de gids boekentips

Deze boeken zijn ook interessant, en wel hierom

Er verscheen deze week nog veel meer. Hier onze keus uit boeken die we ook graag even noemen.

Beeld Aspekt

Jef Rademakers vertaalde opnieuw een novelle van de Weense meester Schnitzler

Het verslag van een zenuwinzinking, een studie in dwanggedachten, zo zou je de novelle Vlucht in de duisternis van Arthur Schnitzler kunnen omschrijven, die verscheen in het jaar van zijn dood (1931) maar al twintig jaar eerder geschreven was. Wellicht vond de wankelmoedige auteur (‘boekhouder van zijn eigen lusten en lasten’, aldus vertaler Jef Rademakers) zichzelf iets te openhartig, in zijn verhaal over de geestelijk labiele weduwnaar en ambtenaar Robert (43). Is zijn vrouw gestorven aan een hartaanval, of heeft hij verdrongen dat hij haar heeft omgebracht, omdat ze zo beroerd en hardnekkig piano speelde? En recenter, die ex-vriendin Alberta, die er met een Amerikaan vandoor ging – weet hij nou wel zeker dat hij haar niet in een vlaag van jaloezie heeft gewurgd?

Als tegenspeler fungeert Roberts broer Otto, die nota bene zenuwarts is, en die hem adviseert maar weer aan het werk te gaan. Of is die achter zijn rug bezig hem het gekkenhuis in te krijgen?

Voor de derde keer schenkt Rademakers ons een niet eerder vertaalde novelle van de Weense meester. Hopelijk vindt hij nóg wat. (Arjan Peters)

Arthur Schnitzler; Vlucht in de duisternis. Uit het Duits vertaald door Jef Rademakers. Aspekt; € 18,95

Abdelkader Benali heeft een prettige niet-lullen-maar-poetsentoon

Beeld De Arbeiderspers

Hoe een brandweerrode bestelwagen en een flamboyante buurvrouw het verschil maken in het leven van een 11-jarige jongen genaamd Osama, beschrijft Abdelkader Benali (1975) in De weekendmiljonair.

Osama’s ouders zijn naar Nederland gekomen voor meer vrijheid en kansen, maar hun schimmelige huurhuisje doet hen terugverlangen naar ‘het land van de Atlas’. Tot buuf Loes met haar volkse flair moeder uit haar schulp trekt en vader eindelijk weer een toekomst ziet na het bemachtigen van een rode Ford Transit. Samen met zijn zoon rijdt hij de stad door om afgedankte meubels op te halen en door te verkopen. Jullie zijn weekendmiljonairs, schampert moeder, ‘maandag weer arm als een insect’.

Maar de zaken gaan steeds beter, elk weekend rijden ze verzadigd terug naar huis en ‘dromen over de belofte dat je door hard te werken en een beetje geluk op een dag miljonair zou kunnen zijn’. Benali heeft in deze roman een prettige niet-lullen-maar-poetsentoon te pakken waardoor de sociale ongelijkheid die aan de kaak gesteld wordt eens niet uitzichtloos aandoet. (Bo van Houwelingen)

Abdelkader Benali: De weekendmiljonair. De Arbeiderspers; € 21,50

Fraai satire uit 1931 over Berlijn in het interbellum 

Beeld Van Maaskant Haun

De analyse van een rage, zo zou je Käsebier verovert de Kurfürstendamm van Gabriele Tergit (1894-1982) kunnen omschrijven. Deze overvolle maar vermakelijke roman vertelt het verhaal van een stel gewiekste zakenlieden. In de bescheiden volkszanger Käsebier zien zij een gewillig slachtoffer voor hun plannen tot zelfverrijking.

Het begint op de redactie van een krant, de fictieve Berliner Rundschau, waar drie journalisten bekvechten over wat het hoofdartikel gaat worden. Een van hen heeft Georg Käsebier zien optreden en is razend enthousiast, vooral over diens succesnummer Hoe kan hij slapen met die dunne muur?.

Anders dan de titel suggereert, speelt Käsebier in deze satire slechts een ondergeschikte rol. Veel meer gaat het over de stad Berlijn tussen de twee wereldoorlogen en het opkomend antisemitisme. Het faillissement van het Käsebiertheater kan gelezen worden als een metafoor voor de ondergang van de Weimarrepubliek.

De roman verscheen in 1931. Het was Tergits debuut. Twee jaar later vluchtte ze naar Palestina. In 1951 volgde de familieroman De Effingers Een vertaling hiervan staat voor volgend voorjaar gepland. Een boek om naar uit te zien. (Peter Swanborn)

Gabriele Tergit: Käsebier verovert de Kurfürstendamm. Uit het Duits vertaald door Kees van Hage. Van Maaskant Haun; € 22,99

Oudedoosverhalen over de hippietrail stellen teleur na veelbelovend begin

Beeld De Geus

Als de Indiase meditatiegoeroe Maharishi Mahesh Yogi, met de Beatles als volgelingen, op het podium van het Concertgebouw in Amsterdam verschijnt, is ‘hippie al een woord geworden’. Het is 1967 en de langharigen, de blowenden, de trippenden en de peace-en-loveaanhangers uit heel Europa transformeren het Vondelpark in een gigantische openluchtcamping. Maar in datzelfde jaar eindigt de originele hippiebeweging alweer in San Francisco, waar de Summer of Love begon. Op de symbolische begrafenis wordt twee kilo marihuana in een kist verbrand. Daarna vertrekken de hippies naar India of Nepal, de Oosterse filosofie achterna. Tot zover is In het voetspoor van de hippies van Willem Oosterbeek (1951), die geschiedenis en politicologie studeerde, amusant. Maar de keuze om de rest van het boek te vullen met reisverhalen van zestien Nederlanders die de hippietrail in de jaren zeventig via Turkije, Iran, Afghanistan, Pakistan afreisden, is ongelukkig. Het zijn oudedoosverhalen en daar krijg je vergietvertellingen van: de nuance spoelt weg en wat overblijft zijn culturele platitudes en het soort ‘sterke reisverhalen’ dat je tot vervelens toe op familieverjaardagen hoort. Jammer, want het begin was veelbelovend. (Iris Hannema)

Willem Oosterbeek: In het voetspoor van de hippies. De Geus; € 18,50

Philippe Claudel beziet de maatschappij en dat valt niet mee

Beeld De Bezige Bij

Philippe Claudel (1962) heeft een manier gevonden om uiting te geven aan al zijn frustratie over de  maatschappij en alles wat daar mis mee is. In dit nieuwe boek – dat hij een hedendaagse zedenroman noemt, maar dat in feite een verzameling korte, columnachtige stukjes is, met inwisselbare personages die bij elkaar op hetzelfde kantoor werken – gaat hij op zijn zeepkist staan. Onmenselijk ontlokt op zijn best een glimlach, vaker een schouderophalen of verbijstering om zo veel wansmaak.

Claudel doet zó zijn best om te choqueren in dit cynische theater van de lach waarin hij de mensheid een spiegel voorhoudt, dat hij zijn doel voorbij schiet. Incest, marteling en het doden van dierbaren: niets onmenselijks is ons vreemd. Het idee van onze doden opeten (beter voor het milieu) is dan nog wel aardig, maar bij het verhaaltje over het wegvoeren van de armen (met een nummer getatoeëerd op hun linker onderarm, gekleed in gestreept hemd) naar met prikkeldraad omheinde werkkampen kun je alleen maar je hoofd schudden.

Hopelijk heeft Claudel zijn hart nu gelucht en kan hij weer eens een normaal boek schrijven. (Wineke de Boer)

Philippe Claudel: Onmenselijk. Uit het Frans vertaald door Manik Sarkar. De Bezige Bij; € 17,99

Niet weg te leggen boek over alledaagse metalen

cover besproken boek

Wie er door dit boek over na gaat denken, beseft pas echt hoe fascinerend alledaagse metalen zijn. De punaise die je achteloos in je kozijn drukt, kan net uit de grond komen, maar ook al duizend jaar lang diverse vormen hebben gehad. De mens heeft het delven en bewerken van koper en tin tot brons eerder ontdekt dan schrijven. Daarom is het gissen hoe dat allemaal precies gegaan is. Gek: hoe kan het dat zulke kostbare materialen vooral teruggevonden worden in moerassen en rivieren? Knap hoe schrijver en archeoloog Dielemans in Brons de geschiedenis van brons én ons vertelt. Ze legt verrassende verbanden glashelder uit, maakt treffende portretten van vondsten zoals Ötzi en het meisje van Egtved en laat in aparte hoofdstukken het brons zelf spreken. Van informatieve boeken willen we het liefst dat ze de meeslependheid hebben van fictie, de feitelijkheid van wetenschappelijke boeken en het vermogen om te verbazen en aan het denken te zetten van een bevlogen professor. Brons heeft dat alle drie. En is ook nog eens prachtig geïllustreerd en vormgegeven. Dit boek is vanaf de eerste bladzijde al bijna niet weg te leggen. (Pjotr van Lenteren)

Linda Dielemans: Brons. Met tekeningen van Sanne te Loo. Vanaf 10 jaar. Fontaine Uitgevers; € 19,99

Verfrissende visie op hoe je kunt ontploeteren 

Beeld Ambo Anthos

Op een ochtend besluit journalist Annemiek Leclaire haar leven in het teken te stellen van ontploeteren. Ze heeft genoeg van de stress en al het moeten en gaat op zoek naar manieren om te leven met meer rust, plezier en vrijheid. Voor Vrij Nederland schreef ze er een serie over, die de basis vormde voor Minder moeten, meer leven.  In hoofdstukken over bijvoorbeeld de waarde van lievelingsactiviteiten, werken vanuit rust en het stellen van prioriteiten, loodst Leclaire ons langs de ongemakken van het moderne leven en deelt ze inzichten en praktisch toepasbare tips. Het is een lekker nuchter boek, met een lichte populair-wetenschappelijke ondertoon door de verwijzingen naar interessante onderzoeken, filosofen en literatuur. Anders dan in de enorme stapel boeken die er al over dit onderwerp bestaat, gaat het nu eens niet over hoe je al die activiteiten met behulp van lijstjes, apps en lifehacks tóch in 24 uur gepropt krijgt, maar leert het ons: We hóéven niet met alles mee te doen. Een boek om jaarlijks even door te nemen voor de ontploetercheck. (Katinka Polderman)

Annemiek Leclaire: Minder moeten, meer leven . Hoe je ontploetert in drukke tijden. Ambo/Anthos, € 17,99

Een bescheiden verteller die alleen maar saai lijkt

Beeld Koppernik

Het begint duidelijk te worden waar schrijver Donald Niedekker naar op zoek is, met romans en verhalen die perfecte universums op zichzelf vormen, lyrisch en vaak allegorisch. In zijn nieuwe roman Zo zie je alles zegt de verteller: ‘Ik koester een diepgewortelde weerzin jegens alles wat de trom roert, wat zich wil manifesteren, wat van de daken schreeuwt, wat op een fluitje blaast met als boodschap: ‘Ik kom eraan.’’

Veel bescheidener krijg je ze niet dan deze trouwe potloodslijper bij de Ikea in Groningen, die binnenkort met pensioen gaat. Als afscheid bouwt hij een schaalmodel van het filiaal, dat tot op de Allemansrätten in de diepvries klopt. We lezen over een zondag uit het leven van een innig tevreden man op het boerenland. Geen drama: alleen de man, zijn gereedschap, en de vogels. In eerder werk schreef Niedekker expliciet over literatuur; in Als een tijger, als een slak was de fictie zelf aan het woord. ‘Demarreren uit het peloton’, daarmee vergeleek hij het schrijven. De modelbouw is ook een metafoor voor literatuur. Hij lijkt zo saai, onze verteller, maar vergis je niet: geluidloos neemt hij grote risico’s. (Persis Bekkering)

 Donald Niedekker: Zo zie je alles. Koppernik; € 17,50

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden