Langlaufen marteling voor triatleet Barel

Schaatsen kunnen we, fietsen gaat ons ook goed af, en hardlopen is ook geen probleem. Maar op de..

Van onze verslaggever

Rolf Bos

RAMSAU AM DACHSTEIN

langlaufski's kunnen Nederlanders minder goed uit te voeten. Zie triatleet Rob Barel, die zaterdag in Oostenrijk uitkwam op de eerste wintertriatlon van de Europese triatlon-bond ETU. Op de mountainbike zet hij de tweede tijd neer, lopend behaalt hij hetzelfde resultaat. Met als gevolg dat hij met een ruime voorsprong aan het derde en laatste onderdeel, het glijden op de smalle ski's, begint.

Maar dan. De eerste helling - een hele gemene - levert meteen al problemen op; de triatleet glijdt meermalen weg. Nee, dan Zibi Szlufcik, met ferme halen glijdt deze Duitser naar boven. Daar zijn ook Peter Celba en Marek Kavacic al, langlaufers van huis-uit. Pats, pats, met de stokken in de sneeuw en de ski's in de juiste houding nemen ze de loipe.

En Barel? Na twee heel gemene en zware rondjes van elk 7,5 kilometer eindigt hij uiteindelijk op een 14e plaats. Commentaar: 'Ik doe dit pas twee dagen.'

Er zijn uitzonderingen. Bij de vrouwen steekt Katinka Wiltenburg boven haar collega-triatletes uit. De vijftien kilometer bergop vanuit Schladming, via de Birnberg en Rössingkogel, legt de Nederlandse in de vijfde tijd af.

Het lopen gaat de winnares van de 'hele' triatlon van Almere van vorig jaar echter beduidend beter af: tien kilometer over een zwaar parkoers rond de Kulmberg in ruim 47 minuten.

Na de laatste wisseling in het Parc fermée weet ze alleen nog Ilaja Polivkova voor zich. Da's een hele goede langlaufster, weten de kenners in het langlaufstadion van Ramsau, daar krijgt Katinka het nog heel moeilijk mee. Dat valt mee. De Hongaarse stumpert over de helling, waar eerder Barel al zo'n moeite mee had, naar boven. Na een paar honderd meter is Wiltenburg haar al gepasseerd. Ze wint een klein uur later ruim. Wiltenburg, bij de finish, met een knikje naar Barel: 'ík langlauf al dertien jaar.'

Wintertriatlons waren Nederlanders voorheen op het lijf geschreven: je maakte het schaats-onderdeel maar lang genoeg en succes was verzekerd. Bij de nieuwe serie sneeuw-triatlons van de ETU (met wedstrijden in Oostenrijk, Italië en Duitsland) is het ijs echter geschrapt. De wedstrijden deze winter hebben de mountainbike (15 kilometer), het lopen (10 kilometer) en de bij sommigen dus zo gevreesde latten (15 kilometer) op het programma.

Er is overigens hoop voor Barel, Nederlandse triatleten hebben in het verleden bewezen snelle leerlingen te zijn. In het langlaufstadion van Ramsau, onderaan de springschans van het dorp, wordt nog met bewondering gesproken over Mark Koks en Axel Koenders. 'Die konden er in hun eerste langlauf-jaar ook niks van. Een paar jaar later zetten ze iedereen op flinke achterstand.'

In het Oostenrijkse dorp aan de voet van het Dachsteinmassief vinden deze week de Nederlandse kampioenschappen noordse disciplines plaats. De wintertriatlon (die overigens niet tot de noordse sporten behoort) vormde zaterdag de ouverture. Er wordt verder de gehele week gelanglauft, gesprongen en geschoten (biatlon), al dan niet in combinatie.

Nederlanders hebben traditioneel weinig te zoeken op een van deze onderdelen. Het oneindig laagland met z'n traag stromende rivieren vormt nu eenmaal geen goede basis voor winterse bergsporten.

In Scandinavië, maar ook in Rusland en de Alpenlanden is het langlaufen een grote sport, vertelt Nils Boomsma, zaterdag negende op de triatlon.

Boomsma heeft een aantal jaren in de Nederlandse Noordse selectie gelanglauft, maar reikte nooit tot aan de top. 'Dat is voor Nederlanders onmogelijk. De concurrentie vanuit Scandinavië, waar langlaufen met ijshockey de belangrijkste sport is, is moordend.' Hij verwijst naar de Vasaloppet, het Scandinavische equivalent van 'onze' Elfstedentocht, een marathon over 89 kilometer met jaarlijks meer dan twaalfduizend deelnemers.

Boomsma, fysiotherapeut in het Zwitserse Graubünden, is 28: 'ik zou dus fysiologisch gezien aan mijn langlauf-top moeten zijn'. Dat is meteen ook het probleem, zegt hij, Nederlandse langlaufers stoppen te vroeg, kiezen, zoals hij ook deed, liever voor een maatschappelijke carrière.

'De tijd wordt je niet gegund.' Zelf 'liep' hij tussen 1989 en 1993 zware wereldbekerwedstrijden, waar hij, 'helaas, helaas', altijd achterin eindigde.

Heeft de langlaufsport in Nederland een wat tuttig imago, volgens Boomsma - die in zijn woonplaats de Oost-Zwitserse ski-selectie als conditie-trainer bijstaat - is het de zwaarste sport die er bestaat. 'Alleen het roeien komt in de buurt. Je verzuurt overal, in de armen, benen én buik.'

Het saaie imago is onterecht, zegt hij. 'Je moet er bijzonder fit voor zijn, je moet alles zelf doen. Er zijn geen liften die je naar boven brengen.' En: 'De kans op blessures is vrij klein, er is nauwelijks schokbelasting. Het is wel eens onderzocht waar langlaufen staat op de blessurelijst, op een 26ste plaats of zo.'

Zondag wordt onder een blauwe hemel het NK langlaufen klassieke stijl gehouden. Klassiek: er mag niet 'geschaatst' worden. De wedstrijd is 'open', ook atleten uit andere landen kunnen starten.

Het Nederlandse veld is zwaar gedevalueerd. De beste langlaufer van Nederland, Jan Jacob Verdenius doet niet mee, vertelt Sydney Teeling, bondscoach noordse disciplines.

Verdenius, onlangs wereldkampioen op de rolski's, woont in Noorwegen en 'loopt' zondag een wedstrijd voor de Nordic Cup, die voert over het parkoers van het WK, dat eind februari in Trondheim, wordt gehouden. 'Voor Jan Jacob is het belangrijk dat hij daar start', zegt Teeling, 'als hij hier was verschenen had hij in dit veld iedereen op achterstand gelopen. In Noorwegen heeft hij tegenstand van echte toppers, van mannen als Smirnoff en Ullvang.'

Bij afwezigheid van Verdenius - die later in de week nog wel andere wedstrijden in Ramsau komt langlaufen - gooien nu Italianen en Fransen hoge ogen op de 22,5 kilometers, die voeren over het zware parkoers waar in 1999 het WK noordse disciplines wordt gehouden.

Beste Nederlander, met de wintertriatlon van een dag eerder nog in zijn benen, wordt, jawel, Nils Boomsma, die drie jaar geleden al uit de selectie is gestapt en voor zijn maatschappelijke carrière als fysiotherapeut koos.

'Mooi hoor, maar eigenlijk heel teleurstellend, want ik hoor hier natuurlijk niet te winnen. Waar zijn de junioren?' Het is curieus genoeg zijn eerste nationale titel. In de tijd dat Boomsma in de selectie zat, was de groep breder, moest hij collega-langlaufers als Ruben Krouwel, Niels Hopman, Vincent Vermeulen en Kees Puijk voor zich dulden. 'Die groep was groot', zegt Boomsma, 'maakte je sterk. Waar is de opvolging nu?'

'Daar kunnen we heel duidelijk in zijn', zegt coach Teeling, 'de top is weliswaar smaller, maar wel sterker. Zo'n goede langlaufer als Verdenius hebben we nog nooit in Nederland gehad. Bij de vrouwen vestig ik mijn hoop op Elsbeth Straub, die hier vandaag wèl wint in een internationaal veld.'

Een smalle top, het zal de komende jaren zo blijven, vreest Teeling. 'Het is een zware sport, je moet lang doorgaan om te kunnen presteren. Juist op het moment dat je maatschappelijk voor een keuze staat, haken de meesten af. Ik geef ze geen ongelijk. Je kunt er in Nederland nu eenmaal geen miljonair mee worden, zoals in Noorwegen.'

De bondscoach vestigt zijn hoop in de toekomst meer op de andere sporten binnen de noordse combinatie: 'Vooral het schansspringen spreekt de jongeren aan, die zoeken toch meer en meer naar extreme activiteiten.' Het springen wordt meer en meer 'zomersport'. 'Hier in Ramsau springen ze het hele jaar door, in de zomer landen ze op een groene mat.'

Een stap in de goede richting, zegt Teeling, is de K-30-schans die binnenkort in Bergschenhoek als onderdeel van een heus 'noords centrum' gebouwd zal worden. Het zal daar geen Garmisch-Partenkirchen worden, maar onder de rook van Rotterdam suizen dus binnenkort wèl Nederlandse schansspringers naar beneden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.