Hoe een steenkoolmijn een topattractie werd

Ooit gold de mijnregio rond Kerkrade en Heerlen als troosteloos en lelijk. Na een metamorfose won de streek een prijs als 'beste bestemming ter wereld'.

Beeld Marcel van den Bergh

Twee ezeltjes duwen hun snuit door de omheining van hun weide. De dieren happen enthousiast naar de broodkruimels die het oudere Duitse echtpaar Sammet voor hen uitstrooit. Zo onder de blauwe lucht en tussen het groene gras lijkt het een tafereel in een Tiroler alpenwei.

In werkelijkheid zijn de Sammets in het Landgraafse tuinen- en dierenpark Mondo Verde, een van de best lopende attracties in Zuid-Limburg. Hoe anders was dat tien jaar geleden: Mondo Verde was failliet, maar toen namen twee Friese broers het park over. Ze knapten het op en breidden het uit met tientallen diersoorten, en nu trekt het een half miljoen bezoekers per jaar.

Grijze vlek op de Limburgse landkaart

Mondo Verde is symbolisch voor de regio waarin het ligt. Parkstad Limburg, een stedelijk conglomeraat in Zuidoost-Limburg met onder meer Heerlen, Kerkrade en Landgraaf, werd vanaf eind jaren zestig hard getroffen door de sluiting van de mijnen. Duizenden kompels verloren hun baan. Van de welvaart die de mijnindustrie de streek jarenlang had opgeleverd, bleef weinig over. Parkstad Limburg kwam te boek te staan als grijze vlek op de groene Limburgse landkaart.

Na de eeuwwisseling kwam de ommekeer. Door nauwe samenwerking tussen gemeenten, provincie en ondernemers kwam het zo goed als afwezige toerisme tot bloei. Nu werken er in de sector 5800 mensen. In 2015 gaven toeristen in Parkstad Limburg 370 miljoen euro uit, bijna drie keer zoveel als twaalf jaar eerder.

'Beste bestemming ter wereld'

Het succes leverde Parkstad Limburg deze maand de prijs voor 'beste bestemming ter wereld' van brancheorganisatie het World Travel and Tourism Council (WTTC) op - ten koste van idyllische medekandidaten uit Zwitserland en Zuid-Afrika. De jury prees de Parkstad vooral om de transformatie van grauw voormalig mijngebied naar bruisende toeristenbestemming.

'De regio heeft zichzelf echt moeten herontdekken', zegt de uit Kerkrade afkomstige historicus Bart Gielen over die metamorfose. Gielen schreef in 2005 het essay Once upon a time in the south over Limburg na het mijntijdperk. De Parkstedelingen hadden volgens Gielen sterk de behoefte aan een nieuwe identiteit, nadat ze door de mijnsluitingen noodgedwongen vanaf de jaren zestig hun gezamenlijke trots over de florerende mijnindustrie hadden moeten opgeven.

'Bijna al het mijnerfgoed werd al snel na de sluiting platgegooid', vertelt Gielen. Daardoor groeide een nieuwe generatie op die de mijnen niet meer bewust had meegemaakt, en daar door de sloopdrang van de overheid ook niets meer van terugzag in het landschap. 'Wie zijn wij eigenlijk, vroegen zij zich af. Naast de mijnen was er eigenlijk niets in de regio. Het toerisme gaf hen een nieuwe identiteit.'

Beeld Marcel van den Bergh

Werkgelegenheid door toerisme

Ook streekhistoricus Paul Borger denkt dat het toerisme goed is voor de Parkstad. 'Er kwam na de mijnen wel wat industrie naar Zuid-Limburg, maar die bood geen afdoende vervanging. Het toerisme heeft veel werkgelegenheid opgeleverd. We zijn er tevreden mee, al was het maar omdat we als streekbewoners natuurlijk zelf ook gebruik maken van alle attracties.'

Al in de jaren zeventig zag Borger het mijnlandschap met eigen ogen veranderen. De steenberg van een van de oude mijnen, waarop hij vanuit zijn toenmalige huis in Brunssum uitkeek, werd afgegraven en veranderde in een golfbaan. 'Er is nu helemaal niets meer te zien van de mijnen', mijmert Borger. 'Dat is dan wel weer jammer.'

De steenberg van de mijn in Landgraaf bleef wel bewaard. De 239 meter hoge bult heet nu de Wilhelminaberg, en is het thuis van de skihal Snow World. Dat is een van de grote toeristentrekkers in Parkstad Limburg die de afgelopen vijftien jaar open gingen, vaak met een financiële steun in de rug van de lokale overheden. Net als het even verderop gelegen Mondo Verde, en onder meer dierentuin GaiaZOO en museum Continium in Kerkrade.

Dat mede door het toedoen van die trekpleisters de toeristenbestedingen in Parkstad Limburg bijna zijn verdriedubbeld, is 'zeer bijzonder te noemen', zegt toerismedeskundige Jeroen Klijs van de hogeschool NHTV in Breda. 'Ter vergelijking: in Zeeland stegen de bestedingen van toeristen tussen 2007 en 2011 slechts met 10 procent.'

Laag rendement

Achterover leunen en genieten van het succes is er voor Parkstad Limburg desondanks niet bij. 'Je moet je afvragen: betreft het vooral dagtoerisme of verblijfstoerisme?', zegt Klijs. Het eerste is in de Parkstad het geval. Ruim 80 procent van alle bezoekersbestedingen kwam vorig jaar van dagjesmensen. Dat is een potentieel probleem, want om de groei in het dagtoerisme vast te houden zijn hoge investeringen nodig. Het rendement daarop is relatief laag. Kortom, als Parkstad Limburg wil dat het toeristische succesverhaal ook in de toekomst voortduurt, moet het bezoekers overhalen tot een langer verblijf.

Wethouder Toerisme en Recreatie in Landgraaf Kelly Regterschot ziet een deel van de oplossing in samenwerking met andere toeristenregio's in de buurt, zoals Maastricht en het Heuvelland. Toeristen moeten lekker worden gemaakt om bijvoorbeeld de ene dag Mondo Verde te bezoeken, en na een hotelovernachting in Heerlen de volgende dag te winkelen in Maastricht. 'Die schaalvergroting hebben we nodig', zegt Regterschot.

450 miljoen euro voor 'leisure ring'

In 2018 gaat bovendien een gloednieuwe ringweg rondom de Parkstad open. Deze zogenoemde 'leisure ring' moet de bereikbaarheid voor toeristen verbeteren door alle attracties in het gebied met elkaar te verbinden. De provincie Limburg betaalt 450 miljoen euro voor het project.

Zo moet het ook voor Belgen en Duitsers een stuk makkelijker worden om een bezoek te brengen aan de Parkstad. Vlak over de grens woont een omvangrijke en deels onaangeboorde potentiële doelgroep. De Sammets leveren alvast hun aandeel. 'Nu zijn we alleen', zegt meneer Sammet terwijl de lentezon in zijn bril weerkaatst. 'Maar dikwijls nemen we vrienden mee. Die vinden het vaak zo leuk dat ze meteen een abonnement nemen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden