Reportage

Het Afrika van Tarzan

Een uniek project voor safarigangers: gorilla's en bosolifanten zoeken in het regenwoud van Republiek Congo. Als toerist deel je er een kamp met wetenschappers.

Rivierwandeling.Beeld Noël van Bemmel

je denkt eerst: die spoorzoeker maakt een grapje. De kleine, gespierde Congolees wijst naar een donkergroene muur van stengels en bladeren. Past geen hand tussen. Maar ergens daarachter, verzekert hij, zijn de gorilla's voor het laatst gezien. Een mooi moment, zou je denken, om een glimmend kapmes te trekken en je als een 19de-eeuwse ontdekkingsreiziger een weg te banen. Maar zo gaat dat niet meer. De spoorzoeker pakt een kleine Gardena-snoeischaar uit zijn holster en gaat stapvoets voorwaarts: knip, knip, knip.

Na een uurtje steekt de Congolees zijn hand omhoog: niet meer bewegen, hij wil even luisteren naar de jungle. Een neushoornvogel maakt een raspend geluid, roodstaartpapegaaien vliegen kakelend over, een chimpansee krijst in de verte, een ritselende windvlaag doet een vrucht zo groot als een basketbal met een doffe klap op de grond landen. En dan: 'tsjomp!' Duidelijk het geluid van een gorilla die een stengel wilde gember uit de grond trekt. Snel die kant op - knipknipknip - bukken, sluipen. En dan wijst de spoorzoeker zwijgend naar links.

Eerst zie je niks. Nou ja, lichtgroen, donkergroen, schaduwen binnen schaduwen en hier en daar een vlekje zonlicht op de grond. Maar dan ontwaar je een zwart gezicht tussen de bladeren. Zware wenkbrauwbogen, U-vormige platneus en bruine ogen vol verbazing. Wat krijgen we nu ...?, lijkt de gorilla te denken. Plots trilt de grond, zware voetstappen naderen, hele struiken gaan plat, een oorverdovend gebrul klinkt op en getrommel op een machtige borstkas. Alsof, nou ja, een boze gorilla jouw kant op komt. 'Vooral niet rennen, maar wat ongeïnteresseerd een andere kant opkijken', had de safarigids geadviseerd.

Dat valt nog niet mee, maar het werkt. Op het laatste moment breekt het dominante mannetje Neptuno, een massieve spierbundel van 180 kilo, zijn aanval af. Met kordate pasjes, de ellebogen naar buiten gebogen, verdwijnt hij zwijgend achter een bosje. Achter mij hangt een dame uit Mexico snikkend in de armen van haar man. Onze spoorzoeker kijkt gespannen rond. Een kleine gorilla komt ons beter bekijken, een vrouwtjesgorilla springt brullend op en begint ook op haar borst te trommelen. En dan is de ontmoeting alweer voorbij. Vijf stappen verder en de groep verandert weer in vage tsjompgeluiden in het bos.

De spoorzoeker en zijn vriendin.Beeld Noël van Bemmel
Het geschrokken Mexicaanse echtpaar.Beeld Noël van Bemmel

Toeristen met kakikoorts

Primatologen proberen al drie jaar Neptuno en diens familie te laten wennen aan de mens. In 2013 mochten de eerste toeristen mee. Dit seizoen draait het op volle toeren, dit project in Republiek Congo, ook wel Congo-Brazzaville - niet te verwarren met het grote buurland Democratische Republiek Congo, ook wel Congo-Kinshasa. Twaalf bezoekers delen een afgelegen kamp met wetenschappers en plaatselijke gidsen, koks en kamermeisjes. Een rijke Duitse filantroop bouwde twee luxe lodges in het maagdelijke Odzala-Kokoua Natuurpark, huurde bewoners van omliggende dorpen in en haalde Engels sprekende gidsen uit andere Afrikaanse landen. Dit jaar opende ze ook een lowbudgetkamp in het ruige gebied.

Odzala staat bekend om haar dichte woud - kijk omhoog en je ziet vooral donkere bladeren met hier en daar een plukje blauwe lucht. Majestueuze bomen steken er 's ochtends boven de mist uit. Maar het beroemdst zijn de zogeheten bais: grote open plekken waar bosolifanten, buffels, gorilla's, chimpansees en nog veel meer dieren rondhangen om zout en mineralen op te slurpen. Ze zijn in twee dagen te bereiken vanaf hoofdstad Brazzaville (zeg maar Brazza). Die tocht wordt begeleid, maar het is toch een avontuur: een binnenlandse vlucht, door in een transferbusje, overnachten in een dorpshotel, een wankel pontje over een zijtak van de Congorivier en uiteindelijk een hobbelende terreinwagen.

Niet verwonderlijk dus, dat deze nieuwe bestemming is bedoeld voor rijke avonturiers of ervaren safarigangers. Voor toeristen met 'kakikoorts' (Europeanen en Amerikanen die geen genoeg kunnen krijgen van Afrikaanse natuurparken) en die waarschijnlijk de berggorilla's van Rwanda al hebben gezien. 'Dat was een mooie ervaring, maar dit is véél avontuurlijker', zegt de vijftiger Karen Parsons. De praatgrage officier van justitie uit Los Angeles puft uit na een urenlange wandeling door kuithoog water. De Mexicaanse dame die zo schrok van Neptuno zegt: 'Zelf vond ik de berggorilla's in Rwanda wel genoeg. Maar ja, mijn man is zelf ook een dominant mannetje.'

Vaartocht op een zijrivier van de Congo.Beeld Noël van Bemmel

De blik van de gorilla

Odzala is luxe én ruig. In het kamp loop je over aangeveegde vlonders boven de Afrikaanse modder, tournedos en Danone-yoghurt worden ingevlogen uit Parijs. Je klamme hemd hangt 's avonds gewassen en gestreken in je hut met hemelbed en om 5 uur 's ochtends zet een safarigids zacht rinkelend een koffieservies naast je muggennet. Maar eenmaal buiten ploeg je door rode modder, waad je door beken en duw je tegen struiken die niet meegeven. Wie niet oplet, stapt zo in een colonne mieren die bijtend langs je been oprukt. De gids: 'Man! Nog nooit zag ik een groep zich zo snel uitkleden.'

Is dat wel leuk? Ja, zeker voor vakantiegangers die de savannes van Afrika al hebben gezien. Die verlangen naar het Afrika uit de Tarzanboeken, waar gorilla's op hun borstkas trommelen en pygmeeën hun pijlpunten in gif dopen. Zulke reizigers, vaak gepensioneerde stellen, proppen maar wat graag hun broekspijpen in hun sokken tegen teken en trekken een muskietennet over hun hoofd tegen de zweet drinkende bijen. Die hebben weliswaar geen angel, maar ze zijn lastig te negeren als ze in je neusgaten kruipen. Vergeet ook het verplichte mondkapje niet, dat moet voorkomen dat gorilla's griep oplopen door bezoekers.

'Dit is voor iedereen een experiment', zegt primatologe Magda Bermejo. Zij doet al 21 jaar onderzoek in het Congobekken naar bonobo's, chimpansees en gorilla's. Het is volgens haar uniek dat toeristen direct onderzoek steunen. De Spaanse wetenschapper woont achter de keuken van het kamp, samen met haar promovendi en spoorzoekers. Op loopafstand leven acht groepen laaglandgorilla's, waarvan er drie dagelijks worden gevolgd. Magda koos de streek omdat dorpelingen er niet op mensapen jagen. 'Legendes over slimme chimpansees spelen hier een belangrijke rol. Moeders vertellen kinderen dat die mensapen vroeger samen met de mensen leefden in het dorp. De gorilla is hun domme broertje, een goedzak die te veel eet.'

Het duurt nog een paar jaar, schat Magda, voordat de gorilla's gewend raken aan bezoekers met mondkapjes en camera's. Het treft haar hoe intens toeristen een ontmoeting ervaren. 'Iedereen begint over de heftige emotie die zij voelden. Dat heeft, vermoed ik, te maken met de blik van de gorilla; die is intiemer dan die van de chimpansee. In combinatie met zijn kalme uitstraling maakt dat veel indruk.' Ook de wetenschappers moeten wennen aan toeristen. 'Niet iedere promovendus heeft zin om aan te schuiven. Maar ik leg uit dat toerisme een vorm van natuurbeheer kan zijn. Als ze dat niet zien, kunnen ze beter naar huis.'

Spoorzoeker met zijn Gardena-schaar.Beeld Noël van Bemmel

Gin-tonic erbij, kampvuur aan

Na twee dagen in de dichte jungle rijden de gasten naar Lango Camp, gelegen aan de rand van een grote open plek, waar moerasantilopen en bosbuffels voor je neus grazen. Gin-tonic erbij, kampvuur aan; dit lijkt meer op een klassieke safari. Maar nee, de volgende ochtend loopt de spoorzoeker zó een riviertje in voor een natte wandeling van een paar uur. Links een visarend met zijn witte kop, rechts een groep roodstaartmeerkatten in een boom, verderop ligt een kudde buffels in de modder. Vanaf Lango kun je ook een rivier afdrijven in een bootje. Olifanten steken over, ijsvogels duiken en een meterlange meerval wandelt over de oever op glimmende borstvinnen. De Zuid-Afrikaanse gids, grijnzend: 'Dat zie je echt alleen in Congo.'

De Europese Unie stak afgelopen decennia 20 miljoen euro in Odzala-Kokoua Natuurpark, behorend bij een groter natuurproject in Centraal-Afrika. Brussel dreigde te stoppen met de steun aan Congo wegens wanbeleid. Daarop nam de particuliere organisatie African Parks - met veel Nederlands geld - in 2010 het beheer van Odzala over. Hun tactiek: stropers hard bestrijden en het toerisme stimuleren als alternatieve inkomstenbron.

'Dat is makkelijker gezegd dan gedaan', zegt parkmanager David Ziller (die inmiddels is overgeplaatst). Hij begon in 2013 met een rondje vliegen over het park. 'Echt, ik zag alleen maar stroperskampen en rekken om vlees te drogen.' De Zwitser kreeg de grootste ivoorhandelaar in de gevangenis, maar moest vorig jaar een gewapende aanval op zijn kantoor in het nabijgelegen dorp Mbomo doorstaan. 'De ivoormaffia is hier nog steeds de baas.' Ziller wil de strijd niet opgeven. 'Als we dat doen, worden alle negenduizend olifanten afgeslacht.'

African Parks heeft in Congo de handen vol aan stroperij en corruptie. Dat is jammer, want de organisatie heeft elders in Afrika laten zien dat natuurbeheer en toerisme goed samen kunnen gaan. Ziller, met dromerige ogen: 'In het noorden van Odzala bestaan bais..., daar krioelt het van de bosolifanten, bongo's, gorilla's en chimpansees. Daar zou ik observatieplatforms willen bouwen en betaalbare tentenkampen op loopafstand. Iedereen zou de kans moeten krijgen zoiets moois te zien.'

Praktische informatie

De Nederlandse touroperator All for Nature organiseert reizen waarbij toerisme bijdraagt aan natuurbehoud. Een bezoek aan Odzala-Kokoua Natuurpark is mogelijk vanaf euro 3.500, exclusief vluchten allfornature.nl.

Een KLM-ticket Amsterdam-Brazzaville kost ongeveer euro 1.900, vanaf Brussel euro 1.000. Ethiopian Airlines vraagt euro 950 vanaf Amsterdam.

In Republiek Congo zijn afgelopen jaren geen gevallen van ebola gemeld.

Bosolifant langs de rivier.Beeld Noël van Bemmel

Bazige vrouwtjes

De kampen hebben een zwaar jaar achter de rug omdat gasten wegbleven uit angst voor ebola, ook al dook het virus hier dit keer niet op in Republiek Congo. Uitbater Congo Conservation Company lijkt vast van plan te bewijzen dat toerisme en natuurbeheer hand in hand kunnen gaan. Een Zuid-Afrikaanse gids: 'Uiteindelijk moeten lokale gidsen mijn werk overnemen. En zullen steeds meer dorpelingen inzien dat bescherming van het bos in hun eigen belang is.'

De expeditie is prijzig, maar daar staat tegenover dat je met hooguit vier gasten op zoek gaat naar gorilla's. 's Avonds delen primatologen of spoorzoekers hun kennis met je. En ze leggen uit wat je hebt gezien. Zo hoor je na het voorgerecht, wat je eigenlijk al vermoedde: die Neptuno is best een goedzak. 'Oké, hij valt je aan, maar dat is plichtsbesef. Zag je hoe lief hij is voor de kleintjes? Hij heeft een paar bazige vrouwtjes die op hun borst trommelen om hun leider te laten zien hoe het moet. Eigenlijk vreselijk voor hem.'

Daarna begrijp je de grote aap beter, als hij onder het middagdutje alleen op een hoge tak gaat zitten. Uitkijkend over zijn woud, de bolle buik naar voren en de zon op zijn gezicht.

Voetsafari.Beeld Noël van Bemmel
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden