Column Tim Fransen

De afwezigheid van een barmhartige God lijkt me de beste reden voor solidariteit

Filosoof en cabaretier Tim Fransen buigt zich op ons verzoek over niet de minste levensvragen en probeert er een les uit te trekken.

Dit is de laatste column die ik mag schrijven voor u in dit magazine. Het is treurig, maar we wisten vanaf het begin dat dit tijdelijk zou zijn. Aan alles komt een einde (behalve misschien aan de integriteitsschandalen bij de VVD). Laat ik voor deze laatste column niet bescheiden doen en de Vraag der Vragen bij de hoorns vatten: wat is de zin van het bestaan?

Van oudsher was in het Westen het antwoord op deze vraag religieus, zoals dat nog zo is in grote delen van de aardbol, en luidde iets in de trant van: ‘Leven naar de wil van God.’ De vraag is dan vooral wat die goddelijke wil precies inhoudt, aangezien hij via via weliswaar een rijk oeuvre aan religieuze geschriften heeft laten uitgeven, maar er niet bij heeft gezegd welke de juiste is, en bijvoorbeeld ook niet of hij aan het ginnegappen was met de terugkerende boodschap dat ongelovigen en homoseksuelen een vervroegd levenseinde verdienen, of dat het hem menens is. Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, misschien ook zijn gevoel voor humor; wellicht was het al die tijd gewoon een lugubere running gag.

Maar niet alleen van het klassieke antwoord, ook van de existentiële vraag zelf kun je zeggen dat die alle schijn heeft religieus te zijn. In een kosmos zonder Schepper, waarin alles per toeval is ontstaan – het universum, zwarte gaten, dinosaurussen, Arie Boomsma – valt elke bedoeling weg.

Zo bezien staan onze existentiële vooruitzichten er een stuk minder gunstig voor: als kwetsbare wezens zullen we onvermijdelijk lijden, het ziet er niet naar uit dat ons lijden een bedoeling heeft, en aan het einde van dit alles wacht ons eeuwige duisternis. Geen wonder dat mensen zich massaal tot religie hebben gekeerd. Vermoedelijk dachten ze: wij kiezen eieren voor ons geld en nemen het arme lot van die paar homoseksuelen op de koop toe. En er komt vast ooit een groot evenement met bootjes dat het allemaal weer rechttrekt.

Na het eten lazen mijn ouders me vroeger voor uit de Kinderbijbel, en ik zal je zeggen: die Jezus mocht ik wel. Als ik zo vrij mag zijn om het Nieuwe Testament samen te vatten (of in elk geval de Kinderbijbelversie): ‘Wees een beetje lief voor elkaar. En als je afscheid neemt, trakteer dan al je vriendjes op een uitgebreid maal met druivensap en Kapitein Koek.’

Ook na een uitgebreide rondgang bij de westerse filosofie heb ik weinig gevonden dat die liefdevolle boodschap overtreft. Het enige waar ik wat op aan te merken heb is de motivatie erachter. Sterker nog, ik denk: juist als er geen God is die zich over ons ontfermt, of die ons in een hiernamaals schadeloos stelt voor het leed dat ons overkomt, juist dan moeten we hier op aarde een beetje lief zijn voor elkaar. De afwezigheid van een barmhartige God lijkt me de beste reden voor solidariteit (en dan kijk ik ook nog even naar de VVD).

Ik verkoop trouwens ook tegeltjes: ‘De zin van het bestaan is troost vinden – en troost bieden – voor het feit dat er niet zoiets is als de zin van het bestaan.’

Ik verkoop ook nog andere tegeltjes. Gewoon wit. Die zijn goedkoper. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.