De perfecte Akoestiek

In deze concertzaal komt de muziek optimaal tot zijn recht

Akoestisch adviseur Margriet Lautenbach weet hoe je een concertzaal zó bouwt dat de muziek er optimaal tot zijn recht komt.

Margriet Lautenbach. Beeld Jérôme Schlomoff

‘Akoestiek maken is geen tovenarij maar wetenschap. Met driedimensionale rekenmodellen en beproefde theorieën proberen wij vooraf te voorspellen hoe een ruimte zal klinken. Omdat er een grens is aan wat die rekenmodellen kunnen, maken we voor de belangrijkste projecten een schaalmodel, schaal 1 op 10.

‘Een goede akoestiek is vooral een akoestiek die past bij de primaire functie van de ruimte. Dus voor pop is die anders dan voor klassieke muziek. Ik werk veel aan concertzalen voor symfonische muziek. Het volume van een concertzaal moet groot genoeg zijn. Een popzaal kan in verhouding kleiner zijn. Lager, ook. Voor popmuziek kun je een heleboel oplossen met voldoende absorptie in de juiste frequenties. Het geluid komt uit luidsprekers. Klankkleur enzovoort worden elektronisch toegevoegd, die komen veel minder uit de zaal dan bij klassieke muziek.

Beeld Jérôme Schlomoff

‘Basisvoorwaarde voor klassieke muziek is een grote zaal in de goede verhoudingen. Je hebt een bepaald volume nodig om ervoor te zorgen dat, als het orkest fortissimo speelt, de zaal de juiste luidheid heeft. Die luidheid bepaalt de impact van de muziek, de dynamiek, de enerverendheid. Voor het idee van ‘omgeven zijn door muziek’, het stereo-effect, is belangrijk dat de reflecties van de muziek vanaf de zijwanden eerder bij onze oren arriveren dan die vanaf het plafond. Dus de zaal moet smal genoeg zijn en het plafond hoog. Daarom is het Concertgebouw in Amsterdam zo goed: de verhoudingen van die zaal zijn uitstekend.

‘Tegenwoordig wordt een zaal direct gebouwd speciaal voor een bepaalde muzieksoort. Maar als je een zaal voor verschillende soorten muziek ontwerpt, kun je hem zo bouwen dat hij aan te passen is. Zoals we hebben gedaan met de nieuwe zaal in Musis in Arnhem: die kan helemaal omgebouwd worden van klassieke zaal naar popzaal. Voor klassieke muziek zijn de wanden van hout, die reflecteren en verstrooien het geluid. Voor popmuziek kunnen daar absorberende panelen voor worden geschoven. Die panelen zitten in speciale bergkasten waar ze uitgereden kunnen worden. De nadruk ligt in de nieuwe zaal op klassieke muziek, en het Gelders Orkest repeteert er. Maar de Golden Earring heeft er ook opgetreden.

Beeld Jérôme Schlomoff

‘Die zaal is echt waanzinnig mooi geworden voor klassieke muziek. Vooraf stel je de prestatie-eisen vast. Zoals de nagalm: hoe lang duurt die en hoe komt het geluid terug. Er moet een rijke klank zijn: de zaal moet ervoor zorgen dat de boventonen goed tot hun recht komen. Als je veel met gestoffeerde materialen werkt, worden met name die boventonen afgedempt. Dan verdwijnt de briljantie uit de muziek.

‘Om een mooie, warme klank te krijgen, moeten de bastonen goed ondersteund worden. Te lichte materialen in de wanden, zoals heel dun hout, absorberen lage tonen. Bij Musis hebben we zwaar en dik hout toegepast met profielen erin. Eind negentiende eeuw bouwden ze concertzalen met veel ornamentiek; daardoor worden geluidreflecties opgebroken en méér verstrooid over de zaal. Dat principe hebben we overgenomen door de houten panelen structuur te geven. Voor alles geldt dat je voortdurend zoekt naar evenwicht. Je kunt te veel absorptie hebben en te weinig. Je kunt de hoge tonen te veel versterken of ze te veel wegnemen. Het optimale resultaat is wanneer alles in balans is.’

Margriet Lautenbach (1972) is gespecialiseerd in de akoestiek van concertzalen. Ze was de drijvende kracht achter de verbetering van de bestaande en de bouw van een nieuwe zaal in Musis in Arnhem. Lautenbach heeft de zaal van het Kultuurpalast in Dresden op haar naam staan, en de repetitieruimte van het Nederlands Philharmonisch Orkest in de voormalige Amsterdamse Majellakerk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.