Goed & slecht De dood als bloemlezer

De dood nodigt uit tot dichten, maar wat kunnen grafschriften flauw zijn

Foto Foto Getty, bewerking Studio V

De dood is ijverig en schrikt niet terug voor een verre reis. Hij snelt naar Ispahaan om een tuinman te halen, volgens het gedicht uit 1926 van P.N. van Eyck, die zelf in 1954 te Wassenaar werd gehaald. De dood heeft niet in een Antwerps café zitten loeren op dichter Herman de Coninck, maar vloog in mei 1997 naar Lissabon om hem van het plaveisel te rapen. Toen Driek van Wissen in mei 2010 zijn stamcafé Wolthoorn & Co in Groningen verliet om op vakantie te gaan, haastte de dood zich naar Istanbul.

Trefzeker. Maar je kunt hem ook weer niet alles toevertrouwen. Als bloemlezer schiet de dood te kort. In Ten grave  Het graf en begraven vanaf de middeleeuwen in honderd Nederlandstalige teksten (Alba & Sapete; € 20,-) heeft hij rijp en rot door elkaar gesmeten. In de verantwoording vind ik dat Wouter Schrover de bundel samenstelde, maar alleen uit teksten ‘die vrij zijn van auteursrecht’. Alles moest morsdood zijn, want het mocht niks kosten. Dan krijg je een flauw grafschrift van Staring op ene Sander Onrust, die nu rust heeft gevonden, haha, en van De Schoolmeester op een naarstige juffer: ‘Men kan alle dingen zoo maar van te voren niet weten,/ Anders had ik nou in mijn eenzaamheid mijn breiwerk niet vergeten.’ Ook humor sterft soms. Virginie Loveling over een jonge soldaat die eenzaam stierf ‘En onbeweend naar ’t graf gedragen,/ Terwijl men ginds zoo lief hem had!’, het is niet best en vaak slecht.

De dood heeft geen smaak. Kijk naar de ‘rouwgedichten’ die uitvaartverzorger Yarden aanbeveelt: ‘Wanneer ik ’s avonds naar de sterren kijk, knipoogt er altijd eentje terug’. Geen gedicht, en nog gelogen ook.

In Campert kiest  Gedichten kiezen Remco Campert (Bezige Bij; € 21,99) presenteert hij de gedichten die passen bij zijn gemoed van het moment, zoals ‘Lekker dood in eigen land’ van Frank Koenegracht: ‘In de trein zitten twee heren die elkaar/ vasthouden.// Als de trein de tunnel in rijdt/ snijden zij elkaar de polsen door// en zeggen daarbij ‘pardon’.// Maar jullie, bloeddruppeltjes, die uit/ het raam waaien, jullie zijn vrij.’

Dit zul je nou nooit bij een uitvaart horen. Terwijl het troostrijk is. Campert noemt dit ‘poëzie die mij altijd het stevige gevoel geeft van met leven en aarde verzoend te zijn’. Goed dat Koenegrachts gedicht Remco Campert als bloemlezer heeft gekozen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.