De geheimen van De Papillon

Het begon acht jaar geleden in Overijssel met camping De Papillon. De nieuwe eigenaar Alex Wassink investeerde een half miljoen in milieubescherming....

CAMPINGHOUDER Alex Wassink remt abrupt. Het donkergroene elektrische cabrioletje komt even abrupt tot stilstand op de zandweg langs het verlaten Kanaal Almelo-Nordhorn. Geen slechte plek om te stoppen. Gefilterd door hoge bomen en houtwallen streelt de middagzon een massa bloeiende waterlelies. Het is er stil.

In deze hoek van Twente is de natuur in de aanval. Met hulp van buitenaf. Naast de zandweg hebben natuurbeschermers een zwaluwwal gegraven. Op een afgeplagd stuk grond staan fragiele, diepgroene plantjes: na meer dan een eeuw keert de hei terug. Wassink is eigenaar geworden van een bos ernaast en dat alles samen wordt een ecozone.

Wassink klemt zijn handen om het stuur en fronst. De elektrokar staat op de grens van zijn camping: De Papillon in Denekamp, op het eerste gezicht een gewoon, kraakhelder kampeerterrein. De rest valt niet op.

De geheimen van De Papillon zitten achter de muren, onder de grond en op het dak van het hoofdgebouw. Wassink en zijn vrouw Kerstin hebben ruim een half miljoen gulden geïnvesteerd in milieubescherming. Dat heeft De Papillon veranderd in een milieutechnisch stukje wonderland.

'Hier, moet je eens voelen', zegt Wassink halverwege zijn rondleiding. Hij manoeuvreert zijn zware lijf door een ruimte vol buizen, meters en afsluiters. Bij een doorzichtig filter tapt hij een roze emmertje dubbel gefilterd regenwater. Het voelt dikker en echter aan dan kraanwater.

Uit het plafond komen bundels zwarte kabels omlaag. 'Niet aanraken', waarschuwt Wassink, 'of je gaat horizontaal naar buiten.' Op het dak zijn technici bezig met de plaatsing van vijftig vierkante meter aan zonnecollectoren. Ze zijn nog niet aangesloten op het elektriciteitsnet van De Papillon.

In het dak zit al een zonneboiler. Bij de ingang van het hoofdgebouw, waar ook de wasserette zit, staren twee jongens naar een paneel. Een lampje geeft aan dat er genoeg regenwater is opgeslagen om de wasmachines zeshonderd keer te laten draaien.

'Leuk, hè', zegt Wassink (43). 'Moet je je voorstellen dat kinderen later zouden besluiten om een zonneboiler op hun huis te zetten. Hoeveel centrales zou dat niet schelen?'

De wasserette draait op regenwater. De gasten krijgen niet de kans het milieu te belasten met een overdosis waspoeder: een automaat achter de muur levert precies de juiste hoeveelheid fosfaatvrij wasmiddel.

De Papillon zit vol snufjes. Toiletten worden doorgespoeld met 'grijswater': gezuiverd afvalwater dat zich in het toiletgebouw nog één keer nuttig maakt voor het verdwijnt in het riool. De urinoirs werken zelfs zonder spoelwater.

Glimmende, roestvrijstalen plasbakken zijn het. 'En hufterproof', lacht Wassink en geeft er één een schop. De urine wordt geneutraliseerd door een enzymentablet in een ventiel onder de bak.

Helemaal tevreden is Wassink niet. Hij vindt de voorkant van de bak te plat. Hij neemt de houding aan van een plassende man en inderdaad kan er aan het eind van die handeling een druppel op de grond vallen.

Toen er een delegatie op bezoek was - er komen veel delegaties langs - is het niemand opgevallen, maar zelf meende hij toch iets te ruiken. Als enige, hoopt hij.

De lijst milieu-snufjes is lang. Het bier wordt beter gekoeld met minder energie. De patatbakjes zijn composteerbaar. In de tegels op het terrein is gebroken puin verwerkt.

Het kleurige speeltoestel achter het hoofdgebouw is van kunststof: splintervrij en recyclebaar, gemaakt van landbouwplastic en het zal ooit als plastic weerkeren, terwijl geïmpregneerd hout ooit zal worden aangemerkt als chemisch afval.

De gasten worden gestimuleerd om de prijs van hun verblijf te drukken, bijvoorbeeld door niet langer te douchen dan echt nodig is. Elke gast heeft een sepkey, een blauw plastic driehoekje dat zo groot en dik is als de muis van hun duim. Je kan er de slagboom mee openen, en de deur van de wasserette. Het is tegelijk een chipkaart waarmee je betaalt voor de wasserette of de douche. Wassink heeft wel eens gasten horen opbieden. De een had gedoucht voor 71 cent, de buurman voor 61.

De investeringen zijn rendabel. Wassink heeft 45 duizend gulden bespaard op het waterverbruik en twintigduizend gulden op elektriciteit. Hij kan veel meer bedragen noemen.

'Maar het gaat niet om geld', zegt hij, 'maar om onze kinderen en onze kleinkinderen.' Wat is hun toekomst in een wereld die uitdroogt, waar schoon water schaars wordt en waar de watervoorraden worden aangetast?

Wassink heeft al gehoord van waterwingebieden waar varkensgier het grondwater heeft bereikt. 'Volgende generaties zullen ons verwijten, dat wij onze auto's hebben gewassen met drinkwater en onze tuin ermee hebben besproeid.'

Wassink heeft medestanders. Maar tegenstand is er ook, in allerlei soorten. Zijn accountant waarschuwde hem het rustig aan te doen. De bouwvakkers die het hoofdgebouw hebben opgetrokken met veel duurzaam en herwinbaar materiaal, vonden het 'mesjokke' dat ze het sloopafval van het oude gebouw moesten verdelen over negen containers. 'Nu fietst er wel eens een langs met zijn vrouw en zegt dan trots dat hij dit heeft helpen bouwen.' Op die bouwvakkers, zegt Wassink, waren 'de kriebels' ook overgeslagen.

Zelf heeft hij de kriebels voortdurend. Hij vergelijkt het met een geloof. Op een feest in het dorp braken een paar glazen. Werktuiglijk raapt hij dan de scherven op om ze naar een glasbak te brengen. Maar hoe draag je dat gevoel over op potentiële gasten?

Laatst nog leidde hij twee oudere echtparen rond. Ze kampeerden voor het eerst op De Papillon. 'Ze vonden het machtig interessant. Toen vroeg ik ze of ze ook zouden zijn gekomen, als ik had geadverteerd met onze wasserette en het regenwater. Het antwoord was eerlijk: nee.'

Van een onderwijzer hoorde hij dat de man in zijn vakantie niet wil worden lastiggevallen met 'het milieu'. 'Onze gasten zijn net als wijzelf: gewone mensen. Wat moet een bouwvakker uit IJmuiden met onze boodschap?'

Als hij op die mooie, stille plek langs het kanaal zijn elektrische auto heeft stilgezet, zegt hij somber: 'Laatst zei iemand dat ik mijn tijd zeventig jaar vooruit ben. Dat zal toch niet waar zijn? Een jaar of tien misschien, maar toch geen zeventig jaar?'

Zijn zorg is concreet. Hij heeft nog een paar grote investeringen te doen, vindt hij. De Papillon heeft een eigen riool, elfhonderd meter lang en het zou zo mooi zijn als hij daar caravans op kon aansluiten. Maar hoe moet je dat financieren als je kampeerders afschrikt door je te profileren als milieucamping?

Wassink heeft het gevoel dat niemand de groeiende groep milieubewuste campinghouders daadwerkelijk wil steunen. Drie weken geleden werden er zestig onderscheiden in Rheden, door de scheidende ANWB-directeur Paul Nouwen. Wassink was een van hen. Nouwen zei dat deze ondernemers inspelen op een groeiend bewustzijn bij de consument. Volgens Nouwen krijgt de ANWB vele honderden telefoontjes wanneer consumenten in de krant lezen dat op hun vakantiebestemming het zwemwater is vervuild met olie of door overmatige algengroei.

Maar dat is niet het milieubewustzijn waarover Wassink het heeft. Hij heeft het over consumenten die, ook op vakantie, het milieu willen ontzien. Consumentenorganisaties zouden hun leden moeten winnen voor milieuvriendelijk kamperen. De ANWB bijvoorbeeld zou 'een klokkenluider' moeten zijn, en samen met anderen 'een kerk moeten bouwen voor de gelovigen', zei Wassink in zijn eigen toespraak in Rheden.

Volgens Wassink is de ANWB-classificatie van campings gebaseerd op voorzieningen, op luxe dus. Met een aansluiting voor kleurentelevisies krijg je sterren, niet met waterbesparing.

'Ik weet niet hoe je daarin verandering kunt brengen', zegt hij drie weken later aan de rand van het Kanaal Almelo-Nordhorn. 'Soms denk ik dat we als campinghouders samen de Duitse markt zouden moeten bewerken. Misschien dat ons geloof daar wel aanslaat.' Later zegt hij: 'Misschien moeten we wat hier gebeurt gewoon geheimhouden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.