Even he-le-maal niets bij het Grimsel Hospiz in de Zwitserse Alpen

Bij hotel Grimsel Hospiz, op een bergtop in de Zwitserse Alpen, midden in een sprookjesachtig winterlandschap, is niets te doen. En dat is nou net de bedoeling.

Ochtendlicht bij hotel Grimsel Hospiz in Berner Oberland Beeld Linda van de Pavoordt

De kabels waaraan de smalle werkmansgondel hangt, verdwijnen aan beide kanten in de wolken. Alsof je van niets naar nergens gaat. Wat eigenlijk ook zo is. Dit is geen wintersportoord, maar het domein van Kraftwerk Oberhasli (KWO), het bedrijf dat energie wint uit water. Eindpunt van de reis bergopwaarts is het Grimsel Hospiz. Een historisch hotel hoog op een bergpas, waar binnen een haardvuur knappert en je eindelijk weer eens de tijd neemt voor een boek, terwijl buiten de sneeuw in trage vlokken omlaag dwarrelt. Als je uitgelezen bent, loop je naar de spelletjestafel met bordspellen als monopoly en scrabble. Of je schuifelt op slippers en in badjas door de sneeuw naar de hottub, voor een halfuurtje bubbelen in de openlucht, omringd door de bergtoppen.

Maar eerst de voorbereidingen. Want een paar dagen van tevoren komt een mail binnen: 'Denk aan warme kleding, handschoenen een beanie. En houd er rekening mee dat het Grimsel Hospiz geïsoleerd ligt. Er zijn geen winkels of restaurants in de omgeving.'

Praktische informatie

'De meeste gasten komen voor de stilte', zegt receptionist Claudia, als ik haar volgens instructie ontmoet bij het hoofdkantoor van Kraftwerke Oberhasli in Innertkirchen. Het is de spil van 'Grimsel Welt', een berggebied met hoge toppen, gletsjers, watervallen, stuwmeren en waterkrachtcentrales. Sinds 1925 wint KWO hier elektriciteit uit stromend water. Inmiddels zijn er elf waterkrachtcentrales, tien stuwmeren en 150 kilometer aan tunnels. Er wordt genoeg elektriciteit geproduceerd om 1,2 miljoen mensen een jaar lang van stroom te voorzien. Dat vertelt gids Luzius Gartmann tijdens de rondleiding Energie im Granit, die je kunt boeken als onderdeel van een verblijf in het Grimsel Hospiz en die door een deel van de krachtcentrale diep in de berg gaat.

De weg óver de berg, de Grimselpas, is tijdens de winter gesloten voor verkeer. Dat betekent dat de entree naar het hotel op zijn zachtst gezegd nogal industrieel is. Via de krachtcentrale, twee bedrijfsgondels en door kilometerslange gangenstelsels reizen we binnen een uur naar het hotel. Vanuit de gondels, die verder alleen door personeel worden gebruikt, zie je besneeuwde dennenbomen en kun je de wand van een stuwmeer onderscheiden.

Lezen, lezen, lezen. Beeld Linda van de Pavoordt

Praktische informatie

Het Grimsel Hospiz ligt op bijna 2.100 meter in het Zwitserse Berner Oberland. In de zomer rijd je er met de auto naartoe, in de winter is toegang naar het hotel alleen mogelijk via bergbanen en gangenstelsels door de berg.

Vlieg of trein naar Zürich en stap daar over op de smalspoortrein naar Innertkirchen MIB, dat naast de krachtcentrale ligt.

Tweepersoonskamer vanaf 230 Zwitserse franc (199 euro) per nacht, inclusief ontbijt en diner. Het vervoer vanaf de centrale naar het hotel (postbus, gondel, een busje door de berg en dan nog een gondel) in de winter kost 69 franc (euro 60) p.p. grimselwelt.ch/grimselhotels

In de winter geopend van eind december tot midden april, van woensdag tot en met zondag. Andere dagen op aanvraag. In de zomerperiode is het hotel van begin juni tot half oktober geopend (di-zo). Meer informatie: myswitzerland.com

Het eerste Grimsel Hospiz stamt uit de 12de eeuw en lag aan de handelsroute van Zwitserland naar Italië. Er zijn daar heel wat Zwitserse kazen verruild voor zout en rijst uit Italië.

Deze oude herberg ligt nu op de bodem van een stuwmeer. In 1932 werd daarom op een hogere plek een nieuwe herberg gebouwd onder dezelfde naam. Het fungeerde als mijnwerkersverblijf en als sobere berghut voor wandelaars. Tot het een paar jaar geleden onder handen werd genomen door de Zwitserse architect Andrin Schweizer. Nu is het een luxehotel met 28 kamers, een wijnkelder, een lounge met haardvuur en een salon met panorama-uitzicht.

Het hotel was vroeger alleen 's zomers geopend als de pas sneeuwvrij was. Sinds een paar jaar hebben ze ook een winteropening, zodat gasten de bijzondere sfeer in de winter kunnen ervaren. In de tussenseizoenen, in voor- en najaar, zijn ze gesloten. Skiën is 's winters niet mogelijk, het is zelfs verboden ski's mee te nemen in de Sommerlochbahn, de gondel die uitkomt bij het hotel. Ook wandelen gaat dan niet: het is er te onherbergzaam om de wandelpaden te onderhouden. Er is één kleine uitzondering: de 'Winterwanderweg', een rondje om het hotel. Toch krijg je een outdoorgevoel, zeker als er een dik pak sneeuw ligt. Wie de receptionist vraagt of je het wandelingetje ook zonder sneeuwschoenen (rackets met spijkers eronder) kan, krijgt het vriendelijke antwoord dat je het 'kunt proberen'. Ze klinkt als een geduldige moeder die het haar kind gunt zelf iets te ontdekken. Na vijf stappen en evenzoveel keren tot aan je heupen wegzinken in de sneeuw, keer je op je schreden terug naar de kelder om toch sneeuwschoenen onder te binden. Het hotel ligt de hele wandeling op steenworp afstand, gevaarlijk is anders. Toch: als het sneeuwt en de wind guur waait, voel je hoe meedogenloos het weer in de bergen kan zijn.

De gondel naar boven Beeld Linda van de Pavoordt

Het ritme van het Grimsel Hospiz: 's ochtends is er een uitgebreid ontbijt, 's middags kaffee und kuchen en 's avonds een viergangendiner. De meeste gasten blijven slechts één of twee nachten. Voor wie de rondleiding in de kraftzentrale heeft gedaan, de wandelexpeditie achter de rug heeft en warm is gebubbeld in de hottub, blijft er niets anders over dan relaxen. Het is niet ongewoon gasten te zien staren. Naar het fenomenale uitzicht, naar de vlammen in de open haard of naar de houten balken van het plafond. Zoals medegast Karlheinz Reissinger, achteroverleunend in zijn fauteuil. 'Nichts zu tun, dat is zeldzaam', verzucht hij terwijl hij de houten balken in het plafond inspecteert. 'Het voelt...', hij zoekt even naar het juiste woord: 'Angenehm.' Hij boekte het verblijf als verrassing voor zijn vrouw Anna.

Zoals receptionist Claudia al voorspelde, komen Karlheinz en Anna zoals bijna alle gasten uit een van de grote steden in Zwitserland: Zürich, Bern, Basel. Het hotel lijkt daarmee echt een Zwitsers geheim. Claudia: 'Ik ben in de bergen opgegroeid en ken de stilte van de natuur. Maar voor mensen uit de stad is het bijzonder. Als ik hun reacties zie, weet ik weer hoe speciaal het is.'

Het hotel met de hottub Beeld Linda van de Pavoordt
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden