Dag van de Arbeid: hoe is het gesteld met onze werkdruk?

Het is 1 mei, Dag van de Arbeid, waarop gestreden is voor een kortere werkdag, vakantiedagen en andere betere werkomstandigheden. Hoe gaat het honderd jaar na het invoeren van de achturige werkweek in Nederland met de werkdruk?

Eerst even in het kort, waar staat 1 mei ook alweer voor? 

De eerste internationale Dag van de Arbeid werd gevierd in 1890 en was een eerbetoon aan de arbeidersprotesten in Chicago van vier jaar eerder. Die demonstraties voor een achturige werkdag ontaardden in gewelddadige botsingen met de politie en doden aan weerszijden. Wereldwijd groeide 1 mei uit tot een feestdag en een dag van protesten voor betere werkomstandigheden. Zo’n driekwart van de wereld is vandaag vrij. 

En waarom wij dan niet? 

Nederland kent geen 1-meitraditie. Door de verzuiling beperkte de 1-meiviering zich in het verleden tot de socialistische partijen en vakbonden. ‘Het was een feest van de socialistische bonden en minder van de confessionele bonden’, zegt hoogleraar arbeidsverhoudingen Paul de Beer aan de Universiteit van Amsterdam. Na de Tweede Wereldoorlog omarmde ook de PvdA de monarchie en werd Koninginnedag, op 30 april, een feestdag voor iedereen. 1 mei delfde het onderspit. De FNV probeert sinds 2015 de Dag van de Arbeid nieuw leven in te blazen. Dit jaar deelt de vakbond gratis treinkaartjes naar Amsterdam uit voor een bijeenkomst op het Museumplein en een mars naar de Dam. 

Hoe is het nu gesteld met de werkomstandigheden? 

Toen in 1919 na tientallen jaren van harde klassenstrijd de achturige werkdag werd ingevoerd, dacht men dat het leven van arbeiders comfortabel en stressloos zou worden. Maar anno 2019 lijkt daar voor velen geen sprake van. Als we de berichten mogen geloven zit Nederland midden in een burn-outepidemie. Is het echt zo erg? ‘Landen waarin werknemers veel uren moeten draaien, waar de productiviteit laag is en de economie niet goed presteert, kennen veel meer burn-outs. Rijke landen – met weinig corruptie en een stabiel bestuur, met niet al te lange werkweken, waar mensen hoog scoren op geluk – juist weinig. Nederland bungelt onderaan de ranglijst als het gaat om burn-outproblematiek, tussen Finland en Zweden in. In Nederland komt 6,4 procent van de werknemers altijd uitgeput uit zijn werk. In koploper Turkije is dat 25 procent. In Slovenië 20,6 en in Griekenland 8 procent.’ 

Niets aan de hand dus, in Nederland? 

Nou, er zijn wel degelijk mensen die werkdruk ervaren. Vooral bepaalde groepen zijn extra kwetsbaar. Alleenstaanden en mensen die voltijds werken kampen vaker met burn-outverschijnselen dan anderen. Onder zowel mannen als vrouwen loopt de categorie van 25 tot 35 jaar het meeste risico. Van de vrouwen uit die groep ervaart 18 procent burn-outverschijnselen, tegen 16 procent van de mannen. ‘Een hoge werkdruk en een gevoel van weinig zelfstandigheid leiden tot burn-outverschijnselen, zoals al moe zijn als iemand ’s ochtends denkend aan zijn werk uit bed komt’, zegt Tanja Traag, onderzoeker arbeidsomstandigheden bij het CBS. De andere kenmerken van burn-out waarvan het CBS onderzocht hoe vaak ze voorkomen, zijn: een leeg gevoel aan het einde van de werkdag, fysieke en/of emotionele uitputting door het werk en het gevoel dat een werkdag doorkomen ontzettend veel van iemand vergt. Wie gemiddeld ‘een paar keer per maand’ of vaker aan die vijf kenmerken voldoet, vertoont tekenen van een burn-out. 

Wat valt er te verbeteren? 

