Essay Ontwerpen

Ja, echt iedereen kan een designer zijn (of worden)

Dietlind, moeder van Max Siedentopf, en Max bij het ontwerpen van deze editie van Volkskrant Magazine op het kantoor van KesselsKramer in Londen. Beeld Trisha Ward

Iedereen is een ontwerper. Dat is de stelregel van onze gasthoofdredacteur, de vrolijke dwarsdenker Max Siedentopf, en het is ook precies wat dit magazine deze week wil aantonen. Aan de slag dus!

Wat? Draagt u nog geen zelfontworpen sneakers? Hebt u de babyfoto’s nog steeds op oude diskettes in een la liggen en er niet een professioneel vormgegeven fotoboek mee gemaakt? Bakt u geen poederroze macarons om op Instagram te zetten? En ook nog steeds (niet zelf) een tiny house getimmerd?

Toch allemaal geweldig leuk om te doen, en makkelijk bovendien met behulp van apps, instructievideo’s en allerhande software. Tik in op Google ‘design your own’ (of gewoon: ‘ontwerp je eigen’) en er volgt een lange reeks suggesties: fotoalbum, shirt, tuin, sokken, keuken, bureau, slaapkamer, laarzen, huis, neus, baby, leven. Iedereen is een designer - we zijn al makers van nature, maar een beetje professioneel product ontwerpen is nu werkelijk makkelijker dan ooit.

En dat is fantastisch, vindt Max Siedentopf, (grafisch) ontwerper, kunstenaar en gasthoofdredacteur van de designspecial van Volkskrant Magazine. Hij stelde het zelfs als voorwaarde: everyone is a designer moest het thema wezen, want de lol in het ontwerpvak wordt door niemand zo belichaamd als door de enthousiaste amateur.

Dus op de eerste brainstorm klapt Siedentopf, in het dagelijks leven werkzaam bij reclamebureau KesselsKramer, glunderend zijn laptop open. Kijk, zegt hij: mensen die hun kat kwijt zijn, maken dus briljante posters voor op lantaarnpalen. Dat communiceert als een dolle, daar kan geen professioneel ontwerp tegenop. Of hier, wat mensen allemaal op etsy.com zetten: van zelfgebreide driezitsbanken tot vazen van eigenhandig uitgegraven klei. En móói, hè. Net als de hondvormige hondenhokken die je soms in tuinen ziet staan, of de sloophouten boomhutten zomaar in een den naast de voordeur: Piet Hein Eek kan er een puntje aan zuigen.

Daarbij: geestiger wordt het niet. En dat, zegt Siedentopf, is een onderschatte en ondergewaardeerde eigenschap van goed design: humor. In plaats van je al te veel te bekommeren om een oude ontwerpwet als form follows function zou form follows fun het uitgangspunt moeten vormen. Is veel vaker bij amateurs het geval, ziet hij, dan bij professionele ontwerpers, die trends volgen, succes (en designprijzen) willen oogsten, verpest zijn door een academie of vooral bij collega’s in de smaak willen vallen. De amateur heeft daar allemaal geen last van. Die gaat zijn eigenzinnige, authentieke gang.

Dietlind Siedentopf. Beeld Trisha Ward

Hoewel, eigenzinnig - ja en nee, zegt trendforecaster Lidewij Edelkoort. Ook zij signaleert de opkomst van de amateur in het design, wat heet, die rol wordt alleen maar groter in de toekomst. Als er door de voortschrijdende robotisering veel minder banen zijn, zullen we allemaal onze vrije tijd volfröbelen, over pakweg een jaartje of dertig. En dat betekent nog veel meer huisgebakken potten, zelfontworpen kledingcollecties en persoonlijk vormgegeven websites. Dat is mooi, want dingen maken levert een stukje zingeving op - ledigheid is des duivels oorkussen immers, en we kennen allemaal de voldoening van een zelfgebakken appeltaart. Maar eigenzinnig is het niet altijd. Neem alleen al de twee vazen die je overal in Hollandse vensterbanken ziet sinds halverwege de jaren tachtig; toen is het zo’n beetje begonnen, dat iedereen opeens smaak had en niet zomaar een eettafel in de achterkamer zette en een bank in de voorkamer, maar reuze authentiek aan interieurstyling ging doen. Vroeger was smaak hebben het tijdverdrijf van de elite. Nu is iedereen curator van zijn eigen omgeving en maken we moodboards voordat de badkamer wordt verbouwd. Met dank aan Pinterest. En aan tutorials op YouTube. En aan de opensource-economie: als alle kennis op internet te vinden is, nou, dan kun je toch immers alles leren?

Een positieve ontwikkeling, vindt Edelkoort, ondanks die vermaledijde duovazen en het hedonisme dat blijkt uit al dat interieurgestyle. Want het bewijst vooral dat de mens onverbeterlijk graag uniek is en dat-ie daar heel creatief van wordt. Het is een oerdrang om dingen mooi te willen maken (u denkt hier vanzelf even aan de grotschilderingen uit de prehistorie) en die drang wordt in de toekomst alleen maar naar een hoger plan getild. Ga maar na, zegt Edelkoort: iedereen wordt ook nog eens ziek van de overconsumptie, winkelen geeft geen plezier meer, maar maakt depressief. Logisch dus dat we in 2050 het liefst in onze zelfgebouwde ecowoning onze eigen garens zullen spinnen - met computergestuurde apparatuur.

Dietlind en Max Siedentopf. Beeld Trisha Ward

Een do it yourself-bestaan op alle fronten - ziet u wel: iedereen wordt vanzelf een ontwerper. Of, zoals Siedentopf zegt: doordat de techniek tegenwoordig zo makkelijk en toegankelijk is, kan iedereen de creatiefste versie van zichzelf zijn en vanavond nog als designer aan de slag.

Is design daarmee volledig gedemocratiseerd? Genívelleerd, zegt designer Mieke Gerritzen, oud-directeur van het museum voor beeldcultuur MOTI en co-auteur van het boek Everyone is a designer - precies het uitgangspunt dus van dit magazine. Maar: alles is design tegenwoordig, zucht zij: koken heet food design, leidinggeven heet managing design en een beetje zinnig nadenken design thinking - als we zo gaan beginnen, ja, dan is dus iedereen natúúrlijk een designer. Maar los daarvan: het echte ontwerpwerk wordt daarmee uitgehold. Want als iedereen het kan - de bedrijfswhizzkid kan het drukwerk lay-outen, want de software doet het werk - kan niemand het meer en gaat het vakmanschap verloren. Bovendien: het is schijncreativeit, die zelfontworpen sneakers en foto-albums, want iedereen werkt met dezelfde templates en dezelfde sjablonen, het hele proces is voorgekookt.

Siedentopf ziet het helemaal anders. Kijk, zegt hij terwijl hij verder klikt op zijn laptop en een serie minivibrators laat zien die van elektrische tandenborstels zijn gemaakt. ‘Gewoon thuis in elkaar geknutseld, zonder templates of sjablonen. Geniaal toch? Zullen we die in jullie rubriek Lust & Liefde zetten?’

Niets zo sprankelend, origineel en geïnspireerd als het werk van een liefhebber (de oorspronkelijke betekenis van het woord amateur). En dat ons liefhebbers anno nu zoveel handige software ter beschikking staat, dat belemmert niet, daar kun je alleen maar van profiteren. Elk mens is van nature creatief, en zonder je veel van regels aan te trekken - te hóéven trekken, zoals professionals, die te maken hebben met klanten, opdrachtgevers, Arbowetten of Europese regelgeving - maak je de mooiste dingen. En bedenk je de leukste: Siedentopf laat een foto zien van een koffiezetapparaat dat als spaghettikoker wordt gebruikt (handig op een studentenkamer) en van een vierpersoonsfamiliestep die met eindeloos veel inventiviteit en liefde in elkaar is geknutseld. Hij vertelt over een vriend die vierde dat zijn zoontje een meter werd, was er een meter cake voor de gasten en een meter limonade, en over Ai Pioppi, een pretparkje in Italië dat door de eigenaar helemaal zelf is gebouwd. Bruno Ferrin heeft geen formele opleiding als bouwvakker of lasser, toch bouwde hij achtbanen en draaimolens door gewoon maar te beginnen. Inspiratie haalde hij uit het bos rondom hem: bewegende takken en vliegende vogels stonden model voor de speeltoestellen, die door de kinderen handmatig worden bediend. Het pure plezier van een bevlogen hobbyist - als je maar veertig jaar lang stug doorgaat, kun je een heel pretpark bouwen.

Begint u vanavond eens met dat fotoboek.

Wat treft u aan in dit Volkskrant magazine? Allemaal zaken die met de pure lol van het ontwerpen te maken hebben, al dan niet door amateurs. Iedereen kan ontwerpen is immers het motto van gasthoofdredacteur en ontwerper Max Siedentopf, bedenker van onder meer een geluidsinstallatie in de woestijn van Namibië die 24/7 het nummer Africa van Toto laat horen - terwijl er niemand in de buurt is om ernaar te luisteren. Dat bleek nog een behoorlijk controversieel kunstwerk, vertelt hij in dit interview.

In deze special die we ‘de wereld van Max’ hebben genoemd, toont Siedentopf ontwerpen waar hij vrolijk van wordt (en wij ook). Bouwwerken in alledaagse vormen bijvoorbeeld: een muziekwinkel in de vorm van een gitaar, een kiosk waar sinaasappelsap wordt verkocht in de vorm van een gigantische sinaasappel, de Elephant Building in Bangkok, 32 verdiepingen in de vorm van een olifant. Form follows function, ja, letterlijk, in het geval van de gitaarwinkel bijvoorbeeld, maar vooral: form follows fun. En daarvan zijn er veel meer voorbeelden in dit nummer: brood beleggen wordt een (boter-kaas-en-eieren)spelletje, met een stijltang kun je uitstekend spek bakken (en andere lifehacks) en zelfs doodskisten kunnen een glimlach uitlokken, zo valt hier te zien.

Hét voorbeeld van amateurontwerpen is natuurlijk het 3D-printen, tenminste, dat zouden we allemaal op grote schaal zelf thuis gaan doen, werd ooit voorspeld. Nu puilt Marktplaats uit van de tweedehands 3D-printers die in kelders en garages staan te verstoffen, schrijft techredacteur Bard van de Weijer. Wat is er misgegaan? Behoorlijk in opkomst is dan weer het zelf ontwerpen van je huis. Dat wordt ook steeds makkelijker: Lia Harmsen kon haar prefabwoning helemaal naar haar eigen wensen indelen en beleefde alleen al aan dat proces ontzettend veel plezier. Het heeft ook nog eens een heel mooi houten boshuis opgeleverd.

Dietlind Siedentopf. Beeld Trisha Ward

Wat ook - dankzij internet - opeens voor amateurs is weggelegd: in één avond CEO worden van je eigen design company. Een merk bouwen is heel makkelijk, zegt reclameman Max Siedentopf. Hier doet hij het stap voor stap voor. ‘In de digitale cultuur is het makkelijker dan ooit om te kopiëren, imiteren en remixen’, stelt een hoogleraar in dit artikel over internetgrappen en het lettertype dat daar altijd weer in opduikt. Iedereen aapt elkaar na, zucht dan ook Mieke Gerritzen, auteur van het boek Everyone is a designer.

Waarmee we terug zijn bij het motto van dit magazine, iedereen kan ontwerpen. Het beste bewijs daarvan wordt misschien wel geleverd door Max Siedentopfs moeder. Zij heeft het hele Volkskrant Magazine ontworpen, het grafische werk dus, terwijl ze nog nooit een Mac had aangeraakt en nog nooit ook maar gehóórd had van een ontwerpprogramma als Quark. Maar ze moest van Max: hij had iets aan te tonen. Ze had er ook nog eens heel veel lol in. Het was eigenlijk zoals Pippi Langkous niet gezegd schijnt te hebben: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk wel dat ik het kan.’ Leve de amateur!

Dietlind, moeder van Max Siedentopf. Beeld Trisha Ward

Dietlind Siedentopf (54), moeder van Max en administratief medewerker bij het architectenbureau van haar man in Klein Windhoek, Namibië.

Hoe vond u het om deze editie te ontwerpen? 

‘Ik kon vanaf scratch beginnen en mijn eigen visie op op dit blad vormgeven. Voordat ik aan dit project begon, heeft mijn zoon Max me een grote stapel Nederlandse en Duitse designtijdschriften gegeven. Bladerend door die stapel kwam ik er al snel achter dat ik eenvoud en minimalisme belangrijk vind. De wereld van nu, met sociale media en een overload aan informatie, is al zo schreeuwerig, de focus zou moeten liggen op het verhaal. Het is gaaf dat ik dit nu zelf heb kunnen uitvoeren.’

Een tijdschrift ontwerpen is nogal een opdracht, hoe heeft u het ervaren? 

‘Jaren geleden heb ik een keer geknutseld met het Windowsprogramma Paint, maar verder heb ik nog nooit iets ontworpen met een computer. De eerste pagina’s waren nogal intimiderend, waar moest ik in vredesnaam beginnen? Toen ik de eerste paar pagina’s - na even stuntelen met de computer - had gemaakt, kreeg ik er al meteen veel lol in. Het is leuk om iets creatiefs te bedenken en het gelijk om te zetten in ontwerp.’

Heeft Max vaker van dit soort gekke opdrachten voor u? 

‘Dit was de eerste keer dat Max mij vroeg om met een groot project te helpen. Toen ik het definitieve tijdschrift opstuurde naar de redactie in Amsterdam, heb ik hem een bericht gestuurd dat ik hem van een andere kant had leren kennen. Ik had Max nog nooit van dichtbij aan het werk gezien, voor het eerst zag ik dat hij met zo veel energie en passie aan het werk was.’

Wat vindt u van het resultaat? 

‘Ik vind het echt fantastisch geworden, alles komt samen: het is elegant, er is veel rust en de focus ligt op de inhoud. Door de witruimte hoop ik dat de lezers naar de foto of tekst op een pagina worden toegetrokken. Het viel mij op dat op de pagina’s in magazine’s soms zo veel verschillende blokken met tekst en foto’s staan. De eenvoud is in mijn variant denk ik goed gelukt.’

Wat vindt u van de aanname: als zelfs mijn moeder het kan, kan iedereen het. Wat zegt dat over zijn visie op u? 

‘Dat is natuurlijk een manier van interpreteren, ik weet dat Max bedoelt: als iemand zonder enige ervaring met design een tijdschrift kan maken, dan kan iedereen het. En daar ben ik het helemaal mee eens - kijk maar wat hier ligt.’

Dankwoord

Mijn hartelijke dank gaat uit naar iedereen bij KesselsKramer, onder wie Ashley Kirby, Cecilia Mervig, Chris Barrett, Dave Bell, Hannes Nienhueser, Jennifer Ahern, Lucy Cooper, Marloes Haarmans, Tash Ingall, Oliver Gabe, Thea Føge Toft-Clausen, Tialda Lublink, Amy van der Veer, André de Jager, Ayesha Kaprey, Antoine Vattaire, Camiel Bulder, Daphne Weers-Linthorst, Elise Hamersma, Esther de Lange, Femke Boer, Gianni Bahadoorsingh, Gijs van den Berg, Jaap Hermans, Jill Mathon, Krista Rozema, Maartje Slijpen, Marianne Coolen, Masaya Kochi, Matthijs de Jongh, Merel Witteman, Ninnog Duivenvoorde, Olaf Kampman, Pieter Leendertse, Rens de Jongwe, Ronald de Vreede, Sanne van Ettinger, Sophie Rijnaard, Stefano Boncinelli, Stephanie Lüscher, Erik Kessels, en ook Carlotta Di Lenardo, Kyle Weeks, Thomas Nondh Jansen, Trisha Ward, Helmut Smits, Wytze Hoogsslag en Eamonn Freel voor jullie onafgebroken stroom inspiratie, steun en creativiteit. Ook bedank ik het hele team van Volkskrant Magazine voor het vertrouwen en de kans die ik van jullie kreeg dit te realiseren.

Much love, Max Siedentopf

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden