Het Bergen van bestsellerauteur Knausgård

In het Noorse Bergen, waar de wolken altijd zwaar zijn van de regen, beleefde bestsellerauteur Karl Ove Knausgård zijn donkerste jaren. Kennen ze hem daar nog?

Straatbeeld in het Noorse Bergen, waar het ook wel eens niet regent.Beeld foto Eivind Senneset

Café Opera, in de Noorse studentenstad Bergen kent iedereen het. Voor een beroemd café ziet het er bijzonder onnadrukkelijk uit, kleiner ook dan ik me had voorgesteld. Zwart-witte marmeren tegels op de vloer, houten stoelen waarvan de verf begint af te bladderen, taupekleurige tafelkleedjes, laag plafond. Er klinkt zachte rockmuziek, de weinige gasten zijn vijftigers.

Zo nonchalant mogelijk leg ik mijn boek op tafel: Schrijver van Karl Ove Knausgård. Het hoofd van de Noorse schrijver prijkt groot op de cover. Ergens had ik verwacht dat de hele zaak zou stilvallen als ik de baksteen uit mijn tas zou toveren. Maar niemand reageert.

Schrijver, het vijfde deel uit Knausgårds succesvolle Mijn strijd-reeks, een pil van meer dan 600 pagina's, speelt zich hier af, in deze havenstad aan de westkant van het land, waar het om geologische redenen vrijwel altijd regent. Knausgård kwam in 1988 als student naar Bergen en bleef hangen tot 2002. Hij vertelt in zijn boek over zijn pogingen iemand te worden, een schrijver liefst, maar hij beleefde in deze stad zijn donkerste momenten.

Hij was vaak in Café Opera te vinden, het is zelfs het eerste tentje waar hij als eerstejaarsstudent naartoe gaat. Zo'n beetje elke twintig pagina's rolt hij er dronken de deur uit.

Vernederende herinnering

Je moet hier aan de bar bestellen. De barman zegt niets als ik om een spa rood vraag, draait zich nors om en schenkt een glas voor me in. Onmiddellijk begrijp ik die scène uit Schrijver. Als de onzekere, jonge Knaus twee bier bestelt, denkt dat hij niet gehoord wordt, en bestelt daarom bij een andere barman hetzelfde. Hij moet uiteindelijk vier peperdure biertjes afrekenen, waarvoor hij geld moet lenen van zijn broer Yngve. Hij durft niet voor zichzelf op te komen. Een vernederende herinnering.

Wanneer de barman even later mijn bestelde sandwich op tafel zet, aarzel ik. Hij kijkt zo stuurs dat ik hem niet durf te vragen of hij Schrijver heeft gelezen, of hij wel weet dat dit café zo'n centrale plek in het boek heeft. Ik zeg niets. Hij loopt weer weg. Een uiterst Knausgård-waardige scène.

De zes Mijn strijd-boeken zijn moderne klassiekers geworden. Ook ik ben een van de fans, ik heb de duizenden pagina's koortsachtig gelezen, totaal bevangen. Met het nieuwste boek als reisgids ben ik nu naar Bergen gereisd. Misschien heeft Knausgård er iets achtergelaten, al weet ik niet wat.

Wandelend door de miezer herken ik voortdurend locaties uit het boek. De glimmend natte straten, de opeengepakte gevels die bij hem zo'n hunkering opriepen. Op weg naar Opera zie ik Hotel Neptun, volgens de schrijver 'een passende naam in deze stad waar het water onophoudelijk sijpelde en stroomde'. Ik drink ook een biertje in Henrik, waar Knausgård met zijn medestudenten van de schrijversopleiding vaak naartoe ging. Nu komen hier veel toeristen, vanwege de bijzondere en lange bierkaart.

Platenzaak annex café Apollon.Beeld Eivind Senneset

Studentenradio

De universiteit kun je zo binnenlopen. Boven in de grote aula zie je meteen het hokje van de studentenradio, waar Knausgård jarenlang heeft gewerkt. De redacteuren van dienst, Alexander, Silja, Sol en Ina, vertellen me dat de apparatuur nog dezelfde is als in Knausgårds tijd, maar dat het gebouw volledig is verbouwd. Alleen Silja kent trouwens zijn werk. 'Het is hier heel relaxed en altijd feest, precies zoals hij het beschrijft', zegt ze.

Op de terugweg naar de stad passeer ik Hulen, achter de universiteit gelegen, een in de heuvel verstopte bar waar Knausgård altijd naar bandjes luisterde. In zijn Bergense jaren was rockmuziek immens belangrijk voor hem, dus een bezoek eraan is een must. Op het aanplakbord hangen posters met metalbandnamen als Man the Machetes. De schrijver droomde ervan ooit met zijn band Kafkatrakterne in Hulen te staan. Helaas is de bar alleen in het weekend open.

Het is verrassend dat bijna niemand hier zijn boeken heeft gelezen, de hotelreceptionist niet, het barpersoneel niet. Weten ze hier wel dat hij een literaire rockster is in de rest van de wereld, van Amerika tot aan Amsterdam? 'Iedereen weet wel wie hij is, vooral academici hebben zijn boeken in de kast staan, maar ik ken niet veel mensen die ze daadwerkelijk hebben gelezen', zegt Geir Ask-Henriksen (29), een hipsterbarman in platenzaak annex café Apollon, ook een geliefde plek van Knausgård. De platenzaak - houten lambrisering, mannen en vrouwen met kapotte broeken en leren jasjes - verkoopt vinyl en serveert tegenwoordig plaatselijk gebrouwen biertjes, waarvan er een door de eigenaar van de zaak zelf wordt gemaakt. Van de plaatverkoop alleen kan de zaak niet meer bestaan.

In Bergen zijn drie lokale schrijvers beroemd geworden, vertelt Geir, en Knausgård is er een van. Maar de omvang van zijn boeken schrikt nogal af, bovendien vinden Bergenaren het moeilijk zich verbonden te voelen met de gevoelige auteur. 'De mensen hier zijn luidruchtig, opschepperig. Door de ligging van de stad, aan zee en omringd door bergen, zijn we altijd meer verbonden geweest met andere landen, zoals Engeland, dan met de rest van Noorwegen. Daarom is de volksaard, in tegenstelling tot de rest van het land, naar buiten gericht. Een Bergenaar denkt niet eerst na voor hij spreekt. Knausgård is juist introvert, zwijgzaam, verlegen. Vraag het anders nog even aan mijn baas', zegt Geir. 'Die kent iedereen.'

De studentenradio, waar Knausgård jarenlang werkte.Beeld Eivind Senneset
Hulen, de verstopte bar waar Knausgård naar bandjes keek.Beeld Eivind Senneset

Verrast

'Hij was niet zo'n goede muzikant', lacht de zwaar besnorde Apollon-eigenaar Einar Engelstad (63), die door iedereen 'Engelen' (engel) wordt genoemd. Hij is behalve winkeleigenaar en bierbrouwer de bekendste pop-recensent van de stad, 'een levende legende', volgens Geir. Terwijl hij een sigaretje rookt, diept Engelen herinneringen op. 'Als hij niet zo beroemd was geworden, had ik me zijn band nooit herinnerd.' 'Quasi-intellectuelen', noemt hij Knausgård en zijn broer. Maar Schrijver vindt hij toch wel goed. 'Ik was verrast dat hij zich nog zo veel herinnert van zijn tijd hier.'

Hij vertelt me over de rockscene van de jaren tachtig en negentig waartoe Knausgård behoorde en die zo anders is dan nu. 'We waren een hechte gemeenschap. Iedereen had een studiebeurs, maar niemand studeerde. We hielden ons alleen met muziek bezig. Bar Hulen was een lifestyle. Bijna iedereen werkte er gratis, later werden die mensen gevraagd voor belangrijke banen in de muziekwereld of de politiek. Vandaag de dag zijn studenten veel te serieus', bromt hij.

'Ik kan wel even kijken wanneer hij hier voor het laatst is geweest', zegt hij dan, en loopt naar de computer. 'Die jongen kocht altijd stapels.' Hij typt driftig en tuurt in het scherm.

'Zijn laatste aankoop was op 7 december 2001.' Engelen wijst het me aan op het scherm. Heeft Knausgård toch iets achtergelaten in Bergen.

Boeken van Knausgård
Het boek Schrijver, deel 5 van de Mijn strijd-reeks, werd uit het Noors vertaald door Marianne Molenaar.

De Geus, €15.

Café Opera waar de schrijver stamgast was.Beeld Eivind Senneset
Winkeleigenaar, bierbrouwer en poprecensent Einar Engelstad.Beeld Eivind Senneset
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden