de gids burn-out

Mo Anouar over zijn burn-out: ‘Ik wist toen niet dat je met dit soort dingen naar de huisarts kunt gaan’

KRO-NCRV-presentator Mo Anouar (27) liep tijdens zijn studie een achterstand op die hij maar niet leek te kunnen inhalen. Maandenlang zat hij thuis, niet in staat iets op te brengen. Achteraf herkent hij in zijn klachten het beeld van een burn-out. ‘Er was veel meer aan de hand dan gewoon een beetje lui of een beetje moe zijn, het lukte me gewoon niet om over die muur heen te klimmen.’

Mo Anouar Beeld Mark Kohn

Wat was je situatie toen?

‘Ik studeerde communicatie en was wegens omstandigheden achterop geraakt met mijn studie. Die achterstand probeerde ik weg te werken, waardoor de achterstand steeds groter werd. Ik vond het geen leuke studie, maar ik had geen plan B, dacht dat ik geen andere optie had. Tegelijkertijd werd het steeds moeilijker, waardoor ik steeds passiever werd. Ik kon niks meer opbrengen. Tot het punt dat ik helemaal niets meer deed en de hele dag op bed lag. Met wat opgespaard geld kon ik m’n studie bekostigen, want ik betaalde nog wel elke maand.

‘Dat was een beetje mijn leven, bijna een jaar lang. In het begin dacht ik: dit is tijdelijk, ik neem even een break van een week en dan ga ik weer verder. Dat heb ik heel lang volgehouden, maar op een gegeven moment begon het tot me door te dringen dat er meer aan de hand was. Alleen wist ik destijds nog niet dat het een veelvoorkomend iets is, dat vaak burn-out wordt genoemd.’

Veel burn-outs onder studenten

Een kwart van de studenten kampt met burn-outklachten, bleek vorig jaar uit onderzoek. Een actieplan moet een ‘generatie van zombies’ voorkomen.

Wat was het moment waarop je wist dat het niet meer ging?

‘Wat ik merkte was dat ik mezelf structureel niet tot dingen kon aansporen. In de aanloop naar een nieuwe week maakte ik steeds de beslissing dat ik weer zou beginnen. Op vrijdag maakte ik een planning voor de week die zou komen en dat deed ik dan heel grondig. Daar was ik soms uren mee bezig. Daar ging ik dan vol goede moed maandag mee aan de slag, maar na een aantal uren stopte ik er alweer mee en deed de rest van de week niks meer. Er was veel meer aan de hand dan gewoon een beetje lui of een beetje moe zijn, het lukte me gewoon niet om over die muur heen te klimmen.

‘Het besef kwam vooral door mensen in mijn omgeving, die zeiden: we zien je nooit meer en we weten totaal niet wat je doet. Daarbij was ik ook nog eens ontzettend veel aangekomen, omdat ik heel veel at en heel weinig bewoog.’

Hoe zag zo’n dag eruit toen je in de burn-out zat?

‘Ik leefde veel ’s avonds en ’s nachts. Ik was vooral veel aan het bingewatchen en aan het eten. Ik ging de deur uit – vaak in pyjama, ik nam niet eens de moeite om me fatsoenlijk aan te kleden – om ongezond eten in te slaan bij de supermarkt tegenover ons huis en dat was in die periode soms het enige waarvoor ik de deur uitkwam. Ik schaamde me ook, omdat ik dacht, straks kom ik iemand tegen die me twee maanden niet gezien heeft en vraagt: hé wat heb jij de afgelopen twee maanden gedaan? Dan kon ik daar geen bevredigend antwoord op geven, want als ik eerlijk was, moest ik zeggen: helemaal niks.’

DE VOLKSKRANT-BURN-OUTGIDS

De komende weken onderzoekt de Volkskrant in gesprek met (ervarings)experts waarom zovelen van ons zich opgebrand voelen, hoe we kunnen voorkomen dat we uitgeput raken en of we echt de meest overprikkelde generatie ooit zijn. Kampen we met een overdaad aan stress en stressoren, of zijn we de weg kwijt?

Op Volkskrant.nl/burnout verzamelen we de verhalen over burn-out en stress.

Via deze besloten Facebookgroep kunt u uw eigen verhaal delen. 

Heb je destijds hulp gezocht?

‘Geen conventionele hulp. Ik wist toen niet dat je met dit soort dingen gewoon naar de huisarts kunt gaan. Dat klinkt misschien gek, maar er zijn heel veel mensen die dat gewoonweg niet weten. Die denken als je zíek-ziek bent, dan kun je naar de huisarts, maar niet om te zeggen: hé, ik zit niet lekker in mijn vel, kunnen we daar wat mee?

‘Op een gegeven moment ben ik wel met vrienden gaan praten. Een vriend die psycholoog is gaf mij goede adviezen: probeer actief te worden, probeer leuke dingen te doen, zorg dat je weer zin krijgt in het leven. 

‘Pas later, toen ik al aan het opkrabbelen was, kwam ik een vriend tegen die ik lang niet had gesproken, mede omdat ik zelf zo geïsoleerd leefde destijds. Ik kwam er toen achter dat hij gelijktijdig met mij hetzelfde had gehad en dat hij er wél voor naar de huisarts was gegaan. Bij hem werd een burn-out gediagnosticeerd en ook hij was op dat moment aan het opkrabbelen. 

‘Toen besefte ik dat ik waarschijnlijk hetzelfde had gehad. Omdat hij wist wat hij had en hoe hij hulp moest zoeken, is hij eruit gekomen, en gelukkig ben ik er op mijn manier ook langzaam uitgekomen. Maar dit is waarom we met de KRO specifiek aandacht besteden aan het taboe op depressie en andere psychische klachten bij biculturele jongeren, een groep waar ik ook onderdeel van uitmaak. Want als je iets niet weet dan ga je het ofwel negeren, of je zoekt er een andere verklaring voor binnen de informatie die je wel hebt. 

‘Dan krijg je te maken met culturele en religieuze verschijnselen, zoals dat het gaat om geesten of noem maar op. Je weet simpelweg niet dat het ook iets anders kan zijn, en sterker nog: dat je daar hulp voor kan zoeken. We zijn recent bij de staatssecretaris van Volksgezondheid geweest om erop te hameren dat de voorlichting over dit onderwerp ook echt specifiek bij deze doelgroepen terecht moet komen.’

Hoe heb jij jezelf weer op de rit gekregen?

‘Toen ik me weer in het openbare leven ging begeven, heb ik het geluk gehad dat ik een aantal mensen ontmoette en een aantal kansen kreeg die ik aanpakte. Daardoor had ik op een gegeven moment wél een plan B en het gevoel dat ik kon stoppen met die opleiding. Tot op de dag van vandaag heb ik daar geen spijt van en heb ik er ook geen nadeel van ondervonden. Ik heb genoeg werk en ik zit lekker in mijn vel. Daar is wel een grote dosis geluk bij komen kijken, denk ik.

‘Als jongere, maakt niet uit wat voor jongere, lig je sowieso onder druk om te presteren. Maar wat ook een rol speelt bij biculturele jongeren, naast het cultuurverschil en de kenniskloof met betrekking tot dit soort onderwerpen, is dat ze tegelijkertijd vaak uit een onderklassegezin komen. Als tweede generatie van gastarbeiders weet je nog niet goed wat er allemaal mogelijk is in het leven, dus je volgt de gebaande paden: je gaat naar school, maakt je opleiding af en dan vind je een baan. Maar als het dan niet lekker gaat op school, weet je misschien niet dat je ook andere dingen kunt gaan doen.’

Mo Anouar met transcultureel psychiater Kitty Riedewald op bezoek bij staatssecretaris Paul Blokhuis. Beeld Ali Haselhoef / KRO-NCRV

Wat was het moment dat je voelde dat het weer beter ging?

‘Dat is een magische week geweest. In het begin van die week had ik het gevoel dat ik er klaar voor was om officieel te stoppen met mijn studie, dus toen heb ik me uitgeschreven. Dat was haast symbolisch, daar ben ik echt voor gaan zitten. Precies in diezelfde week kreeg ik twee andere opdrachten toegezegd waar ik veel moeite voor had gedaan. Ik had het vooruitzicht op een stabiel inkomen als zzp’er en belangrijker nog: met werk dat ik leuk vond. Dat was voor mij de bevestiging dat ik er goed aan had gedaan. Sindsdien zit het in de lift.

‘En eigenlijk maak ik me alweer op voor de volgende burn-out, want ik heb het met de dag drukker, haha.’

Dat is een goeie, want hoe voorkom je een terugval nu je het weer heel druk hebt?

‘Het verschil is dat ik het nu druk heb met dingen die ik leuk vind, waar ik het nut van inzie en die mij ook concreet verder brengen. Om het plat te zeggen: wat ik doe brengt brood op de plank, vind ik leuk en ik heb een ideële motivatie. Ik werk nu bijvoorbeeld parttime als regiocoördinator voor Amnesty International en als zzp’er ben ik vaak zowel op creatief als op maatschappelijk vlak betrokken. Dat vind ik belangrijk.

‘En mocht ik dezelfde verschijnselen krijgen als destijds, durf ik nu in ieder geval aan de bel te trekken en ik weet aan wélke bel ik moet trekken. Ik denk dat het goed is dat het nu meer wordt besproken. Weten dat het probleem er is, is de eerste stap op weg naar een oplossing.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden