reizen oostzee

Een vette roadtrip langs de Oostzee, ja dat kan

Student Marjaali voor de burritotent op het Estse eiland Muhu. Beeld Ruben Drenth

Europa heeft nóg een zee. Een vreemde, heerlijke zee. Rijd gewoon oostwaarts door de eindeloze bossen en duinen langs de Baltische kust.

We duwen de duindoornstruik aan de kant en stappen het witte zand op. Niemand te bekennen. Het dromerige duinlandschap van Nida, ­Litouwen, de kalme zee en het kloeke woud dat langs de hele Baltische Zee lijkt te lopen – van het Duitse Kiel tot aan Estland – is helemaal voor ons. Of wacht: daar steekt een wachttoren boven de bomen uit, op de grens tussen Litouwen en de Russische enclave Kaliningrad.

Ik neem een royale aanloop, duik het staalblauwe water in en ga vol op mijn gezicht. Happend in nat zand. De ­Baltische Zee is anders. Na honderd meter lopen staat het water nog steeds op kniehoogte. Je verwacht ijskoud water uit het noorden, maar het is lauwwarm. Lik aan je arm en je proeft zoet.

We hadden zin in een roadtrip, foto­graaf Ruben en ik. In zon, zee en strand. Maar liever niet langs de Middellandse Zee, waar hoogbouw het uitzicht domineert en een ijsje 5 euro kost. Oostwaarts moest het, naar die ándere Europese zee, die vergeten zee. Ons plan is simpel: we gooien een sixpack energiedrank en drie zakken chips in een oude Opel en rijden in één ruk door naar de Estse hoofdstad Tallinn. En dan kalmpjes terughobbelen, dwars door de pijnboomwouden waar, tussen de stammen door, de Baltische Zee glinstert in de avondzon.

Gekleurde façades in het sprookjesachtige centrum van Tallinn. Beeld Ruben Drenth

De Baltische Zee begint al bij het Duitse Kiel, ruim 500 kilometer rijden vanaf Amsterdam. Stuur de auto nog anderhalve dag door over kaarsrechte wegen en je bereikt Tallinn. Daar stappen we hoopvol uit en kijken we verbaasd om ons heen. In welke eeuw zijn we terechtgekomen? Het centrum van de stad ligt op een heuvel en telt werkelijk geen enkel modern gebouw. Het staat er bol van de kerken – katholieke, lutherse, Russisch-orthodoxe. Smalle stegen met kinderkopjes en waaggebouwen. Cool, zou je zeggen, zo’n schilderachtig centrum. Maar dan moet je wel van Anton Pieck-decor houden.

Zelfs de inwoners lopen in middeleeuwse kostuums. Neem restaurant Olde Hansa op het Raekoja-plein, in het waaggebouw. Zaalwachters in capes heffen op het plein liederen aan en begeleiden zichzelf op trommels, tamboerijnen en blokfluiten. Je wordt aangesproken alsof je een koopman bent uit de 15de eeuw. ‘In Englysch tonge I schal telle you the menu.’ Van een perkamenten rol leest een vrouw in hoepelrok het menu voor: vandaag varkenspoot in biersiroop!

Bij Koffiehuis Maiasmokk in Tallinn geniet de oude generatie van een ouderwetse kop koffie. Beeld Ruben Drenth

Geschokt bellen we een Estse vriendin. ‘Help ons! Waar gaan gewone Esten heen?’ De stad uit, zo blijkt. Of in ieder geval weg uit het centrum, weg van de vrouwen op stelten en mannen in capes die elandsoep ­slurpen uit houten kommen – gefoto­grafeerd door hordes toeristen. Haar advies: keer om, loop onder het treinstation door naar Telliskivi Creative City.

Tweedehandsmarkt van Telliskivi Creative City. Beeld Ruben Drenth
Marktverkoper in Tallinns hippe buurt Telliskivi. Beeld Ruben Drenth

Deze hipsterhotspot blijkt een soort Westergasfabriek Amsterdam meets Markthal Rotterdam: een broedplaats met de kenmerkende ­cactussen, tafels met laptops en ambachtelijk bier in fraaie flesjes door de illustrator van het frisse design­bureau uit de straat. Tussen voormalige pakhuizen wandelen we langs goedlachse jonge Esten die tweedehands­kleding verkopen op een marktje. Ook niet helemaal wat we zoeken, maar al meer van deze tijd. Sms van vriendin: ‘Rij morgen in een paar uur naar het eilandje Muhu. Rust en stilte verzekerd.’

Zittend op een vlonder treffen we op dat kleine eiland, de blonde student Maarjali Vaht aan. Ze eet een burrito. ‘Op Muhu neemt zelfs de tijd een pauze, zeggen we hier’, zegt ze zachtjes. Muhu, bereikbaar per veerboot, telt krap tweeduizend inwoners. Er staan molens, een paar koeien en dat is het wel. Ja, en een burritotent met cactussen, gerund door een Est die aan de Erasmus Universiteit studeerde en zag dat Rotterdam zich in hoog tempo vult met hippe tentjes. Dat is iets voor thuis, dacht hij. Maarjali woont zelf niet meer op Muhu. Ze volgt een opleiding in studentenstad Tartu. ‘Maar ik kom terug. Ik hóór bij deze stilte.’

We rijden door over een brug naar het grotere eiland Saaremaa. Daar parkeren we, op een eindeloze zomeravond, bij de steile Panga Cliff met uitzicht op de Oostzee. Je zou bussen verwachten op de parkeerplaats, maar we zijn weer alleen. De rotsen, het zeewier en het groene zeewater gaan een magisch spel aan met het zachte licht van de rode ondergaande zon. Een soort xtc-ervaring, misschien wel beter.

Een van de oude molens op het Estse eiland Saaremaa. Beeld Ruben Drenth

In de Letse hoofdstad Riga willen we uit. We dalen een wenteltrap af en belanden in kelderkroeg Ala Pagrabs. Voor ons een schaal gefrituurd brood met kaas-knoflooksaus, een Letse specialiteit, en een pul donker bier. Naast ons zitten Lasma en haar vriendin Tatjana, ze komen net van zangles. Zo’n beetje iedere Balt blijkt in een koor te zitten. In 1989 vormden twee miljoen Balten een menselijke keten van zeshonderd kilometer lang tussen de drie hoofdsteden. Lasma zat bij haar vader op de nek. ‘We zongen verboden volkswijsjes en zo dwongen we onafhankelijkheid van de Sovjet-Unie af.’ Een half uur later zitten we op de eerste rij in de opera. Tussen een verrassend jong publiek, kaartjes kosten een tientje, knoflookadem geen probleem.

De volgende dag lopen we met een mand onder de arm het aan zee grenzende bos bij het Letse Jūrmala in. Dat doet iedereen aan de Baltische Zee in het weekeinde. Paddestoelen en bessen zoeken in het bos. ‘Misschien vinden we wel een varenbloem’, grapt Lasma. Die bloem verschijnt volgens de mythe alleen op 21 juni tijdens de zomerzonnewende die men massaal viert met kampvuren en bloemen in het haar. Wie de bloem vindt zal gelukkig worden; de bloem is ook een vruchtbaarheidssymbool. Tijdens midzomernachtfeesten gaan veel jonge koppels het bos in ‘op zoek naar de bloem’. De Baltische Staten die te kampen hebben met een braindrain kennen ieder jaar – negen maanden na de midzomernachtfeesten – een kleine opleving van het geboortecijfer. Die middag rollen we als dennen­appels van een spierwit en hoog duin zo de Oostzee in.

‘Hoofdpijn?’, vraagt een mevrouw in de markthal van de Litouwse hoofdstad Vilnius. Ze drukt een bosje groene sprieten een centrifuge in. Op zaterdagochtend staat iedereen die de avond ervoor te diep in het glaasje heeft gekeken met kleine oogjes in de rij voor de sapbar. Een rijtje boete­doeners. We knikken. Zonder te vragen geeft ze ons twee kleine bekertjes uitgeperst tarwegras. ‘Very good!’ lacht ze. En ontzettend smerig, maar we drinken het braaf op.

IJskoffie, gin-tonic en weizen drinken voor de Sint Theresakerk in Vilnius. Beeld Ruben Drenth

De avond ervoor zijn we wezen stappen met de Litouwse sterrenkok Deivydas Praspaliauskas. Hij is bekend van televisie en staat met z’n kop in de roddelbladen. Hij heeft een nieuw restaurant, Amandus, in de hoofdstraat. Knappe obers met ­designbrillen en opgerolde hemdsmouwen die de ­tatoeages op ­zijn onderarmen vrijlaten. De sfeer doet Scandinavisch aan, want Praspaliauskas werd opgeleid bij René Redzepi’s Noma in Kopenhagen.

Na het diner trekt Praspaliauskas z’n keuken schoon, schiet hij in een spijkerbroek en neemt hij ons mee naar het nachtleven rond de baby­blauwe stadspoort. In wijnbar Invino genieten we van alle aandacht van Litouwse vrouwen. Een groepje mooie meisjes loopt op de fotograaf af als hij aan de bar staat. Ze giechelen. Ik zie mijn reisgenoot glunderen, maar al snel beteuterd kijken. Wijzend naar Praspaliauskas; ‘Of ik ze bij hém kan introduceren.’

De Baltische kust is verleidelijk. Je kunt er jezelf onderdompelen in een arcadische idylle, bessen plukkend of met je voeten in de rimpelloze Oostzee. Maar je kunt ook verdwijnen in een wereld van kortgerokte vrouwen, stroboscopen, manshoge speakers en kortgeknipte mannen die de clubs domineren. We dansen en drinken meer dan goed voor ons is, voor bijna geen geld. In het Poolse Sopot – net buiten de fantastisch opgeknapte havenstad Gdansk – nemen we ’s ochtends voor 5 euro een taxi terug na een nacht in deinende zweterige strandclubs.

Twee dagen later kopen we later op het Duitse eiland Rügen een Bildzeiting en doen we als de rondbuikige Duitse mannen; we gaan zitten in de antieke houten strandkorven aan de voet van de Sellin Pier, de mooiste pier van de Oostzee, en bestellen witbier en gebraden vis. We nemen de Bild-­roddels door en kijken wat er langs komt flaneren door de branding. Je zwembroek mag je thuislaten. Het stikt langs de Baltische kust van de naaktstranden. Op het naaktstrand van (voormalig)eiland Darß duiken we nog één keer de heerlijke Oostzee in en rijden dan via Bad Bentheim de grens met Nederland weer over.

Thuis gelooft niemand dat je aan de Oostzee zo’n vette roadtrip kunt maken.

De 240 meter brede Ventas Rumba waterval bij de Letse plaats Kuldiga. Beeld Ruben Drenth
De oude kern van Kuldiga in het westen van Letland. In deze kleine hanzestad zijn vrijwel alle huizen nog van hout. Beeld Ruben Drenth

Praktisch: langs de Oostzeekust

De Estse kust is een eind rijden, ruim 2.000 km. Maar de Duitse eilanden in de Oostzee liggen al op zo’n 700 kilometer.

Hipster-enclave Telliskivi Creative City in Tallinn, Estland organiseert regelmatig evenementen, telliskivi.cc/en

Langs de Oostzee stikt het van de ­welnesshotels. Zoals het sobere Hotell Saaremaa Thalasso Spa op het eiland Saaremaa, Estland, saarehotell.ee

Eten bij televisiekok Deivydas Praspa­liauskas in zijn restaurant Amandus in ­Vilnius, Litouwen kost € 55. Slapen kan in het arty ­Artagonist-hotel ­ernaast, amandus.ltartagonist.lt

Naar de opera in Riga, Letland is een feest en nog betaalbaar ook, opera.lv

In een oud graanpakhuis aan de rand van het oude centrum van het Poolse Danzig zit Hotel Gdańsk Boutique, hotelgdansk.com.pl

Het Duitse eiland Rügen staat vol oude badhotels, zoals Hotel Hanseatic met een romantisch restaurant in de toren, hotel-hanseatic.de

Algemene informatie: ­latvia.travel­lithuania.travel/en, ­polen.travel/nl­visitestonia.com/en, ­germany.travel/nl

CO2-uitstoot

Een autorit naar Tallinn levert 1000 kg CO2-uitstoot op, volgens voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal. Dat is te compenseren voor 15 tot 20 euro via treesforall.nl of fairclimatefund.nl. Meer informatie op klimaatwijsopvakantie.nlmilieucentraal.nl/vakantievervoer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden