Reportage Ontwerpsuccessen

Afstudeerwerk wordt businessmodel: vijf jonge ontwerpers maken een zaak van hun afstudeerontwerp

Het prototype van de eetkamerstoel zonder schroeven en lijm. De stoel zoals Hovers hem maakte voor zijn eindexamen Beeld Floris Hovers

Stoel Katrijn door Floris Hovers

Idee
Floris Hovers is meer een maker dan een conceptueel ontwerper. Dus toen hij in 2004 ging nadenken waarmee hij zou willen afstuderen aan de Design Academy in Eindhoven, was het al snel: materiaal uit het atelier pakken en aan de slag. ‘Ik ben altijd meubelliefhebber geweest. Het thema voor mijn afstuderen was constructie. Mij interesseren de houtje-touwtje-oplossingen die mensen hebben voor iets dat kapot is. Plakband, touwtje, klaar. Daar ben ik op doorgegaan: hoe maak ik iets dat die sfeer heeft, zonder schroeven en lijm te gebruiken?’ Hij begon met een krukje: vier poten, een zitting en industriële tape. Toen: vier poten, een zitting en wigjes. Vervolgens draaide hij ogen in de poten en spande er touw doorheen - de zitting werd zodoende ertussen geklemd. Het resultaat was nogal wankel. ‘Tot ik op internet het principe vond van het opdraaien van touw. Meubelmakers gebruikten dat in de tijd dat er nog geen klemmen bestonden.’

Prototype
De kruk werd een eetkamerstoel. Rug, zitting, zijwanden, alles van multiplex. De tussenspijlen bepalen de breedte van de stoel. ‘Normaal werk je met een pen-gatverbinding om alle onderdelen samen te voegen. Die is meestal weggewerkt, maar ik wilde de constructie juist laten zien.’ Het principe van opspannen, werkt zo: je lust het touw door de zijwanden, helemaal rondom. Maakt er een knoop in. Steekt een stokje door het touw, het touw wikkelt zich eromheen, dan trek je alle kracht naar het hart van het stoeltje, en zet je het touw vast in een van de tussenspijlen. ‘De constructie werkte. Maar toen moest ik nog gaan ontwerpen. Klopt het ergonomisch, zit het lekker? Is het een mooi ding?’

Reacties
‘De Fixed Chair zoals hij destijds nog heette, maakte geen vliegende start. Mensen die de afstudeertentoonstelling bezochten waren enthousiast, hij heeft nog eens op een designbeursje gestaan. Maar niemand wilde de stoel in productie nemen. Particulieren wisten me wel te vinden. Ik heb de eerste jaren na mijn afstuderen zelf een paar stoelen gemaakt. Maar ik was zo druk met het opzetten van mijn studio, dat ik de stoel een beetje ben vergeten.’

Eerste aanpassing
Ideetje van een nieuw designlabel, Perlei, dat graag met Hovers wilde samenwerken: waarom maak je er geen fauteuil van? ‘Verdorie, daar had ik nog niet aan gedacht. Het stond ver af van de eetkamerstoel, die geen armleuningen had. Maar ik dacht: leuke uitdaging. Als je ontwerper wilt zijn, moet je concessies doen. Anders had je kunstenaar moeten worden.’

In productie
De eerste serie van twintig fauteuils werd in 2008 op de markt gebracht. Frozen Fountain in Amsterdam verkocht ze, Strand West in Utrecht, Edwin Pelser in Den Haag. ‘Als de voorraad op was, maakte ik een nieuwe oplage. Tot Perlei failliet ging en de productie opdroogde.’

De fauteuil is iets strakker gestroomlijnd dan het prototype van de stoel Beeld Floris Hovers

Tweede aanpassing
De constructie is nog steeds hetzelfde, maar de fauteuil die door meubelmerk Vrienden op de markt wordt gebracht, is iets strakker gestroomlijnd, met minder tussenspijlen. ‘De mensen die Vrienden hebben opgericht, zijn zelf ook ontwerper. We voelen elkaar goed aan, we hebben samen aan de fauteuil gesleuteld tot we er tevreden over waren.’ Nog een belangrijk verschil met het eerste ontwerp: hij wordt nu gestoffeerd geleverd. ‘Hij is luxer geworden. Meer ontworpen. Ik vind zelf de uitvoering zonder stoffering nog het mooist.’ O ja, en de naam is veranderd. Hij heet nu Katrijn, naar Hovers’ oudste dochter. Omdat de meeste meubels van Vrienden mensennamen hebben.

Nieuw verkoopsysteem
Vrienden verkoopt meubels alleen online. ‘Voordeel is dat ik niet meer met de productie en de verkoop van mijn meubels bezig hoef te zijn. En wat ik sympathiek vind: je zoekt op hun website op of iemand bij jou in de buurt woont die hetzelfde meubel heeft. Je maakt een afspraak om je stoel of tafel of bank te gaan bekijken. Je krijgt eerlijke feedback. Besluit je tot koop, dan bestel je op de site. En de mensen die jou hebben ontvangen krijgen vervolgens een fee. Met een beetje geluk verdien je zo je meubel terug.’

Katrijn €650, vanvrienden.com

Eindexamenproduct van Bas van der Veer, de Raindrop Beeld Elho

Raindrop door Bas van der Veer

Idee
Hoe kun je consumenten verleiden regenwater te gebruiken in plaats van kraanwater – om te drinken of de planten te besproeien? Met die vraag begon het denken over Raindrop, het ontwerp waarmee Bas van der Veer in 2009 afstudeerde aan de Design Academy in Eindhoven. Alle plekken in een huishouden waar water kon worden bespaard onderzocht hij, om tot de conclusie te komen: op een dak verzamelt zich het meeste water, dat door de regenpijp in de grond verdwijnt. ‘Dus daar wilde ik een ingreep doen.’

Ontwerp
In de eerste schets tekende hij een demonteerbaar stuk regenpijp met een bodem en een handvat, in de vorm van een kan. ‘Maar met een inhoud van 2 liter zet dat qua waterbesparing geen zoden aan de dijk. Toen heb ik het reservoir bedacht, in de vorm van een druppel. Daaruit haal je de kan. als de kan vol is stroomt het water in het reservoir. Hoe hangt een reservoir van 70 liter stabiel aan een regenpijp? Eerst tekende hij nog een versie met pootjes. En een met armen. ‘Maar dat ontkrachtte het ontwerp.’ Nu wordt het reservoir met bouten in de muur bevestigd.

Prototype
Het eerste prototype, halverwege het eindexamenjaar, was gemaakt van karton en tape. Na het groene licht van zijn docenten, investeerde hij duizenden euro’s in de ontwikkeling van een computergestuurde mal. De eerste echte Drop of Rain, zoals hij toen nog heette, was van polyester en glasvezel. Het reservoir was grijs, de kan (nog met los opzetbare sproeidop) en het kraantje limoengroen. ‘Dat was tien jaar geleden nog een hippe kleur.’

Reacties
Veel aandacht van de pers, want Drop of Rain won de Rene Smeets Award voor de meest veelbelovende designer van 2009. Van der Veer nodigde zelf een trendwatcher van Intratuin uit voor de eindexamenexpositie, maar die zag op dat moment geen productiemogelijkheden. Iemand tipte hem: je moet met Elho gaan praten, producent van design plantenbakken van gerecycled materiaal. ‘Er was nog een andere partij geïnteresseerd, maar ik had meer vertrouwen in Elho’s marketingkracht, en in hun verkoopkanalen: Intratuin en Groenland. Nog belangrijker: mijn ontwerp bleef intact. Die andere partij wilde de poten terug.’

In productie
In 2010 werd de Raindrop in productie genomen. Van der Veer tekende een overeenkomst voor vier jaar: in ruil voor een percentage van de verkoop kreeg Elho de licentie voor de productie. Meteen werd ook een kleine variant op de markt gebracht, voor balkon en terras. ‘Maar die loopt minder goed dan de grote.’

Beeld Bas van der Veer

Aanpassingen
Na een paar duizend verkochte Raindrops werd hij na vier jaar, toen de licentie verliep, uit de handel genomen. Er kwamen te veel klachten binnen over het kraantje aan de onderkant van het reservoir. Het water stroomde niet goed door, en het brak af. ‘We vonden het allebei zo zonde van het ontwerp, dat we opnieuw om tafel zijn gegaan. Uitkomst: het kraantje is vervangen door een standaard kraan, in een andere stijl en een andere kleur, waarop ook een tuinslang kan worden aangesloten. Als ontwerper moet je concessies doen. Ga je voor esthetiek of gebruiksgemak? Ik koos ervoor om mijn idee in leven te houden. Sinds januari is er een nieuwe versie op de markt.’

En nu?

‘Ik heb voor Elho kruidenpotjes met een schaar ontworpen, en bloempotten. Met mijn eigen studio werk ik verder aan een ander afstudeerproject: de ontwikkeling van bioplastic. Idealiter is de Raindrop over tien jaar biologisch afbreekbaar.’

Elho Pure Raindrop – Oker. Regenton met inhoud van 70 liter, gieter van vijf liter, te vullen door middel van het kraantje. Prijs 249,-.

De dripkandelaar Beeld Pascal Smelik

Dripkandelaar door Pascal Smelik

Idee
Deformation as aesthetic – deformatie als estethiek. Dat was de titel van het project waarmee Pascal Smelik in 2009 het laatste jaar van zijn studie aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht in ging. ‘Mij fascineerde in die tijd alles wat met misvorming en afwijking te maken had. We zijn - behalve als het om de natuur gaat – geneigd het misvormde lelijk te vinden. Dus mijn vraag was: hoe geef ik misvorming een esthetische waarde?’ Hoewel hij inmiddels in een vroeg stadium ontwerpvoorstellen laat zien aan opdrachtgevers, was het bij Smelik tijdens de opleiding nog veel spelenderwijs ontdekken. Hij moest zijn idee voor misvorming in een materiaal vertalen, een weggesmolten prullenbak op straat bracht hem op het idee om met kaarsvet te werken. ‘Ik was op zoek naar smeltbaar materiaal, en voor een student met weinig geld lag kaarsvet voor de hand.’

Ontwerp
Na wat experimenten met een met was ingesmeerde gloeilamp, liet hij op een avond het bad in zijn studentenhuis vollopen met koud water. Daar gooide hij een emmer hete was in. ‘Heel apart om te zien wat voor organische en fantasievolle vormen dat aannam. Maar omdat vormgeven wel degelijk om controleren gaat, ging het van kleine, met injectiespuiten gevormde stalactieten naar steeds grotere spuiten en slangen. ‘Ruimtelijk tekenen in een bak met water’ noemt hij zijn zelfbedachte techniek. ‘Ik was zo enthousiast, ik dacht: nu kan ik alles maken.’

Prototype
In een cementkuip met water spoot hij parafiene in de vorm van een kruk. Daarna liet hij het water weglopen, en vulde hij de kuip met gips. Toen die was uitgehard, knipte hij de kuip los, stopte de mal ondersteboven in een oven zodat de was eruit liep, en de afdruk van de kruk in het gips bleef staan. ‘Omdat parafine heel bros is, was die vorm heel grillig, iets van het oncontroleerbare zat er nog in.’ De kruk, Kaarsrecht heette hij, is vervolgens door een bronsgieter in aluminium gegoten. ‘Meer kunstobject dan meubel’ noemt Smelik het. ‘Ik had vooral een proces ontwikkeld. Maar nog niet over toepasbaarheid nagedacht.’

Reacties
‘Lidewij Edelkoort koos mij als een van de jonge ontwerpers die in het Designhuis in Eindhoven mocht exposeren, tijdens de Designweek. De kruk is na mijn eindexamen overal geweest, maar ik heb er niet één verkocht.’ Waarom maak je geen kandelaar, adviseerde ontwerper Richard Hutten. Dat was in 2011.

In productie
En toen was er een vijfarmige kandelaar in brons die via galerie Judith Straten werd verkocht. Twee edities zijn er van gemaakt, in een oplage van zes. Een model van ijzerdraad op zijn kop in een aquarium met water, daar tekende hij de was omheen. ‘Dan voorzichtig het water uit en naar de bronsgieterij.’ Viavia kwam Smelik in aanraking met interieurmerk Pols Potten. Sinds 2013 zit zijn eenarmige kandelaar daar, in drie maten, in de collectie, en wordt hij internationaal gedistribueerd.

Veranderingen
‘Als je in zulke grote oplages gaat produceren, verandert ook het productieproces. De kandelaar wordt nu in een kunststof mal gegoten, en van aluminium gemaakt. Waar mijn kandelaar nog een complexere vorm had, is de huidige strakker, minder grillig. Anders zou je de was niet meer uit de mal kunnen krijgen.’

En nu?
Hij kreeg laatst een overzicht van de royalties van de afgelopen zes maanden. Tevreden constateerde Smelik dat er weer een kleine twaalfhonderd kandelaars waren verkocht. Pols Potten is eigenaar van de kandelaar, maar het auteursrecht van het procéde van was met water is nog steeds van hem. Tegenwoordig maakt hij met de was-watertechniek in combinatie met digitale productiemethodes grotere, en op maat gemaakte objecten. Zijn laatste ontwerpen: een kabinetkast die uit de grond lijkt te groeien, en over de tafel lopende kandelaars van enkele meters lang.

Dripkandelaar, in 3 maten verkrijgbaar, van €45,- tot €160,-.

Studio Sybrand Beeld Studio Sybrand

Verdraaid door Nienke Sybrandy

Idee
Kort voor Nienke Sybrandy in 2006 eindexamen deed aan de Rietveld Academie overleed haar vader. Hij wilde de laatste maanden van zijn leven vooral de gewone dingen met zijn kinderen doen. Samen afwassen was één van die dingen. Sybrandy studeerde af in textiele vormgeving; zo is het idee voor een serie theedoeken geboren.

Ontwerp
Hoe ziet het patroon van de oer-Hollandse blauw geblokte theedoek eruit als je ermee wrijft, ‘m wringt en kreukt, zoals tijdens het afdrogen? Om daar achter te komen legde Sybrandy een theedoek op een kopieerapparaat. De afdrukken die daar uit kwamen heeft ze aan elkaar geplakt. ‘Het resultaat was een typisch voorbeeld van Dutch Design: bekend, maar met een twist.’

Prototype
De kopietjes werden in Photoshop nagetekend. Met behulp van het TextielLAB in het Textielmuseum Tilburg zijn de eerste samples ontwikkeld en geweven op de jacquardmachine. ‘Ik had op de academie alleen kleine lapjes geweven, hier kwam ineens mijn eerste product van de machine. En mensen wilden het meteen hebben.’

Reactie
Nog voor het afstuderen werd Verdraaid gepresenteerd op Rietveld naar de Beurs, een beurs waarvoor studenten een product ontwikkelen dat verkocht kon worden. De oplage van 50 theedoeken was meteen uitverkocht. ‘Ik kreeg van kopers foto’s opgestuurd, waarop mijn doek aan een waslijn op de camping hing. Of waarop ze aan de afwas stonden. Iemand zei: je kunt een etentje geven voor mensen, en dan hoop je dat aan tafel goeie gesprekken ontstaan. Maar die komen juist tijdens de afwas, als je elkaar niet aankijkt, en met iets bezig bent. Of ze zeiden: met een mooie theedoek wordt afdrogen het aaien van je dierbare servies. Al die reacties triggerden me om ermee door te gaan.’

In productie
Tijdens de Dutch Design week in Eindhoven, in 2006, werd de theedoek opgepikt door galeries en designwinkels in het hele land. Bestellingen werden nog gewoon ‘live’ bij Sybrandy gedaan op de diverse designbeurzen. Het Textielmuseum Tilburg produceerde. ‘Er worden geen chemicaliën gebruikt, en ik weet dat het niet door kinderhanden wordt gemaakt. Dat vind ik belangrijk: een Hollands ontwerp met een Hollandse productie.’

Naast verdraaid had Sybrandy inmiddels ook varianten gemaakt: een theedoek waarop flarden van alledaagse gesprekken stonden. Voor een ander ontwerp kwaste ze kopjes, messen en borden in met verf. Die droogde ze af met een witte doek. ‘Als textielontwerper ben je niet alleen met stof bezig maar ook met dessins. Ik was benieuwd hoe het droogdessin eruit zou zien van een afgedroogde vaat.’

Studio Sybrand Beeld Studio Sybrand

Aanpassingen
Zoals dat gaat met ontwerpers die de handen ook vrij willen hebben voor nieuwe dingen: twee jaar na haar afstuderen bracht Sybrandy productie en distributie onder bij Sanny de Zoete, textielhistorica en eigenaresse van een textielwinkel in Delft. Er veranderde wel wat: de doeken werden gemaakt van linnen, het kleurenpalet werd uitgebreid. ‘Maar het bleef een klassieke Hollandse doek. Naast koningsblauw, donkerblauw en rood kwam er alleen zand en grijs bij.’

En nu?
Twee jaar geleden is Sanny de Zoete met de productie gestopt. Nienke Sybrandy verkoopt de theedoeken uit Tilburg nu weer zelf. Klanten van het eerste uur bellen: de doek is versleten, we willen graag een nieuwe. Ze heeft nieuwe dessins gemaakt: met een handscanner ging ze in Brabant langs een vlasveld. ‘Vlas bloeit maar een paar dagen per jaar, en alleen in bepaalde delen van Zeeland en Brabant. Ik had contact met een boer, die belde me toen de bloemen bloeiden. Het was zó mooi, dat wuivende lichtblauwe veld.’ In de serie Powers of Soap werkt ze met dessins gemaakt van zeepbellen, alsof deze zijn opgelost in de theedoek en zo onderdeel van het beeld zijn geworden. ‘Met deze laatste muze – de zeepbel – ben ik weer terug bij de vergankelijkheid waarmee het allemaal begon.’

Tea Towels, €20, studiosybrandy.nl

De Open Meshmatics hanglamp van Rick Tegelaar Beeld Rick Tegelaar

Open Meshmatics hanglamp door Rick Tegelaar

Idee
‘In de loop van mijn eindexamenjaar drong de vraag zich steeds sterker op: hoe verover ik, als ik straks van de academie kom, een plek in de designwereld. Waarmee ga ik me onderscheiden? Met mijn voorliefde voor goedkope materialen. Het leek mij een uitdaging om producten te maken van het meest banale materiaal, maar dan zó, dat ik er een nieuwe esthetische kwaliteit aan toevoegde. Banaler dan kippengaas kon ik het niet bedenken. Dat was materiaal waar je op school niet mee kon aankomen. Echt? Zeiden de meeste mensen als ik over mijn plan vertelde. En toen wist ik: ik heb iets te pakken.’

Prototype
Omdat kippengaas voornamelijk buiten wordt gebruikt, was de eerste stap: ik ga van buiten naar binnen. Logische toepassing bleek een lamp. Allereerst knipte Tegelaar een stuk gaas zo af dat de hokjes in het gaas ruitjes werden. Het gaas boog hij in een tunnel, dat trok hij over een mal. ‘Dat oprekken ging heel snel, in twee minuten had ik de vorm.’ Omdat een lamp van alleen gaas hem voor in een slaapkamer te kil leek, bedacht hij een omhulsel dat het licht zou dempen. Dat werd bamboepapier. ‘Bamboe heeft lange vezels die uitzetten als het materiaal nat wordt gemaakt. Als je het nat over het gaas plakt, en het droogt vervolgens weer op, trekt het strak en wordt het gaas op spanning gehouden.’ Voor boven de eettafel maakte hij een variant waarin de onderkant open bleef. Het derde model was een staande lamp in trompetvorm.

In productie
Designwinkel Strand West uit Utrecht wilde de lampen meteen hebben. ‘Ik was na mijn eindexamen helemaal blut, als je dan duizend euro kunt verdienen, geeft dat een enorme boost. Ze bestelden er van elk model één, die ik zelf met de hand maakte, en vanaf dat moment is er vraag naar geweest.’ Het aantal winkels waar de Meshmatics serie werd verkocht, breidde al snel uit, ook over de grens. ‘In die begintijd werkte ik 10 uur per dag, 7 dagen per week, om de opdrachten af te krijgen.’ Oplage: zo’n tweehonderdvijftig per jaar.

Aanpassing
Het begon met de vraag of hij ook een kippengaaslamp kon maken zonder papier. Die vraag kwam zo vaak dat hij dacht: ik ga eens experimenteren met een nieuwe vorm. Hij bouwde een nieuwe machine, waarop lampen tot 90 centimeter doorsnee konden worden gemaakt. Waarom zo groot? ‘Omdat ik dan in een hoger segment terecht kwam, met hogere prijzen. Het maakproces is zo arbeidsintensief, als je als bedrijf wil groeien, moet je op een gegeven moment zo’n stap maken.’ Hij maakte als eerste hoge bollen, in mandvorm, in verschillende maten. Die zette hij in elkaar, en hij zag dat het goed was. ‘De lamp had een gelaagdheid en mooie transparantie.’

Beeld Rick Tegelaar

In productie – deel twee
Tijdens een expositie in Dubai stond Tegelaar met zijn nieuwe lamp naast de stand van Marcel Wanders. ‘Ik heb moed verzameld en ben op hem afgestapt. Ik zou al een andere lamp voor zijn label maken maar we hadden elkaar nog nooit ontmoet. ‘Maar wie is de ontwerper dan van deze lamp?’ vroeg Wanders.’ Binnen tien minuten hadden ze een deal: de Meshmatics kroonluchter is opgenomen in de collectie van Moooi. In verkoopcijfers heeft hij het oorspronkelijke ontwerp voorbij gestreefd. ‘Ik produceer de Open Meshmatics nog steeds zelf, maar ik wil van die lamp af. Ik wil meer voor merken en labels gaan ontwerpen. Niet de rest van mijn leven gaas blijven knippen.’

Open Meshmatics hanglamp, 395 euro. 
Meshmatics kroonluchter, 2929 euro.

Beeld Rick Tegelaar
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.