Boekrecensie Daal neder, engel

De Nederlandse vertaling van Thomas Wolfe’s debuut is een ware tour de force (vier sterren)

Het debuut van Thomas Wolfe uit 1929 is niet volmaakt, maar blijft wel fascineren. De Nederlandse vertaling is een ware tour de force.

Foto Tzenko Stoyanov

Vorig jaar werd de literaire lente danig opgefleurd door de prachtig uitgegeven vertaling van de klassieker Earthly Powers (1985) van Anthony Burgess: Machten der duisternis. Dit jaar doet uitgeverij Van Oorschot – zij weer – hetzelfde met Look Homeward, Angel van Thomas Wolfe (1900-1938), dat in het Nederlands Daal neder, engel heet.

De roman uit 1929 was Wolfes debuut, werd destijds door de meeste critici met veel lof ontvangen en bezorgde Wolfe in de literatuurgeschiedenissen een plekje te midden van de zogeheten Lost Generation-auteurs, waartoe ook Ernest Hemingway, F. Scott Fitzgerald en John Dos Passos worden gerekend.

Daal neder, engel vertelt het verhaal van Eugene Gant, van zijn geboorte tot zijn 19de. Het boek is op een interessante manier zowel een aanklacht tegen als een elegie voor kleinsteeds Amerika. De woorden ‘Te loor!’ (‘O lost!’) vormen een terugkerend motief in de roman.

Eugene groeit op in een weinig liefhebbend gezin. Vader Oliver is een impulsieve, dranklustige steenhouwer, moeder Eliza een zakelijk onderlegde, in onroerend goed beleggende vrouw die een succesvol pension runt. Het huwelijk, hoewel kinderrijk, is niet best, en in de loop der jaren krijgen de meeste gezinsleden een steeds grotere hekel aan elkaar.

De eenzelvige Eugene ontwikkelt een grote belangstelling voor lezen, wekt de aandacht van zijn leerkrachten via een opstelwedstrijd en komt als enige van het gezin op een privéschool terecht, wat zijn populariteit bij zijn broers en zussen niet vergroot.

Later op de universiteit zal hij opnieuw een outcast worden, maar wel een met literair talent en een grote dosis energie, niet in de laatste plaats ontleend aan rancune.

Daal neder, engel

Thomas Wolfe

Uit het Engels vertaald en toegelicht door Sjaak Commandeur. 

Van Oorschot; 600 pagina’s; € 34,99.

Wie meent dat Daal neder, engel sterk autobiografisch is geïnspireerd, vergist zich niet. Wolfe hield er de opvatting op na dat alle serieuze literatuur autobiografisch is, en heeft – ondanks een voorwoord waarin hij zijn boek een product van de verbeelding noemt – nauwelijks gepoogd gebeurtenissen of personages te fictionaliseren. Naar verluidt figureren enkele minder prominente personages zelfs gewoon onder hun eigen naam.

De publicatie van Daal neder, engel bleef niet onopgemerkt in Asheville, North Carolina, waar Wolfe opgroeide. Toen hij een exemplaar met gloedvolle opdracht stuurde naar zijn lerares en ‘geestelijke moeder’ Margaret Roberts, antwoordde zij: ‘Je hebt je eigen familie aan de schandpaal genageld en de mijne kapotgemaakt.’ Het zou tot 1937 duren alvorens de auteur zich weer in het stadje durfde te vertonen.

De critici waren, zoals gezegd, aanvankelijk zeer lovend over Wolfes debuut. ‘De eerste schrijver die ter harte heeft genomen wat Joyce ons leert, zonder hem te imiteren’, schreef The New York Times. In latere jaren, met name na Wolfes vroegtijdige dood op 38-jarige leeftijd, sloeg de toon om. Het literaire wonderkind van de jaren twintig en dertig werd bekritiseerd om de wijdlopigheid van zijn proza en het gebrek aan structuur in zijn romans (hij schreef er in totaal vier).

Feit is dat Wolfe er een uitgesproken lyrische en romantische toon op na hield, die vertaler Sjaak Commandeur met veel elan in het Nederlands heeft omgezet. Het levert vaak krachtige typeringen op. Over Eliza: ‘Met een vreemd, nadenkend soort honger praatte ze door over grond en huizen.’ Over de natuur: ‘Er zat een zerpe frisheid en tinteling in de berglucht.’ Over een groepje jongelui: ‘Hun wild gelach sprong los als vrijgelaten jachthonden.’

Maar het valt niet te ontkennen, Wolfes wellustige lyriek leidt regelmatig tot gezwollen formuleringen van het type: ‘In de wrede vulkaan van zijn jongenshoofd fladderden de vluchtige vlindertjes van zijn verafgoding op het licht van hun vreemde huwelijk af en werden verteerd.’

Ergens in de roman wordt over Eugene verteld dat hij dol was op proefwerken, omdat ze hem de vreugde boden ‘zijn opgeslagen kennis vrijuit te kunnen spuien op papier’. Jawel, Wolfe was geen ‘leaver outer’ maar een ‘putter inner’, zoals hij het zelf noemde. De herhaaldelijk in het boek gehanteerde termen ‘gargantuesk’ en ‘rabelaisiaans’ zijn onverkort op zijn eigen schrijverschap van toepassing.

Nee, volmaakt is Daal neder, engel niet, maar het blijft een fascinerend en literair-historisch belangwekkend boek. De door Sjaak Commandeur van noten en een scherpzinnig nawoord voorziene vertaling is niet minder dan een tour de force.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.