Een goede grasmat heeft droog weer, een winderige omgeving en veel licht nodig

De Perfecte Grasmat

John Hendriks voorziet voetbalstadions van gras, van hier tot Iran. Hij heeft ook tips voor de tuin.

John Hendriks (Foto: Frank Ruiter)

‘Wij waren vier boerenzonen, opgegroeid met de voeten in de klei. Maar in het boeren zat in de jaren zeventig al geen toekomst meer. Gras - dat was een ander verhaal. In die tijd werd er veel gebouwd. De mensen waren allang blij dat ze een huis hadden en dachten: die tuin, dat doen we later wel. Ze legden er gras in, dan was het in elk geval groen. Daarin zagen wij kansen. In 1975 zijn wij begonnen. Inmiddels zijn we een van de grootste graszodenkwekerijen van Europa. We verkopen aan voetbalstadions, hoveniers, tuincentra. In Nederland, België, Duitsland, Zwitserland – noem maar op.

‘Graszoden leggen kun je zelf. De oude kun je met een zoden-snijmachine van de ondergrond lossnijden en verwijderen. Je kunt ze ook onderspitten. Je spit de grond zo’n twintig centimeter diep om. Zorg ervoor dat de omgespitte grond bovenop komt. Vervolgens verdicht je de grond door er een wals overheen te rollen, of door die met je voeten aan te stampen. Daarna egaliseer je de grond grofweg met een hark. Dan strijk je de grond plat met een plank die je tussen je twee handen houdt. Je harkt de bodem lichtjes los en strooit er mest op. Nu kun je de nieuwe graszoden uitrollen en op maat snijden. Als ze eenmaal liggen, moet je goed blijven sproeien totdat de zoden aan de ondergrond zijn vastgegroeid.

‘De graszode is in Nederland al een heel oud product. Het onjuiste beeld van gras kweken is: ik strooi wat zaad, ik maai wat en ik heb gras. Nee: dit is sierteelt, dat betekent per definitie veel werk. De zaden kopen we in. Wij maken daarvan verschillende mengsels. Sportveldenmengsel, gazonmengsel, koeienboer-zaden, noem maar op.

‘Wij hebben internationaal naam gemaakt door voetbalstadions te bezoden. In de jaren negentig begonnen ze in binnen- en buitenland met het bouwen van nieuwe voetbalstadions. Moderne stadions, met moderne problemen. Ze zijn veel te ‘dicht’ gebouwd. Er heerst geen goed microklimaat. Kijk: een goede grasmat heeft redelijk droog weer nodig, een licht winderige omgeving en veel licht. Door dat dichtbouwen viel de fotosynthese weg: daardoor lag het gras eigenlijk altijd op de intensive care.

‘De Amsterdam Arena kreeg kort na de opening in 1996 de hele wereld over zich heen: ‘Schande dat dat gras niet groeit!’ In Nederland nog wel: grasland bij uitstek. Daar konden zij natuurlijk niks aan doen. Dit heeft ons getriggerd om de problemen in dichte stadions te bekijken en daarvoor een oplossing te zoeken in de vorm van een andere bodem, geschikt graszaad en innovatie van het machinepark. Die aanpak hebben we uitgeprobeerd in het buitenland en toen zijn we op de Arena afgestapt. We hebben ze aangeboden binnen 48 uur een grasmat te leggen, met de garantie dat er gevoetbald kon worden. Modern stadiongras moet gewoon van tijd tot tijd vervangen worden.

‘Vervolgens werden we door stadions in binnen- en buitenland benaderd: die hadden allemaal hetzelfde probleem. Ik reis graag en ben overal geweest: in Iran, Irak, Rusland, Oezbekistan… Hoe complexer het verhaal, hoe interessanter. Inmiddels kunnen we in 24 uur een grasmat leggen waarop gevoetbald kan worden.’

John Hendriks

John Hendriks (1954) is samen met zijn broers de grootste kweker van graszoden van Europa. Ze legden in 2016 de velden voor het EK in Lille. Zijn agrarische opleiding maakte hij nooit af, omdat hij toen al een kwekerij runde. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.