Boekrecensie Drie uur

Ondanks de solo-exercitie is Drie uur toch een echte Roslund & Hellström (vier sterren)

Roslund schreef een nieuw geslaagd deel van de Ewert Grens-serie.

Beeld Max Kisman

Acht jaar geleden sprak een jongen met een schrijfblok en een haperende voicerecorder in Hotel Ambassade in Amsterdam met twee Zweedse schrijvers die net een thriller hadden geschreven met een belangrijke bijrol voor de gangenstelsels onder Stockholm, gangenstelsels waar behalve talloze ratten ook honderden mensen leefden. Het interview was voor 8weekly, een culturele website met een redactie die ongeveer even omvangrijk was als het lezerspubliek. Roslund was de spichtige, praatgrage van de twee, Hellström de grote, zwijgzame. Dat Roslund & Hellström, die op dat moment al miljoenen boeken verkochten van hun Ewert Grens-serie, uitgebreid de tijd namen om een kaart van ondergronds Stockholm te schetsen; daar was ik destijds diep van onder de indruk.

Die gangenstelsels keren terug in het openingsdeel van Drie uur, het nieuwste boek van Roslund. Zonder Hellström dit keer, een beslissing die de twee al namen vóór die laatste ziek werd, zoals te lezen valt in het nawoord. Roslund ging solo voort op de ooit samen ingeslagen weg, door niet alleen een nieuw verhaal te schrijven over Ewert Grens, de driftige, om zijn echtgenote rouwende politie-inspecteur die elk boek nieuwe fysieke moeilijkheden te overwinnen heeft en vaker op het bureau slaapt dan in zijn eigen bed, maar ook Piet Hoffmann te laten terugkeren.

Anders Roslund: Drie uur

De Geus; 432 pagina’; € 21,99.

Vier sterren

Hoffmann was al twee keer eerder van de partij: in Drie seconden infiltreerde hij namens de Zweedse politie in de Poolse maffia en in Drie minuten dook hij op in de Colombiaanse jungle, als een soort dubbelspion in Escobareske drugskartels. Drie seconden was een krankzinnig spannend, slaap-voor-verliezend boek, een hedendaagse variant op Forsyths Dag van de jakhals. Drie minuten was bijna even opwindend, maar in die laatste samenwerking bakten Roslund & Hellström ze wel erg bruin: moordende kindsoldaten, een ontvoerde Amerikaanse politicus en  een inspecteur van middelbare leeftijd die zwetend en scheldend door de jungle ploeterde.

Drie uur is weer ouderwets. Ook zonder zijn kompaan slaagt Roslund erin een opvallend geloofwaardig beeld te schetsen van een milieu waarin ethiek een overdreven luxe is en misdaad niet alleen loont, maar ook min of meer de enige voor de hand liggende keuze is.

Het verhaal begint met een dode in een mortuarium. Dat wil zeggen, een dode die niet in het mortuarium hoort te liggen. Een Afrikaanse man van wie niemand weet wie hij is, waar hij precies vandaan komt en vooral: hoe hij in godsnaam in een Zweeds mortuarium is beland. En zoals meestal in de onderzoeken waar Ewert Grens zich mee bemoeit, ligt de oplossing niet naast de deur of voor de hand. Niks geen landhuismoorden met een gegriefde butler of een vuurgevaarlijke schoonmoeder, of een lekkere crime passionel. Nee, geef Grens een dode en hij heeft binnen een bladzij of veertig een beerput aan grove misstanden, corrupte collega’s en grensoverschrijdende criminaliteit opengetrokken.

Nu zit hij alweer binnen no time in een vliegtuig naar Niger, om zijn oude vriend Piet Hoffmann op te zoeken die inmiddels namens de VN voedselkonvooien bewaakt die voortdurend door mensensmokkelorganisaties worden aangevallen, met als doel de noden zó hoog te laten oplopen dat nóg meer mensen in hun brakke bootjes worden gedreven. Het moge duidelijk zijn: Drie uur speelt zich af tegen de achtergrond van de vluchtelingenproblematiek. Roslund legt uit wat de machinaties zijn achter de overvolle rubberboten die je op tv op zee ziet dobberen. Hij dropt zijn favoriete (en ietwat gezichtsloze) infiltrant in de in-cynische wereld van ondernemers in mensenlevens en valse hoop, een wereld waarin lastige passagiers overboord kieperen bedrijfspolicy is en waarin de bron van alle kwaad, zoals wel vaker, dichterbij is dan je op het eerste gezicht denkt.

Ondanks de solo-exercitie is Drie uur toch een echte Roslund & Hellström. Net als in de vorige Piet Hoffmann-delen tikt de klok weer onweerstaanbaar richting climax, zodat je je - als je halverwege het boek bent - niet langer wilt laten afleiden door stilistische trucs, tikfoutjes (kom op, De Geus!) of ongeloofwaardigheden. Je wilt alleen nog maar dóór.

De ontknoping is mooi: niet alles wordt rondgemaakt, de lijntjes van goed en kwaad draaien zich in elkaar tot een onontwarbare kluwen. Die verwarring deed me denken aan Vaderwraak, de eerste Roslund & Hellström-thriller. Die thematische overeenkomst zou je misschien wel kunnen opvatten als een laatste groet: Börge Hellström stierf op 17 februari 2017.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.