Op 1 mei gaan we niet meer de straat op, terwijl onderlinge solidariteit zou helpen de verhoogde werkdruk een halt toe te roepen, stelt Olav Velthuis in dit essay. ‘Waar arbeidsprestaties in het verleden sporadisch, discreet en globaal werden gemeten, doen we dat nu permanent, gedetailleerd, ongefilterd en en plein public: we meten, scoren en vergelijken onze prestaties met die van onze collega’s en maken de resultaten zichtbaar in bijvoorbeeld review-, rating- en rankingsystemen. Denk maar aan taxichauffeurs, kappers of obers die zich een slechte dag nauwelijks meer kunnen veroorloven omdat zij dan slechte beoordelingen krijgen op Tripadvisor, Trustpilot of Google Reviews en daardoor toekomstige klandizie mislopen; journalisten die eenvoudig kunnen bijhouden hoe vaak hun eigen artikelen en die van hun collega’s worden aangeklikt; academici die elkaar de loef afsteken met steeds ­hogere citatiescores en impactfactoren.’ 

‘We moeten dus permanent presteren, want iedere misstap wordt onmiddellijk zichtbaar gemaakt, in de eerste plaats aan onszelf, en iedere triomf verdient het om onmiddellijk via Twitter of Facebook gedeeld te worden. Je moet wel heel sterk in je schoenen staan om niet onrustig te worden van deze promotiemachine en ongevoelig te blijven voor prestatiedruk. Deze competitie is niet te winnen, en levert vooral stress op en minder werkplezier.’  

Om workaholics tegen zichzelf in bescherming te nemen verdwijnen de bureaus van het Haarlemse communicatiebureau Heldergroen klokslag zes uur in het plafond. 'Het leven is geen bureau', is het motto bij Heldergroen. Beeld Bron: YouTube/ARTE

Wat kunnen werkgevers doen? 

Bij burn-outs gaat het doorgaans over de werknemer, terwijl de werkgever vaak een rol speelt – en er belang bij heeft ze tegen te gaan. In bijna de helft van de burn-outs is een uit het lood geslagen werk-privébalans een van de oorzaken, toonde onderzoek van Zilveren Kruis twee jaar geleden. Ook een te hoge werkdruk, te weinig erkenning en te weinig steun van leidinggevenden en collega’s behoorden tot de meestgenoemde oorzaken. Zolang de balans tussen ‘stressoren’, zoals een te hoge werkdruk of een arbeidsconflict, en ‘energiebronnen’, zoals steun van je collega’s of een complimentje van je baas, goed is, lopen mensen een relatief lage kans op een burn-out. 

Wat kunnen we zelf veranderen? 

Volgens Mark Manson, auteur van de bestseller De Edele Kunst van Not Giving A F*ck, zijn onrealistische verwachtingen het probleem. ‘Als jij in je hoofd hebt dat je zeventig uur per week moet draaien en op kantoor moet slapen zoals Steve Jobs en ook nog elke seconde daarvan leuk moet vinden, dan heb je te veel slechte films gekeken.’ Wat als we middelmatigheid zouden vieren? In dit artikel vindt u zes adviezen ter inspiratie. 

Als het aan Cal Newport ligt, moeten we minder technologie gebruiken (tijdens ons werk). Hij noemt het de grote contradictie in onze werkeconomie: technologische trends die ons werk uit handen zouden moeten nemen, hebben voor meer afleiding gezorgd. ‘Concentratie maakt ons behalve productiever ook tevredener en gelukkiger. Weg dus met conference calls, communicatieprogramma’s binnen bedrijven, of het cc’en van mails. Al die zaken werken juist contraproductief. En ook niet tijdens de pauze snel nog even wat mail wegwerken. Wees tevreden zijn met je eigen efficiëntie.’

Toch veel werkstress, en dan? 

1 mei gaat ook over het kennen en opeisen van je rechten als arbeider. Ook, en misschien vooral, als je getroffen bent door een burn-out. Volkskrant-redacteur Jonathan Witteman zette zeven praktische vragen - en antwoorden - over ziek melden op een rij. 

Meer lezen? 

In de maand januari onderzocht de Volkskrant in gesprek met (ervarings)experts waarom zovelen van ons zich opgebrand voelen, hoe we kunnen voorkomen dat we uitgeput raken en of we echt de meest overprikkelde generatie ooit zijn. Kampen we met een overdaad aan stress en stressoren, of zijn we de weg kwijt? Op Volkskrant.nl/burnout kunt u alle verhalen over burn-out en stress teruglezen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden