De GidsLust & Liefde

Evelien (56) had zeventien krankzinnige jaren lang twéé relaties

Beeld Sasa Ostoja

De huisvriend van Evelien (56) wilde haar doorgronden, en zij had geen verweer. ‘We betoverden en vergiftigden elkaar en mijn man schikte zich.’  

‘Mijn huwelijk had de functie van verstopplaats, de enige plek waar ik precies wist waar ik aan toe was. Een bewogen jeugd maakte dat er iets ontbrak in mij, er was iets niet, en dat ontbreken probeerde ik op te lossen door me te omringen met veiligheid en vrienden. Ik hield van koken en als de gasten de deur uitgingen, trokken we alweer onze agenda voor de volgende afspraak. Ik ben ze mijn reservemensen gaan noemen, mannen en vrouwen die wel vrienden heetten, maar in feite moesten maskeren dat ik me permanent alleen voelde. Ik gaf en gaf, mijn man was mijn haven, en mijn omgeving een excuus om mezelf als het ware niet te hoeven voelen. Zo creëerde ik lang een balans, maar toch brak na een tijd de onrust door mijn zorgvuldig aangebrachte pleisterwerk. 

Het was rond mijn 40ste, in 2002, mijn dochter was 7. Ik was te dik en mijn gezicht was een mijnenveld van acné; alsof ik door toe te staan onaantrekkelijk te zijn, een poging deed mijzelf uit te vlakken en onbetekenend te maken. Op een dag nam mijn man me mee naar een openluchtconcert van Blackmore’s Night met Deep Purple-gitarist Ritchie Blackmore. Een beveiliger hield het publiek op afstand, en het klinkt absurd, maar op het moment dat hij voor mij stond en even met zijn veel te forse buik in de mijne prikte, was het of er iets werd wakker gemaakt. Niet zozeer erotiek, het had iets te maken met het gevoel zacht omhelsd te worden. Mijn man was mijn vriend, een door en door loyale man, lang en mager, als ik hem aanraakte voelde ik niks dan botjes en deze gezellige buik maakte me bewust van het gemis van fysieke warmte en zelfs ontroering.

Ik ging naar huis en de volgende avond kroop ik achter mijn computer en ben gaan schrijven. Regelafstand één, pagina na pagina. Ik schreef maar door, bijna alsof mijn gedachten er niet aan te pas kwamen, maar mijn vingers het werk deden. Drie maanden lang, iedere avond schreef ik. De eenzaamheid, het gebrek aan vervulling dat ik al die jaren had bewaard, kwam plotseling verwoord naar buiten. Ik viel 10 kilo af, maar ook in ander opzicht voelde ik me verlicht. In een zelfgecreëerde roes begon ik greep te krijgen op mijn zielenpijn en ontwaakte. Mijn man vroeg al die maanden niet één keer: wat ben je toch aan het doen? Meestal tuinierden of lazen we wat in de avonden, maar hij leek er niet van op te kijken dat ik die routine met mijn geratel op het toetsenbord doorbrak. Noch kwam het ook maar één keer in mijn hoofd op hem deelgenoot te maken van de inhoud van wat ik mijn boek noemde. 

Ik ging ervan uit dat hij het toch niet zou begrijpen, de enkele keer dat ik een poging had gedaan hem uitspraken te ontlokken over zijn verlangens en wensen, keek hij mij altijd een beetje geschrokken aan en zweeg. Mijn man betekende voor mij vertrouwdheid en vriendschap, daar had ik in berust. Hij was een behoedzaam mens, die alleen woorden gaf aan het tastbare en concrete in de wereld. Maar er was een andere man die me wel opmerkte, een vriend die ik al sinds 1985 kende en die ik altijd ons huisdier noemde omdat hij en zijn vrouw bij ons kind aan huis waren. Ik had nooit geschreven met de bedoeling te worden opgemerkt, het magische formuleren was al bevredigend genoeg, maar toen er ineens aandacht voor was, pakte ik die hongerig aan.

Mag ik lezen wat je schrijft?, vroeg het huisdier. Nee, zei ik, dit is alleen voor mij. Hij drong aan. Goed, zei ik, maar alleen de inleiding. Hij las die en wilde meer en al snel spreidde ik bladzijde voor bladzijde voor hem uit; alle intimiteiten die eigenlijk slechts bedoeld waren voor mijn eigen inzicht. Er ontstond een correspondentie tussen ons waarin hij vleiende termen gebruikte als ‘bloemrijk’, ‘fascinerend’, ‘buitengewoon’. Voor het allereerst werd die zeurende leegte in mij opgevuld. Ik wist dat onze huisvriend ook uitgebreid met andere vrouwen correspondeerde, maar wat zou het, ik had toch geen romantische plannen met hem. Mijn man was me nog steeds alles waard, hij had me immers met zijn veiligheid al die jaren verzekerd. En toch, na heel veel mails over en weer, werd ik tegen wil en dank verliefd op deze man. In de jaren ervoor waren we gewoon bevriend geweest als stellen, maar nu bekeek ik hem op een andere manier en kon ik wat er ontstond tussen ons niet stoppen. Ik had simpelweg geen verweer toen er iemand voor me stond die me zag en van harte doorgrondde. 

Ook hij had een manier ontwikkeld om zichzelf te beschermen, hij deed dat met grenzeloze nieuwsgierigheid en belangstelling die nooit exclusief was maar ook andere vrouwen betrof. Ik wist dus wie ik kuste, die middag in de gang bij mij thuis. Er volgden zeventien krankzinnige jaren van afstoten en aantrekken, van zielsverwantschap afgewisseld met scherpe, kwetsende ruzies, waarbij de herkenning, altijd maar weer die onverzadigbare behoefte aan herkenning de rode draad was. We betoverden en vergiftigden elkaar en mijn man schikte zich. Jarenlang woonde ik de helft van de week bij hem en onze dochter en de andere helft bracht ik door met mijn vriend. ‘Zij heeft er twee’, schampten de buren, en mijn dochter zag een moeder die voor zichzelf koos. Ik bloeide, maar mijn geliefden bloedden.

En mijn man, wilde hij dan niet bloeien? Ik vroeg het me niet af. Zeventien jaar heeft deze situatie geduurd. Tot mijn vriend in de week van mijn moeders euthanasie appte: ‘Fijne laatste dagen met je moeder,’ en zelf met zijn zoon op vakantie ging. Toen was het genoeg. Laatst vroeg ik mijn echtgenoot: waarom ben je altijd bij me gebleven? ‘Je hoort bij me’, antwoordde hij na een lange stilte. Binnenkort gaan hij en ik in therapie. There’s a crack in everything, zong Leonard Cohen, that’s how the light gets in.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Evelien ­gefingeerd. Ook geïnterviewd worden?

Ook geïnterviewd worden? Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl.

Ook voor deelname aan onze podcast ‘Van twee kanten’,waarin geliefden elk over (een speciale gebeurtenis in) hun relatie vertellen, kunt u naar dit adres mailen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden