De Gids Literatuur

De mooiste boeken over moeders

Hoe schrijf je ‘goed’ over je moeder? Speciaal voor Moederdag licht Wilma de Rek, chef van de boekenredactie, er een paar geslaagde voorbeelden uit.

Schrijver Rob van Essen in zijn huis in Amsterdam Beeld Marie Wanders

‘Ik had visitekaartjes moeten laten maken om aan iedereen uit te delen zodra ik de schuifdeuren door was, verplegers, activiteitenbegeleiders, schoonmakers, vrijwilligers, goedemiddag, heeft u mijn kaartje al, ik ben de goede zoon, kijkt u maar, daar staat het, De Goede Zoon, ziet u wel? Trompetters zouden me voor moeten gaan, op de achtergrond zouden violen moeten klinken, het is verdomme een musical, De Goede Zoon. De goede zoon/zijn moederliefde is een eerbetoon. De goede zoon/richtsnoer voor auto- en allochtoon. De goede zoon/hij maakt de billen van zijn oude moeder schoon. (Nou, dat hoefde allang niet meer; vroeger, toen ze nog boven woonde, zette ik haar nog wel eens op de pot, maar op de gesloten afdeling deden de verpleegkundigen dat.) De goede zoon/hij doet zijn dingen zonder vlagvertoon. De goede zoon/hij is een zeer aimabel manspersoon. De goede zoon/hij belt zijn moeder met de telefoon. (Dat hoefde ook niet meer, de laatste vijftien jaar, en belangrijker, ze kon zelf ook niet meer bellen.) De goede zoon/hij doet zijn dingen zonder winst en zonder loon. Enzovoort, enzovoort. Kookt witte rijst met prei en rode poon. Zijn inzet is zeer buitengewoon. Als hij geen zin heeft dan stuurt hij een kloon. Rijmwoorden rijgen zich aaneen. Dochters hebben het moeilijker. Geen wonder dat mijn zus minder vaak langskwam, ze had gewoon minder rijmwoorden. Wie vocht er?/Een moeder met haar dochter.

Bovenstaande passage komt uit De goede zoon, het boek waarmee Rob van Essen afgelopen maandag de Libris Literatuurprijs 2019 won, in het Amsterdamse Amstelhotel. Hij werd prachtig voorgelezen door Gijs Scholten van Aschat en iedereen moest hartelijk lachen, behalve de goede zoon zelf, die een paar dagen eerder in een interview vertelde dat de hoofdpersoon uit zijn boek zo ongeveer met hem samenviel; net als zijn verteller was Van Essen de afgelopen vijftien jaar keurig elke week naar zijn moeder gegaan, altijd op woensdag, hoewel ze de laatste jaren zo dement was dat ze hem niet meer herkende. Begin vorig jaar overleed ze. En kreeg zijn boek pas echt vaart. 

Hoe schrijf je ‘goed’ over je moeder? Door haar verhaal onder te brengen in iets groters, vindt Van Essen: ‘Ik zou nooit rechtstreeks over haar willen schrijven, zoals Hugo Borst of Nico Dijkshoorn, dat is een te voorspelbaar genre geworden: schrijver van middelbare leeftijd, moeder of vader gaat dood, boek. Dat kon niet meer. Het moest echt worden ingebed in een verhaal.’

Via literatuur dus. Zoals schrijvers al sinds jaar en dag doen. De gevoelige zoon die ietsje te veel aan zijn moeder hangt, is een literair archetype, bijvoorbeeld te zien in de romans Een vlucht regenwulpen van Maarten ‘t Hart (1978) en Opwaaiende zomerjurken van Oek de Jong uit 1979, of in het autobiografische werk van Simon Vestdijk, het ‘kind tussen vier vrouwen’, zoals Aleid Truijens eerder schreef. Ook Reve putte gretig uit zijn jeugd en het hele oeuvre van W.F. Hermans is te zien als één grote wraakoefening op zijn jeugd. 

Wat ook kan is dat je de boel omdraait en je moeder niet gebruikt voor een boek, maar het boek gebruikt in je hoedanigheid van kind; dat je als schrijver je schrijverschap inzet om eindelijk eens een goed gesprek met je moeder te hebben, zoals Adriaan van Dis dat deed voor Ik kom terug: ‘Mijn moeder wist dat ik een boek over haar ging schrijven. Ik heb mijn moeder ook heel bewust geïnterviewd. Aantekeningen gemaakt in die kleine Muji-opschrijfboekjes. Ik heb haar verteld hoe ik het ging aanpakken. Omdat ze zo jokte en zo slecht te openen was, nam ik dingen mee. Een cent, een woordenboekje, een kookboek: heel fysieke zaken. En daardoor stond ze zich toe in die geheugenkrochten te treden en liet ze dingen los.’

Boeken over moeders zijn er dus genoeg. Maar boeken ván moeders, dat is een ander verhaal.  Fijne moederdag!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.