Test Seat Tarraco

De Seat Tarraco: onze vriendelijke Spaanse vriend

De grote Seat Tarraco heeft weinig van doen met Spaanse vurigheid; het is een goeiige, royale gezinsverplaatser. Maar het forse verbruik ervan doet verlangen naar de hybride-uitvoering die eraan komt.

De Seat Tarraco is stoer en zo vlotjes getekend dat we ’m bijna sportief zouden noemen.

Dit zou zomaar eens een van de laatste brandstof-SUV’s kunnen worden in deze rubriek. Niet dat het autotype plots uit de gratie aan het raken is, integendeel. En wie wel eens in een SUV rijdt, weet weer waarom dat zo is. Maar omdat nu ook bij de Volkswagengroep begint door te dringen dat elektrisch – of ten minste hybride – toch echt het nieuwe zwart is, wordt de een na de andere uitvoering met batterijen aangekondigd. Hij is nog niet leverbaar, de Seat Tarraco FR PHEV – tongbrekertje – dus we behielpen ons met de benzine-uitvoering en deden ermee wat dit soort wagens zo fijn maakt: we maakten een flinke snelwegrit naar een buitenlandse bestemming om de volgende dag terug te keren met een wagen volgeladen.

De Seat Tarraco vervangt de Seat Alhambra en is flinke bak.

Natuurlijk hadden we die derde zitrij, met stoel nummer 6 en 7, er beter uit kunnen halen, zodat de handbagagemaat vliegtuigkoffertjes er wat royaler in hadden gepast, maar zo ging het ook, en konden we ook ervaren hoe krapjes het achterin eigenlijk is, zeker voor een auto met zulke forse afmetingen.

Seat, onderdeel van het krachtenspel tussen Volkswagen, Audi enerzijds en Skoda aan de andere kant van het prijzencircus, heeft voor de Tarraco een maat gekozen die groter is dan de VW Tiguan, de Q5 van Audi en Skoda Karoq, maar kleiner dan een Touareg en de Q7. Hij vervangt dan ook de Seat Alhambra, de rijdende paleiszaal. We zouden ’m dan ook huiselijk willen aanduiden met: een flinke bak. 

Het is een beetje krapjes achterin, zeker voor een auto met forse afmetingen.

Daar draagt trouwens de uitstraling van Seat aan bij: stoer, maar niet lomp, fijnzinnig van lijn en toch zo vlotjes getekend dat we ’m bijna sportief zouden noemen. Wie met die kwalificaties in gedachten instapt ziet een nette, maar verder best gewone auto uit het niet overdadige segment – en dat is precies zoals het merk zijn plek heeft gedefinieerd in het autoconcern. O ja, er was ook nog iets met Spaans temperament, maar wij zien toch vooral een VW-achtige gezinsverplaatser met prima zitruimte op rij twee, een gekoeld dashboardvakje en echte vliegtuigtafeltjes. En daar is niks mis mee.

Het energielabel van de benzineversie komt niet verder dan energielabel E.

Dat er straks een EV-versie komt, met trouwens een lullige 50 km elektrische range en de rest op benzine, is gezien het verbruik van de auto bepaald geen overbodige luxe. We reden met deze 190 pk, vierwielaangedreven en 1.700 kg zware bak met gematigde snelheid en verbruiken niet minder dan 1 op 13,7. Dat betekent energielabel E; bij een koelkast of een stofzuiger zou je er in de winkel niet over piekeren. (De diesel-uitvoering heeft trouwens een G-label, dus het kan erger.)

Desondanks nam de auto zich toch voor me in. En dat lag niet aan de ruimte, de tien speakers, het panoramadak, het goeiige karakter van de demping, het milde overhangen in de bocht, de soepele automaat, het rustgevende motorgebrom en de precieze besturing. Nee, het was iets elektronisch. Ook daarvan heeft de auto namelijk lekker veel: zoals daar zijn de automatische radarafstandhouders, de topviewcamera en de witte lijnenbewaking. Niks opzienbarends. Nee, het was simpeler. Na, inderdaad een belachelijk lange rit, en heel misschien wat onvaster stuurgedrag, meldde onze vriend: ‘Vermoeidheid gedetecteerd. Neem een pauze’. En verdomd, dat was helemaal geen gekke raadgeving.

Vals alarm 

Al die elektronica om zo’n zware auto onder alle omstandigheden in het rechte spoor te houden is doorgaans een genoegen. Maar autotesters kijken niet meer op van vals alarm. Ook deze auto had nogal last van losse handjes: meer dan eens maande-ie de handen aan het stuur te houden: ‘stuur overnemen’ luidde het dan. Wat onzin was wanneer beide handen aan het stuur zaten. Ook was er een harde remingreep tijdens doodgewoon stadsverkeer die ook flagrante onzin was. We kijken er niet van op, maar tegelijkertijd is het duidelijk: vergeet die autonome auto voorlopig nog maar.

De Seat Tarraco heeft automatische radarafstandhouders, een topviewcamera en witte lijnenbewaking.

Gereden

Seat Tarraco Xcellence 2.0 TSI 4Drive DSG

Prijs € 61.710 (vanaf € 34.950)

Vermogen 199 pk

0-100 8 sec

LxBxH 473 x 183 x 167 cm

Gewicht 1.673 kg

Verbruik tijdens test 1 op 13,7

Energielabel E

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden