Interview Ken Loach

Zolang de wereld een zootje is, blijft regisseur Ken Loach (83) filmen. Zoals ‘Sorry We Missed You’ over de uitbuiting van pakketbezorgers

De gelauwerde regisseur (I, Daniel Blake) sprak chauffeurs in het geheim. ‘Eén koerier reed gewoon door met een gebroken enkel.’

Kris Hitchen en Katie Proctor in ‘Sorry We Missed You’.

‘Mijn vuist opsteken lukt vandaag niet’, grapt Ken Loach – zijn rechterarm rust in een mitella. De 83-jarige Brit, al sinds de jaren zestig evenzeer activist als cineast, gebaart sussend met zijn goeie arm; ‘Niets spannends, gewoon een schouderoperatie.’ 

Eens per twee jaar een nieuwe film, ooit zal de aan Oxford opgeleide voorman van het sociaal realistische drama toch van dit tempo moeten afstappen. Maar nadat Loach in 2014 zijn pensioen had aangekondigd, presenteerde hij in 2016 alweer I, Daniel Blake, zijn bekroonde drama, een alarmbrief over voedselbankschaamte en de onmenselijke eisen van uitkeringsinstanties. ‘Eén keer heb ik overwogen te stoppen met regisseren. Daar maakte ik toen een opmerking over en die blijft me achtervolgen. Nou, de situatie is ongewijzigd. Om in voetbaltermen te spreken: ik ben bijna gewisseld, maar ik zit nog in de wedstrijd.’

Zolang de ideeën blijven komen, moet hij wel doorgaan, zegt de broze filmmaker met een beschuldigend knikje naar Paul Laverty (62), zijn Schotse scenarist. Samen praten ze met een groepje journalisten in een Franse hotellobby, over wéér een nieuwe film. Loach, met een lach: ‘Misschien wordt het hierna tijd voor een drama over uitbuiting van pensioengerechtigden.’

Alleen maar erger 

I, Daniel Blake won in Cannes de Gouden Palm (Loach’ tweede, in 2006 won hij met The Wind That Shakes the Barley) en de film ontketende in Groot-Brittannië een debat over hoe de overheid omgaat met uitkeringsgerechtigden. Meer kun je eigenlijk niet wensen, als geëngageerd filmmaker: een grote prijs, wereldwijd succes in de filmhuizen én aandacht voor de goede zaak. Alleen werd de in de film verbeelde zaak er na zijn film niet beter op. ‘Eh nee…’, beaamt Loach, aarzelend. ‘Maar voor ik verder ga: het is nooit míjn film. Het is ónze film – gemaakt door een team. Het is sindsdien alleen maar erger geworden, ja. Het aantal pakketten dat Britse voedselbanken uitdelen is in één jaar gegroeid met 18 procent. En het beleid van de overheid is niet gewijzigd.’

Filmmaker Ken Loach: ‘De oppositie tegen het beleid is wél gegroeid. Daar kunnen filmmakers aan bijdragen. Journalisten ook, trouwens. Door te zeggen: dit is onverdraaglijk.’ Beeld Getty

Een ander zou er moedeloos van worden, Loach niet. ‘De oppositie tegen het beleid is wél gegroeid. Daar kunnen filmmakers aan bijdragen. Journalisten ook, trouwens. Door te zeggen: dit is onverdraaglijk.’

Tijdens de research voor I, Daniel Blake viel het Laverty en Loach op dat nogal wat Britten in de rijen voor de voedselbanken gewoon een baan hadden. Als pakketbezorger voor een groot internetbedrijf bijvoorbeeld, of werknemer met een nulurencontract. Daar zat óók een film in: arbeidsomstandigheden in de nieuwe economie. Zo ontstond hun schrijnende drama Sorry We Missed You, vanaf deze week te zien in de Nederlandse bioscoop. De film gaat over een gezin in Newcastle dat diep in de problemen raakt als vader Ricky op afbetaling een busje koopt en aan de slag gaat als freelancepakketjesbezorger voor een bezorgkolos met onverbiddelijke tijdschema’s. Moeder Abby is weinig beter af, als verpleger aan huis met een nulurencontract.

De illusie van vrijheid

Word eigen baas als ‘eigenaar chauffeur franchisenemer’, lokken de bezorgbedrijven, en Ricky uit Sorry We Missed You hapt toe. Laverty: ‘Ooit, lang geleden, waren Ken en ik advocaten. Dit soort grote bedrijven gebruiken hele legers advocaten, en het taalgebruik in hun contracten is fascinerend. Je bent niet langer werknemer, maar je komt ‘aan boord’, als entrepreneur die zijn eigen leven bepaalt. De illusie van vrijheid: ondertussen ben je gewoon afhankelijk van het bedrijf.’

Loach: ‘Contracten gaan naar de bedrijven die het goedkoopst werken en de beste service bieden. Die verlagen de arbeidskosten: geen uitbetaling bij ziekte of ongevallen, geen betaalde vakanties, het risico ligt bij de chauffeur. Als één bedrijf het zo doet, moeten de andere wel mee: anders prijzen ze zichzelf uit de markt. Je kunt als overheid wel regulering invoeren, maar dit soort bedrijven weet die altijd weer te omzeilen.’

Zijn eigen werkomgeving, de film- en tv-industrie, is volgens Loach maar weinig beter. ‘Productiebedrijven bieden mensen onbetaalde banen aan om ervaring op te doen – na zes maanden heb je een cv! En dan zeggen ze zes maanden later: sorry, we nemen de volgende die voor niks werkt.’

Racen als een gek

Geen van de bezorgbedrijven werkte mee aan de film. Laverty: ‘Mensen mochten niet met ons praten. We spraken chauffeurs in het geheim, we stapten onderweg in. Je moet een volle dag meerijden om te zien wat het met mensen doet. Dat die bezorgers niet alleen moe zijn, maar ook geen tijd hebben om te eten, of naar het toilet te gaan. Dat ze in de stress schieten als ze onderweg even hun internetverbinding verliezen, of als hun gps weigert – ze racen als een gek om het te halen. En de verhalen die je hoort: bezorgers die werken terwijl ze ernstig ziek zijn, omdat ze geen werk kunnen afzeggen. Eén koerier reed gewoon door met een gebroken enkel.’

Loach: ‘Bij de zorgwerkers gaat het net zo. Eentje gaf me haar telefoon: ze had 36 berichtjes ontvangen op haar vrije dag, waarin werd geëist dat ze zou werken. Als je dat zomaar in een script stopt, gelooft niemand je. Je zuigt het allemaal op, om er daarna fictie van te maken.’

Ligt de verantwoordelijkheid niet ook bij de consument, die bijvoorbeeld net zo makkelijk – en gratis – pakketjes bestelt als terugstuurt? Hij weet zelf amper hoe hij zijn telefoon aan moet zetten, mompelt Loach. ‘Zó oud ben ik. Dus dat online bestellen is voor mij geen grote verleiding.’

Laverty: ‘Ik bestel zelf nooit iets bij Amazon, maar dat kan ik makkelijk zeggen. Als je van het minimumloon rondkomt, bestel je gewoon bij de goedkoopste. Je kunt niet anders.’

Loach: ‘Als individu kun je dit systeem ook niet veranderen, het moet collectief. O, je kunt best een beetje goed doen in je eigen omgeving, dat is prima, fijn voor je geweten ook. Maar de enige manier om de industriële of politieke macht te veranderen is via vakbonden en via vertegenwoordiging.’

Geen pessimist

De regisseur klinkt begeesterd. Wordt hij nooit eens somber van de gemankeerde wereld die hij zo vaak en goed op film vastlegde? Loach schudt het grijze hoofd.‘Ik ben een realist, geen pessimist. Jonge mensen die ik tegenkom zijn weinig bezig met vakbonden, maar ze zijn zich er wél van bewust dat hun planeet momenteel wordt verwoest. Dat kan iets in beweging zetten: een tegenbeweging. Verandert er niets, dan bestaat het gevaar dat de onvrede en woede mensen naar rechts doen opschuiven. Het grote verschil met de strijd van arbeiders midden 19de eeuw, en die aan het begin van de 20ste eeuw, is dat je toen kon denken: oké, we winnen dit keer niet, maar de volgende keer wel. Die luxe hebben we niet meer. Als we doorgaan met leven zoals nu, zijn we fucked. Maar áls we ons organiseren, kunnen we winnen. Rechts is sterk, momenteel. Maar we zijn pas halverwege de wedstrijd.’

Sorry We Missed You is een aangrijpend manifest ★★★★★

Ken Loach, meester van de empathie, toont zich in dit drama over een schijnzelfstandige pakketbezorger in topvorm, schrijft filmrecensent Pauline Kleijer.

Er komt geen held

Zoals collegaregisseur Martin Scorsese (76) zich onlangs negatief uitliet (‘het is geen cinema’), over de alomtegenwoordige superheldenfilms heeft ook Ken Loach (83)zijn bedenkingen bij het populaire genre. ‘Er zit een soort rechtse ideologie onder, dat idee van een superheld die opduikt en alle problemen oplost. Dat ene sterke individu, als het antwoord. Het is anticollectief.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden