen. Straks komt iedereen hier naartoe in plaats van naar Barcelona. Daar heb ik ook jarenlang gewoond, maar dat zou ik nu niet meer kunnen. Te druk. Het fijne aan Valencia is dat het kalm en relaxed is maar tegelijkertijd alles heeft. Het is heel mediterraan, met goed eten, muziek, prachtige oude en nieuwe architectuur. En net genoeg chaos om het leuk te houden. Napels vind ik ook fantastisch. Dat zijn steden die nog echt zijn.’

11. Stad: Bangkok

‘Bangkok, dat is iets heel anders. Wat een chaos! I love it, man! Nergens vind je zulke rare winkeltjes en kraampjes. Overal gebeurt er wel wat, er is kitscherige muziek, er zijn gekleurde lampjes. De afgelopen tien jaar is Bangkok ook een moderne wereldstad geworden, met peperdure hotels en hippe galeries. En natuurlijk Thai food. Eten is tenslotte dé manier om een andere cultuur te ontdekken. Ik houd ook heel erg van Singapore, dat juist heel georganiseerd en overzichtelijk is. Daar kan ik tenminste mijn weg vinden. En je vindt er de beste fushion keuken ter wereld. Indiase curry’s met een Thaise twist en Chinese gerechten.’

Beeld Getty

12. Ontwerpers: Ronan & Erwan Bouroullec

‘We leven in een gouden tijd voor design. Er zijn zoveel goede ontwerpers, vergelijkbaar met de jaren vijftig, met de generatie van Ray en Charles Eames, Eero ­Saarinen en Arne Jacobsen. Nu zijn dat Jasper Morrison, met zijn herkenbare minimalisme, Konstantin Grcic, met zijn industriële precisie, Patrica Urquiola die altijd bruist. Maar de koningen van het design zijn voor mij Ronan en Erwan Bouroullec. Deze Franse broers zijn zo stijlvol en geraffineerd, hun kleuren zo uitgebalanceerd, hun afwerking zo perfect. Het is functioneel maar decoratief. Ik denk dat zij in één adem genoemd gaan worden met Eames en al die anderen.’

Beeld Hollandse Hoogte
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.