Film- en tv-tips Maandag 4 februari

De Volkskrant film- en tv-selectie voor maandag 4 februari

Elke dag tipt de redactie van de Volkskrant de beste programma’s en films op televisie. Dit moet u maandag zien.

Richard Armitage in The Hobbit: The Desolation of Smaug (Peter Jackson, 2013).

Kunststof

NPO Radio 1, 19.30 uur

Jellie Brouwer spreekt de Vlaamse schrijver Saskia De Coster (43) over haar nieuwe roman Nachtouders, over het onhaalbare idee van perfect ouderschap. In het boek wordt een schrijver de niet-biologische moeder van een zoon.

2Doc: De race – Hoe bouw je een quantumcomputer?

NPO 2, 20.25 uur

Documentairemaker David Kleijwegt liep mee met wetenschapper Leo Kouwenhoven, die werkt aan de quantumcomputer, die volgens velen een wetenschappelijke en economische revolutie zal ontketenen.

Spoorloos

NPO 1, 21.15 uur

Het verhaal van Marjolein, die een dag na haar geboorte in Korea in 1981 te vondeling werd gelegd en werd geadopteerd door een Nederlands echtpaar. Jaren later ontdekte zij dat haar biologische ouders nog leven, en meer kinderen hebben.

Inside Europe: ten years of turmoil

BBC 2, 22.00 uur

Documentaire waarin de recente politieke besluitvorming in Europa wordt gereconstrueerd. Deze week wordt nader ingegaan op het dreigende faillissement van Griekenland, waarbij Nicolas Sarkozy en Angela Merkel met elkaar botsten.

Jani gaat…

NPO 3, 22.10 uur

Jani ­Kazaltzis begeeft zich in de ­wereld van paranormaal begaafden. Hij reist af naar het Amerikaanse dorpje Lily Dale, waar mediums ­wonen die beweren dat ze mensen in contact kunnen brengen met overleden dierbaren.

The radical story of Patty Hearst

NPO 2, 23.30 uur

In deel 2 van deze serie over de ontvoering van miljonairsdochter Patty Hearst komt aan bod hoe Patty in gesprek gaat met haar ontvoerders van het Symbionese Bevrijdingsleger (SLA) en vriendschap sluit met archeologiestudent Willie Wolfe. 

The Hobbit: The Desolation of Smaug  

Net 5, 20.30-00.15 uur

(Peter Jackson, 2013) Van de opstartproblemen waaraan het stroperige eerste uur van de eerste aflevering van de tot trilogie opgerekte verfilming van The Hobbit leed, heeft dit tweede deel geen last. The Desolation of Smaug begint met een flashback waarin tovenaar Gandalf (Ian McKellen) met dwerg Thorin (Richard Armitage) plannen smeedt om een schat terug te veroveren die de draak Smaug ooit heeft gestolen van het dwergvolk. De film gaat vervolgens verder waar deel één, An Unexpected Journey, eindigde.

Midden in het avontuur zit het reisgezelschap rond hobbit en inbreker Bilbo (Martin Freeman), die wordt geacht de schat aan de draak te ontfutselen. Een roedel wolfachtigen is nauwelijks verslagen of de groep verdwaalt in een giftig bos en wordt belaagd door levensgrote spinnen. Dat levert uitzonderlijk fraai in beeld gebracht spektakel op, waarbij Jacksons vaste cameraman Andrew Lesnie het gevoel creëert dat het gevaar uit alle hoeken komt. Boven, onder, links, rechts, veraf en dichtbij; sierlijk zwiept Lesnie rond de actie, alsof hij naast zijn camera ook de zwaartekracht bestuurt.

Nog mooier is de scène waarin Bilbo en consorten via een wild stromende rivier vluchten voor woeste orks. De keerzijde: tussen al het spektakel door valt de film te veel stil. Dan klinkt de zoveelste gewichtige dialoog over ‘a shadow that grows in the dark’ vooral oud en vermoeid, terwijl de zesde rode zonsondergang op dat moment al lang niet meer de kracht heeft van de eerste.

Dr. Strangelove or: How I Learned to Stop Worrying and Love the Bomb

Arte, 22.05-23.40 uur

(Stanley Kubrick, 1964) Zijn verblijf in Hollywood, waar hij The Killing, Paths of Glory en Spartacus maakte, beviel Stanley Kubrick (1928-1999) maar matig. Het bleek geen droomlocatie voor eigenwijze individualisten. Na Spartacus (1960) emigreerde de Amerikaan naar Engeland en daar maakte hij ook zijn latere films. In zijn vanavond uit te zenden Koude Oorlog-satire Dr. Strangelove wordt wel duidelijk waarom Hollywood niet de plaats was voor Kubrick: de film volgt een consequent uitgewerkt, rigide plan, waarin geen plek is voor compromissen. De satire over de nucleaire wedloop tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie bevat weliswaar humor – waarmee de acteurs George C. Scott en vooral Peter Sellers in een driedubbelrol goed uit de voeten kunnen – maar het is gegoten in een zo strenge vorm en voorzien van een zo bittere bovenlaag dat het lachen je grotendeels vergaat.

Kubrick laat het verhaal over de levensgevaarlijke gevolgen van de ver doorgeautomatiseerde procedés inzake het gebruik van nucleaire wapens bijna geheel op drie binnenlocaties spelen: de controlekamer, waar een ‘a bit funny crazy’ geworden generaal alle Amerikaanse bommenwerpers onherroepelijk koers laat zetten naar Sovjet-doelen; in een B52 zelf; en de war room van het Pentagon in Washington, waar de Amerikaanse president aan de telefoon met zijn Sovjet-collega probeert te redden wat er te redden valt. Het is geniaal, het is goed doordacht, maar het is ook steriel: geen van de personages leent zich voor identificatie. Dat had Kubrick er in Hollywood nooit door gekregen. Zoals het gebrek aan een vrouwelijk personage (slechts één minieme bijrol voor Tracy Reed) de studiobazen ook niet zou hebben bekoord. Achteraf kunnen we concluderen dat de scheiding tussen Hollywood en Kubrick voor iedereen beter is geweest, niet in de laatste plaats voor de kijker.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden