De gids Boekentips

Deze boeken zijn ook interessant en wel hierom

Er verscheen deze week nog veel meer. Hier onze keus uit boeken die we ook graag even noemen.

Sarah Hart bedrijft fijne herinneringskunst

Sarah Hart: Parijs revisited Beeld Fragment

De in Ierland opgegroeide sinoloog Sarah Hart (1951) woonde twintig jaar in Parijs, waar ze de Nederlandse essayist Rudy Kousbroek (1929-2010) leerde kennen, met wie ze in de rue des Écoles woonde voordat ze in de jaren negentig naar Leiden kwamen. Daar schreef ze enkele herinneringen aan Parijs op, die nog door Kousbroek zijn vertaald en nu zijn gebundeld in Parijs revisited. Ze denkt terug aan haar stadsdeel met meer bioscopen dan waar ook ter wereld, ‘waar David Hockney achter ons in de rij stond’. De vlooienmarkt van Porte de la Villette, die zomaar verdween, wat de daar verworven voorwerpen een speciale dimensie gaf, ‘iets als weeskinderen’, die meeverhuisden naar Nederland en daar soms aan hun ondergang begonnen, alsof ze daarmee hadden gewacht tot ze hier waren. Hart bedrijft verfijnde herinneringskunst: ‘Het wonderlijkste kamertje dat ik in Parijs bewoond heb was een voormalige wc, halverwege de trap in de rue Xavier-Primas’, en als ze goed luistert, hoort ze het geraas als van ‘onderaardse trapnaaimachines’ bij de bakker om drie uur ’s ochtends, nu nóg. (Arjan Peters)

Sarah Hart: Parijs revisited 

Uit het Engels vertaald door Rudy Kousbroek. Fragment; € 20.

Senegalese soldaat leidt ons behendig door het labyrint van zijn gedachten 

David Diop: Meer dan een broer Beeld Cossee

Meer dan een broer van David Diop (1966) is zo’n roman waarvan je zo min mogelijk moet weten voordat je eraan begint. Je kunt je het best gewoon laten meevoeren door de bezwerende stem van verteller Alfa Ndiaye, Senegalees soldaat in de loopgraven. Zijn vertelstijl zit vol herhalingen, vol observaties die scherp zijn en tegelijkertijd iets kinderlijks hebben. Dankzij het vertaalvernuft van Martine Woudt komt die stijl goed tot zijn recht.

David Diop (die opgroeide in Senegal en in Parijs aan de universiteit werkt) heeft geen dikke, ronkende, allesomvattende oorlogsroman geschreven; nee, hij houdt het klein, we zitten in het hoofd van Alfa Ndiaye. Die beschrijft de doffe ellende, de gruwel, de angst, en daarbij leidt hij ons behendig door het labyrint van zijn gedachten. Halverwege het boek wordt hij van de frontlinie overgeplaatst naar de achterhoede, waar hij onder behandeling komt van dokter François, die ‘een zuiveraar is van onze door de oorlog bevuilde hoofden’. In de laatste paar hoofdstukken verandert Diop het perspectief, en alles kantelt. Je wilt meteen opnieuw beginnen met lezen. Wat een treurig en verrassend goed boek. (Wineke de Boer) 

David Diop: Meer dan een broer 

Uit het Frans vertaald door Martine Woudt. Cossee; € 19,99.

Tash Aw toont de duistere kant van opkomend Azië

Tash Aw: Wij, de overlevenden Beeld De Bezige Bij

In Wij, de overlevenden, de nieuwe roman van de in Maleisië geboren, in het Engels schrijvende en in Parijs woonachtige Tash Aw, blikt verteller Ah Hock terug op zijn leven. Het duurt even voor we het door hebben, maar zijn monoloog blijkt een over meerdere maanden uitgesmeerd interview met een socioloog die na haar studie in de VS is teruggekeerd naar Maleisië, waar de roman zich afspeelt. 

Ah Hock, zo blijkt al op de tweede bladzijde, heeft er zojuist een gevangenisstraf op zitten wegens doodslag. Het hoe, wie en waarom blijft lang onduidelijk. In afwachting van die onthulling horen we hoe hij wordt geboren in een straatarm dorp, naar de hoofdstad Kuala Lumpur trekt en zich via een reeks beroerde baantjes langzaam opwerkt tot manager van een viskwekerij. Als hij zijn Maleisische droom lijkt te hebben waargemaakt, slaat het noodlot toe.

Wij, de overlevenden is naast een verhaal over gefnuikte ambities en menselijke zwakte vooral een indrukwekkende schets van ongelijkheid, discriminatie, racisme en machtsmisbruik: het andere gezicht van het trotse, opkomende Azië. (Hans Bouman)

Tash Aw: Wij, de overlevenden 

Uit het Engels vertaald door Paul van der Lecq. De Bezige Bij; € 23,99.

Hapklare levenslessen van een stervende postbode

Genki Kawamura: Als katten van de wereld verdwijnen Beeld Meulenhoff

Een wereld zonder telefoons kan de kankerpatiënt zich best voorstellen. Eigenlijk wel zo rustig. Ook het bestaan van films is geen absolute noodzaak, al zou hij ze erg missen. Het is nu eenmaal de deal: de duivel laat iets verdwijnen, hij blijft een dag langer in leven. Maar katten? Kan de wereld zonder katten?

In zijn debuut Als katten van de wereld verdwijnen richt de Japanner Genki Kawamura (40) zich op de grote vragen des levens. In bijna kinderlijk klare taal laat hij een postbode zijn laatste dagen beschrijven. Wat maakt zijn weinig opzienbarende leven de moeite waard? Welke sporen laat hij na, wat wil hij nog rechtzetten? Hij bezoekt zijn enige grote liefde, met wie hij alleen telefonisch echt kon communiceren. Met een vriend zoekt hij zijn laatste film uit (Chaplins Limelight) – mooie, subtiel beschreven ontmoetingen. Minder subtiel zijn de bezoekjes van de duivel, een lolbroek in alohashirt, die de hapklare levenslessen van de postbode nog eens komt uitspellen. Japanse lezers zagen er weinig bezwaar in: het boek is verfilmd en al meer dan een miljoen keer verkocht. (Emilia Menkveld)

Genki Kawamura: Als katten van de wereld verdwijnen

Uit het Japans vertaald door Luk Van Haute. Meulenhoff; € 18,99.

Meer dan feitjes en platitudes dist Debbie Harry niet op

Debbie Harry: Face it Beeld Spectrum

Debbie Harry is een multitalent. In de allereerste plaats is ze natuurlijk de verleidelijke, zelfbewuste, stoere aanvoerster van Blondie, die Madonna en talloze andere popzangeressen de weg heeft gewezen. Daarnaast heeft ze in films als Videodrome, Hairspray en My Life Without Me laten zien ook een actrice van formaat te zijn. En in de jaren negentig ontpopte ze zich tot een jazz-zangeres die er wezen mag.

Wat Debbie doet, doet ze goed, zou je dus zeggen. Maar een heel boek lang over zichzelf vertellen, daar blijkt ze toch niet zoveel talent voor te hebben. Of liever gezegd: daar lijkt ze niet zoveel zin in te hebben, want veel meer dan feitjes, platitudes en pseudowijsheden (‘Toeval is wat is voorbestemd.’) dist ze in Face it niet op. Rookgordijnen om haar privéleven af te schermen? Niks mis mee, maar dan had Harry toch in elk geval wat haar carrière betreft het diepe in moeten duiken. Nu komen we niet eens te weten waarom het begin jaren tachtig nu precies misging met Blondie. Jammer. (Maarten Steenmeijer)

Debbie Harry: Face it

Uit het Engels vertaald door Annemie de Vries. Spectrum; € 22,50.

Vlijmscherp portret van baatzuchtige samaritanen 

Anand Giridharadas: Waarom de superrijken de wereld niet zullen veranderen Beeld Volt

Wat kan er in godsnaam mis zijn met superrijken die geld weggeven aan goede doelen? Een heleboel, schrijft Anand Giridharadas in Waarom de superrijken de wereld niet zullen veranderen, een filippica tegen filantropie. De weldaden van ’s werelds miljardairs zijn pleisters op een zieke economie, betoogt hij. ‘De winnaars van onze tijd moeten worden uitgedaagd meer goede dingen te doen. Maar vraag ze nooit om minder schade te berokkenen.’ Het stuitendste voorbeeld zijn de Sacklers, bekend van de heroïne-achtige pijnstiller OxyContin waarmee ze een opiatenepidemie ontketenden, alleen al in Amerika goed voor 400 duizend doden. Dankzij het OxyContin-bloedgeld maakte de familie mooie sier in kunsten en wetenschap: een vleugel in het Louvre, een laboratorium in Leiden, een trappenhuis in het Jüdisches Museum Berlin en talloze andere giften. Als een blushelikopter vol vitriool dooft Giridharadas de ‘morele gloed’ rond Mark Zuckerberg en zijn medewereldverbeteraars uit Silicon Valley. Het resulteert in een vlijmscherp portret van baatzuchtige samaritanen – wel geld donerend aan de lokale school, maar ondertussen miljarden dollars aan belasting ontwijkend waarmee Uncle Sam betere scholen voor iedereen zou kunnen betalen. (Jonathan Witteman)

Anand Giridharadas: Waarom de superrijken de wereld niet zullen veranderen

Uit het Engels vertaald door Marga Blankestijn. Volt; € 22,99.

Nadia de Vries geeft prachtige woorden aan de chaos in haar hoofd

Nadia de Vries: De onzichtbare wereld van ziekte Beeld Pluim

Op haar 12de werd een auto-immuunziekte vastgesteld die mogelijk tot haar dood zou leiden, maar de dood kwam niet, ze werd genezen verklaard, en het gevolg was een ziekte die onzichtbaar bleef. Het soort ziekte waarvoor niemand een fruitmand koopt. Ze deed suïcidepogingen, ze begon zichzelf te snijden, ze kreeg waanbeelden, ze zag de wereld alsof die achter glas zat, ontoegankelijk en onwerkelijk.

In Kleinzeer probeert Nadia de Vries woorden te geven aan haar kwetsbaarheid, aarzelend lijkt het wel, alsof de periode van chaos waaruit haar boek is voortgekomen, die woorden ontoereikend maakt. ‘Ik vind het moeilijk om aan dit gevoel een taal te geven’, schrijft ze. Maar hoe onterecht is haar schroom, want wat zijn ze prachtig, de woorden waarmee ze de wereld in haar hoofd beschrijft. Hoe is het mogelijk dat je je zo slecht voelt, nergens veilig, vervreemd van de mensen om je heen, en dat zo raak kunt verwoorden? ‘Overleven is een dagtaak’, noteert ze. ‘Wonen op zee.’

Jarenlang heeft ze haar wanen geheim gehouden, ze is vernederd en uitgescholden om wat zich in haar hoofd afspeelt. Er is verschil tussen lichamelijk en geestelijk ziek zijn, schrijft ze: ‘voor de mensen in die tweede categorie gelden hele andere regels’. Nu het beter met haar gaat (nou ja goed maar niet fantastisch), wil ze zichtbaar worden. ‘Hoe zal de lezer uit het boek van de auteur vertrekken?, vraagt ze zich af. Deze lezer vertrok met bewondering, voor een schrijver die de ‘onverbiddelijke chaos’ in haar hoofd zo stijlvol en moedig weet te formuleren. (Ellen de Visser)

Nadia de Vries: Kleinzeer 

Pluim; € 19,99.

Perfecte toelichting bij de Franse Revolutie

Alexis de Tocqueville: Het Ancien Régime en de Revolutie Beeld Boom

De Franse Revolutie, zo wordt vaak gedacht, maakte in één klap een einde aan de macht van de oude adel en het zwaar verouderde bewind van de Bourbons. Maar daar klopt niets van. Al anderhalve eeuw geleden toonde Alexis de Tocqueville aan dat Frankrijk vóór 1789 in veel opzichten juist een progressieve moderne staat was. De adel had allang niets meer te vertellen; het landsbestuur was in handen van een handjevol ambtenaren dat rechtstreeks onder de regering viel en dat zich werkelijk overal mee bemoeide. Juist omdát de adel nutteloos was geworden, maar ondertussen nog vele privileges genoot, werd hij diep gehaat. En daarom viel de revolutionaire boodschap van de verlichtingsfilosofen juist in Frankrijk in vruchtbare aarde. In bestuurlijk opzicht vormde de Franse Revolutie nauwelijks een breuk. Alexis de Tocqueville is vooral beroemd vanwege zijn studie van de Amerikaanse democratie, die hij beschouwde als een voorbode van de toekomst. Maar ook dit latere werk, Het Ancien Régime en de Revolutie, staat vol rake observaties en visionaire inzichten. Hij gaat voorbij aan alle grote gebeurtenissen uit die jaren, maar schreef desondanks de perfecte toelichting bij de Franse Revolutie. (Marcel Hulspas)

Alexis de Tocqueville: Het Ancien Régime en de Revolutie

Uit het Frans vertaald door Berend en Bram Sommer. Boom; € 39,90.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden